| Latijn: Pionites Melanocephala Melanocephala
Nederlands: Zwartkopcaïque Engels: Black-headed Caïque Frans: Caique à tête noire |
wildvorm
CITES II/C2 ringmaat: 7.5 verhard lengte: 23 cm |
![]() |
![]() |
Verspreidingsgebied
De Zwartkopcaïque komt voornamelijk voor ten noorden
van de Amazone-rivier nl. van Guianas en noordelijk Para' in Brazilië
naar het westen, tot zuidelijk Columbia, Ecuador en Peru. Er is een
ondersoort nl. de Pionites Melanocephala Pallida, die zeer zeldzaam is
bij particuliere kwekers.
Kweken
Caïques zijn papegaaiachtigen welke geen lange volières
nodig hebben. Het zijn geen vliegers die lange afstanden afleggen.
Ze bewonen de hoogste toppen van de bomen. Daardoor kunnen ze praktisch
verticaal vliegen van een tak steeds maar naar een bovenstaande tak.
Ter vergelijking: als een helikopter. Bij de meeste kwekers zijn
ze gehuisvest in kooien van ± 1.80m lengte, ± 80cm breedte
en ± 1.00m hoogte in draadvorm gemaakt. De kooien worden naast
elkaar opgehangen op ooghoogte.
In mijn collectie bewonen ze kleine volières van
± 1.6m lengte, 80cm breedte en 2m hoogte. Ze kunnen andere
paren ook zien wat hun broeddrift waarschijnlijk bevorderd. Ze bevinden
zich in binnen- en buitenvolières. Wel beschikken ze over
een broedblok waarin ze ‘s nachts slapen. Gewone houtkrullen en vermolmd
hout is hun nestmateriaal.
Aan de opzwelling van de buik van de pop kan men heel
goed zien wanneer het 1ste ei op komst is. De aanvang is normaal
begin juni daar alle koppels in onverwarmde volières vertoeven.
Caïques zijn zeer agressieve vogels tegenover hun partner, andere
paren en vogels. Laat altijd voldoende ruimte tussen de kooien om
bloedingen van tenen te vermijden. Kunnen ook zeer lief zijn ten
opzichte van hun partner. Al mijn koppels begonnen pas tot broedresultaat
over te gaan op een leeftijd van 5 jaar. Uitzonderingen van 3 à
4 jaar heb ik maar enkele malen gehoord bij andere bevriende kwekers.
De legsels bestaan uit 3 à 5 eieren welke om de
2 dagen gelegd worden. Vanaf het derde ei wordt gebroed gedurende
ongeveer 25 à 27 dagen. De eerste drie eieren worden weggenomen
en teruggeplaatst als het vierde ei op komst is. Kalkeieren worden
in de plaats gelegd daar anders het verschil in grootte van de kuikens
te verschillend is. De kleinsten zullen het niet overleven.
In de praktijk heb ik over het algemeen 3 jongen per paar.
Het ringen gebeurd wanneer de jongen voldoende pootgrootte
hebben. Een paar dagen te vroeg ringen heeft geen nut want de ring
zal meestal verdwenen zijn rond het pootje van het jong. Te laat
is ook nefast en dan moet men een grotere ring aandoen omdat het loopbeen
heel kort is en dan kan men de laatste teen er niet doorheen halen omdat
de ring tegen het kniegewricht aangedrukt is. Er worden elk jaar
70% mannen geboren in mijn volières wat overeenkomt met het percentage
van importvogels. De reden hiervan?
Voeding
Caïques krijgen bij hun zaadmengeling (grote parkiet
aangevuld met zonnepitten, cardi en boekweit) een rijk pallet aan groente-
en fruitmix (zie voeding). Om de twee
dagen een stuk kolf ingevroren maïs afwisselend met de groente-fruit-bessenmix.
Handopfok
Handtamme Caïques zijn zeer geschikt als huiskamervogel.
Ze zijn relatief niet te groot en hun ruif gebeurd praktisch ongemerkt.
Dus weinig veren en stof in hun papegaaienkooi. Bij de Grijze Roodstaart
is dit heel anders: veel stof en veren. Caïques in de volière
zijn zeer luidruchtig, knagen en hun uitwerpselen zijn enorm plat door
het vele fruitvoer. Binnenkamers zijn het speelse vogels, ieders
vriend, niet luidruchtig en ze proberen alle fluit- en andere geluiden
te evenaren. Soms slapend op rug met gespreide vleugels. Vliegen
alleen van hand tot andermans vinger enz… Dus echte clowns waarvan
men telkens versteld staat van hun kunnen. Echte goede praters zijn
het niet want hun taaltje is niet te begrijpen. Ondanks dit minpunt
voor mij de nummer 1 als huiskamergezelschap. Meer over onze handtamme
Caïque kan u lezen in het onderdeel Karlo.