ALEX.VRIJZIJN.Be
OMNI BELGICA
LIBERTAS AURO
PRETlOSlOR
(DE
NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD).
1648
|
JULI
1830 PARIJS
|
 Ok.1830 |
1848
PARIJS |
voor volgende pagina's
Inleiding
- Frankrijk - Leopold
- België
- België 2 - Vlaanderen
- 1830 - Besluit -
Portici -
|
1830 !
Te Parijs
in de maand juli breekt er een opstand uit tegen de Franse Koning
Charlex X en die wordt vervangen door de nieuwe Koning Louis
Philippe
wiens vader voor de executie van Louis de 16de gestemd had en dus de
principes van de Franse Revolutie verdedigd had.
Deze beweging van een terugkeer tot de revolutie tegen het monarchisme
had grote weerklank ook te Brussel in september waar de Fransgezinden
weer hoopten
op een rattachement bij Frankrijk.
Verteld
door Paul Belgicus ;"Secessie"
OPERETTE TE BRUSSEL
Op de avond van 25 augustus
1830 begon de Belgische opstand met een relletje vanwege Franse
provocateurs na de opvoering van Aubert's "Stomme van Portici". Daarbij
werd een boekhandel leeggeroofd, brand gesticht in het huis van
de minister van Justitie en vandalisme gepleegd in een paar fabrieken.
Dat was het. Al bij
al een klein opstootje. Heeft iemand zich ooit afgevraagd hoe uit zo'n
opstootje van niemendal een nieuwe staat kon ontstaan?
De burgerwacht herstelde de
rust en wachtte de komst af van het leger onder leiding van Prins
Willem, de kroonprins, die
ook de minister van Landsverdediging was. Het was pas omdat die Prins
weigerde de stad binnen te trekken met het leger en zijn troepen in
Vilvoorde achterliet om alléén naar Brussel te komen
in het gezelschap van uitgerekend de Franse provocateurs die de
relletjes
van 25 augustus hadden aangericht, dat de stad Brussel in een
vacuüm
terecht kwam .
*
Dit is weinig geweten, maar
wij, Vlamingen,
werden verraden, verkocht zelfs, door de
Prins van Oranje.
Willem junior voelde zich
immers te groot voor het
platte Nederland dat hij misprees. Hij had er trouwens nooit gewoond.
Hij was als kind en als jongeman niet in Holland opgevoed, maar was
tijdens de Napoleontische bezetting aan buitenlandse hoven opgegroeid
waar Frans de voertaal was.
Hij voelde zich verwant met de Franse cultuur.
Hij was een heimelijke bewonderaar geweest van
Napoleon. Hij had wel tegen Napoleon gevochten als generaal in het
leger van de hertog van Wellington, maar Wellington zelf getuigde dat
de prins "niet al te snugger was" en dat "als
men hem een opdracht gaf, hij er altijd een zootje van maakte".
Bovendien, nog steeds volgens Wellington, was hij "extreem ijdel en had
een hoge dunk van zichzelf".
Kortom een echte Hollander, die dus liever Frans
sprak dan Nederlands en graag "weg met ons" riep.
*
Het was altijd zijn droom geweest om koning van
Frankrijk te worden.
Toen zijn vader in 1815 koning van de Verenigde
Nederlanden werd, was de kroonprins in Brussel
gaan wonen omdat hij er zich in Franse kringen kon bewegen.
*
De stad was immers het ballingsoord geworden van
zowel Franse Jacobijnen als Bonapartisten, die na de
restauratie van de Bourbon-monarchie in Parijs, in 1815 hun
land waren ontvlucht. Die ballingen werden Willems vrienden.
Ze vleiden hem en begonnen plannen te smeden tegen Willems vader,
koning Willem.
*
De ballingen beloofden de Nederlandse kroonprins dat
zij hem na het verdrijven van de Bourbons, de Franse troon zouden
aanbieden, als hij het zuiden van zijn vaders koninkrijk, de huidige
Belgische provincies plus Noord-Brabant, met zich mee naar Frankrijk
zou brengen.
*
Een eerste samenzwering van de Prins van Oranje
om België aan Frankrijk uit te leveren,
deed zich voor in de winter van 1816-1817. Samen met de Brusselse
Franse
bannelingen zette de jonge Willem een plan op om de Bourbon monarchie
in Parijs af te zetten. Het plan kwam ter ore van de Russische tsaar,
die Koning Willem I inlichtte, waarop deze laatste zijn zoon adviseerde
om dringend andere vrienden te kiezen. De prins nam dit op als een
persoonlijk affront. Hij weigerde geruime tijd met zijn vader te
spreken en bleef, hoewel hij regeringslid was -hij was, zoals reeds
gezegd minister van Landsverdediging -het hele jaar door in Brussel,
terwijl de regering nochtans elke zes maanden van standplaats wisselde
tussen de twee hoofdsteden, Brussel in het Zuiden en Den Haag in het
noorden .
*
Hij veranderde evenmin van
vrienden zoals bleek op 19 augustus 1820 toen de Franse
Bourbon-regering een complot ontdekte van hoge officieren die een
militaire staatsgreep wilden plegen om de Prins van Oranje op de Franse
troon te krijgen.
Koning Willem was razend. Hij
waarschuwde zijn zoon eens te meer tegen diens vrienden, de Franse
ballingen in Brussel.
"Zonder u betekenen ze niets,
maar als u met hen optrekt, dan zullen ze u gebruiken als een stuk
speelgoed"
zo zei de koning in een
onderhoud met zijn zoon op 20 februari. Het waren profetische woorden.
Vader had gelijk, maar de zoon bleef mokken. Hij hield zich echter wel
tien jaar op de vlakte, zodat de vergevingsgezinde vader ten
onrechte dacht dat zijn zoon, die hem en zijn vaderland al twee keer
had verraden, zijn lesje geleerd had.
*
Aldus beging koning Willem eind
augustus 1830 de grote dwaasheid om na de door de Franse vrienden van
de Prins van Oranje uitgelokte relletjes, uitgerekend die
Prins van Oranje naar Brussel te sturen om het Nederlandse gezag
te herstellen.
*
De Prins had het leger de stad
moeten binnenbrengen, de buitenlandse oproerkraaiers arresteren en over
de grens zetten. Wat deed hij echter?
Hij pleegde een derde keer
verraad. Prins Willem liet het leger achter in Vilvoorde, knoopte
onmiddellijk gesprekken aan met de Franse ballingen, ontving op 2
september op zijn paleis in Brussel de Fransgezinde revolutionair
Alexandre Gendebien die hem de kroon van België kwam aanbieden als
een eerste stap op weg naar de kroon van Frankrijk, en hij hielp
ettelijke Franse ballingen aan een post van officier bij de Brusselse
burgerwacht.
*
In Londen wist men
onmiddellijk hoe Iaat het was. Aangezien de Prins van Oranje in
België het Nederlands gezag moet herstellen, heeft Nederland
België kwijtgespeeld, zo
concludeerde de hertog van Wellington, de Britse eerste minister, reeds
op 8 september in een boodschap aan Lord Aberdeen, zijn minister van
Buitenlandse Zaken. "De Prins", legde Wellington uit, "is een ijdele
zwakkeling met een zodanige dorst voor populaire vulgariteit, dat ik
er schrik van krijg. Als hij de macht in Brussel in handen van de
burgerwacht Iaat, dan is de monarchie verloren I'.
