André gaat wereldwijd .
"Wij moeten ons inzetten voor de globalisering van de solidariteit"
Johannes Paulus II
"De bedreiging van de aarde is het resultaat van menselijk handelen dat zijn morele en religieuze fundamenten verliest"
Benedictus XVI
"In het feit dat de relatie tot de mensen verloopt en samenvalt met sociale gerechtigheid, ligt de hele geest van de joodse bijbel besloten. Mozes en de profeten bekommerden zich niet om de onsterfelijkheid van de ziel, maar om de armen, de wees, de weduwe en de vreemdeling"
Emmanuel Levinas, Joods wijsgeer in "Een volwassen godsdienst"
Wie graag meedenkt over deze problematiek van de globalisering kan surfen naar
http://www.ekstermolengroep.be
www.mo.be (elke dag mondiaal nieuws)
° Ontwikkelingshulp en millenniumdoelen ? (update 5/5/12)
° Het Water niet van "kapitaal" belang (update 6/5/12)
° Het groene goud van Afrika (update 6/4/10)
° Belgische kippen in Kameroen en Nederlandse in Ghana (update 14/03/07)
° Een leefbaar inkomen voor de landbouw in het Zuiden (update 2/12/09)
° Olierijkdom en armoede (update 22/6/09)
° Biobrandstoffen en ontwikkeling (23/04/09)
° Ecologie en rechtvaardigheid 22/06/11)
Nieuws heet van de naald. Op 8 februari 2012 hebben de EU Commissarissen De Gucht (Handel) en Piebalgs (Ontwikkeling) het 10-jarenplan voor Handel en Ontwikkeling voorgesteld. Het blijkt in eerste instantie gericht op de ontwikkeling van Europa, eerder dan het kansen bevat voor het Zuiden. Dat is de conclusie van de 11.11.11 koepel van Vlaamse NGOs. De offensieve handelsstrategienota's van 2006 (Global Europe) en 2010 (Trade, Growth and World Affairs) zijn helemaal gericht op het openen van de markten van het Zuiden. Ervoor zorgen dat de EU kan meesurfen op de groei in de ontwikkelingslanden. Daarvoor moeten deze hun markten openen voor Europese producten, diensten en investeringen en de bescherming en ondersteuning van hun economie afbouwen.(voor verdere analyse www.11.be)
De vorige minister van Ontwikkelingssamenwerking, Mr. Chatel, vond dat België het er in 2010 niet slecht heeft afgebracht met de 2,26 miljard die het uitgaf aan ontwikkelingssamenwerking of 0,64% van het BNI. Slechts 5 landen deden beter, o.m. Nederland.Dat is nog altijd niet de 0,7% die voor 2010 wettelijk werden vastgelegd. Bovendien zit daar zo'n 416 miljoen euro schuldenkwijtschelding aan Congo bij en worden ook uitgaven voor de opvang van vluchtelingen en kosten voor buitenlandse studenten hiervan betaald. Als die onechte hulp wordt afgetrokken blijft er zo'n 0,5% van het BNI over. Voor 2011 is de begroting van het Directoraat-Generaal voor Ontwikkelingssamenwerking (DGD) slechts met 21 miljoen euro gestegen en niet de in 2009 beloofde 156 miljoen. Door het uitblijven van een regering kon bovendien het nieuwe Fonds voor Voedselzekerheid slechts 20 miljoen uitgeven voor de voedselprogramma's, i.p.v. de 38 miljoen die voorzien werden.
Het Magazine Défis-Sud publiceert in n° 106, mei 2012, publiceert een interessant nummer over de Ontwikkelingssamenwerking. Huidig minister Paul Magnette laat de 0,64% van zijn voorganger achter zich wat de Belgische ontwikkelingssamenwerking betreft en stelt 0,50% in het vooruitzicht of 1,476 milliard euro. Binnen dat budget zal 17% gaan naar de niet-gouvernementele samenwerking en 10% naar humanitaire hulp. Vooral Afrika zal de begunstigde zijn omdat we daar de armste landen aantreffen. Brazilië en India hebben ook veel armen, maar zij zijn in staat om de inlandse rijkdom beter te verdelen als daartoe de politieke wil bestaat. De wet van 1999 over de ontwikkelingssamenwerking is aan herziening toe. De politieke gevolgen van de externe evaluatie van de B.I.O. die de private investeringen moet ondersteunen kan niet uitblijven sinds dit organisme fondsen zou geplaatst hebben in de fiscale paradijzen. De ontwikkeling van KMOs in het Zuiden is een positieve vrucht, maar nu zal er prioritair aandacht gegeven worden aan de sociale economie en de steun aan de coöperatieven en de ziekenfondsen.
Wat de hulp van Vlaanderen betreft werd bijna 50 miljoen uitgegeven of een budget van 48,1 miljoen, bijna 3% minder dan in 2009. Daarin zijn ook de uitgaven begrepen door de ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen die door de OESO als ontwikkelingsuitgaven erkend worden. Bijna de helft van de officiële ontwikkelingshulp ging naar indirecte samenwerking: steun aan NGO's, universiteiten en wetenschappelijke instellingen (vb. Instituut Tropische Geneeskunde in Antwerpen) en gemeente -en provinciebesturen. Zowat 1/3 is uitgegeven aan rechtstreekse hulp aan 3 partnerlanden: Zuid-Afrika, Mozambique en Malawi. In samenwerking met het Rode Kruis Vlaanderen en UNAIDS werd de kwetsbare positie vaan vrouwen en meisjes met HIV-besmetting verbeterd. Verder staan landbouw en voedselzekerheid hoop op de agenda. Vlaanderen sponsort ook internationale organisaties zoals UNESCO, UNICEF en het Wereldvoedselfonds voor zo 1/6 van het budget. Aan humanitaire bijstand aan getroffen gebieden door rampen besteedde Vlaanderen 3,7% van het budget. (bron: MO n. 84 en 85)
Het regeringsprogramma inzake ontwikkeling voor de nieuwe legislatuur onder Di Rupo behelst de bevriezing van de credietgroei voor 2012-13 of dus een vermindering van de belgische ontwikkelingshulp, maar het objectief van de 0,7% van het BNP blijft (theoretisch) behouden. Inhoudelijk engageert de regering zich om de wet van 1999 te herzien. Ook wil men een interministeriële conferentie beleggen over de ontwikkelingspolitiek met het oog op een grotere coherentie. Dit is essentieel om efficiënt te zijn. De financiering van ontwikkeling door handel, investeringen, migratie politiek het heeft allemaal een impact op de politiek van ontwikkeling. Ook de samenwerking tussen de verschillende actoren op het terrein kan verbeterd worden. De verklaring herinnert ook aan het belang van de strijd tegen de voedselspeculatie door de familie landbouw te ondersteunen. Ook wil men de schuldenvermindering blijven nastreven.
Internationaal Caritas voorzitter Kardinaal Oscar Rodriguez Maradiaga klaagt aan dat de rijke landen in hun ontwikkelingsbudget snoeien. "Slechts 2 landen besteden 0,7% van hun BNP aan ontwikkelingshulp. De Verenigde Staten halen nauwelijks 0,2%. De strijd tegen de armoede is een blijvende opdracht. ... Voor veel Afrikaanse landen betekent het verminderen v an hulp het opofferen van mensenlevens" (Kerknet, 26 juni 09).
Concord is de Europese federatie van NGO's voor ontwikkelingssamenwerking van alle 27 EU-landen. Begin juni publiceerde AID WATCH zijn "Penalty against Poverty" rapport. Het alarmerende rapport wijst de EU-landen erop dat ze hun vooropgestelde doelen voor ontwikkelingssamenwerking niet zullen halen. Zo kunnen ook de globale inspanningen om de Milleniumdoelstellingen te halen in het gedrang komen. Als elke lidstaat bezuinigt op het budget voor ontwikkelingshulp, dan zal er een tekort zijn van 19 miljard euro. U kan het rapport downloaden op www.11be
Op 6 juli 09 riep paus Benedictus XVI zelf de deelnemers aan de G8 op om de ontwikkelingshulp voor Afrika en de andere behoeftige landen te versterken. Ook mogen ze volgens hem de ethische dimensie van hun crisismaatregelen niet uit het oog verliezen en hij verwees daarbij uitdrukkelijk naar tewerkstelling, waardig werk en versterking van de inspanningen in de uitbouw van het onderwijs in de ontwikkelingslanden. De paus erkent dat de crisis de rijke landen ertoe kan bewegen te snoeien in hun ontwikkelingsbudget" (cf. Kerknet, 6 juli 09).
In MO n. 23 van mei 2005 publiceerde John Vandaele een bijdrage (p. 16-17) over de Belgische ontwikkelingssamenwerking die krimpt. Onder de "groene" minister Boutmans besteedde ons land in 2002, 0,43% van het BNI aan ontwikkelingssamenwerking. In 2003 bedroeg het 0,61% maar dat was slechts schijn omdat de stijging te wijten was aan een kwijtschelding van 600 miljoen euro van Congo bij de Delcredere-dienst, schulden die Congo toch al jaren niet meer afbetaalde. Dus betaalt het departement Ontwikkelingssamenwerking jaarlijks een vergoeding van 13,5 miljoen aan Delcredere om deze gewaarborgde schuld af te betalen. Volgens de regels van de OESO mocht België in 2003 die schulkwijtschelding voor 100% inbrengen als ontwikkelingshulp. In 2005 ging het om 198,13 miljoen euro Iraakse schulden en 113,1 miljoen euro Nigeriaanse schulden. Deze 378 miljoen euro Delcredereschulden zijn niet vergelijkbaar met de rest van het ontwikkelingsbudget want zij kosten de Belgische staat niets. In 2004 besteedde België 0,4066% van het BNI en nu brengt het de opvang van vluchtelingen in ons land in als ontwikkelingssamenwerking (33 miljoen). Minister De Decker beloofde 0,45 % maar ... de huidige minister Michel junior moet vaststellen dat er geen beterschap in't zicht is.De nieuwe regering heeft er nog niets van gebakken tenzij zij investeert in het migratiecentrum in Mali door de bijdrage van het Belgisch Agentschap voor Ontwikkelingssamenwerking (BTC). De EU minister voor Ontwikkelingssamenwerking heeft "CIGEM" opgestart als pilootproject in Mali om daar illegale migratie te ontraden en meer mensen in West-Afrika aan een job helpen. Zij werken ook samen met het Agence pour l'Emploi des Jeunes (APE) (cf. MO n. 57, 2008, p. 12-13). Lees meer onder migratie.
