Home | Voorwoord | Rasbeschrijving | Verzorging | Aanschaf | Opgroeiende Pup | Opvoeding | Gezondheid | Verhalen & Anekdotes | Foto's | Clubs | Links | Contact |
De eerste vraag die je jezelf moet stellen is of je een reu of een teef wilt. Voor beide valt wel wat te zeggen. Bij de Ierse Wolfshond bepaalt het geslacht in grote mate de gestalte die de hond zal krijgen. Reuen zullen over het algemeen veel groter en zwaarder worden dan teven. Uitzonderingen bevestigen ook hier de regel. Zeer grote teven kunnen soms groter worden dan kleine reuen. De hoeveelheid voedsel die een grote reu naar binnen werkt kan het dubbele zijn van wat een teef nodig heeft.Dit kan reeds tot nadenken stemmen.
Ook het gedrag is verschillend. Reuen zullen later volwassen zijn, en zullen dan nog af te rekenen hebben met mannelijke oerinstincten. Machogedrag, uitdagen van rivaliserende reuen, onophoudelijk afbakenen van een territorium en achternazitten van loopse teven zijn daar enkele voorbeelden van. Alhoewel moet gezegd worden dat de reuen van dit ras veel toleranter zijn ten opzichte van andere reuen dan bij de meeste andere rassen. Vaak sluiten ze zelfs levenslange vriendschappen. Teven daarentegen zullen zich veel eerder volwassen gedragen, waarbij ze ook evenwichtiger zijn. Zij zullen in staat zijn het huishouden naar hun hand te zetten, zonder dat de eigenaar dit in de gaten heeft. Een nadeel bij de teven zou kunnen zijn dat ze nu eenmaal loops worden. Meestal gebeurt dit voor het eerst rond hun eerste jaar, uitzonderingen daar gelaten, en heeft normaal een halfjaarlijkse cyclus (met alweer de nodige uitzonderingen) gedurende een twintigtal dagen. Als een teef niet voor de fok of voor de showring gehouden wordt, is het de moeite om te overwegen haar te laten steriliseren. Dan ben je niet alleen van die loopsheid af, stiekeme reuen zullen je ook niet kunnen verrassen en vooral, de kans op verschillende baarmoederkankers wordt drastisch verminderd. Ben je geen sterilisatie van plan, kan je altijd opteren voor in de handel zijnde hondebroekjes. Deze zullen de overlast reeds gevoelig verminderen. Vergeet echter niet het broekje te verwijderen voor je teef haar behoefte doet. Ook als kuisheidsgordel zijn dergelijke luierbroekjes niet geschikt.
Een volgende vraag die je bij de fokker zeker zal gesteld worden is of je een hond wilt voor showdoeleinden of puur als gezelschap. Deze keuze zal mee de pups bepalen die beschikbaar voor je zijn en waarschijnlijk ook invloed hebben op de prijs. Sommige fokkers en instanties eisen dat je een contract ondertekent als je alleen maar een gezelschapshond wilt, waarin je belooft de hond niet te showen en er niet mee te fokken. Dit is vooral bedoeld om het ras te beschermen tegen broodfokkers, die van gelijk welke teef een puppiemachine zouden maken.
Sommige mensen hechten groot belang aan de kleur. Als je voor een "brindle" kiest is het goed eraan te herinneren dat zo goed als alle "brindles" op latere leeftijd zo goed als volledig grijs zullen zijn. Wil je een andere kleur, zal je langer tot véél langer moeten zoeken.