*
En inderdaad, dat was zo.
Terwijl de Vlaamse steden Antwerpen, Mechelen, Gent, Dendermonde en
Sint-Niklaas zich op 8,
9 en 10 september uitspraken tegen scheiding tussen Noord en
Zuid, met inbegrip van een louter administratieve, vielen Brussel
en Wallonië door de weigering van de Prins van Oranje om het
wettelijk gezag te
herstellen in een machtsvacuüm. dat opgevuld
werd
door revolutionairen die toestroomden vanuit Parijs
naar België.
|
|
GUILLAUME,PRINCE
D'ORANGE aux COMPATRIOTES
16october 1830
Cartwright, de Britse consul in Brussel, zond bijna dagelijks rapporten
naar Londen over de toestand in de stad. "De gewelddadige partij
betaalt het uitschot en kan het op elk gewenst ogenblik in beweging
zetten ", zo waarschuwde hij op 10 september. Op 16 september
ontvluchtten de Brusselse burgemeester, de meeste gemeenteraadsleden en
de gouverneur van Zuid-Brabant de stad en trokken naar Antwerpen waar
zij het leger vroegen om het wettelijk gezag van koning Willem te
herstellen. Zelfs het nominale hoofd van de burgerwacht, baron
d'Hoogvorst vroeg hierom. Binnen de burgerwacht was er immers een
machtsstrijd
aan de gang. "Een zeer gewelddadige strijd is momenteel gaande tussen
twee groepen binnen de burgerwacht", schreef Cartwright op 14
september.
Een week later was het pleit beslecht. "Hoogvorst staat alleen. Niemand
helpt hem nog en hij heeft geen greintje macht meer", zo meldde de
Britse
consul.
*
De koning stuurde op 21
september het leger naar
Brussel. Deze keer stond het onder het bevel
van prins Frederik, zijn jongste zoon.
De dappere revolutionaire leiders sloegen allemaal op
de vlucht. Ze lieten hun voetvolk in de steek en liepen naar Frankrijk.
Alleen Charles Rogier, een Luikenaar, maar eveneens een geboren
Fransman, bleef in de buurt. Hij verschool zich in het Zoniënwoud.
-
"Alles is verloren:
" zei Louis de Potter, één van de
weinige revolutionairen van autochtone Belgische afkomst,
toen hij de Franse grens overstak.
*
Prins Frederik trok Brussel
binnen op 23 september. Helaas, Frederik was een jonge en onervaren
bevelhebber. In
plaats van op te rukken naar de beneden-stad en het Luikse en
Henegouwse schorremorrie te verdrijven dat de voorbije drie weken de
stad was
binnengestroomd, besloot hij, omdat het avond was en omdat er in de
straten barricades waren opgeworpen, om het leger zijn tenten op te
laten
opslaan In de warande, het stadspark tussen het koninklijk paleis en
het parlementsgebouw. Achteraf zou blijken welk een stommiteit hij
daarmee beging.
*
Die avond hadden de
opstandelingen immers hun barricaden verlaten om zich te gaan
bezuipen in de kroegen. De prins had de boel gewoon kunnen
opruimen. Hij ging echter slapen.
Gendebien arrive !Bij het
krieken van de volgende
morgen arriveerde Gendebien in de stad met een groep Franse
revolutionairen uit Parijs. Deze mannen hadden begin juli
in Parijs revolutie gemaakt en
koning Karel X van
Bourbon verdreven. Zij kenden het klappen van de zweep en waren
geduchte straatvechters. Ze namen de barricaden in en beschoten de
Nederlanders in het park. Prins Frederik, die nog nooit in zijn leven
gevochten had, liet terugschieten, maar was bevreesd om de stad in te
trekken. Hij besloot om op versterkingen te wachten.
*
De volgende nacht herhaalde
zich hetzelfde scenario: de barricaden waren grotendeels verlaten, maar
de prins bewoog niet.
Op 26 september besloot Frederik, nog steeds in het park, om de
benedenstad te bombarderen. De schrik sloeg hem echter om het hart en
's avonds
trok hij zich met het leger uit de stad terug.
*
Toen de revolutionairen zich de
volgende ochtend,
27 september, opmaakten om het park te bestormen, ontdekten ze
dat het leeg was.
*
In Wallonië en Brussel
grepen de revolutionairen nu de macht, maar Vlaanderen bleef rustig.
Het leger bleef eveneens in Vlaanderen en er gebeurde niets.
De koning besloot de onbekwame
bange Frederik van
het bevel van het leger te ontlasten en een nieuwe kans te geven
aan zijn oudste zoon, prins Willem, die aldus opnieuw opperbevelhebber
werd.
*
Willem begaf zich naar Antwerpen. Daar ontving hij
Edouard Ducpétiaux, een van de leidende Brusselse
revolutionairen. Hij gooide het met hem op een akkoord.. De prins zou
de Nederlandse troepen in België het bevel geven om zich op te
delen in noordelijke en zuidelijke regimenten. De noordelijke moesten
zich terugtrekken ten noorden van de Rijn, de zuidelijke zouden zich
moeten omvormen tot een Belgisch leger. Dat leger zou hij onder
het gezag van het Voorlopige Bewind van Brusselse revolutionairen
plaatsen, indien dit Bewind beloofde om hem tot koning van België
te verkiezen. Ducpétiaux liet Willem in de waan dat dit zou
gebeuren.
*
|
|
Op 16 oktober riep de
Prins van Oranje vanuit Antwerpen de onafhankelijkheid van België
uit.

*
Dit België omvatte alle provincies ten zuiden
van de Rijn, de rivier die
door Frankrijk als zijn natuurlijke noordgrens werd beschouwd.
*
Prins Willem wilde immers dit
hele gebied aan Frankrijk uitleveren als hem de Franse kroon
aangeboden zou worden. Koning Willem was verbijsterd na dit vierde
verraad van zijn zoon. "Ik ben even verrast als aangedaan ", schreef
hij geschokt aan de Prins van Oranje.
*
De meeste Nederlandse militaire regimenten volgden
het bevel van de leger opperbevelhebber echter op. De noordelijke
soldaten trokken zich terug boven de Rijn, en de zuidelijke
verkeerden in verwarring. Een voorbeeld van de verwarring is
de houding van generaal Daine. Die bood als zuiderling zijn diensten
aan het Voorlopige Bewind aan, maar liep enkele maanden daarna terug
over naar het Noorden.
Door het terugtrekken van de noordelijke troepen uit
Vlaanderen en het feit dat verscheidene zuidelijke soldaten de wapens
neerlegden en besloten om naar huis te gaan, kwam midden oktober,
anderhalve maand na de Brusselse oproer, ook
in de huidige Vlaamse provincies een machtsvacuüm tot stand.
*
Dit vacuüm werd onmiddellijk opgevuld door
revolutionaire bendes uit Wallonië en Frankrijk.