Lees ook MO n. 34 van juni 2006, p. 16-18 en n. 40 van februari 2007 p. 29 - 31 "Slecht rapport voor Ontwikkelingssamenwerking". John Vandaele legt uit dat in 2006 de Belgische hulp daalde van 0,53 % naar 0,48 % en daarbij zit dan nog een heel pak schijnhulp. In 2003 bedroeg de kwijtschelding van commerciële schulden zelfs 41% van onze "hulp". Delcredere dekt ook wapenleveringen en beoogt eerder exportsteun aan Belgische bedrijven dan ontwikkeling. Eigenlijk zakte de hulp tot 0,39% van het BNI. Wanneer dus al de Delcredereschulden zullen weggewerkt zijn zal het uur van de waarheid aanbreken en het pijnlijk duidelijk zijn dat de retoriek van Verhofstadt "paarse lucht" is want in 2010 zullen wij de 0,7 % zeker niet halen. De regering plant in 2007 een kwijtschelding van 400 miljoen Congolese Delcredereschulden. Bij gelegenheid van de onafhankelijkheidsfeesten einde juni 2010 heeft er dan toch een schuldenkwijtschelding plaats gevonden.
In MO n. 58, 2008, p. 8 titelt: "Vijftig miljard dollar extra nodig voor ontwikkelingshulp". Om de armoede in de wereld tegen 2015 te halveren (zie Millenniumdoelen), moet de ontwikkelingshulp met minstens 50 miljard dollar per jaar omhoog. Dat schrijft de VN Conferentie voor Handel en Ontwikkeling (UNCTAD) in een rapport waarin ze alternatieven voorstelt om de investeringen in ontwikkelingslanden te bevorderen. De VN economen merken op dat de donorlanden op de conferentie van Monterrey in 2002 hebben beloofd hun hulp op te schroeven, maar ze komen hun engagementen niet na. De "kapitaalarme" ontwikkelingslanden exporteren tegenwoordig meer kapitaal naar rijke landen dan ze ontvangen. De belangrijkste financieringsmiddelen zijn volgens deze studie de winsten die bedrijven maken en opnieuw investeren, en de beschikbaarheid van kredieten bij lokale banken. Dit is niet wat wij in 2012 zien gebeuren. Défis-Sud n° 106 analyseert de belgische samenwerking in de context van de internationale mutaties.
Onze Minister van Staat Herman De Croo zetelt in het Development Assistance Committee van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en bekent: "De 150 miljard dollar ontwikkelingshulp dreigt stilaan in het niets te verzinken tegenover de 450 miljard die migranten elk jaar naar huis sturen, de 10.000 miljard van de zogenaamde staatsfondsen en de Zuid-Zuidgeldstromen tussen zogenaamde ontwikkelingslanden waarvan China wel het typevoorbeeld is" (MO n. 58, p. 7)
In MO n. 63 van 2009 bericht dat omwille van de crisis in de economische groei van de donorlanden, hun fondsen voor de ontwikkelingslanden ook afslanken want hun bedrag bedraagt een percentage van het bruto nationaal inkomen (BNI). In december kondigde Italië reeds aan dat het zijn officiële ontwikkelingshulp met 50% zou verminderen, Ierland deed het met 10%. Ook wordt de belofte om de 0,7% te halen uitgesteld, voor Frankrijk van 2012 tot 2015. We gaan meer en meer naar een privatisering van de ontwikkelingssamenwerking zoals ook blijkt uit een artikel van Défis-Sud n° 106.
Ter herinnering: op 10 februari 2005 publiceerde de Panafrikaanse Conferentie van Kerken (AACC) een verklaring over de "Realiteit van Armoede in Afrika".
Vooreerst worden een aantal initiatieven opgesomd waaruit moet blijken dat de wereldgemeenschap niet alleen de realiteit van de armoede in Afrika erkent, maar ook dat naties en personen hun energie en hulpmiddelen concentreren om er iets aan te doen. Vervolgens worden een aantal zaken aangehaald die voor de Afrikanen duidelijk moeten zijn. Ik citeer:
a. "Zowel Afrika als de ontwikkelde wereld zijn beiden verantwoordelijk voor de Armoede van Afrika. Corruptie is algemeen verspreid in de regerings -en handelsstructuren van Afrikaanse landen. Geld dat bedoeld was om infrastructuren aan te leggen en diensten te verlenen, is in de zakken van corrupte functionarissen terecht gekomen. Het is een lange geschiedenis waarin ontwikkelde landen wrede en corrupte militaire regimes in Afrika hebben gesteund en corrupte leiders hebben geholpen. Hun posities kwamen de belangen van de ontwikkelde landen ten goede. De ontwikkelde wereld heeft Afrika lang beschouwd als een soort eigendom, waarvan de natuurlijke rijkdommen zomaar geplunderd konden worden; haar bevolking kon uitgebuit worden door lage lonen te betalen en haar ondernemende geest werd te niet gedaan door de overheersing van de multinationals. Afrika is uitgebuit door machten van binnen en door machten van buiten. Wij zijn daarom blij met de erkenning door de ontwikkelde wereld dat de armoede van Afrika een gezamelijke verantwoordelijkheid is".
Vervolgens kwamen volgende punten nog ter sprake:
b. Wij betwijfelen het - ook al wordt het telkens benadrukt - dat 'dit de laatste kans is voor Afrika'
c. We moeten volhouden om te pleiten voor schuldenkwijtschelding
d. We moeten ook doorgaan om te pleiten voor eerlijke handel
e. Verder is hulp hard nodig voor de landen van Afrika, het is een must en dan wel hulp zonder allerlei voorwaarden." (Bron: Catholic Information Service for Africa, Nairobi; cisa@wananchi.com)
REFLECTIES VAN EMERITUS AARTSBISSCHOP DESMOND
TUTU.
Desmond Tutu, winnaar van de Nobelprijs voor vrede, kampioen van de gerechtigheid,
voorheen aartsbisschop,voorzitter van de Commissie Waarheid en Verzoening,
is nog steeds zeer actief. Tami Hultman van het blad All Africa had een interview
met hem.
+ Bisschop, hoe moeten wij nu over Afrika denken?
“Wij worden overvallen door veel slecht nieuws. Dat is waar. Waar
we ook kijken – Darfur, Zimbabwe, Somalië …- zijn erge dingen
aan de hand. We kunnen soms moedeloos worden zoals de zaken ervoor staan.
Ik denk, dat we als kerk, ja, moeten erkennen dat deze erge dingen er zijn,
maar vooral naar voren brengen dat er ook veel prachtige zaken gebeuren. Zo
kunnen we lang praten over de oorlog in Irak, maar laten we niet vergeten
dat er voor de oorlog begon miljoenen mensen wereldwijd gemanifesteerd hebben
tegen de oorlog. Toen op zekere dag de wereld wilde zien hoeveel er tegen
waren, ontstond die wonderlijke wave van oost naar west en van zuid naar noord.
Denken we zo aan de massa mensen die zich inzetten voor hun medemensen die
lijden van HIV/AIDs en aan de mensen die er alles aan doen het lijden van
de mensen in Dafur te verlichten.
In onze ervaring hier met de Commissie van Waarheid en Verzoening, waar we
zwaar getroffen werden door de onthullingen van de wreedheden die tegen mensen
bedreven waren, ontdekten we hoeveel slecht we kunnen doen. Wij allemaal.
Maar een van de verrassende dingen die ik meenam van dit gebeuren, was dat
ik daar niet aan ten onder ging. Maar dat ik voorbeelden zag van ongelooflijke
edelmoedigheid van mensen, van een ongelooflijk vermogen van mensen om goed
te doen. We zijn geschapen voor goedheid. En daarom kunnen het aan als er
soms rare dingen gebeuren.
+ Bisschop, u zei meermalen heel duidelijk dat we niet moeten uitkijken naar
de VS en andere Westerse staten om ons de antwoorden te geven op onze Afrikaanse
problemen.
“Ik wil zo graag dat het Westen een beetje bescheidenheid aanleert.
Ze praten steeds over al de warboel die er in de zogenaamde ‘derde wereld’
is. Ik zou willen dat ze niet vergeten wat zij in hun eigen landen teweeg
gebracht hebben aan holocaust, dictators en oorlogen.
Maar we zijn, zoals Maarten Luther King leerde, broers en zusters, zo moeten
we samenleven, anders gaan we allemaal ten onder.”
(Bron: www.allAfrica.com 30 maart 2007)
MO n. 63, 2009, publiceert een interview met Aminata Traoré, een boegbeeld van het Afrikaanse middenveld onder de titel: "Afrikanen zijn niet arm, ze zijn beroofd". Een lezenswaardig interview, met ondermeer deze vaststellingen: "Afrika heeft tientallen briljante geesten, mannen en vrouwen met alle nodige ervaring die perfect in staat zijn creatief te denken en Afrika te herdefiniëren. Maar niemand vraagt hun advies"... en verder "Europa zou de eerlijkheid moeten opbrengen om te erkennen dat de ontwikkelingshulp van de voorbije decennia meer opgebracht heeft voor zichzelf dan voor de landen die zogezegd bezig waren zich te ontwikkelen. ...Uw belastingsgeld wordt op de eerste plaats gebruikt om de Afrikaanse leiders te vergoeden die uw elites behagen".
Deze duidelijke bewustwording wilde ik graag meegeven als achtergrond bij de lezing van volgende teksten.
Tijdens de Annual Bank Conference on Development Economics in het Egmontpaleis te Brussel sprak de Voorzitter van de Wereldbank, James Wolfensohn, met Belgische beleidsmakers over projecten in Congo en Burundi. Enkele gegevens uit zijn toespraak zijn wel interessant en kunnen als achtergrond dienen bij het lezen van de onderwerpen die hier aangekaart worden.
Volgens de Voorzitter wordt de wereld iets beter voor de allerarmsten. In de voorbije 40 jaar zijn er 400 miljoen mensen uit de bitterste armoede getild, maar het zijn vooral Azië en Latijns-Amerika die voor een kentering zorgen. Het probleem van de ontwikkelingshulp is naar Afrika verschoven. Toch blijft het inkomen van de 20 rijkste landen exponentieel groeien en verbreedt de kloof tussen arm en rijk. Tachtig procent van de rijkdom in de wereld is in handen van een zesde van de bevolking en 50% van de wereldbevolking moet het nog altijd met minder dan 2 dollars per dag doen en 25% komt niet eens aan een dagloon van 1 dollar. Een derde van de wereldbevolking heeft nog altijd geen toegang tot zuiver water, 120 miljoen kinderen kunnen nooit naar school en zo'n 40 miljoen mensen zijn besmet met HIV.
