|
Therapeutische projecten in de
geestelijke gezondheidszorg
De aanzet voor de
therapeutische projecten werd gegeven door de Beleidsnota GGZ van minister Demotte (mei 2005). De Raad van State
behandelt het KB in verband met de therapeutische projecten ten vroegste
op 6 oktober 2006. Projectaanvragen kunnen reeds ingediend worden. Op 12
september stond er in de Artsenkrant
een artikel "Demotte weer stoorzender in
de geestelijke gezondheidszorg". Ze verwijzen naar een open
brief van Domus Medica (voorheen
Wetenschappelijke Vereniging van Vlaamse Huisartsen) en naar Europarlementslid
Frieda
Brepoels, die op haar beurt verwijst naar
het Europees
Parlement en naar een resolutie
die daar werd aangenomen. Aangezien het
maatschappelijk debat over deze aangelegenheid kennelijk weer wordt
aangezwengeld, lijkt het wenselijk om een dossiertje samen te stellen dat
een aantal relevante teksten verzamelt.
Eerst een paar
woorden over wat vooraf ging. Sinds 2001 waren er in ons land projecten gestart
voor thuiszorg aan psychiatrische patiënten. De budgetten voor de pilootprojecten
van psychiatrische thuiszorg werden opgestart door minister Aelvoet in de
vorige regering. Het waren 28 pilootprojecten, verdeeld over Vlaanderen en
Wallonië en over de verschillende provincies. Die projecten zouden
aflopen eind november 2004. In juli 2004 was er een advies
van de Nationale Raad van Ziekenhuisvoorzieningen om de projecten te
verlengen. Op 20.10.2004 werd de kwestie besproken
in de Kamercommissie volksgezondheid. Uit
dit overleg bleek dat de projecten zouden voortgezet en uitgebreid worden.
Ondertussen was er op 24 juni 2002 een
Gemeenschappelijke verklaring
van de Ministers
van Volksgezondheid inzake het beleid voor de geestelijke gezondheidszorg.
Er werd beslist het aanbod van de geestelijke gezondheidszorg in ons land
te organiseren volgens de principes van doelgroepen en netwerken met het
oog op het aanbieden van een geïntegreerde verzorging waarin de patiënt
centraal staat, en het waarborgen van de zorgcontinuïteit. Op 24 mei 2004
heeft de Interministeriële Conferentie Volksgezondheid een amendement in dat verband goedgekeurd. In dat
amendement wordt de klemtoon gelegd op verscheidene essentiële punten
die het mogelijk maken de basisprincipes vast te stellen voor de
ontwikkeling van proefprojecten. Dit amendement werd nogmaals bekrachtigd op de
Interministeriële Conferentie Volksgezondheid op 6 december 2004.
Op 03.03.2004 verscheen ondertussen ook
het decreet betreffende de eerstelijnsgezondheidszorg en de samenwerking
tussen de zorgaanbieders. Dit werd uitvoerig besproken in De
Maere van 12.11.2004.
In de regeringsverklaring
van de Vlaamse
Regering van 22.07.2004 staat: "We ontwikkelen netwerken en
zorgcircuits en leveren een bijdrage aan de uitbouw van de psychiatrische
thuiszorg."
In de Beleidsnota
Welzijn,
Volksgezondheid en Gezin 2005 – 2006 is te lezen:
"In het kader van deze vermaatschappelijking van de zorg wil de
federale minister van Volksgezondheid in 2006 nieuwe en experimentele
pilootprojecten voor zorgcircuits en –netwerken opstarten voor mensen met
een chronische en complexe psychiatrische problematiek. Samen met de
Franse gemeenschapsminister voor Volksgezondheid heb ik mij op de interministeriële
conferentie van december 2004 principieel akkoord verklaard met deze optie.
Toch zal ik in de concrete uitwerking hiervan er uitdrukkelijk op toezien:
1. dat de Vlaamse bevoegdheden
inzake erkenning en kwaliteitszorg ook in deze experimentele fase
gerespecteerd blijven;
2. dat de CGG steeds betrokken
worden bij elk initiatief als een noodzakelijke partner om het ambulante en
gemeenschapsgerichte karakter van deze initiatieven te garanderen;
3. dat de
continuering van de bestaande pilootprojecten voor psychiatrische thuiszorg
en activering maximaal gewaarborgd blijft en dat deze pilootprojecten
volledig geïntegreerd worden in deze nieuwe netwerken."
In de beleidsverklaring
van Minister Demotte
van mei 2005 inzake geestelijke gezondheidszorg wordt dan verder ingegaan op de ontwikkeling van therapeutische
projecten om te komen tot zorgcircuits en netwerken.
Er wordt een website opgestart betreffende de Therapeutische
projecten in de geestelijke gezondheidszorg en het RIZIV
krijgt de opdracht de
zaak uit te werken.
Meer uitleg is
te vinden in volgende tekst
van Patrick Van der Jeugt en in de FAQ's
van het RIZIV.
Voor het jaar 2005 zijn er voor deze
therapeutische projecten middelen vrijgemaakt ten bedrage van 2.209.000
euro. Dit komt neer op 46.500 euro per project; een vast gedeelte van
24.500 euro bestemd voor coördinatie; een variabel bedrag van maximaal
22.500 euro voor overlegtijd. In de praktijk komt dit neer op de
financiering van een halftijdse job als men iemand neemt die toch al enkele
jaren ervaring heeft en het budget voor overlegtijd dient ook om de
partners te betalen. Er zijn dus 48 projecten gepland voor het hele land.
Er is al een veelvoud van projecten ingediend. (De maatschappij kan alleen
maar hopen dat verantwoordelijken in hun vrije tijd aan het opstellen van
die projecten hebben gewerkt. Zoniet zou het kunnen gebeuren dat er reeds
meer tijd geïnvesteerd is in de voorbereiding van heel de kwestie dan het
budget dat voorzien is voor een jaar werking.)
Uit de open
brief van de huisartsen leren we dan weer: "Er is een enorm
onevenwicht in de beschikbare middelen. In Vlaanderen zullen deze projecten
voor relatief kleine doelgroepen op jaarbasis net even veel geld ontvangen
als de totale thuiszorg. Er is in de thuiszorg een grote nood aan
ondersteuning van de zwaar zorgbehoevende. Het budget dat per patiënt
hiervoor wordt voorzien (0,53 euro per jaar en per burger) vormt slechts
een fractie van wat nu aan beperkte doelgroepen van psychiatrische
patiënten zal worden toegekend."
Het laatste
woord is daarover kennelijk nog niet gezegd.
|