*
Gelukkig voor koning Willem
waren er een aantal generaals die weigerden om de bevelen van de
prinsopperbevelhebber uit
te voeren. Toen generaal Dibbers ,de commandant in Maastricht, van de
kroonprins het bevel kreeg om de stad over te dragen aan het Belgische
revolutionaire bestuur, weigerde hij met de woorden: "Ik ken
geen prins. Ik ken alleen de koning". Aldus bleef Maastricht in
Nederlandse handen. Generaal Wilmars in Luxemburg weigerde eveneens om
de prinselijke bevelen op te volgen. Zo bleef ook Luxemburg in handen
van de koning. Generaal Van Geen, een Gentenaar, die bevelhebber was in
Namen, trok zijn troepen uit Namen terug en marcheerde ermee naar
Antwerpen. Toen hij vaststelde dat de prins nog steeds in de stad was,
ging hij naar Breda, dat hij tegen de Belgische revolutionairen
begon te verdedigen.
Daarna trok hij naar Tilburg en
Eindhoven, twee plaatsen die reeds in handen van het Voorlopig Bewind
gevallen waren
en verjoeg er de revolutionairen.
*
Aldus bleef Noord-Brabant,
dankzij deze moedige Gentenaar in handen van de Nederlanders. Van Geen
bleef zijn koning trouwen stierf in 1846 als een Vlaamse banneling in
Den Haag.
In Gent volgde het leger wel de
bevelen van de prins op. Het trok zich terug ondanks de smeekbeden van
het stadsbestuur om niet weg te gaan. Alle Nederlandse legereenheden
ten westen
van de Schelde deden hetzelfde, met uitzondering van een zekere kolonel
Ledel die zich verschanst te in Sluis en .aldus het westen
van Zeeuws-Vlaanderen kon behouden voor koning Willem.
*
Vandaar trok Ledel langs de
Schelde naar Terneuzen en Hulst en verdreef de Belgen. Ook het fort
Liefkenshoek op
de Oost-Vlaamse Schelde-oever ten noorden van Antwerpen bleef in handen
van het koninklijke leger.
*
Het
vacuüm dat het Nederlandse leger naliet werd onmiddellijk opgevuld
door revolutionaire benden uit Henegouwen en Luik en, wat beide
Vlaanders betreft, ook uit Noord-Frankrijk. Dit waren bandietenbendes
die zich georganiseerd hadden in zg. Belgische legerregimenten met
namen zoals de 'Têtes Mort", de "doodshoofden"
LES TÊTES MORT
*
In Gent, leper, Menen en
Nieuwpoort sloegen ze aan het plunderen. In Brugge sloegen ze een
anti-Belgische opstand neer, maar toen ze in Oostburg bij Sluis op
manschappen van kolonel Ledel botsten, volgde een veldslag waarbij 30
van de zogenaamde doodskoppen de dood vonden. De rest droop af.
*
De revolutionairen waren
niet mals voor Belgische militairen die de koning trouw bleven,
wanneer ze die te pakken kregen.
In Mechelen slaagden ze erin om kolonel Gaillard gevangen te
nemen. Hij was afkomstig van Luik, maar diende de koning. Gaillard
werd naar Leuven gestuurd, een stad die in handen van Luikse
revolutionairen was gevallen. Daar werd hij door een menigte gelyncht
en op 28
oktober opgehangen aan de zogenaamde vrijheidsboom op de Oude Markt.
In
Antwerpen zat generaal Chassé met het probleem dat de prins in
de stad verbleef. Chassé die de koning wilde trouw blijven, sloot daarom een
akkoord met het Voorlopig Bewind. Het leger zou zich terugtrekken in de
zuidercitadel, als de revolutionairen een wapenstilstand respecteerden.
Toen deze laatsten dat niet deden, bombardeerde Chassé de
stad.
*
Doordat Chassé Antwerpen
gebombardeerd had, waarna een brand een deel van de binnenstad
platlegde, kwam de Prins van Oranje echter in nauwe schoentjes te
zitten. Hij had platte broodjes willen bakken met de
revolutionairen. Ze gaven de
prins de schuld van Chassé's optreden en verklaarden met
veel bombast dat het Huis van Oranje voortaan "door een muur van
vuur en bloed" van België gescheiden was. Het Voorlopig Bewind
stemde een decreet dat leden van het Huis van Oranje voor eeuwig
vervallen verklaarde van elke machtsuitoefening in België. De prins vluchtte
daarop uit Antwerpen weg en trok naar Londen, waar hij enkele
maanden in ballingschap verbleef alvorens, je raadt het nooit, zijn
vader zich met hem verzoende en hem toestond om naar Nederland terug te
keren.
*
De volledig uit de hand gelopen
situatie in de Zuidelijke Nederlanden baarde de Britse regering
intussen grote zorgen.
Er is geen land dat geopolitiek voor Engeland zo belangrijk was,
en is, als Vlaanderen. Leopold I heeft ooit gezegd dat vanuit
strategisch opzicht België -en daarmee bedoelde hij Vlaanderen,
want Wallonië is in dit verband irrelevant -voor de Engelsen
belangrijker is dan het bezit van sommige delen van de Britse Eilanden
zelf. Alles draait daarbij om Antwerpen, de stad die Napoleon heel
terecht 'het pistool gericht op het hart van Engeland" had genoemd.
*
De controle over Antwerpen is
voor de Engelsen van levensbelang. Antwerpen moest daarom in 1830 in
bevriende handen blijven.
*
|
|
De Britten vreesden dat
de Belgische
revolutionairen België zouden overleveren aan de Fransen.
Dat waren de Belgen trouwens ook
van plan.
*
De Britten wilden de Nederlanden
kost wat kost samenhouden, maar toen de prins van Oranje de zaak totaal
verknoeid had, konden ze enkel nog proberen om de opslokking van
België
door Frankrijk te beletten. Laat ons België verdelen, zo stelde
de sluwe Franse diplomaat Talleyrand daarom eind december 1830 aan de
Engelsen voor. Hij had een plan getekend, waarbij de Belgische
provincies
opgedeeld werden in vier stukken, namelijk een deel voor Pruisen, een
deel
voor Frankrijk, een deel voor Nederland plus een onafhankelijke
Vrijstaat
Antwerpen onder Brits gezag.
De hele linkeroever van de Schelde -dat zijn de
huidige provincies West-Vlaanderen plus geheel
Oost-Vlaanderen op het land van Aalst na, plus Zeeuws Vlaanderen,
alsook de stad Antwerpen met zijn bastions op de rechter Schelde
oever zouden een Brits protectoraat worden: een soort onafhankelijk
Vlaanderen avant la lettre.
*
Pruisen zou de hele
rechteroever van de Maas krijgen, dus de huidige provincies Nederlands
Limburg en driekwart van de provincie Luik, de helft van Namen plus
Luxemburg, plus daarenboven op de linker Maas oever ook nog de steden
Maastricht en Luik.
*
De grens tussen Nederland en
Frankrijk zou langs de Demer worden gelegd.
