Het was al vrij laat op een avond eind juli toen een onbekend
nummer uit de zone 058 mij opbelde. Het was Willy Laleman, van de AVOT
uit Hoogstaden. “Of ik niet wilde meedoen aan het Europees Kampioenschap
ploegen voor oldtimers? Luc Van de Kerckhove had forfait gegeven”.
De vraag overviel en verraste mij: ik was nu niet bepaald
een ervaren ploeger met mijn getrokken rondgaande ploeg, die ik nog maar
een 4-tal jaar bezit en waarvan de werking toch grondig verschilt van het
traditionele wentelploegen, wat ik van thuis uit stukken beter onder de
knie had.
Anderzijds voelde ik me gevleid met de vraag, en zo’n
unieke kans zou ik ook niet graag aan mij willen laten voorbij gaan. Dus
zei ik dat ik principieel bereid was, onder voorbehoud dat ik in de eerste
plaats betaalbaar vervoer kon vinden om het 950 km lange traject af te
leggen. Kort daarop belde Albert Van Meer van de Ploegfederatie mij ook
op, en ik beloofde hem dat alles zou doen om mee te kunnen.
Ik richtte mij hiervoor in eerste instantie tot de firma
Vanck uit Menen, waar mijn broer en schoonbroer klant zijn. Hij had mij
al verschillende keren zijn vrachtwagen gepresenteerd om naar verafgelegen
manifestaties te gaan, doch ik was daar nog nooit op ingegaan.
Willy was onmiddellijk laaiend enthousiast, en vroeg
onmiddellijk of hij mee mocht. Eén probleem, zijn vrachtwagen was
niet gekeurd en ingeschreven om in het buitenland te rijden. Ik ging dus
onverwijld op zoek naar geschikt transport via gehuurde vrachtwagen, doch
de periode werd heel kort en ik had nog geen echte oplossing toen mijn
vrouw en ik een paar dagen later voor een korte vakantie vertrokken naar
Frankrijk. Dank je wel Willy en Albert: jullie zijn erin geslaagd ervoor
te zorgen dat ik mijn vakantie maar met een half oog en een half oor heb
doorgebracht.
Ondertussen bleef Willy Vandromme van Vanck echter niet
stil zitten. Hij was ook veel beter geplaatst als ik om geschikt transport
te zoeken, want hij had een schoonzoon die al jaren in de transportsector
werkt. Ook hij belde mij verschillende keren op tijdens mijn verlof, en
toen ik thuis kwam was de kogel door de kerk: de firma Delporte uit Komen,
betonvloeren, wilde bereidwillig een minitrailer ter beschikking stellen,
waarvoor mijn oprechte dank.
Willy vond ook nog een landbouwer onder zijn cliënteel
die mij een vrij groot oefenperceel ter beschikking stelde, waar ik een
week lang, gedurende de rest van mijn verlof naar hartenlust kon oefenen.
Dat was ook méér dan nodig, want ik had een schrijnend gebrek
aan ervaring wilde ik daar in Denemarken een niet al te belachelijk figuur
slaan.
Woensdag 2 september werd de vrachtwagen geladen, zodat we de donderdagmorgen om 01:30 uur konden vertrekken. We moesten daar immers vóór 16:00 uur zijn om ons in te schrijven. Het werd een lange rit in druilerige omstandigheden, waarbij Willy en ikzelf beurtelings het stuur over namen.

Ondanks de vele werken op de A1 en A2 in Duitsland kwamen
we net op tijd in Horsens aan, in een plaatselijke land-bouwschool, rijkelijk
uitgerust met grote stallen en bijna 300 ha landbouwgrond er rond.
Vrijdag werd de officiële en verplichte oefendag,
doch die dag viel de regen met bakken uit de hemel, de hele god-ganse dag
door, en eigenlijk voorspelde men voor de volgende dagen niet veel beter.
Onderstaande foto kon nog net tussen 2 vlagen door genomen worden, de de
wolken op de achtergrond beloofden niet veel goeds.