Wolfensohn zegt: "Het probleem is dat de buitenlandse politiek gebaseerd is op oorlog en terreur, niet op hulp. ... Ontwikkelingshulp moet van twee kanten komen. Ja, de rijke landen moeten meer geld voor ontwikkelingshulp vrijmaken. De 0,7% van het BNP voor ontwikkelingshulp is nog veraf en bovendien blijft dat verschrikkelijke onevenwicht bestaan: de grootste naties in de wereld geven 900 miljard euro per jaar uit aan defensie, 300 miljard aan subsidies voor hun boeren en minder dan 60 miljard euro aan ontwikkelingshulp. Keer die situatie om, en ook de oorlog tegen de terreur zou meteen een stukje makkelijker te winnen zijn. Je kunt 2000 miljard euro per jaar uitgeven aan wapentuig, maar er zal geen stabiliteit van komen als je niet tegen armoede en onderontwikkeling optreedt". (bron: Knack 19 mei 2004, p. 50-52)
In het Global Monitoring Report 2004 uitten het IMF en de WB hun bezorgdheid over de kloof van ongeveer 20 miljard dollar tussen wat de rijke landen in maart 2002 beloofd hebben tijdens de VN conferentie over Financiering voor Ontwikkeling en wat daar effectief van waargemaakt zal zijn tegen 2006. Zij beloofden namelijk een jaarlijkse stijging van 18,5 miljard dollar, maar tussen 2002 en 2003 is de hulp gestegen met minder dan 2 miljard dollar tot slechts 60,5 miljard dollar. Dat is natuurlijk een peulschil vergeleken bij de jaarlijkse 900 miljard dollar voor militaire doeleinden. Uit het rapport van het IMF over Lage Inkomenslanden blijkt de nood voor hogere subsidies zodat het IMF niet langer leningen moet toestaan die de arme landen zich nauwelijks kunnen veroorloven. Willen de acht Millenniumdoelstellingen van de VN tegen 2015 (om de wereldwijde armoede te halveren) gerealiseerd worden dan moet de hypocrisie stoppen !
In Nederland hebben een aantal NGO's het Platform Millenniumdoelen (44 organisaties) opgericht om deze zaak in de aandacht te houden met de slogan: maak het waar! Ter herinnering hier de 8 doelen:
- halvering van het aantal mensen dat in armoede leeft
- alle kinderen naar de basisschool
- gelijke kansen voor vrouwen
- kindersterfte met 2/3 verminderen
- kraambedsterfte met drievierde verlagen
- verspreiding van HIV/AIDS en malaria stopzetten
- het aantal mensen zonder toegang tot veilig drinkwater halveren
- meer hulp, het schuldprobleem oplossen en betere handelskansen voor ontwikkelingslanden.
In een interview met G. van den Boomen verklaarde Bob Goudzwaard, Lid van de Club van Rome en 'econoom van het genoeg' over de afspraken van KYOTO 2012 en de Millenniumdoelen 2015 het volgende:
"Waarom werden deze afspraken gemaakt? Dat gebeurde omdat de politici die de afspraken maakten niet de politici zijn die ze moeten uitvoeren. Als men het echt ernstig zou nemen, zou men de millenniumdoeleinden binnen vier, vijf jaar willen realiseren, zij het dan wat minder. In feite is dit misbruik maken van de goedgelovigheid van mensen. Je legt je doelstellingen in de tijd zo ver vooruit, dat iedereen denkt: hoera, we gaan de goede kant uit. En dus hoeven we er op korte termijn niets aan te doen. Ik wantrouw de politiek. We worden misbruikt. Bij die lange termijndoelen staat er niet wat er nu op korte termijn moet gebeuren" (Werkcahier n. 33, 2005, werkgroep Gerechtigheid & Vrede FDNSC - MSC Nederland, p. 13).
Vrije wereldhandel, ieder land dezelfde kansen en mogelijkheden. Het klinkt prachtig, maar ...vrijhandel gaat maar al te vaak aan de regels van duurzame ontwikkeling voorbij. In het weekend van 18-19 december 2011 vernemen we in de media dat de recente DOHA ronde mislukt is. Gelukkig dus maar dat de ontwikkelingslanden zich niet lieten inpakken door de EU. Het "Vrijhandelsverdrag EU-India is rampzalig voor de voedselveiligheid" lezen we in een bijdrage op www.DeWereldMorgen.be. Dit heeft meer en meer de zelfdoding van boeren die niet langer hun bedrijfje winstgevend kunnen houden en er niet in slagen om hun leningen van banken en particuliere financiële instituten terug te betalen. Maar er zijn niet alleen de vernietigende gevolgen voor de voedselveiligheid, ook de gezondheid van de mensen in het Zuiden is meer dan ooit bedreigd.
Surf naar:
www.vrijhandelvoorbij.nl of www.gezondheid-solidariteit.be
Op 25 april 2007 hebben de Raden van Kerken van Oost en Zuid-Afrika samen met de Bisschoppenconferenties van Oost Afrika zich beraden over de Economische Partnerschap Overeenkomsten (EPAs) tussen de EU en de ACP landen. U kan de tekst lezen op www.afrikaeuropanetwerk.nl
Op 12 mei 07 schreef het AEFJN secretariaat in Brussel hierover aan de EU ministers van Economische Zaken en Ontwikkelingssamenwerking: "Wij dringen er bij u en uw collega ministers op aan de richting van de huidige onderhandelingen te veranderen en ze te richten op ontwikkeling voor de armen en op niet-wederzijdse alternatieven in plaats van de huidige EPAs. Zo kunt u duidelijk maken dat uw dikwijls uitgesproken standpunt op waarheid berust: dat de handelsovereenkomsten die u nastreeft werkelijk instrumenten zijn voor ontwikkeling".
Maurice Oudet, Missionaris van Afrika, publiceerde als reactie een interessante commentaar, een doordenktertje "De vos nodigt de kip uit zich aan te passen aan de moderne wereld", surf naar www.abcburkina.net
Men onderhandelde dus over de Economische Partnerschaps Akkoorden. Maar de handel in Afrika moet afrekenen met problemen die deze EPA's niet zullen oplossen. Alle landen samen beneden de Sahara vertegenwoordigen op handelsgebied het equivalent van de Belgische handel. Het gebrek aan middelen manifesteert zich eveneens in het gebrek aan nutsinfrastructuur: gebrek aan wegen, havens, markten, banken, verzekeringsagentschappen, sterke regeringen en organismen die de handelswetgeving opvolgen, gebrek aan moderne technologie ... Het transport van koopwaar van Mombassa naar Nairobi is duurder dan het transport van Mombassa naar Europa ! Het akkoord van Cotonou uit 2002 verloopt einde 2007. De EU wil de vrijmaking van de handel uitbreiden verder dan de voorzieningen van de WHO en daarin ook de domeinen betrekken die de ontwikkelingslanden hadden geweigerd aan de WHO: investeringen, intellectuele eigendom, regeringsdiensten ...Een te snelle opening van de Afrikaanse markten voor de Europese producten riskeert nefast te zijn voor de landbouwers en de jonge Afrikaanse industrieën. Sinds 2002, het Akkoord van Cotonou, onderhandelen de E.U. en de landen van Afrika, de Caraïben en de Stille Zuidzee over akkoorden van economisch partnerschap die overeenstemmen met de regels van de WTO. In wezen gaat het over de oprichting van vrijhandelszones. De Europese Commissie oefent ernstige druk uit op de ACP landen (partners sterk afhankelijk van hulp!) om hun markten te openen voor de Europese goederen en diensten. Het overdreven accent op de liberalisering toont dat deze onderhandelingen vooral in dienst staan van de Europese toegang tot de markten en niet van de ontwikkeling van de ACP landen.
In MO n.46 lezen wij de commentaar van Marc Maes die bij 11.11.11 de onderhandelingen volgt: "Ik heb nog nooit een uitgeschreven Belgisch standpunt gezien. Minister Karel De Gucht vindt dat we enkel het Europese standpunt moeten kennen. Hij wil niet dat we weten welke input België heeft. Hij vreest dat de lidstaten dan tegen elkaar kunnen worden uitgespeeld. ... Meer transparantie over de Belgische rol wordt een van de hoofdeisen van de komende campagne. Hoe kunnen parlement en civiele samenleving nog invloed hebben als ze niet weten wat hun minister zegt? ... De Belgische senaat bekende wel kleur. Die stelde in een resolutie van 5 december 2006 dat de ACS-landen hun markten pas moeten openen voor de Europese concurrentie als ze vinden dat hun onderlinge regionale integratie ver genoeg gevorderd is. . Dat is een vrij radicale positie, maar houdt de regering er ook rekening mee?
De EPA's werden in december 2007 dan ook verworpen door een 40-tal ACP landen, maar dat betekent niet dat de strijd gestreden is. De Europese Commissie heeft dus een nieuwe strategie uitgedokterd: interim-EPA's. Die worden voorgesteld als licht en flexibel, maar de bepalingen blijken strenger dan wat de WHO vereist. Onder druk van de Commissie werden die akkoorden reeds door 36/77 ACP- landen getekend omdat ze vreesden anders hun preferentiële toegang tot de Europese markt te verliezen. Europa had namelijk gedreigd om vanaf 1 januari 2008 de douanerechten te verhogen voor alle exportproducten van de ACP- landen die geen interimakkoorden tekenden. Meer info op www.oxfamsol.be
Prof. Olivier De Schutter, Speciale Rapporteur van de VN voor het recht op voedsel trekt volgende conclusie: "Als de Wereldhandelsorganisatie (WTO) wil zorgen voor de ontwikkeling en de realisering van het recht op goed voedel, moet zij het eigene van landbouwproducten erkennen: het is voedsel voor mensen en deze niet behandelen als eender welk gebruiksartikel, dat verhandeld wordt. De WTO moet ook meer flexibiliteit toestaan aan ontwikkelinglanden, om de boeren daar te vrijwaren van dumping en concurrentie van de boeren van de geïndustrialiseerde landen. Zelfs als de handelsverstorende maatregelen, die vooral de rijke landen ten goede komen, afgeschaft worden en de vrijhandel dus versterkt wordt, dan zal de productiviteit van de boeren in ontwikkelinglanden toch lager blijven. Worden zij er dan minder voor betaald - zoals nu het geval is - dan betekent dit een schending van het recht op voedsel. Om het recht op goed voedsel te garanderen, moet de aandacht van de WTO zich richten op de meer dan 963 miljoen mensen die honger lijden. En 50% hiervan zijn kleine boeren, die van 2 hectare land of minder moeten leven; 20% zijn landarbeiders zonder land, 10% zijn herders en vissers en 20% zijn stedelijke armen. Elk handelssysteem dat geen rekening houdt met hen, zal niets voor hen te weeg brengen dan een verder schending van het recht op voedsel en nieuwe voedselcrisissen" (cf. www.srfood.org - 9 maart 09)
Over de Europese vrijhandelsakkoorden en het recht op gezondheid in het Zuiden schreef het Actieplatform gezondheid en solidariteit in april 2010 behartenswaardige dingen. Wim De Ceukelaire en Katrien Vervoort maakten de tekst beschikbaar op de website van het Actieplatform http://www.gezondheid-solidariteit.be
MO n. 40, 2007, meldde dat het vooruitgangsrapport
over de millenniumdoelen eind oktober klaar was en aan de voorzitters van
Kamer en Senaat bezorgd werd. Het parlement besteedde er nog geen aandacht
aan. Het rapport leert dat de 18 landen waarop België zijn hulp concentreert
lichtjes vooruit gaan.