Dit wil zeggen dat het grootste
deel van de huidige provincie Belgisch Limburg plus de provincie
Antwerpen op de
stad Antwerpen na, plus de oude Oranje- stad Diest in het uiterste
noordoosten van de huidige provincie Vlaams-Brabant bij Nederland
zouden blijven.
*
De rest van het land -de huidige provincie
Henegouwen, de westelijke helft van Namen en Vlaams-en Waals Brabant
plus Brussel en het land van Aalst zouden bij Frankrijk komen.
*
De Britten wezen dit voorstel van de hand. Dat is een
spijtige zaak geweest, want het zou het
hele huidige Vlaanderen, op
Brabant en het land van Aalst na, in 1830 in Nederlandstalige handen
gelaten hebben. De Britten wezen het voorstel echter af omdat ze,
na de verzoening tussen koning Willem en zijn zoon, een nieuwe poging
wilden ondernemen om de Nederlandse eenheid alsnog te redden. Eind
maart 1831 zette Lord Ponsomby, de Britse gezant in België en
de schoonbroer van de nieuwe Britse eerste minister Lord Grey, een
aantal Belgische officieren waaronder generaal Jacob Vandersmissen, de
militaire commandant van Antwerpen, ertoe aan een pro-Orangistische
staats greep te plegen. Het Voorlopig Bewind te Brussel, aldus
Ponsomby in een rapport van 19 februari aan Lord Granville, werd immers
"verworpen door de grote meerderheid van de bevolking", die terug
onder het gezag van Oranje wilde komen.
*
Het Voorlopig Bewind, dat
België sinds oktober bestuurde, werd inderdaad gewaar dat de
bevolking hen niet goed gezind was. Er moesten eind april nieuwe
verkiezingen komen, en die zouden ongetwijfeld een pro-Orangistische
meerderheid aan
de macht brengen.
Daarom pleegde het Voorlopig
Bewind op 12 april 1831 zelf een staatsgreep en legde de macht bij de
onverkozen II Association Nationale" van Gendebien.
Die ontketende een golf van
terreur tegen al wie ook maar van orangistische sympathieën
verdacht werd. In de Vlaamse steden waren de Nederlandsgezinden
vogelvrij. Vandersmissen werd ontslagen. Er volgde een
vreselijke repressie, de eerste maar niet de laatste in de
Belgische
geschiedenis.
*
De burgemeester van Antwerpen,
Willem Andries de Caters, vluchtte naar Aken uit vrees voor zijn leven
terwijl zijn huis geplunderd werd, de lokalen van Nederlandsgezinde
dagbladen gingen in diverse steden in vlammen op, terwijl in Gent de Britse
industrieel Dixon, een vriend van koning Willem, op straat in
elkaar geslagen werd door een bende hooligans die de Brabançonne
zongen.
*
De Belgische eerste minister, de liberale jurist
Joseph Lebeau verklaarde dat -ik citeer- de plunderingen bij de
orangisten, hoe betreurenswaardig ook, een verschrikkelijke
noodzakelijkheid zijn om de vijanden van de openbare orde te beteugelen
-einde citaat.
|
|
De geschiedenis van België begon
zodoende in terreur en onwettigheid. 
Maar omdat de Belgische
onafhankelijkheid niet ongedaan te maken scheen, veranderde Londen in
april 1831 van tactiek. Het verklaarde zich akkoord met de afscheuring
van België op voorwaarde dat de nieuwe staat een voor de Britten
aanvaardbare koning kreeg. Dat werd prins Leopold van Saksen-Coburg,
een aangetrouwd lid van de Britse koninklijke familie.
Hij was de broer van prinses
Victoria van Saksen-Coburg, de moeder van de jonge Victoria die in 1837
koningin van Groot-Brittannië zou worden. Deze Victoria trouwde
met haar kozijn, Albert, de
zoon van Leopolds oudste broer. Aldus kwamen twee takken van dezelfde
Saksen-Coburg familie op de troon in Engeland zowel als in
België.
Zo kwam het dat de Britten,
zeker tot aan Victoria's dood in 1901, de grootste verdedigers werden
van de Belgische
belangen.
Niet zozeer uit liefde voor de
nieuwe staat België, maar wel omwille van het familiebelang van de
Coburgs.
Diezelfde familie kwam in 1837
bovendien ook op de troon in Portugal terecht en had grote belangen in
Oostenrijk.
Een aantal Britse
politici waren daar allerminst
mee gediend.
Zo sprak Lord Palmerston zeer
afwijzend van de Oostenrijks-Portugese-Belgiclstlsche Coburg-kliek" die
het in Londen voor het zeggen had en de Britse belangen stelselmatig
ondergeschikt maakte aan die van de Coburg-familie.
*
Madame Lieven, de vrouw van de
Russische ambassadeur in Engeland, schreef zelfs dat
"Groot-Brittannië zuchtte onder de Belgische tirannie".
*
In
België zelf waren de Coburgs niet geliefd.
Er waren enkele pogingen om de Belgische
onafhankelijkheid ongedaan te maken. De orangisten
wonnen zelfs in Brussel de gemeenteraadsverkiezingen. In 1834 gingen in
het land petities rond met sympathiebetuigingen voor het Huis van
Oranje. De namen van de ondertekenaars werden in de kranten afgedrukt.
Op 6 april 1834 besloot het Belgisch regime er een
eind aan te stellen. Het Belgisch leger dat grotendeels uit Fransen
bestond, begon, zogezegd uit spontane sympathie met koning Leopold,
de huizen te plunderen van al wie van orangisme werd verdacht.
"Moet je nu wat weten, mama",
zo schreef Leopolds vrouw, koningin Louise-Marie, aan haar moeder, "er
is hier een muiterij
aan de gang. Je zal me niet willen geloven, maar het is geen muiterij
tegen de regering, maar voor de regering.
*
" Verontwaardigde
buitenlandse diplomaten,
zoals Lord Adair, de ambassadeur van Engeland, en graaf Dietrichstein,
de ambassadeur van Oostenrijk, begaven zich naar Leopold
om te protesteren ten voordele van de orangisten. De koning was zeer
kortaf: "Ze krijgen waar ze om gevraagd hebben ", zei hij.
*
De orangisten waren door de
terreur geïntimideerd, en de meesten trokken zich terug als
kandidaten bij de gemeenteraadsverkiezingen.
Alleen in Gent durfden ze nog
opkomen. Ze wonnen,
maar de koning weigerde de orangist Jozef van Crombrugghe te benoemen.
In 1839 schreef een teleurgestelde Louis De Potter, die in 1830 een van
de vooraanstaande leiders van de revolutie was geweest, dat er
in de nieuwe staat minder vrijheid was dan vroeger onder koning Willem
en dat naar zijn mening België en Nederland herenigd meesten
worden. "Met of zonder het huis van Oranje-Nassau, dat doet er zelfs
niet toe. " aldus De Potter.
*
In 1841 probeerden een aantal
ontevreden orangisten om koning Leopold te kidnappen. Ze hoopten op die
manier de Nederlanden te kunnen herenigen.