Mijn openingsvoren verliepen vrij vlot, ondanks de natte
bodem, die gelukkig nogal zanderig was van structuur, en daardoor het water
vrij snel doorliet. Bij de openingsvoren kantel je de ploeg zover mogelijk
over, zodat het in hoofd-zaak enkel de achterste schaar is die ploegt.
Wanneer ik echter mijn ploeg voor de volgende ronde vlak
stelde, en alle 3 de scharen voor 100% moesten ploegen, groef mijn tractor
zich na een tiental meters volledig in de grond. Gedaan met de pret!
Doch zo snel wou ik mij ook niet uit mijn lood laten slaan: Ik besliste onmiddellijk om mijn ploeg om te bouwen naar een 2-schaar. Gelukkig dat Willy was erbij was, maar van oefenen kwam niets meer in huis. We hadden een 2-tal uren nodig om te sleutelen, en tegen dan waren de oefensessies voorbij. De twee andere Belgen, Willy Laleman (2-schaar wentelploeg) en Jos Cuyvers (2-schaar rondgaand gedragen) hadden wel kunnen oefenen en hun ploeg eventueel kunnen bijstellen aan de omstandigheden, doch zo ploegen was eigenlijk haast niet te doen.
Zaterdag, de wedstrijddag, kondigde zich toch wat beter
aan. De regen was gedurende de nacht overgegaan in vlagen van druilerigere
regen afgewisseld met droge periodes, en dit bij een strakke zuidwester
wind.
Met een klein hartje trok ik dan ook ’s morgens om 09:00
uur mee naar het veld.

Ik moest het nu rooien met een 2-schaar, waarmee ik niet de minste ervaring had, en waarvan het ploegen en vooral het afwerken van de eerste en de laatste voren grondig anders verloopt dan bij een drieschaar. Willy en Jos gaven mij een pak nuttige richtlijnen mee. Bovendien was er ook een Belgisch jurylid bij, Marc Schuurmans, om me wat op weg te helpen.
Willy Lalleman en ikzelf druk in de weer met het vast maken van de vlag.
Rechts van mij zie je Jos Cuyvers, die ploegde met
een rondgaande gedragen 2-schaar ploeg.
Elmer (links) was er deze keer niet bij als ploeger, maar wel als caotch.
Helemaal rechts, met het fototoestel, zie je nog Marc Schuurmans, die
het Belgisch lid van de jury was.
Bemerk de drassige toestand van de kopakker bij de aanvang van de wedstrijd. Na de wedstrijd was dit een waar slagveld.
Na de officiële plechtigheden (vlaggen hijsen van de deelnemende landen, zegening van materiaal en deelnemers, toespraken, enz.) heb ik bij de openingsvoren dan nog wat getreuzeld en gekeken bij de buren om te zien hoe zij het deden. Het heeft me enkele strafpunten gekost, want ik kwam aan buiten de toegestane tijd, ook al omdat ik wat moeilijkheden had om de nukkige eerste schaar terug te monteren na de eerste openingsvoor.
Jos Cuyvers tijdens zijn openingsvoren.
Jos is de 15 jaar oudere neef van Roel Cuyvers, die datzelfde weekend
in Slovenië
het Europees Kampioenschap won voor hedendaagse ploegen.
Willy Lalleman in volle actie.
Hij was de enige met een 2-schaar wentelploeg; de andere hadden allemaal
1-schaar ploegen bij,
wat bij wedstrijdploegen toch een voordeel is.
Nadien deden tractor, ploeg en ploeger het best goed, en ik was dan ook uiterst tevreden met mijn werk. Ik mag gerust stellen dat ik mijn beste kunnen had getoond, en dat ik daarbij gespaard was gebleven van onverwachte tegenslagen.
Ondanks de grote regenval van de voorbije dag en nacht liet de ietwat
zanderige Deense grond zich al bij al nog vlot bewerken. Hij bevatte
wel een kleine hoeveelheid kleiachtige grond, wat het geheel toch wat
kleverig maakte.

Bij de proclamatie van de uitslag kregen wij, Belgen,
echter een serieuze domper te verwerken. Wij figureerden in alle disciplines
helemaal achteraan. Niet dat wij zo slecht ploegwerk hadden afgeleverd,
verre van, doch wij bekijken het ploegen nog te veel met de ogen van een
landbouwer.
Marc wees ons op onnoemelijk vele details waar wij allemaal
in tekort schoten. Wij moesten daar inderdaad eerlijk mee instemmen, en
de vooral de Engelse, Ierse en Schotse suprematie in onderkennen. Hoe kon
het eigenlijk ook anders. De jonge Ierse winnaar in het rondgaand ploegen
had er dit jaar al ongeveer 60 wedstrijden op zitten, en ik liet mij wijs
maken dat de Nederlandse winnaar bij de wentelploegen al bijna 30 jaar
ervaring in wedstrijdploegen had.
Al bij al, het was een zeer leerrijke, deugddoende en gemoedelijke 4-daagse geweest, met tal van leuke momenten en goede herinneringen. Als souvenir kreeg iedere deelnemer een prachtige en ingekaderde foto mee van zijn trekker - in de gietende regen op vrijdag, vóór de oefensessie, en dus nog met mijn drieschaar (snif !).