Hiermee werd het eerste jaar afgesloten van de 2015 DE TIJD LOOPT
campagne, een samenwerking van Noord-Zuidorganisaties die de handen in elkaar
slaan om de millenniumdoelstellingen onder de aandacht te brengen. Meer info
op www.11.be voor wie het Zuiden niet wil verliezen.
Vanaf 1 juli 2010 is België voor 6 maanden voorzitter
van de EU. Het Belgisch NGO-Platform van CONCORD, waarvan 11.11.11. lid is,
formuleerde in een memorandum concrete voorstellen ivm de Millenniumdoelstellingen
zich toespitsend op 4 thema's: de financiering van ontwikkeling, waardig werk,
voedselsoevereiniteit en klimaat. Met de VN Conferentie over de millenniumdoelstellingen
van september 2010 in New York en de nieuwe klimaattop van Cancun in december
zijn er heel wat uitdagingen voor het voorzitterschap.
Hoe is het anno 2009 gesteld met de millenniumdoelstellingen? De millenniumatlas van de Nederlandse organisatie NCDO geeft een heel aparte kijk op de stand van zaken, van kindersterfte tot malaria, van armoede en honger tot handel en ontwikkelingssamenwerking. Meer info op http://www.ncdo.nl of via startpagina www.detijdloopt.be
Alle Milenniumdoelen worden volgens het UNDP negatief beïnvloed door het macro-economische beleid dat systematisch liberalisering en privatisering bevordert. Thomas Deve van UNDP is ervan overtuigd dat landbouw en industrie in Afrikaanse landen daardoor de vernieling ingaan. "Het geeft de EU landen de macht in handen om het economische beleid in die landen te bepalen ten gunste van de belangen van hun eigen grote bedrijven, die vrije toegang krijgen". Als de EU aangesproken wordt op haar melkbeleid dat vanwege de huidige overproductie een lage prijs veroorzaakt voor de voeren in de EU en een stortvloed aan goedkoop melkpoeder op de Afrikaanse markten, zodat ook de Afrikaanse boeren geen fatsoenlijke prijs voor hun melk krijgen en van de eigen markten verdreven worden, dan krijg je als antwoord: ja, dat is helaas nog even zo,maar wordt allemaal beter in de toekomst als de markt aantrekt en de EPA's afgesloten zijn. (Bron: IPS, Johannesburg, 11 april 09).
Op 9 juli 09 waarschuwden West-Afrikaanse kerkleiders hun regeringen dat de EPA's in de huidige vorm niet ten gunste zijn van hun landen en hen niet de nodige politieke en economische ruimte laten om de productie van alledaags voedsel te verbeteren nu de prijzen op de wereldmarkt stijgen. Zij sporen hun regeringen aan maatregelen te nemen die de onderlinge handel versterken. Zij herinneren hun regeringen eraan om 10% van hun nationaal budget te besteden aan de landbouw, zoals zij dat in 2001 besloten hadden. Zij vragen toegang tot het landgebruik, water en landbouwmiddelen te verbeteren voor familiebedrijgen en boerderijen van vrouwen. Zij doen beroep op de WHO om de handelsregels te wijzen zodat de eigen lokale markten open kunnen blijven voor de producten van de plaatselijke boeren en niet overstroomd worden door gesubsidieerde minder goede producten van buiten. (www. afriquejet.com/news/africa-news).
Wie precies wil weten of de wereld op weg is om de 8 VN-Millenniumdoelen voor ontwikkeling te realiseren, kan voortaan niet zonder de site www.deadline2015.be van IPS Vlaanderen. Slagen we erin tegen 2015 de armoede te halveren en elk kind naar de lagere school te laten gaan ? Is er al een vaccin tegen malaria ? Op die vragen biedt www.deadline2015.be de antwoorden.
De Global Call to Action Against Poverty, het grootste
anti-armoede netwerk tger wereld, wijst in hun verklaring "The World
We Want" (23 juni 2010) erop dat de realisering van de Millenniumdoelen
gevaar loopt door o.a. de feminisering van armoede, de steeds duidelijker
wordende gevolgen van klimaatverandering en de mondiale financiële -en
voedselcrisis. Op 23 juni 2010 presenteerde de VN Secretaris-generaal Ban
Ki-moon een VN-rapport over de stand van zaken van de Millenniumdoelen. De
toon is opvallend positief, maar hij wees ook op onevenwichtige ontwikkelingen.
De kloof tussen arm en rijk, tussen mannen en vrouwen en tussen het platteland
en de steden blijkt moeilijk te dichten. Daarnaast hebben we het komende decennium
te maken met nieuwe infectieziekten en de opmars van vormen van malaria en
andere veel voorkomende ziekten die resistent zijn tegen geneesmiddelen. Hij
kondigde een nieuw pannel aan van voormalige staatshoofden en bekende figuren
uit het middenveld om plannen te ontwikkelen om armoede tegen te gaan en politiek
draagvlak te kweken. In september 2010 wordt in New York een Millennium
Development Goals Summit gehouden waar concrete plannen zullen worden
uitgewerkt om de Millenniumdoelen te realiseren.
In een recent boek "Doodlopende hulp" pleit de Zambiaanse Dambisa Moyo voor het stopzetten van alle hulp aan Afrika aangezien die volgens haar alleen maar corrumpeert: "Een land dat afhankelijk is van buitenlandse hulp, wordt nooit volwassen. Corrupte regeringen kunnen altijd weer rekenen op nieuw donorgeld, omdat donoren vinden dat de ontvangers een beetje vooruitgang boeken en dus beloond moeten worden. En anders staat er een nieuwe hulpverlener klaar om het nog eens te proberen". De Zuid-Afrikaanse Kumi Naidoo meent dat er meer hulp moet komen die beter besteed moet worden. Hij meent dat de EU niet geloofwaardig is als ze tegelijk meer subsidie per koe geeft dan het inkomen waarmee de helft van de mensheid moet leven - en bovendien de lokale landbouw in de armere landen ondermijnt met die subsidiepolitiek. (cf. www.11.be). Op vrijdag 18 september 2009 gaat hierover een lezing door in de Vooruit in Gent.
Over de Belgische Ontwikkelingssamenwerking kan u in het maandblad MO volgende recente bijdragen vinden:
n. 23 (2005) p. 16-17 Ontwikkelingssamenwerking krimpt
n. 24 (2005) p. 16-18 het Rapport van 11.11.11. over de ontwikkelingshulp.
n. 26 (2005) p. 29 - 33 Millenniumdoelstellingen ... België laat kansen liggen.
n. 34 (2006) p. 16 - 18 Goede cijfers, schone schijn en wettelijke bezwaren.
n. 40 (2007) p. 29 - 31 Slecht rapport voor Ontwikkelingssamenwerking.
n. 84 (2011) p. 16 - 17 Daagt het einde van de traditionele hulp?
n. 85(1011) p. 17 Vlaamse ontwikkelingshulp in een oogopslag.
In 2005 verscheen een interessant boek:
DEVELTERE P., De Belgische Ontwikkelingssamenwerking, Davidsfonds, Leuven, 2005, 317 p.
Voor meer info surf naar:
www.broederlijkdelen.be
www.cidse.org; www.cordaid.nl; www.novib.nl
www.ccfd.asso.fr
www.2005.plusdexcuses.org
Ook het overdenken waard:
Jean-Claude Shanda Tonme, een specialist in internationale
wetgeving en colum schrijver in de Kameroense krant Le Messager, schreef
in een artikel dat de The New York Times en de International
Herald Tribune van 16 juli 2005 overnam een artikel met als titel
Let us Africans do the talking:
"Africa's real problem is the lack of freedom of expression, the usurpation
of power, the brutal oppression ... What is at issue is an Africa where dictators
kill, steal and usurp power yet are treated like heroes at meetings of the
African Union ... It's up to each nation to liberate itself and to help
itself ... In Africa, our leaders have led us into misery, and we need to
rid ourselves of these cancers."
In MO n. 41, maart 2007, p. 50-53 leest u een interview met de opvolger van Kard. Ratzinger:
Kardinaal William Levada: "Het Neoliberalisme vloekt met de sociale leer van de Kerk" . Het is een interview over religieus fundamentalisme en de sociale betekenis van geloof, de relatie met de Islam en de uitwassen van de globalisering.
Rechtvaardigheid is belangrijker dan hulp
U zal zich herinneren dat op te Wereldhandelsconferentie in Cancun (Mexico) de ontwikkelingslanden de onderhandelingen lieten mislukken omdat de rijke landen hun exorbitante importtarieven voor producten uit ontwikkelingslanden niet wilden herzien. Japan heft 500% taks op ingevoerde rijst. De Commissarissen Fischler en Lamy van de E.U. schreven begin mei 2004 een brief naar de WTO om te laten weten dat de E.U. bereid zou zijn drie miljard euro subsidies aan haar landbouw te schrappen, dit als uitdrukking van hun bereidheid opnieuw te praten. Dit is natuurlijk slechts oogverblinding want het totale subsidie pakket bedraagt 320 miljard dollar per jaar voor Europa, Japen en de V.S. Ook blijft het onbeperkt openstellen van de marktgrenzen buiten schot. Alleen de ontwikkelingslanden moeten hun markten laten overspoelen met dumping producten uit de zwaar gesubsidieerde, geïndustrialiseerde landbouw. Op 17 juni gaat er in Genève een nieuwe vergadering van de WTO door.
In M.O. Mondiaal Magazine n. 28 van november 2005 publiceerde Alma De Walsche een dossier "Meer vrijhandel in de landbouw produceert meer honger" (p. 29-33). Waaruit duidelijk blijkt dat de kloof tussen voedselproductie en landbouw almaar groeit en de boeren niet per se belang hebben bij meer vrijhandel.
