Inleiding

Tijdens het herstel van een zware val (heupbeenbreuk) in een wielerwedstrijd te Melle in de zomer van 2001 ben ik gedichten beginnen schrijven. In februari 2003 verscheen mijn eerste dichtbundel “Vruchten van tegenslag”.

Ik kreeg daarna de smaak voorgoed te pakken en begon ook meer en meer van poëzie te houden. Ondertussen zag ook al mijn tweede bundel "Ontboezemingen in de schemering" het levenslicht. In mijn derde bundel zullen alleen wielergedichten opgenomen worden. Het gedicht "Chasse patate" geeft alvast een voorsmaakje. "Weg van hier" en "In memoriam" zijn opgenomen in "ontboezemingen in de schemering". "Motorcrosser" staat in mijn eerste bundel.

Gedichten

Chasse patate

Een gat van honderd meter
meer is het niet
ik zie de kopgroep rijden
bijt op mijn tanden
tot bloedens toe
godverdomme
die 52x12
is te groot
de wind blaast lood
in mijn benen
komaan vooruit
alles uit de kas
fuck
ik zit kapot
waar blijft het peloton
de rotzakken
ze laten mij hangen
in deze chasse patate.

Weg van hier
Buiten in een zetel onder een partytent
geniet ik lekker van de warme zomerzon.
Ik beleef de opperste gelukzaligheid
en sluit de ogen in een tuin van rust.

De stilte wordt doorbroken door
een blaffende hond in de verte.
Op straat klinkt moderne muziek
en een vogeltje zingt vrolijk mee.

Een zacht briesje zorgt voor verkoeling,
onze poes slaapt snorrend onder mij.
Ik droom van een beeldschone vrouw
die mij grote passionele liefde schenkt.

Plots ben ik een reiziger in het heelal,
speur langs ontelbare sterren en planeten
naar een nieuwe en tijdloze wereld
die zelfs Einstein niet vinden kon.

Mijn lichaam heb ik achter gelaten
dat bezorgt toch alleen maar last.
Nu kan niks of niemand mij vatten
ik wil voor eeuwig weg van hier.

Motorcrosser

Zo nu en dan denk ik met plezier terug
aan mijn jonge jaren als motorcrosser,
maar ook met droefenis aan degenen
die toen mijn leven bevolkten
en inmiddels zijn heengegaan.
Het geronk van opgefokte crossmotoren,
Bultaco, CZ, Montessa, Husqvarna,
Ossa, Maico, Suzuki en Honda,
allemaal merken die mijn bewogen verleden kleuren
en voor kenners tot de verbeelding spreken.

Gekleed met lederen broek en laarzen,
wollen sokken, speciale handschoenen,
valhelm, stofbril, mondbeschermer
en een trui met lange mouwen,
het plunje van elke crosspiloot.
Kamperen op het rennerspark,
een oase van warme vriendschap,
behulpzaamheid en gezellig contact.
Het parcours te voet verkennen,
oefenrondjes rijden, indrukken bespreken,
vader de motor laten afstellen,
o diep betreurde kompaan en vriend.

Vlak vóór de start van elke reeks,
kraantje open, benzine in de carburator
pompen, stampen op de kickstarter,
steeds beducht voor een felle terugslag,
en dan met een hels geluid
schiet de motor in gang en jaagt
door de uitlaat een welriekend gas.
Eén voor één naar het starthekken,
positie kiezen met bonkend hart,
ritueel de handle volledig open
en met een stuk of veertig piloten,
in tweede of derde versnelling,
roekeloos door de eerste bocht.

Met gespierde armen en benen
een 250cc van 120 kilogram
spectaculair kantelen links en rechts,
koelbloedig op het achterwiel,
zweven in de lucht en springen
over bulten en grachten,
en ja, soms pijnlijk vallen en opstaan.
Als moderne gladiatoren om zoveel moed
bewonderd door honderden toeschouwers,
maar vooral genieten van een onbeschrijfelijk
gevoel van vrijheid, alleen te begrijpen door
de motorfreak.

In memoriam

Als ik nu 's morgens
in de spiegel kijk
probeer ik mij te zien
hoe ik vroeger was.

't Is een vreemd gezicht
want ik ben mezelf
door de jaren heen
langzaam kwijt geraakt.

Ach kom, 't heeft geen belang
als ik straks dood ben.
verdwijnt toch alles mettertijd
ook in mijn in memoriam.