*
De leider van de samenzweerders
was de afgezette voormalige militaire commandant van Antwerpen,
generaal Jacob Vandersmissen. Het complot werd echter verraden. De
generaals Vandersmissen en
Vander Meere werden gearresteerd. Ook de Belgische minister van
Landsverdediging, generaal Buzen, die de samenzweerders eigenhandig
geholpen had bij
het gieten van kogels ten huize Vandersmissen, werd opgepakt. Buzen
pleegde zelfmoord in de cel terwijl hij op zijn proces wachtte, en
Vandersmissen en Vander Meere kregen de doodstraf.
*
*
Ze waren echter populair en de
regering durfde de
straf niet uitvoeren. Vander Meere kreeg daarom gratie op voorwaarde
dat hij naar Brazilië emigreerde -hetgeen hij ook deed. Jacob
Vandersmissen ontsnapte op een nacht met verbazend gemak uit de
gevangenis,
vluchtte het land uit en ,stierf in 1856 in ballingschap in Duitsland.
*
Sommigen onder u kennen
misschien de naam Vandersmissen in een ander verband. De commandant van
de Belgische expeditietroepen die in 1863 in Mexico de lijfwacht vormde
van de Mexicaanse keizerin Charlotte, die een dochter van Leopold I
was, heette Alfred Vandersmissen. Die Alfred was een zoon van de
samenzweerder Jacob Vandersmissen. Van Alfred wordt gezegd dat hij een
affaire had met de keizerin en
bij haar een zoon verwekte, die later onder de naam Maxime Weygand
carrière maakte in het Franse leger en het tot generaal bracht.
Het was Weygand die in 1940 de overgave van het Franse leger
aan Hitler ondertekende. Als dit verhaal waar is, dan waren de
twee groot- vaders van Weygand, enerzijds Leopold I en anderzijds Jacob
Vandersmissen, de man die Leopold I had willen ontvoeren en van
zijn kroon beroven.
*
Zoals gezegd konden Vander
Meere en Vandersmissen bij de bevolking op ruime sympathie rekenen.
Toch kwam het volk niet in
opstand toen de samenzweerders werden opgepakt.
De
Vlamingen kwamen nooit in opstand tegen België.
*
De reden is wellicht de
nuchterheid van het Vlaamse volk. VIaanderen is een plat en
dichtbevolkt land, zonder bergen en uitgestrekte bossen, en is dus niet
geschikt voor een guerrillaoorlog.
Bovendien maakt een opstand
hier geen enkele kans op slagen indien men niet op buitenlandse steun
kan rekenen. In alle oorlogen en opstanden die Vlaanderen ooit in zijn
geschiedenis tegen bezetters heeft gevoerd, heeft het steun gehad van
de Engelsen. Engelse steun is voor de Vlamingen onontbeerlijk. Tegen
de Coburgs was die steun er niet, omdat koningin Victoria haar
nonkel Leopold steunde door dik en dun.
*
In juli 1844 rapporteerde de
Pruisische diplomaat graaf Konigsmarck aan zijn regering vanuit
Antwerpen dat, ik
citeer: "koning Leopold in dit land even ongeliefd is als de koning van
Nederland geliefd is". Op hetzelfde moment
schreef koningin Victoria echter in haar dagboek: "Nonkel wordt zozeer
bewonderd, bemind en zelfs verafgood door zijn onderdanen dat dit voor
hem een grote steun moet zijn in al zijn vreselijke moeilijkheden.
Laat dit dus duidelijk zijn:
tegen de Coburgs konden de VIamingen op de Britse steun niet rekenen,
zolang de koningin van Engeland zelf een Coburg was; Maar zonder Britse
steun maakten de Vlamingen geen enkele kans.
*
|
In 1830 onstond een staat die
geen geschiedenis had,
geen taal en geen wortels
en geen volks eigen Vorstelijk huis.
De Franse Bezetting maakte als een pletrol een geheel
samengevoegd gebied van verschillende staatjes, Steden,graafschapjes
tot eigen Franse bodem.
Een stuk daarvan werd door de Fransen Belgique
genoemd!
Een totaal nieuwe jonge
staat zonder
verleden.
Dit Belgique had niets uit te staan met de
Oostenrijkse Nederlanden.
,want die waren verwoest, noch met De Nederlanden en
hun cultuur en taal, noch met de Franken van Carolus Magnus en zeker
niets met de Romeinen en nog minder met de oude Belgicae van
Ceasar. Zelfs een fanatieke Belgicistische historicus als Lode Wils van
het Davidsfonds kan geen echt bewijs van een historische achtergrond
voor Belgique aanbrengen.
Het congres van Wenen richtte een sterke staat op
door Noord Nederlanden het deel van Frankrijk dat de
Fransen Belgique noemden en Luxemburg bijeen te brengen. Die
bufferstaat had de vrede in Europa kunnen bewaren.
*
In 1870 vernederden de
Vlamingen
de Coburg-monarchie opnieuw door hun antimilitaristische houding. Er
dreigde een oorlog tussen Duitsland en Frankrijk. De Britten sloeg de
schrik om het hart dat Napoleon III België zou binnenrukken.
Koningin Victoria schreef een brief aan haar kozijn, Leopold II om hem
ertoe aan te zetten het Belgisch leger te mobiliseren. Op 17 juli
beloofde Leopold aan Victoria dat hij binnen de week 60.000 man zou
stationeren langs de Belgische zuidgrens en 30.000 man in Antwerpen. De
gemeenten werden aangeschreven om alle mannen op te roepen die in de
loop
van de jaren 1860 militaire dienst hadden vervuld. Vele gemeenten
lieten
echter weten dat ze van de meeste van deze mannen geen benul hadden
waar
die uithingen en dat ze de middelen niet hadden op ze op te sporen. De
miliciens ware immers doorgaans lotelingen geweest. Alleen de armsten
konden
zich van loting niet vrijkopen en de rijken die zich erin geloot hadden
lieten
zich vervangen door een arme. Bijgevolg deden alleen arme mensen uit de
allerlaagste
klassen militaire dienst, maar die hadden dikwijls geen vast adres.
De mobilisatie
werd een catastrofe. Leopold kreeg niet de helft van zijn leger bij
elkaar. Victoria was woedend. Terwijl de oorlogsdreiging opliep, begon
de Belgische regering bovendien ook nog onderling te kibbelen over een
binnenlandse politieke kwestie. Tot wanhoop van Leopold, viel de
regering op een ogenblik dat het land in doodsgevaar was. De politici
trokken er
zich geen barst
van aan en de bevolking al evenmin. Er kwamen verkiezingen die
gewonnen werden door de anti-militaristische vleugel van de katholieke
partij en de pacifistische Meetingpartij. Het was alsof de Belgen
aan Victoria wilden zeggen "Wij hebben dit land niet gewild. Wij gaan
er ook niet voor vechten. Als je het wil in stand houden, vecht er dan
zelf maar voor".
*
De Britten
brachten hun vloot in staat van paraatheid. Napoleon III verklaarde de
oorlog aan Pruisen, maar de Duitsers maakten op een mum van tijd gehakt
van de Fransen. Na de slag bij Sedan op 2 september gaf Napoleon zich
over en deed troonsafstand.