M.O. n. 37 van oktober 2006 publiceerde een interessant dossier van Hans Van Scharen "Voedselhulp veroorzaakt armoede". Jean Ziegler, de speciale VN rapporteur over het recht op voedsel, zegt in zijn laatste rapport van 16 maart 2006 dat het absurd is dat de Millenniumdoelstelling om de honger te halveren niet gehaald zal worden als je weet dat volgens de FAO de mondiale productie van voedsel volstaat om 12 miljard mensen ruim 2000 calorieën per dag te serveren ! Het Amerikaanse Institute for Agriculture and Trade Policy schreef in haar rapport van 2005 "U.S. Food Aid: Time to Get it right" dat in Afrika ruim 200 miljoen mensen ondervoed zijn waarvan jaarlijks 40 miljoen bedreigd worden door acute hongersnood. Naar schatting heeft 28% van alle overlijdens in heel Afrika te maken met ondervoeding. Oxfam stelde in het rapport "Causing Hunger: an overview of the foodcrisis in Afrika" deze zomer: terwijl de uitgaven voor humanitaire hulp fors zijn gestegen, zijn de uitgaven voor landbouwproductie in sub-Sahara Afrika begin jaren negentig en opnieuw van 2000 tot 2002 met 43% gedaald. Niemand heeft voldoende gedaan om de basisoorzaken van honger aan te pakken. Volgens recent onderzoek van de OESO is voedselhulp duur en niet efficiënt. 90% ervan is nog altijd 'gebonden' hulp. Het voedsel moet gekocht en verwerkt worden in het donorland. Volgens de V.N. is 70% in westerse landen geproduceerd. Volgens OESO kost deze vorm van voedselhulp liefst 50% meer dan wanneer het voedsel in het ontvangende land of in een andere Afrikaanse regio gekocht zou worden. In 2007 is maïs 31% duurder geworden, soja 87% en tarme 130%. De Directeur Generaal van de FAO, Jacques Diouf zegt: In vele Afrikaanse landen zijn stakingen en voedselrellen uitgebroken, in Egypte, Kameroen, Burkina Faso, Guinee, Ivoorkust, Marokko, Mauritanië, Mozambique, Namibië, Senegal en Zimbabwe, maar ook buiten Afrika in Haïti en Indonesië, waarbij soms doden gevallen zijn. Het risico bestaat dat dit overslaat naar andere landen, waar meer dan de helft van het inkomen aan voedsel moet worden besteed. Het is een noodsituatie. ... Ik roep op tot grotere investeringen in water en infrastructuur om kleine boeren te helpen hun productiviteit te verhogen" ... De WB en IMF zijn mede schuldig doordat zij door het neoliberale landbouw -en handelsbeleid de plaatselijke regeringen gedwongen hebben de subsidies aan de traditionele landbouw te verminderen en veelal af te schaffen. In de rijke landen handhaafde men de subsidies voor de landbouw en zo konden ze goedkoop blijven exporteren op de wereldmarkt waardoor de plaatselijke boeren hun markten verloren. Ook werd steeds meer landbouwgrond in het Zuiden in beslag genomen voor agrobrandstoffen om problemen van CO2 in het Noorden op te lossen.
-- Uien in Senegal
"We komen telkens ontmoedigd terug van de markt. Het geld dat onze uien opbrengen is het zware werk ervoor niet waard", klaagt Boto Sy. Als een Senegalese uienboer kwan hij niet op tegen de lage prijs van de uien die vanuit Nederland geïmporteerd worden. Internationale handelsregels verhinderen de Senegalese regering om hun eigen markt te beschermen met importheffingen en de eigen boeren steun te geven.
-- Rijst in Honduras
"Vroeger groeide hier overal rijst, zover je kon kijken. En zou weer moeten gebeuren", zegt Maria Marcos Riveira. In 1990 produceerde Honduras 50.000 ton rijst per jaar. In 2001 was dit vanwege de geweldige invoer teruggevallen tot 7000 ton. Vroeger werden de rijstboeren door de regering gesteund en controleerde zij ook de rijstinvoer. Maar hier kwam een einde aan toen zij leningen vroegen van de WB en het IMF. Een van de voorwaarden was dat zij deze steun en marktbescherming zouden stoppen. Zo werden de markten van Honduras sinds 1990 overstroomd met zwaar gesubsidieerde rijst uit de V.S. Een voor een zijn toen de kleine boerenfamilies zoals Maria Marcos Riveira met hun rijstproductie gestopt. In plaats daarvan gingen zij hun eigen eten verbouwen om te kunnen overleven.
Door de voorwaarden die aan de landen in het Zuiden opgelegd worden als zij leningen vragen bij WB en IMF of verdragen afsluiten moeten deze landen bezuinigen op alle steun die zij hun boeren geven en moeten zij hun grenzen openstellen voor de import uit andere landen, die zelf hun eigen boeren wel blijven beschermen. (bron: www.april2005.org)
-- Vis in het Victoriameer
Sinds half augustus is er in cinemazalen een documentaire te zien van Hubert Sauper waarin hij de nieuwe wereldorde aan de kaak stelt. Hij laat zien hoe globalisering een situatie in de hand werkt waarin een bevolking wordt veroordeeld tot armoede, prostitutie en drugverslaving, terwijl doorvoede Westerlingen haar producten consumeren en wapens aanvoeren.
Wetenschappers zetten in de zestiger jaren bij wijze van proef de nijlbaars uit in het Victoriameer, in het hart van Afrika. Deze vis vermenigvuldigt zich zo snel dat hij bijna alle inheemse vissoorten uit het meer verdringt. Er ontstaat een bloeiende visindustrie, maar niemand van de plaatselijke bevolking rond de stad Mwanza in Tanzania kan zich deze dure Nijlbaars veroorloven. Terwijl dagelijks honderden tonnen Nijlbaarsfilet naar Europa en Japan gevlogen worden, bereidt de bevolking zich een karig maal van restafval en viskoppen. Ondertussen voeren de vliegtuigen die de vis komen halen wapentuig en ammunitie Afrika binnen. (bron: www.darwinsnightmare.com; mei 2005).
-- Vis in Senegal
70% van de proteïne voor de bevolking van Senegal kwam van vis. Een op 6 Senegalezen werkte vroeger in de visserij, 2/3 hiervan waren vrouwen. De afgelopen 30 jaar ging het alsmaar slechter wegens overbevissing. In 1979 sloot de EU een akkoord met Senegal dat toeliet dat Europese vissers daar kwamen vissen en tussen 1994-2005 viel de opbrengst van de Senegalese vis terug van 95.000 naar 45.000 ton en daalde het aantal Senegalese vissersboten er met 48%. Daarom wilde in 2006 de Senegalese regering het akkoord met de EU terecht niet verlengen. Maar de vissers uit Frankrijk en Spanje zijn slimmer en registreerden hun boten in Senegal en kochten quota's van plaatselijke vissers. Op zee laadden ze de Senegalese v is van plaatselijke boten over en brachten hun lekkere vis naar de EU. Arme Senegalezen ... weg is de vis (cf. Nieuws van Her en Der, n. 117).
-- Reuze garnalen in Thailand en Bangladesh
Op zondagavond 6 juli 09 werd in Terzake een documentaire uitgezonden door Vranckx: "Viskwekerij als antwoord op overbevissing". Hierin werd duidelijk dat de viskwekerij de goudmijn van de toekomst wordt en daarin heel veel kapitaal geïnvesteerd wordt, niet alleen in Europa. De film ging ook over de landen die hier massaal tijgergarnalen invoeren zoals Thailand en Bangladesh en lieten ook zien hoe de kleine landbouwers ginder van hun gronden beroofd worden door criminele kapitalisten die deze gronden inpalmen om er visvijvers of kwekerijen van te maken waarin tijgergarnalen worden gekweekt maar waarvan de plaatselijke boer alleen maar arm wordt omdat hij zijn landbouwgrond verloor en nu slavenarbeid moet gaan verrichten aan een hongerloon ofwel zijn gezin van honger zien omkomen! Oh, wat zijn ze lekker mijnheer ... die reuze scampi's ...
- Europees varkensvlees in Afrika
De Europese boterberg van voorbije decennia is nog niet vergeten of wij krijgen weer hetzelfde met varkensvlees. In 2007 werd teveel varkensvlees geproduceerd in Europa en dus besloot de Commissie dit in koelinstallaties op te slaan als reserve en in december 07 besloot zij exportsubsidies te verleden aan 0,54 euro de kilo, mits het vlees op buiten de EU markt verkocht werd. Dus, nadat de Afrikaanse markten met kippenbrokken werden overstroomd en de plaatselijke markten kapot gemaakt werden, worden nu Afrikaanse veeboeren bedreigd in hun bestaan. De lobbyorganisatie APRODEV die samenwerkt met de Wereldraad van Kerken roept dus de EU op te stoppen met het dumpen van varkensvlees op de Afrikaanse markten waar het met 21% is toegenomen. In 2007 werd in totaal 146.000 ton gedumpt, vooral in Ivoorkust, Congo-Kinshasa, Ghana, Angola en Liberia aan 50 eurocent/kilo. (gelezen in n. 112 "Nieuws van her en der" van Afrika-Europa Netwerk. Nu er opnieuw melk -en boteroverschotten zijn worden deze ook weer gedumpt op de markten in het Zuiden. Telkens opnieuw herhalen wij wetens en willens de fouten uit het verleden en daaruit kan men maar één conclusie trekken: onze politici willen geen duurzame ontwikkeling in het Zuiden en willen geen rechtvaardige handelsverhoudingen, altijd is het hemd nader dan de rok en al de rest is oogverblinding of rethoriek waar het Zuiden geen snars beter van wordt.
Daarom vraagt het Netwerk Geloof en Gerechtigheid Afrika - Europa (AEFJN) de totale herziening van de neoliberale handelspolitiek ten opzichte van de ontwikkelingslanden.
Niet te vergeten dat Paus Paulus VI in zijn encycliek Populorum Progressio van 1967 zich reeds richtte tegen het heersende liberale model van de moderne economie: "Het is hoogst ongelukkig dat in onze wereld een systeem opgezet is dat winst maken tot het hoofdmotief maakt voor economische vooruitgang, competitie tot opperste wet van de economie, en privaat eigendom van productiemiddelen tot een absoluut recht dat geen grenzen kent en geen sociale verplichtingen heeft. De economie moet ten dienste staan van de mensheid. Het welzijn van mensen moet daarin centraal staan en niet de mammon, het geld".
