5. De zaag.

 

               5.1. Omschrijving.

 

De metaalzaag is een verspanend gereedschap om materiaal te verdelen of om grote delen materiaal weg te nemen.

De zaag bestaat uit een beugel waartussen een zaagblad wordt opgespannen. Het zaagblad is uit hard staal   gemaakt ; hierdoor breken de tandjes snel af. De tandjes op het zaagblad zorgen voor de verspanende bewerking door de beugel heen en weer te bewegen.


         5.2. Onderdelen.

 

 

                 - vleugelmoer: dient om het zaagblad aan te spannen

 

- vierkant of opspanstuk: hierin kan het zaagblad vertikaal of horizontaal met kleine pennetjes opgespannen worden.

 

- zaagblad: de tanden van het zaagblad moeten staan in de rich­ting waarin je zaagt. Dus van je af. Alleen zo snijden ze spanen.

 

- pennetjes: om het zaagblad in het opspanstuk te houden zodat het zaagblad opgespannen kan worden.

 

- heft of handvat: meestal uit hout, moet goed in de hand liggen en stevig vast zitten op de  beugel.

 

               5.3.   Soorten.

 

                                      Juniorzaagje :

 

 

 

 

 

 

 

 

                                  Het zaagblad wordt gespannen door de veerkracht van de kleine metalen stukjes.

 

                                  Beugel:

 

 

 

 

 

 

 

 

                                  Het zaagblad wordt gebruikt voor kleine karweitjes. Vb . PVC – buisjes,…

Deze wordt gebruikt om grote delen uit een werkstuk te zagen of om grote delen materiaal weg te nemen.

 

 


5.4. Lengte van het  zaagblad.

 

 


 

                          De lengte wordt opgegeven in duim of millimeter.    

 

1" = 25,4 mm

 

                   Het is de hartafstand tussen de spangaten van het zaagblad.

                   De meest gebruikte lengte is 12" (12" = 25.4 x 12  =  304,8 mm).

 

 

 

 

                   5.5. Tandzetting

 

                            De zaagsnede breder maken dan het zaagblad om de volgende redenen :

 

                            - het zaagblad niet zou klemmen

                            - het zaagblad minder warm wordt

                   - het verspaand materiaal beter weg kan

 

Er zijn 2 mogelijke tandzettingen :

zig-zag-vertanding

: de tanden staan zig-zag

 

 

gegolfde vertanding

                    : de tandjes staan gegolfd of in kleine groepjes beurtelings naar links en rechts geplaatst.

 

 

zaag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

        

5.6. Aantal tanden.

 

                   De dikte en het soort materiaal dat men wil verzagen,

         bepaalt het aantal tanden per duim. Bij dun plaatmateriaal moeten de tandjes korter bij elkaar staan

         (= meer tanden per duim) dan bij dikker plaatmateriaal.

 

         Als het materiaal zachter is, moeten er minder tandjes per duim aanwezig zijn.

         Denk maar eens aan de zagen in de houtafdeling.

 

 


 

 

 

 

 

 

5.7. Gebruik :

                                Controleer of het zaagblad voldoende aangespannen is door de vleugelmoer aan te draaien.

                               

Om ervoor te zorgen dat de zaag bij de inzetting niet over het bewerkt oppervlak glijdt  zet men de gebogen duim tegen het zaagblad ter ondersteuning of maakt men een inkeping met een driekante vijl in het werkstuk.

 

 

 

 

 

De hoek tussen de zaag en het werkstuk niet te groot nemen.  

Maak de slag zo groot mogelijk, zodat de gehele zaaglengte wordt benut. 

Zorg dat het werkstuk zo dicht mogelijk bij de bankschroef kan worden afgezaagd.
Het zaagblad kan in de richting van de beugel of loodrecht hierop geplaatst worden 
om lange stroken te zagen.                      

 

 

5.8. Onderhoud :                               

 

· Sla nooit met de zaagbladen op het werkstuk.

                                · Controleer regelmatig of de zaag in goede staat is,

                                    kijk of er niet te veel tandjes afgebroken zijn.

 

· Bij het aanspannen van het zaagblad mag men nooit gebruik maken van andere gereedschappen. Dit beschadigt de vleugelmoer.