*
Leopold II,
onzeker dat de Belgen zouden vechten voor zijn koninkrijk,
werd bang voor zijn kroon en zijn geld.
Hij liet een speciaal treinspoor aanleggen van het station van
Schaarbeek naar het kasteel van Laken, waar een volledig ondergronds
station
werd gebouwd. Hij gaf opdracht aan zijn privé-secretaris
baron Goffine om de koninklijke waardepapieren, zijn goud en zijn
juwelen voortaan steeds vertrekkensklaar te houden. Als er
zich nog eens een militaire crisis zou voordoen, zou de koninklijke
trein in Laken klaar staan. De trein zou richting Duitsland gaan. "Wir
sind doch eine Deutsche Familie" zei koning Leopold II aan de Duitse
architect Stubben. De koning bezat bovendien een kasteel in
Niederfullbach
nabij Coburg, waar hij waardevolle kunstwerken en een deel van
zijn fortuin liet onderbrengen.
*
Het was
duidelijk dat de Belgen hun land niet hadden gewild en er ook niet
wensten voor te vechten. Daarom ging Leopold II zich vanaf 1870 met
alle energie op een herziening van de militiewet toeleggen. Hij wilde
een algemene dienstplicht zodat in het leger de mannen ook wat Belgisch
patriottisme kon worden bijgebracht. De katholieken wilden van die
herziening van de militiewet niet weten, de flaminganten evenmin. Het
heeft Leopold liefst 39 jaar gekost namelijk tot 1909 alvorens hij op
zijn sterfbed de algemene militaire dienstplicht kon
invoeren. En ook toen werd die door het parlement slechts met een
minieme meerderheid goedgekeurd.
De
goedkeuring gebeurde echter wel net op tijd om het Belgisch leger min
of meer in orde te hebben bij het begin van de eerste wereldoorlog. Op
het westelijke front begon die oorlog, zoals algemeen bekend is, omdat
Duitsland België binnenrukte tijdens zijn aanval op
Frankrijk. De Britten die zich in 1831 garant hadden gesteld voor
de Belgische onafhankelijkheid en neutraliteit waren daardoor verplicht
zich aan de zijde van de Belgen en de Fransen in de oorlog te mengen.
Als het de Fransen waren geweest die België als eerste hadden
binnengevallen, hadden de Britten verplicht geweest de kant van
de Duitsers te kiezen. De Britten werden omwille van België in
de oorlog gezogen, en de Engelsen zouden steeds aan Belgische kant
gevochten hebben, ongeacht bij welk bondgenootschap België terecht
zou zijn gekomen. "
Groot-Brittannië
verloor in de eerste wereldoorlog miljoenen soldaten bij een oorlog
waar het strikt genomen niets mee te maken had. In feite betaalde
Londen daarmee de zware en bloedige prijs van zijn beslissing in
1831 om België uiteindelijk toe te staan zich van Nederland af te
scheuren.
|
|
|
Indien België bij Nederland was gebleven, dan
waren de Verenigde Nederlanden een sterke, middelgrote natie geweest,
die de Duitsers wellicht niet binnengerukt zouden zijn, dan had
Groot-Brittannië, net zoals in 1870, nooit betrokken geraakt bij
een Frans-Duitse oorlog, dan had de eerste wereldoorlog in het westen
inderdaad beperkt gebleven tot een oorlog tussen Frankrijk en
Duitsland, die vermoedelijk door Duitsland gewonnen zou zijn, of die
minstens op een compromis zou zijn uitgelopen; dan had Duitsland nooit
de vernederende nederlaag geleden die het nu zou lijden,
dan was er geen dictaat van Versailles geweest; dan had Hitler geen
kans gekregen; dan zou er vermoedelijk ook geen tweede wereldoorlog
zijn geweest en geen jodenvervolging. Er zijn dus argumenten om te
zeggen, dat dit allemaal de schuld is geweest van de dwaze Belgische
revolutie van 1830.
Paul Belgicus
"Secessie"
|
|


Hoe Belgisch was de
Belgische omwenteling?
*
Deze
site is makkelijke te bereiken met "Alex Nederland" op te roepen in
Google Search
*
OP een paar uitzonderingen na
berust de leiding van de Omwenteling in handen van Waalse
en Franse personen.
Ven de Fransen noemen wij baron
...CHAZAL,de latere organisator en chef van het Belgische verfranste
LEGER
en CHARLES NIELLON,
opperbevelhebber van het eerste VRIJKORPS; van de oversten: bruggraaf
Charles de Culhat, Adolf Ledouce, graaf de Pontécouland, Havel,
leider van het PARIJSE LEGIOEN, en JENNEVAL-Dachet, de dichter
van de Brabançonne;
van de COMMANDANTEN
Mellinet,Lafeuillade en de beruchte dr.Grégoire
Franse helpers
treffen wij aanin de
"Réunion centrale" en op de barricaden bij de eerste
straatrelletjes
te Brussel, op zittingen van de clubs, trouwens, bij alle belangrijke
gebeurtenissen.
Zien wij nu naar enkele
'Belgische' leiders van de opstand: CHARLES en FIRMIN ROGIER, beide
woonachtig te LUIK,
zijn in Frankrijk geboren; GENDEBIEN, geboren te BERGEN, is Frans
door zijn opleiding; de Broeckère en de Cesses waren, evenals de
Hertog van Ursel, dienaren geweest van de Keizer Napoléon. Graaf
Frederik de Mérode is geboren te Maastricht,
maar is door bloed verwantschap
innig met Frankrijk gebonden;
hijzelf was gehuwd met de
Franse Gravin du Cluzel en verbleef sinds zijn huwelijk in Frankrijk;
zijn broers Henri en Félix waren gehuwd met nichten
van de beroemde generaal La Fayette; zijn vader was
'MEMBRE' de la Légion d'Honneur;Surlet de
Choklier, de latere
regent, geboren te Luik, was in dienst van het Directoire en zetelde
later te Parijs in het 'corps Législatif'; de GERLACHE, de
president van het Nationaal Congres was geboren in de provincie
Luxemburg en studeerde te Parijs, waar hij zich als advocaat vestigde
tot 1818; Charles Destouvelles, de vice-president van het Nationaal
congres,
was geboren te Parijs; Jean-Baptiste NOTHOMB, lid van het bureau was
geboren in de provincie Luxemburg en Joseph Ralkem zag het levenslicht
te Luik.
En zo gaat de lijst verder, ook
van gewone leden van het Nationaal Congres.
*
Merkwaardig: 12 gekozenen
weigerde zitting te nemen in het Nationaal congres, onder wie 9 die
in Vlaanderen waren geboren...!
Trouwens
uit Parijs kwamen de steungelden en in Parijs werden het Frans-Belgisch
legioen en de Frans Vrijschutterskorpsen opgericht.
(- Uit de Geschiedenis van
Vlaanderen' deel 3, 1973, Heideland-Orbis,Hasselt.-)
|
 
|
-Deze postzegel werd tegelijker tijd in Ierland
en België uitgegeven.-
(n.v.de.r.): De rumoerige stede LUIK was, als het
Prins
Bisdom Luik waarvan het de hoofdplaats was, een deel,
tegelijkertijd met het huidige Limburg van het Duitse Keurvorstendom
Keulen.