Verdere info gepubliceerd door Groupe de Travail Cotonou en Confédération des ONG d'Aide et de Développement Européennes en hun document "Pourquoi l'Approche des Négociations Commerciales Régionales, adoptée par l'UE est mauvaise pour le Développement": http://www.epawatch.net/general/start.php
Uit de Nieuwsbrief van AEFJN n. 22 van april 2008 onthouden wij:
De algemene voedselsituatie in Afrika is alles behalve gunstig aangezien de stijging van de voedselprijzen. Ook al was er een wereldproductie van graangewassen die voor 2007 door de FA0 op 2,1 milliard ton wordt geraamd, of 4,6% meer dan in 2006, de graanprijzen blijven de hoogte in gaan, terwijl de wereldvoorraden slinken ten gevolge van de verhoogde vraag. De verhoogde vraag ligt aan 2 factoren:
- de voederbedrijven voor dieren kennen een verhoogde vraag omdat er meer vlees verbruikt wordt
- de productiebevrijven voor biobrandstof vragen meer en meer graangewassen.
In januari 2008, is de gemiddelde exportprijs van graan op de wereldmarkt 81% hoger dan in 2007, deze van maïs is het hoogste van de laatste 10 jaar. Deze prijzen worden beïnvloed door:
- de hoge petroleumprijs
- de lage dollarkoers ten opzichte van andere munten
Heel wat landen dreigen daardoor in ernstige moeilijkheden te komen. U kan hierover meer lezen op een aantal websites: www.westafricaclub.org; www.fao.org; www.wfp.org
Op 2 juni 2008 schreef de krant De Standaard dat de prijzen van sommige landbouwproducten in snel tempo aan het dalen zijn met het oog op de recordoogsten die in het vooruitzicht worden gesteld. Niet te vroeg juichen !
Er is trouwens heel wat reden tot ongerustheid omdat de aarde opwarmt aan een sneller tempo dan de wetenschappers voorzien hebben met nog ongekend impact op het milieu en de menselijke populatie. Een volledig rapport over Climate change, development and energy problems is nu beschikbaar op
http://www.earthlife.org.za/wordpress/wp-content/uploads/2009/02/cc2
Op de Synode voor Afrika in oktober 2009 riepen de bisschoppen op:
- "deze Synode roept met hoogdringendheid alle regeringen op er zich van te verzekeren dat hun burgers beschermd zouden zijn tegen een onrechtmatige verwijdering van hun grond et van de toegang tot water, die essentiele goederen zijn voor de menselijke persoon" (voorstel 30)
- dat de onderhandelingen over de ontvreemding van gronden zouden gevoerd worden op een transparante manier en met deelneming van de plaatselijke gemeenschappen die erdoor kunnen getroffen worden;
- dat de voedselproductie bestemd voor de uitvoer de voedselveiligheid en soevereiniteit niet in het gedrang zou brengen evenmin als de noden van de komende generaties;
- dat de traditionele grondrechten zouden gerespecteerd en erkend worden door de wet.
Tot slot moet vermeld worden dat de 30 miljoen Afrikanen die geëmigreerd zijn naar andere landen in 2010 zo maar eventjes 30 miljard dollar naar hun thuislanden stuurden, volgens een onderzoek van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank en de Wereldbank.(bron: www.afrika.no 14 april)

Vandaag leven meer dan 6 miljard mensen op de blauwe planeet. De vraag naar zoet water neemt dubbel zo snel toe als de groei van de wereldbevolking. Zal er voldoende water voorhanden zijn in de toekomst? Nu reeds heeft 1 miljard mensen geen toegang tot veilig drinkwater. Dat staat te lezen in de nieuwste editie van het Wereldwaterontwikkelingsrapport van de V.N. Deze en andere heikele vragen snijdt PROTOS aan in een nieuwe brochure: "Water en landbouw in een internationaal perspectief". U kan deze bestellen op tel. 09/235.25.10
Ook KWB publiceerde een speciaal nummer "Water het blauwe goud" in maart 2010 naar aanleiding van Wereldwaterdag op 22 maart, met ook handige tips om watervoorspilling tegen te gaan. In 2011 had deze dag als thema "Water voor de steden: de uitdaging van de stad beantwoorden". In OKRA Magazine n. 4 van mei 2012 wijdt Liesbet Walckiers een bijdrage aan "Het blauwe goud". De wereldvraag naar biobrandstof en voedselgewassen stijgt. Soja en maïs zijn verschrikkelijke waterslokoppen. Maar ook de asperges in Peru en de snijbloemen in Colombia leggen een zware druk op de waterhuishouding. Meer dan een vijfde van de waterconsumptie wereldwijd gaat naar exportproducten. Er moeten dus structurele maatregelen komen en de problemen moeten grensoverschrijdend worden aangepakt. De conflicten over de stuwdammen op de bovenloop van de Mekong, op de Brahmaputrarivier en de Indus tonen dit zeer goed aan. Het bekendste geval is Israël dat water als politiek wapen gebruikt tegen de Palestijnen. Volgens een rapport van het Franse parlement gebruiken de 450.000 joodse kolonisten meer water dan de 2,3 miljoen Palestijnen.
Op 28 september 2011 was er een nieuwe resolutie (A/HRC/RES/18/1) van de Raad van Mensenrechten (VN) die als een nieuwe stap op weg naar het fundamentele recht op water moet beschouwd worden. Deze resolutie kwam er hoofdzakelijk dank zij de inzet van de onafhankelijke experte Catarina de Albuquerque die er de lidstaten van overtuigde verder te gaan. Zij vindt het alarmerend dat ieder jaar 1,5 miljard kinderen onder de 5 jaar sterven tengevolge van "water-ziekten".
Het Alternatief Wereld Forum zal van 12 tot 17 maart 2012 een grote burgerbijeenkomst organiseren in Marseille, naast het Wereldforum voor Water dat daar gesponsord wordt door Veolia en Suez. Het Europees Onderzoek Centrum voor Waterbeleid (IERPE), onder bezieling van Riccardo Petrella, stelt voor beroep te doen op het Europees burgerinitiatief om de wijziging te bekomen van de EU Kaderrichtlijn. Cf. (http://www.ierpe.eu/articles.php?ing=fr&pg=10)
Van 17 tot 22 maart 09 ging in Istanbul het 5de Wereldwaterforum door, georganiseerd door de Wereld Water Raad die zetelt in Marseille en 300 leden telt uit 60 landen. In de slotverklaring wordt geen melding gemaakt van de felle debatten, of water een menselijk recht is of iets dat verhandeld kan worden zoals olie, gas of goud. Water wordt slechts een menselijke behoefte genoemd. Er werd vooral opgeroepen dat er nieuwe en adequate geldmiddelen beschikbaar zouden gesteld worden en dat men zich moet voorbereiden op de klimaatveranderingen. Privatisering van water stond centraal. Er werd ook een alternatieve slotverklaring aangenomen door 20 (vooral ontwikkelings-) landen en daarin werd gesteld dat: "wij erkennen dat toegang tot water en sanitaire voorzieningen een mensenrecht is en zullen er alles aan doen om dit tot uitvoering te brengen". Het EU parlement en de voorzitter van de vergadering Miguel D'Escoto Brockmann sloten zich daarbij aan en de laatste verklaarde: "Water is een gemeenschappelijk ergoed van mensen en natuur, een mensenrecht. We mogen water niet zien als koopwaar dat gekocht en verkocht wordt op de open markt, en alleen beschikbaar is voor mensen die geld hebben" . Een miljard mensen ontberen immers nog steeds toegang tot zuiver drinkwater (Bron IPS Hilmi Toros 22 maart; AEN n. 131). Het netwerk AEFJN riep op om de oproep te ondertekenen tot de V.N. om dit recht als artikel 31 toe te voegen aan de Universele Verklaring van de Mensenrechten: cf. www.article31.org
We zijn dus nog niet veel verder dan de 4de top die in Mexico plaats vond. Hoewel de regeringsvertegenwoordigers het eens waren met het principe dat toegang tot water een mensenrecht is, kwam er in de slotverklaring slechts te staan dat "water een levensgarantie is voor alle mensen". Want het als mensenrecht vastleggen zou teveel legale problemen kunnen veroorzaken. In een annex bij de verklaring kreeg op aandringen van enkele Zuid-Amerikaanse landen het water als mensenrecht wel een plaats en werd ook gesteld dat landen het recht hebben zelf over waterdiensten te beslissen. De UNESCO die deelnam aan de conferentie legde in een aparte verklaring ook vast dat de toegang tot water een mensenrecht is, en voegde eraan toe dat alle landen, die leden zijn van de V.N. en haar verdragen ondertekend hebben, de morele plicht hebben dit te erkennen. (www.eluniversal.com.mx). Bolivië is het eerste land dat een minister heeft voor water !
De Algemene Vergadering van de VN keurde op 28 juli 2010 een resolutie goed die het recht op veilig zuiver water en op sanitaire voorzieningen als een mensenrecht erkent. Hoewel de resolutie niet bindend is, heeft ze toch een grote politieke betekenis. De resolutie was ingediend door Bolivia, met Yemen als co-sponsor. 122 landen stemden voor. Er waren geen tegenstemmen, maar 41 onthielden zich waaronder de VS, Canada, Turkije, Israël, GB en Nederland, argumenterend dat dit het werk van de experte Catarina de Albuquerque binnen de VN Mensenrechtenraad in Genève ondermijnt. Haar rapport wordt verwacht in 2011. Het feit dat de suggesties vanuit de EU niet waren opgenomen werd betreurd. In maart 2010 erkenden de 27 lidstaten van de Unie impliciet het recht op water. Volgens PROTOS spelen bij het debat ook verborgen agenda's een rol. Zo zijn er enkele rijke landen die overwegen om hun watervoorraden als een basisgrondstof tegen betaling aan te bieden, wat in dit debat over mensenrechten vrij contradictoir is. (cf. www.un.org/News/Press/doc/2010/ga10967.doc.htm)
Water is leven en waar het ontbreekt doen honger, ziekten en miserie hun intrede. De V.N. schatten dat 80% van de ziekten in de ontwikkelingslanden voortkomen uit vervuild water. Ten andere, 2,5 miljard mensen zullen in 2025 geen toegang hebben tot drinkbaar en zuiver water. Voor een duurzame ontwikkeling is water en de beveiliging van de ecosystemen van essentieel belang. Wie echter moet het water controleren?