Uit een nest de juiste pup te kiezen is erg subjectief. Toch kunnen volgende richtlijnen helpen:
Eerst en vooral moeten alle pups uit het nest blaken van gezondheid, met een glanzende vacht, heldere oogjes, een vochtige neus en een goed gevuld lijfje. Laat je niet verleiden door de zielige stakker uit het nest, proefondervindelijk heb ik geleerd dat dit een lange lijdensweg kan inluiden! Opgezwollen buikjes, duidelijk voelbare ribben en een doffe vacht kunnen wijzen op een ernstige ziekte. Als de pups je voor het eerst zien, moeten ze alert maar toch gereserveerd kijken. Pas als je ze gerustgesteld hebt en gehurkt bent zullen ze hun nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen. En als ze je dan vertrouwen zullen ze met je beginnen te spelen. Pups die van meet af aan je richting komen uitgespurt, zullen zich waarschijnlijk ontwikkelen tot erg dominante volwassenen die een strikte, sterke eigenaar nodig hebben met een hoop tijd om in de hond zijn gedrag te investeren. De pup die als de andere al lang op je voeten zitten, nog steeds argwanend je richting uitkijkt, zal waarschijnlijk een erg onderdanige of zelfs bange volwassene worden, die dan ook het nodige geduld en hard labeur van de eigenaar zal opeisen om zijn angsten enigszins te overwinnen. Je kan ook aan de fokker vragen wat voor persoonlijkheid de afzonderlijke pups hebben. Een goede fokker heeft genoeg tijd met ze doorgebracht om ze afzonderlijk te kennen. De meeste fokkers zoeken een goede plaats voor hun pups en zullen ook proberen de juiste pup bij de juiste persoon te zetten. De beste pup kijkt je eerst geïnteresseerd met een kwispelend staartje aan, besluit dan dat je misschien wel leuk bent en zal dan een vrolijk spelletje met je beginnen. Terwijl je met de pups speelt kan je ze ondertussen voorzichtig goed evalueren.
Kijk naar de tanden en de kaken. Voor een gezelschapshond zijn kleine fouten misschien niet zo belangrijk, een ernstige bovenbijter bijvoorbeeld kan wel aanleiding geven tot een prijsvermindering. Laat je niet wijsmaken dat dit wel bijtrekt, bij een pup van die leeftijd is de kans klein dat er verbetering komt. Betast ook de navel van de pup. Een navelbreuk wordt aangevoeld als een zacht kussentje dat je makkelijk kan indrukken. Een kleine breuk geeft geen problemen en zal later wegtrekken. Een grotere navelbreuk zal operationeel moeten gedicht worden. Een goede fokker zal je inlichten als de door jou uitgekozen pup dit verschijnsel heeft.
Als je een reu uitkiest, vraag dan aan de fokker of beide zaadballen zijn uitgedaald en vraag hem voor te doen hoe je dit controleert. Als je hond ooit aan een show deelneemt zal hij verplicht beide zaadballen op de goeie plaats moeten hebben, ook voor eventuele fok is dit noodzakelijk. Afgezien daarvan kan een niet uitgezakte zaadbal voor problemen zorgen als de hond volwassen wordt. Deze kan serieus infecteren en opzwellen waardoor chirurgisch optreden noodzakelijk wordt.
Als de pups acht tot negen weken zijn, zit hun lichaam verhoudingsgewijs behoorlijk in elkaar. De pup moet dan ook vrij gemakkelijk kunnen lopen en draven. Een pup die op die leeftijd konijnensprongetjes maakt heeft mogelijk een fout in de achterhand, en moet dus ook niet gekozen worden. Pups vanaf twaalf weken oud zitten in een versnelde groeifase. Omdat hun coördinatie geen gelijke tred kan houden met de groei, kunnen dergelijke pups op de gekste manieren voortbewegen. Laat je niet misleiden door de grootte van een pup. Deze wordt mee bepaald door zijn positie in de baarmoeder. Elke ervaren fokker zal beamen dat het dikwijls de kleinste pups zijn die uitgroeien tot de grootste volwassenen.
Klik op één van onderstaande links om rechtstreeks naar een volgend onderwerp te gaan:
Wil ik echt wel een Ierse Wolfshond? - Fokkerbezoek - Rescue en pupbemiddeling - Fokkeradressen