*.
De Luikenaars ware zeer
onafhankelijk en het is in hun gebied dat de Fransen ,
gesteund
door de Ierse 'Wild Geese',
een aanval
op de Oostenrijkse Nederlanden ondernamen.
(DAAROM DEZE BELGISCH - IERSE POSTZEGEL)
*
Dit deel
van het latere België was nooit een deel van de Nederlanden.
Het is
onder de Franse bezetting, waaronder zij zich lekker voelden, dat zij
bij les provinces Belgiques gevoegd werden. Daardoor gingen zij later ,
tegen hun zin, een deel van het Koninkrijk der Nederlanden vormen. Een
Nederland zonder Luik zou waarschijnlijk de revolutie overleefd hebben.
*
Dat zij in
het Koninkrijk der Nederlanden moesten leven was hen een doorn in het
oog.
Het zijn
dan ook de Luikenaars die de Belgische Opstand met geweld
steunden.
Zij waren
misschien de meest eerlijke strijders voor de aanhechting bij
Frankrijk, zoals het geweest was onder Napoléon. Dat was ook hun
oorspronkelijke intentie; weer Fransen te mogen worden.
*
Te
Fontenoy in Wallonië staat er een monument waar de
verdrukkers (lees Oostenrijkse Nederlanders) verslagen werden en
de Vrijheid hersteld door de Fransen en de Ieren!
*
Weer zo'n
typisch staaltje van Frans-Waals-Belgische arrogantie die de Vlamingen
in het hart treft.
In 1995
gaf de Belgisch post een herdenking zegel uit met de afbeelding van dit
gedenkteken aan de Vrijheidsstrijd van Walen, Fransen en Ieren tegen de
Oostenrijks-Nederlandse verdrukker!
De Belgische
Post "WEIGERDE" en herdenkings-zegel uit te geven van de
Boerenkrijg. Alhoewel de Boerenkrijg tegen de Fransen
er kwam met toezegging van steun uit Engeland beweerde de toen Waalse
minister dat het maar een boerenrelletje geweest was
.Dit keer
ging het tegen de Fransen en niet de Fransen tegen ons.Daarvoor hebben
Walen geen begrip.
*
Het
Monument te Fontenoy is in de vorm van een Keltisch (IERS) kruis en de
Ieren vandaag zijn er van overtuigd dat hun voorvaderen ons de (Franse)
vrijheid hebben komen schenken met stukken van Vlaanderen te
bezetten.
Zij waren
de toenmalige collaborateurs van de Fransen.
*
Met de
vrede van Munster in 1648 werden de verbondenen verslagen ,
Oostenrijkers,Hanoverianen,
Nederlanders,Engelsen en
Pruisen verslagen te Fontenoy (bij Luik) door de Maréchal-Saxe
en het Franse leger, geholpen door de Irish Wild Geese,
bezette de gehele zuidelijke Nederlanden tot Bergen op
Zoom,Maastricht,Oostende, Oudenaarde en Dendermonde......
*
|
|
Ce serait nous éloigner
de la France, et puisque nous sommes destinés à devenir
Français, ce serait folie de donner à nos efforts une
autre direction.'
Baron de Reifenberg - 1840 in
een antwoord aan Jan Willems.
(zie
Willemsfonds)
Vlaanderen verslagen en uitgeteld!
|
|
-
|
|
Een kort begrijp in een
notendop.
EEN BLAD UIT DE GESCHIEDENIS VAN ONS VADERLAND
HOE KWAM DE STAAT BELGIË TOT STAND?

Bij de
Drukkerij A. HESSENS te Brussel werd In 1918 een boekje uitgegeven, met
bovenstaande titels. Het leek ons bijzonder leerrijk om nu, in 2002,
eens te herlezen
hoe de stichters van de Belgische staat handelden met diegenen die zich
niet wensten
neer te leggen bij deze staatsgreep.
We brengen de tekst in de originele
oude spelling.
.
De zelfstandigheid van België werd den 4 october 1830, te Brussel
uitgeroepen.....
Door wien geschiedde zulks
nu?
Door een komiteit van negen onbekenden, dat geleid door een vreemdeling,
den Franschman Rogier, zich den titel aanmatigde van "Gouvernement
provisoire". (Voorloopige Regeering)
Wie had aan die negen heeren, in opstand tegen hunne wettige Regeering,
mandaat gegeven om uit de Zuidprovincies van 't Koninkrijk der
Nederlanden
een afzonderlijke Staat te vormen ?
Wat vertegenwoordigden
die negen enkelen?
Niet de belangen van de van Nederland afgerukte gewesten, niet het
Vlaamsche volk, dat niet eens geraadpleegd was, evenmin als het Waalsche
volk, zelfs niet op een vergadering, noch zijn wil daartoe had te
kennen gege-
ven door middel van de pers.
Het Vlaamsche volk, steden als Brugge, Antwerpen en Gent, protesteerden
tegen het verraad van de negen onbekende eenlingen van
het "Gouverne-
ment provisoire". Ook de hoogste vertegenwoordigers van de rechterlijke
macht kantten zich tegen de negen overweldigers.
En hoe antwoordden de
negen van het "Gouvernement provisoire"?
De protesteerende rechters en prokureurs des Konings werden afgezet: te
Leuven, Nijvel, Bergen, Charleroi, Brussel, Doornik, Oudenaarde, Gent,
Ieper, Luik, enz..enz..bij besluiten van 4",5",6",8",9",10",11 ",16
october
1830 door de negen dictatoren van het "Gouvernement provisoire" zeiven
genomen.(Zie Pasimonie, 1830-31, blz.9 en volgende.}
De protesteerende Gemeenteraad van Gent werd ontbonden
en bij besluit van
het "Gouvernemant provisoire" van 4 februari 1831, zonder verkiezing
noch
volksraadpleging, vervangen door eene Commissie van elk vrienden van het
"Gouvernement provisoire". (Zie Pasimonie, 1830-31, blz.181.}
Ook gouverneurs en arrondissements- of districtscommissarissen en
provincieraden protesteerden tegen het uitroepen van den Staat
België door
de negen onbevoegde Rogier's. Maar dadelijk werden die
hooge ambtenaren
en openbare besturen door de Fransche leiders van de Belgische
omwenteling
onschadelijk gemaakt en, bij besluiten van 8", 9", 12", enz.october
1830, door
de commissarissen van de revolutionaire Regeering vervangen-
Ook voorname burgers, als de Gentsche advocaat Hippoliet Metdepenning-
hen, verzetten zich tegen den staatsaanslag van de kliek Rogier. Metde-
penninghen werd aangehouden door het te Gent nieuw benoemd Parket. De
vrijmetselaarsloges, waarvan Metdepenninghen de ziel was, bleven lang de
tegenstanders van het Belgisch revolutionair bewind.
In 1886 werd den "orangist" Metdepenninghen, door de vrijmetselaars van
België en de hooge bescherming van den Gemeenteraad van Gent, in
deze
stad, een standbeeld opgericht.