De Synode van Afrikaanse Bisschoppen van 2009 spreekt ook het probleem in voorstel n. 30: "Buitenlandse en plaatselijke investeerders buiten schaamteloos grote oppervlaktes van vruchtbaar land en watergebieden uit in vele Afrikaanse landen. Zo beroven en verdrijven zij de armen en hun gemeenschappen die vaak machteloos staan tegenover deze 'agressie'. Daarom doet de Synode dringend beroep op alle regeringen erover te waken dat al hun burgers beschermd zouden zijn tegen onrechtmatige verdrijving van hun gronden of beroving van hun toegang tot water, twee onontbeerlijke goederen voor de menselijke persoon.
Paus Benedictus XVI van zijn kant is duidelij: "Vandaag wordt water beschouwd als een goed dat speciaal beschermd moet worden door een duidelijk nationaal en internationaal beleid. Het moet gebruikt worden volgens redelijke criteria, die zijn: solidariteit en verantwoordelijkheid. Watergebruik, dat wordt gezien als een universeel en onvervreemdbaar recht, hangt samen met de dringende en toeneembare noden van hen die in armoede leven. Menmag niet vergeten dat onvoldoende toegang tot drinkbaar water het welzijn van een aanzienlijk aantal personen aantast en vaak oorzaak is van ziekten, lijden, conflicten, armoede en zelfdoding"
De Millenniumdoelstelling voor de ontwikkeling n. 7 wil uitdrukkelijk het aantal mensen dat geen duurzame toegang heeft tot gezond en drinkbaar water halveren gtegen 2015 ! Nu beschikt 1,1 miljard personen niet over drinkbaar water. Ten tijde van de SAP's werden regeringen opgelegd openbare dienstverleningen zoals gezondheidszorg, onderwijs en water te privatiseren. Water werd een bron van inkomsten voor multinationals zoals SUEZ, VEOLIA, THAMES WATERn SAUR die de markt voor 80% in handen hebben. Voortaan moest er voor water betaald worden zoals voor voedsel en in de praktijk veroorzaakte deze privatisering een slechte bevoorrrading, hoge kosten en een bedenkelijke kwaliteit van het drinkwater.
Tegen 2020 kunnen 75 tot 250 miljoen Afrikanen af te rekenen krijgen met toenemend watergebrek. Volgens Ger Bergkamp, directeur-generaal van de Wereldwaterraad, is er niet alleen meer samenwerking nodig tussen alle betrokkenen, maar "er moet een nieuwe cultuur rond water groeien, als een waardevolle grondstof en de hoeksteen van duurzame ontwikkeling". De landbouw moet hierbij centraal staan want wereldwijd gaat 90% van het water naar de landbouw. Om één kg. rundsvlees te produceren, is 16 keer meer water nodig dan voor één kg. tarwe. Noord-Amerikanen en Europeanen verbruiken per dag en per persoon ongeveer 5000 liter water door wat ze eten. In Afrika en Azië, waar minder vlees wordt gegeten, bedraagt dat verbruik maar 2000 liter. Heel de wereld staat voor een watercrisis, zegt Mark Smith, hoofd van het Waterprogramma van de Internationale Unie voor Natuurbescherming. De droogte wordt heel erg in landen als Spanje, Australië en Californië. Californië, op vier na de grootste economie ter wereld, dreigt tegen het einde van de eeuw grote stukken landbouwgrond te zien veranderen in woestijngebied. (cf. www.11.be/index - Waterschaarste bedreigt ook rijke landen).
In de meeste Afrikaanse landen wordt de distributie van water geregeld door staatsbedrijven of verenigingen van locale gemeenschappen. De Wereldbank (WB) en de multinationale ondernemingen kopen bronnen en waterconcessies. Vanuit hun standpunt is het water een investerings –en speculatieobject waarvan zij de privatisering beogen. Recent heeft de directeur van het water –en energiedepartement van de WB verklaard dat het niet denkbaar was leningen toe te staan voor water en sanitaire installaties in Afrika zonder daarbij de privé-sector te betrekken. Het IMF heeft de schuldvermindering en herschikking opgeschort in landen die er niet geneigd zijn vlug tot deze gewenste privatisering over te gaan.
In maart 2001 is de prijs voor het water in Ghana verdubbeld! Maar, 35% van de Ghanezen heeft geen toegang tot drinkbaar water, 60% verdienen minder dan 1$ per dag en 40% leven onder de armoedegrens. Gelokt door een belofte van schuldvermindering tot 67% van de IMF-schuld voor de volgende 20 jaar en van 49% in de 8 volgende jaren heeft Ghana in februari 2002 het programma onderschreven voor de landen die zwaar in de schulden zitten. U leest er meer over op www.ghanaweb.com/public.agenda/article.php?ID=1548
Enkele maanden voordien had Ghana met het IMF het programma onderhandeld voor reductie van de armoede waarin ook de voorwaarden voor nieuwe leningen staan. Volgens dit akkoord heeft de regering aanvaard alle subsidies voor water en elektriciteit te schrappen et tarieven op te leggen (automatisch gekoppeld aan de monetaire fluctuaties) zodat alle exploitatiekosten van deze openbare diensten gedekt zijn. Dit soort strategie gaat meestal aan privatisering vooraf. De beschikbaarheid van drinkbaar water, broodnodig voor de gezondheid van eenieder, is een publieke verantwoordelijkheid. In Ghana, zoals in andere Afrikaanse landen, is water een koopwaar geworden niet langer in het bereik van de armen.
De twee belangrijkste transnationale maatschappijen die het water opkopen zijn in Frankrijk gevestigd: Vivendi en Suez. Deze twee reuzen verdelen onder elkaar reeds 40% van de markt van waterdistributie en bedienen ieder zowat 110 miljoen verbruikers. Suez is werkzaam in 130 landen en Vivendi in meer dan 100. De inkomsten van deze 2 maatschappijen overstijgt de 70 miljard $. Volgt op de derde plaats de Duitse firma RWE die de Britse Thames Water opkocht.
Op de website www.detijdloopt.be kan u onder de titel "Openbaarheid van bestuur legt privatisering waterdistributie New Delhi bloot" lezen hoe het avontuur verder gaat en wij hier toch te maken hebben met een cruciaal probleem in vele ontwikkelingslanden. Click op www.11.be en bij "water" zal u nog meer vinden...
Lees er meer over: www.servicesforall.org ; www.oxfamsol.be; www.watervooriedereen.be
Reeds in 1998 schreef de visionair Ricardo Petrella, Le Manifeste de l’eau. Pour un contrat social.
Nu eerst iets over een meer fundamenteel recht, nl. de beschikbaarheid van water. Hoe zal er nog landbouw mogelijk zijn op onze planeet met haar 6,5 miljard bewoners indien er een waterschaarste ontstaat of indien men rijk moet zijn om aan water te geraken? Om te kunnen ‘boeren’ moet men ook over water kunnen beschikken ! Lac Tchad staat bijna droog ...
In juli 2010 verklaarde de VN dat "water essentieel is om te kunnen genieten van het recht op leven". In oktober 2010 nam de Raad voor de Mensenrechten een resolutie aan die de verplichtingen van de Staten erkent tot het eerbiedigen van de rechten op water en sanitaire zorg.
De 2 miljard inwoners van de 49 armste ontwikkelingslanden beschikken niet over 50 liter water per dag om aan essentiële behoeften te voldoen, terwijl in de ontwikkelde landen men tot 400 liter water per persoon, per dag verbruikt! In de meeste Afrikaanse landen bedraagt dit slechts 20 liter per dag.
Het Netwerk Geloof en Gerechtigheid Afrika – Europa (AEFJN) gelooft dat het water een goed is van openbaar nut en dat de beschikbaarheid ervan een fundamenteel recht is. Dit recht waarborgen is een taak van de overheid en de uitbating van het water moet dus een optie van de overheid zijn. Wanneer men dit overlaat aan de marktmechanismen, na een privatisering, dan zal de duurzame ontwikkeling zwaar onder druk komen te staan. Daarom maakt AEFJN voor 2008 het thema 'water' tot een belangrijk actiepunt, met name het belang van en de hinderpalen voor een rechtvaardige voorziening van drinkwater, vooral in Afrika.

Van 1981 tot 1990 riepen de VN een internationaal decennium uit van drinkbaar water. Staan we in 2009 zoveel verder?
Van 16-23 maart 2003 werd in Kyoto het mondiaal forum over het zoetwater gehouden.. Wij kunnen ook alvast zelf de waterverspilling te lijf gaan in ons huis, in onze buurt en bijdragen tot bewustwording van velen.
Op deze conferentie bracht de vertegenwoordiger van de H. Stoel onder meer volgende beschouwingen:
1. Toegang tot zuiver en voldoende water is een mensenrecht. Water is een publiek goed voor alle mensen. Dit maat samenwerking aan een goede waterpolitiek met prioriteit voor armen noodzakelijk. De waterleiding maatschappijen in vele ontwikkelingslanden zijn helaas nog steeds niet in staat om voor veilig water te zorgen. De situatie is zo ernstig, dat die alleen verbeterd kan worden met buitenlandse ontwikkelingshulp en gerichte particuliere investeringen. Fondsen die vrijkomen door kwijtschelding van schuld zouden goed gebruikt kunnen worden om de watervoorziening te verbeteren.
2. Privatisering en het 'algemeen welzijn'. De benadering van water als koopwaar en gebruiksgoed, verhandelbaar op de (wereld)markt, is een gevaarlijke opvatting. Het principe dat een scheppingsgoed het algemeen welzijn dient, betekent, dat alle volken en naties, inclusief toekomstige generaties, er een fundamenteel recht op hebben. Plaatselijke besturen en plaatselijke gemeenschappen moeten in staat gesteld worden om de watervoorziening in eigen hand te nemen. Watermanagement dient een gezamelijk gedragen verantwoordelijkheid te zijn van gebruikers, plannenmakers en politici op alle niveaus. Het voornaamste doel is om een watervoorziening te scheppen op basis van particulier initiatief die efficiënt is en betrouwbaar en niet leidt tot negatieve gevolgen voor armen en gezinnen met een laag inkomen.
U kan ook het dossier (28 p.) aanvragen dat dit deel uit het actieplan 2003 van AEFJN uit de doeken doet (beschikbaar in Engels of Frans) : www.aefjn.org.
