RICHTLIJNEN EN AFSPRAKEN.

 

1.    De rij :

 

¨      Na het tweede belsignaal moeten jullie in de rij staan. Er wordt één rij gevormd op de aangeduide plaats. De leerkracht geeft een teken om naar binnen te gaan. Je blijft achter elkaar en zwijgt.

¨      Ook in de gang loopt men achter elkaar en wordt er gezwegen. Er wordt niet gelopen,  gesprongen, tegen de muren gelegen of geklopt. Je blijft van de lichtknoppen af. Aan de deur van het lokaal wacht je tot de leerkracht je binnenlaat.

 

2.  Het klaslokaal :

 

 

¨      Bij het binnenkomen van het lokaal hangt iedereen zijn jas aan de kapstok en gaat achter zijn stoel staan. Je mag  gaan zitten als de leraar je een seintje geeft. Dit alles gebeurt in stilte.

¨      Iedereen heeft een vaste plaats, dit zowel bij de banken als bij de werktafels.

¨      Er worden geen boekentassen op de tafels of stoelen geplaatst ; dit om krassen te voorkomen.

¨      Er wordt niet gegeten of gedronken in de klas of in de gang.

¨      Je agenda wordt altijd ordelijk en gezamenlijk ingevuld.

¨      Tijdens de lessen wordt er gezwegen.

¨      Er is een beurtrol om  te borstelen. Iedereen  moet dus borstelen.

¨      Het lokaal verlaat je langs de aangewezen weg.

 

 

3. Gerief : 

 

¨   Elke leerling moet de volgende zaken meebrengen om in zijn kastje te leggen.

1.      Handdoek.         3. Plastic opbergmapje.     5.  Potlood HB.

2.      Stofdoek.           4. Verfborstel.

¨      Je dient altijd je agenda, je  werkschort en je cursus bij je te hebben. De werkschort mag in het lokaal blijven. Je werkschort moet voorzien zijn van je naam, voornaam, klas en volgnummer.

¨      Los huistaken (collage, voorbereidingen, herhalingsvragen …) ordelijk op.

¨      Wees eerlijk en betrouwbaar ; neem nooit iets mee zonder toestemming van de leerkracht, blijf met je handen van andermans goed.

¨      Neem enkel het gereedschap dat noodzakelijk is om je oefening te maken.

Neem steeds het gereedschap dat op jouw volgnummer hangt.

¨      Draag zorg voor het gereedschap van de school dat jij mag gebruiken.

¨      Zorg voor netheid en orde op de werkbank. Leg je gereedschap zoals  je in de komende les zult leren. Meet en controle gereedschappen leg je links, de rest rechts.

¨      Het gebruikte gerief hang je terug op de juiste plaats.

¨      Materiaal dat je beschadigt of ontvreemdt, moet je betalen.

¨      Op het einde van de les maakt iedereen zijn eigen werkbank zuiver en laat deze op de afgesproken wijze achter.