De tegenstand, dien de Staat België geheel het land door
ontmoette, deed
Rogier beslissen in allerhaast eene soort verkiezing te houden. Maar
zulk een
gering getal kiezers werd tot de stembus toegelaten dat de verkiezingen
voor
het Nationaal Congres, waaraan alleen de vrienden van het nieuw regiem
deelnamen, niet als eene ware volksraadpleging konden aanzien worden.
Het
werk van het Belgisch Nationaal Congres had den steun van een vreemd
leger
noodig om zich hier bij het volk door te zetten-
Nooit is de Belgische Regeering erin geslaagd onder het volk eene
Belgische
vaderlandsliefde te doen ontstaan. De Vrijmetselarij onderhield onder
de be-
volking het wantrouwen tegen België, zoolang de liberale partij
niet bij machte
was zich van het Staatsbewind meester te maken. Eens dat de
vrijmetselaars,
in den persoon van een Frere-Orban of Bara, de Katholieken uit de
Belgische
Regeering hadden weggekogeld, aarzelden de Bisschoppen
niet het Belgisch
Staatsverband aan te vallen, den Koning der Belgen door het opgezweepte
volk der buitengemeenten en door de katholieke drukpers te laten smaden,
den biechtstoel te ontzeggen aan de geloovigen, die meenden te moeten
ge-
hoorzamen aan de wetten door de Belgische Kamers aangenomen. In 1880
stond de katholieke geestelijkheid den geloovigen niet
toe, deel te nemen aan
de Nationale feesten voor den vijftigsten verjaardag van België's
zelfstandigheid.
Men leze den BieD Public zaliger van 1878 tot 1884 om overtuigd te
zijn van den geest van opstand overal door de katholieken verspreid
tegen de
Belgische nationale instellingen en tegen den Koning.
FEITEN EN DATUMS
4 Februari 1831 -Besluit aangaande schorsing van het stedelijk bestuur
te
Gent, en samenstelling van eene Commissie van openbare
veiligheid:
(Vertaling)
Het aangewezen lid van het Voorloopig Bewind van zijne
bijzondere bevoegd-
heid gebruik makende;
Overwegende dat in den buitengewonen toestand die in de stad Gent
bestaat,
het voor de Regeering de eerste en voornaamste plicht is, maatregelen te
nemen om den nieuwen staat van zaken te waarborgen, en
alle daartegen-
gerichte pogingen te verijdelen;
Gezien de menigwldige klachten der inwoners nopens het
gebrek aan toe-
zicht en aan krachtdadig optreden door het Stedelijk bestuur in de
tegenwoor-
dige omstandigheden aan den dag gelegd;
Op voorstel van den gouverneur van Oost-Vlaanderen;
Besluit
Art.l. -Het Gemeentebestuur van Gent te schorsen.
Art.2. -Eene Commissie van openbare veiligheid, samengesteld uit elf
leden,
tijdelijk met het waarnemen der werkzaamheden te belasten.
Art.3. -En benoemen tot leden van die Commissie, de heeren:
I.Vandenhecke, Jozef, voorzitter; 2. Piers e Raveschoot, lid; 3. pycke,
Charles, lid; 4. D'Hane-de Potter, lid; 5.Mertens-Meersman, lid; 6.
Baillieu, advocaat, lid; 7. De Souter, advocaat, lid; 8. Vergauwen,
Frans, lid; 9. Vande Poele, notaris, lid; 10. Spittoren, advocaat, lid;
11. Vande Capellen, F.-B. ,lid.
De heeren advocaat Lejeune en Hey-Schoutteer verwllen het ambt van
secretarissen.
De Commissie treedt dadelijk in werking.
Art.4. -De gouverneur van Oost-Vlaanderen is belast met de
tenuitvoerleg-
ging van dit tegenwoordig besluit..
Leden van de Rechterlijke macht door Rogier uit hun ambt ontzet, omdat
ze
tegen het uitroepen van den Staat België waren :
Den 4e October 1830- Rechtbank te Leuven: De rechters Van Bellinghem -
Van Ertrijk en Jacquelart
*
Den 5. October 1830- Rechtbank te Nijvel: De voorzitter Corbisier.
Den 5. October 1830- De vrederechter Haut, Goffingen en Delbruyere, van
Woluwe, St.Martens-Lennick en Fontaine- \'Eveque."
Den 5. October 1830 -Rechtbank te Bergen: De rechters Manouzzé,
Vanderstocken en Siroult.
Den 54. October 1830- Rechtbank te Charleroi: Rechter Olivier en de pro-
cureur des Konings Lyon.
Den 6. October 1830: -Rechtbank te Brussel: De rechters Vande Venne,
Delecourt, Warqui, Pauwels en Barthé, ondervoorzitter Henry,
procureur des
Konings Schuermans en substituut De Schepper.
Den 8. October 1830- Rechtbank te Oudenaarde: Voorzitter Desmet, rech-
ter Wolfcarius, procureur des Konings Félix.
Den 10. October 1830- Rechtbank te Gent: Ondervoorzitter Desmedt, rech-
ters Serlippens, de Pauwen Van Huffel.
Den 11. October 1980 -Rechtbank te leper: Rechter Castrique.
Den 15. October 1830 -Rechbank te Luik: Voorzitters Wacken en
Membrede.
Den 16. October 1830- Rechtbank te Huy: Rechter Daubremont.
Den 16. October 1830- Rechtbank te Dinant: Rechter Delaet.
Den 16. October 1830- Rechtbank te Marche: Rechter Germain en procu-
reur des Konings Jacqmain.
Den 25. October 1830- Rechtbank te Namen: rechter Charlé.
Den 25. October 1830- Rechtbank te Dendermonde: Voorzitter Beelaerts.
Den 4. November 1830- Rechtbank te Turnhout: Procureur
des Konings
Van Huffel.
Den 5. November 1830- Rechtbank te Antwerpen: Voorzitter Spruyt, onder-
voorzitter Geelhand en substituut Wantelee.
Den 21. November 1830- Rechtbank te Luxemburg: Geheel de Rechtbank.
Men
ziet, erger kan het al niet.
De lieden van 1830 hebben den spot gedreven
met het wettig bestuur, zij hebben de stem van 't volk
gehoond en door een
handig en staatsgreep zich meester weten te maken van het gezag. Een om-
wenteling dus, teweeg gebracht door een hoopje overgewaaide avonturiers,
wier onderneming ingevolge den steun van de zijde van Frankrijk en
Engeland
tot een vol succes heeft mogen leiden.
Was het een STAATSGREEP of een opstand?

Keer terug naar Begin-Inleiding
|

Met
dank voor de betoonde interesse.
Kopieer
de teksten en verspeid ze.
|
naar volgende
pagina
Inleiding
- Frankrijk - Leopold
- België
- België 2 - Vlaanderen
- 1830 - Besluit -
Portici -
|

Jonge Gevoelige
ArgelozeVlaming in
het
Belgisch Labyrint.
|
| Inleiding
- Frankrijk - Leopold
- België
- België 2 - Vlaanderen
- 1830 - Besluit -
Portici -
|
|