Mijn laatste nieuwe aanwinst:
een International Harvester stroomgenerator van het jaar 1945.

Deel 2.







Januari 2009 is een vrij koude maand, en ik moet noodgedwongen het water terug aflaten wil ik niet met vorstschade geconfronteerd worden. Enkele weken later giet ik opnieuw water op en laat ik de groep zonder problemen nog eens een paar uur draaien.
's Anderendaags stel ik vast dat er behoorlijk veel water in het oliekarter zit; dit keer is het problematisch veel. Het blijft een paar dagen vorstvrij in mijn garage, en wanneer ik op het eind van de week ga kijken naar het oliepeil in de motor, dan zie ik de het peil een tiental centimeters hoger staat, en dat de olie een bedenkelijke kleur heeft. Geen gratis dure olie als cadeau natuurlijk; wél een tien, vijftien liters water dat erin gesijpeld is!
Nu zit er niets anders meer op: de motor moet open gemaakt worden, want zo kunnen we niet verder.
Wanneer ik het carter eraf schroef kan ik andermaal geen lekkage vaststellen. Er komt geen water naar beneden via de cilinders, noch via het zichtbare gedeelte van het blok rond de cilinders. Vooraan, aan het distributie carter, is er een lichte 'mayonaise'-afzetting, doch daar kan ik weinig zien wegens de heel beperkte ruimte.
Ondanks het feit dat er geen olie via de zuigers naar beneden komt, haal ik toch de bijzonder zware cilinderkop eraf. De kans bestaat dat er eventueel water lekt vanuit de cilinderkop naar de doorvoeren van de klepstoters, hoewel ik ook daar geen watersporen kon vast stellen. 10 liters water en meer betekent immers dat op zijn minst de cilinderkop is leeg gelopen.

Op het zicht kan ik op cilinderkop noch aan het motorblok iets abnormaals vast stellen. Ook de dichting geeft geen onrustwekkende indruk, hoewel hij wat verrot is, en iets zwart uitslaat tussen de cilinders en de langwerpige waterkanalen.

Dan moeten we verder zoeken: ik sluit alle uitwendige openingen van motorblok en cilinderkop af met dichtplaatjes. De cilinderkop draai ik onderste boven, mooi waterpas, en giet ik vervolgens vol met water. Ik giet ook de motorblok tot op de bovenrand vol.
Na een paar uren kan ik bij de cilinderkop geen waterlek zien, maar het motorblok... daar moet ik geen paar uur voor wachten. Het water druppelt deze keer zéér duidelijk langs het distributie-carter naar beneden, en dat verontrust mij behoorlijk. Ik kan mij maar niet inbeelden vanwaar het water zou kunnen komen; ik kan mij alléén maar een gesprongen motorblok voor de geest halen, en de moed zit me die zondag-middag dan ook behoorlijk diep in de schoenen.

Na de middag scharrel ik de mij nog resterend moed bijeen, en begin ik koortsachtig aan de demontage van het distributiecarter. De krukas-poulie spartelt daarbij nog duchtig tegen (ik had ook niet een geschikte poulietrekker), en het is al vrij laat in de avond eer het deksel er uiteindelijk af is.

Ik zie wel dat er water komt, maar ik sta eigenlijk nog altijd even ver. De tandwielen zitten in de weg, maar vooral de typische plaat die IH gebruikt bij dat type motoren verhindert mij dat ik kan lokaliseren vanwaar het water komt.
En achter die plaat zit het motorblok, dus... het lek moet veroorzaakt zijn door een gesprongen of doorgeroest motorblok. Dat is de conclusie van mijn zwoegen.
Het is intussen al veel te laat geworden, en zo te zien is de motor toch verloren. De rest is voor later, volgend weekend misschien.

Een paar dagen later heb ik het geluk van eens wat vroeger thuis te zijn, en dat komt goed uit: ik wil eigenlijk zo vlug mogelijk een eind maken aan mijn piekeren over de vraag van waar de water ook maar zou kunnen komen. Opnieuw met enige moeite gaat het tandwiel eraf van de nokkenas. Dat van de brandstofpomp gaat eraf via het lossen van drie schroeven; het zit namelijk op een naaf, die niet hoeft verwijderd te worden.

Nu is het al veel duidelijker van waar het water vandaan komt. Het komt vooral te voorschijn rond het lager van de nokkenas, en dus duidelijk van ACHTER de plaat, dus wel degelijk uit het motorblok.

De plaat zelf is er nu rap af: een 4-tal schroeven, en dan weten we de oorzaak...

Eenmaal de plaat eraf, valt er onmiddellijk een zwaar pak van mijn hart. In tegenstelling tot de motor uit mijn Super BWD-6 zitten in het motorblok, achter die plaat, 2 vriespluggen, en 1 ervan is kompleet doorgeroest. Oef!... beduidend minder erg dan oorspronkelijk gevreesd, en zéker en eenvoudig herstelbaar. Mijn motor was dan toch niet verloren! Wat een contrast met mijn stemming een paar dagen ervoor.

Nu nog zien aan zo'n vriespluggen te geraken. Het zijn er van Ø44.45 (1"3/4), maar dat zal wel niet hét probleem worden denk ik.
Verder moet ik nu ook nog een deel dichtingen zien vast te krijgen, waarbij de koppakking wel de bijzonderste is.
 

Wevelgem, 12/02/2009.
 
 

Vervolg...
 
 

Terug naar Deel 1 ...