In maart 2004 publiceerde AEFJN een update over het voorstel van de Europese Commissie om een "Europese Faciliteit voor Water bestemd voor de AKS landen" te scheppen. Het komt erop neer dat de Commissie de privé sector zou subsidiëren om in de landen van Afrika, Karaïben en de Stille Zuidzee de privé investeerders aan te moedigen om de openbare sector van watervoorziening voor hun rekening te nemen. Privé investeerders hebben per definitie de bekommernis om winst te maken en zullen dus met een minimum aan kosten een maximum aan winst willen realiseren. Deze investeerders, de praktijk op de Fillipijnen en elders wijst het uit, concentreren zich op de stedelijke bevolkingen die de kostprijs voor water dadelijk zien stijgen. Meer rurale gebieden zijn uitgesloten. De Overheid kan dan eventueel leningen aangaan om sociale projecten te financieren (nieuwe schulden!) ofwel in andere budgetten snoeien (gezondheid, onderwijs, landbouw). Dit voorstel van de Commissie legt praktisch de aanbeveling van het Parlement van september 2003 naast zich neer. AEFJN vraagt aan de Commissie het ontwerp te herzien en doet vier suggesties opdat het voorstel zou tegemoet komen aan de ontwikkelingsdoelstelling geformuleerd in 2000.
In AEFJN - Forum for Action n. 39 p. 6-7 lezen wij dat in meerdere Afrikaanse landen private maatschappijen zich reeds hebben terug getrokken uit de projecten: onder meer in Gambia, Ghana, Guinea, Kenya, Mozambique, Zuid - Afrika en Zimbabwe.
Een nieuw Mondiaal Forum vond zoals hoger vermeld plaats in MEXICO van 16 - 22 maart 2006. U kan voor info hierover surfen naar www.blueplanetproject.net of www.worldwaterforum.org
In juni 2003 heeft de groep Ecologie van de Religieuze Instituten een brochure gepubliceerd "Soeur Eau". Deze brochure kan bekomen worden in het Frans, Engels, Italiaans en Duits:www.ofm-jpic.org/aqua.
In Nederlandse vertaling bij de Afrika-Europa Netwerk antenne Nederland: mafr.cor@planet.nl
De Nederlandse antenne "Afrika-Europa Netwerk" publiceerde in april 2005 een themabrief "Water is leven" (8p.). Eveneens in maart 2007 (n.12) "Watercrisis in Afrika: gevolgen voor natuur en mens" (8 p.).
Bezoek de website www.afrikaeuropanetwerk.nl
Op het Wereldsociaalforum in Porto Alegre in 2008 was de Braziliaanse bevrijdingstheoloog Marcele Barros diegene die samen met de hoger vermelde UCL professor Riccardo Petrella de thematiek van het water behandelde. U kan de benadering van deze Benedictijn nu ook lezen:
BARROS M., De spiritualiteit van het water, Altoria, Averbode, 2005, 188 p.
Op de bijeenkomst van de
Wereldraad van Kerken in Porto Alegre in februari 2006 werd er eveneens aandacht
besteed aan het recht op water. Opmerkelijk was ook de verklaring dienaangaande
van de oecumenische patriarch Bartholomeos van Constantinopel,
alias "de groene patriarch", drong erop aan dat in de verklaring
"Water voor Leven" benadrukt wordt dat water nooit als een privé-eigendom
mag behandeld worden. Hij onderstreepte ook dat onverschilligheid tegenover
de levensnoodzakelijkheid van water een belediging is van God en een misdaad
tegen de mensheid.
In de verklaring van de Wereldraad van Kerken worden lidkerken en de oecumenische
partners opgeroepen om zich voor de wereldwijde bescherming van de waterbronnen
in te zetten. Ze worden ook opgeroepen juridische instrumenten en mechanismen
te ontwikkelen, waarmee het recht op water als een elementair mensenrecht
op lokaal, nationaal, regionaal en internationaal niveau gegarandeerd wordt.
Er wordt ook aangedrongen op een versterking van het "Oecumenische Waternetwerk"
en initiatieven die de plaatselijke bevolking aanzetten op een meer verantwoordelijke
wijze met het beschikbare water om te gaan. Tegelijk worden regeringen en
internationale hulporganisaties opgeroepen zich prioritair te buigen over
programma's die de toegang tot water en de ontwikkeling van sanitaire voorzieningen
verzekeren.
surf naar www.polarisinstitute.org/water
Op de Synode voor Afrika in oktober 09 (Rome) riepen de bisschoppen op "dat het water niet zou uitgebuit worden als een koopwaar uit het privaat economisch circuit zonder aandacht voor de belangen van het volk ..." 'cf. supra)
Op 10 september 2010 hebben het Institut Européen de Recherche sur la Politique de l'Eau (IERPE) en Kreativa een Europese Campagne 2009-2012 gelanceerd met het oog opeen burgerinitiatief dat de verandering moet bekomen van het DCE, eerste beschouwing en artikel 8 over de erkenning van het water als algemeen goed, patrimonium van de mensheid en alle andere levende soorten.
De multinationals vandaag pogen het 'groene goud', de ontzaggelijke biologische rijkdom van de continenten te verwerven door patenten. Eens te meer betalen zij minder dan niets. Missionarissen promoten een Afrikaanse Patentwetgeving waardoor traditionele gemeenschappen beschermd zullen worden tegen biopiraten.
Op 10 mei 2000 had een groep Indische boeren de tranen in de ogen wanneer de rechter bij het Europese Patentbureau in München hen gelijk gaf in hun conflict met de Amerikaanse chemische firma W.R. Grace en het U.S. Landbouwministerie. De Amerikaanse firma wilde een patent verkrijgen op het gebruik van de olie uit de Neemboom, die als pesticide kan gebruikt worden. Wat behoorde tot de gewone kennis van India wilde de firma gebruiken voor het eigen exclusieve commerciële gebruik. Zo probeerden ook twee Amerikaanse wetenschapslui van Indische afkomst een patent te bekomen op de medische eigenschappen van de Tumerik plant. Deze werden reeds opgesomd in oude manuscripten in het Sanskriet. Andere voorbeelden kunnen nog gegeven worden.
Waarom deze wereldwijde wedloop voor genetisch materiaal, voor het 'groene goud'? Omdat er beloftevolle hoge winsten mee gemoeid zijn. Hoge winsten met nieuwe medicamenten en genetische gemanipuleerde gewassen. Het gaat om een machtsstrijd. Als alles naar wens verloopt kunnen een handvol multinationals de controle over de zaadproductie bekomen en wereldwijd in enkele jaren de landbouwers van hen afhankelijk maken. Wat vandaag gebeurt gelijkt erg op de koloniale verovering door Europa. In de plaats van ontdekkingsreizigers zijn het nu wetenschapslui die Afrika afschuimen op zoek naar zeldzame planten en organismen. Deze biologische exploitatie is niet langer ondersteund door soldaten en geweren, maar door advocaten en het meester-wapen TRIPS (Trade-related Aspects of Intellectual Property Rights). Een internationale overeenkomst van de WHO, die overal in de wereld patentrechten wil gerespecteerd zien, zelfs patenten op levende organismen. Op zich dient een patent om de creatieve uitvindingen te beschermen, maar patent op levende organismen is iets heel anders! Is het gerechtvaardigd patent te nemen op iets wat God voor het welzijn van iedereen schonk? Is het fair om de traditionele wetenschap van andere volkeren over de geheimen van de natuur die zij ontdekten, te claimen zonder compensaties? Het is bio-piraterij.
In het Model van Afrikaanse wet worden patenten op levende organismen verworpen als tegengesteld aan de Afrikaanse cultuur en mentaliteit en stipuleert dat firma's die genetisch materiaal uit Afrika willen gebruiken een juiste compensatie moeten betalen. Tien jaar geleden werd hiertoe reeds besloten in de Conventie over Biodiversiteit (Rio de Janeiro), maar nooit in praktijk gebracht. Een Canadese organisatie RAFI heeft berekend dat de huidige prijzen voor genetisch materiaal uit het Zuiden zou kunnen gekocht worden voor zo'n US$ 10 miljoen per jaar. De farmaceutische industrie alleen maakt een jaarlijkse winst van zo'n US$ 30 miljard met planten uit het Zuiden.
Vele lobbygroepen in de wereld willen protesteren tegen deze uitbuiting en langs alle wegen deze Afrikaanse Modelwet promoten, niet in het minst bij de Commissies Gerechtigheid en Vrede in Afrika, opdat de regeringen zouden onderdruk gezet worden om alzo de laatste grote bron van rijkdom voor Afrika te beschermen ten bate van de komende generaties. Voor meer info en actie voorstellen zie: http://www.aefjn.org/eng/welcometoaefjn.htm#3
In Curitiba (Brazilië) heeft in maart 06 een VN Conferentie plaats gevonden over bio-diversiteit. Gelukkig werd het voorstel het moratorium op Terminator zaad te beëindigen verworpen. "Dit is een belangrijke dag voor de 1,4 miljard mensen die afhankelijk zijn van de zaden die door hen overgehouden worden van hun oogst om volgend jaar opnieuw te zaaien", zei Fr. Rodriguez van Via Campesina. "Terminator zaad is zaad dat door genetische manipulatie gesteriliseerd wordt, zodathet slechts een keer gebruikt kan worden en na de oogst niet opnieuw kan gezaaid worden. Elk jaar moet dan opnieuw zaad gekocht worden. Terminator zaad is een aanval op onze voedselsoevereiniteit. Het bedreigt ons leven, onze cultuur en onze identiteit als inheemse volkeren", verklaarde Viviana Figuerora van Ocumazo in Argentinië.
Deze beslissing is dus een overwinning voor alle groepen uit de burgerlijke maatschappij (ook AEFJN) die hiervoor gelobbyd hebben (cf. www.banterminator.org).
En toch ... Machtige bedrijven in de VS hebben op 20 mei 09 een "Verbond voor Innovatie, Ontwikkeling en Werk" opgericht met als enig doel te lobbyen om de strenge patentrechten op het gebied van energie, milieuduurzaamheid, geneesmiddelen en technische informatie onverminderd te handhaven. Dit levert hen miljarden op, maar belet dat ontwikkelingslanden voldoende voedsel en geneesmiddelen kunnen aanschaffen om de honger en HIV/AIDS, malaria, tuberculose en andere ziekten te bestrijden. (cf. www.cepr.net).
De consequenties van dit alles laat zich voelen in heel gevoelige dossiers zoals voor de toegankelijkheid van basismedicamenten.Voor hen die in arme Afrikaanse landen lijden aan malaria, Aids, TBC (longtuberculose) - drie gesels voor deze tijd - blijft de toegang tot goedkope d.w.z. generische basismedicijnen problematisch.
In India bestaan meerdere bedrijven die generische geneesmiddelen produceren, welke onontbeerlijk zijn bij de behandeling van deze ziekten. Deze medicijnen hebben dezelfde samenstelling als de originele merkproducten maar zijn veel goedkoper. Zij zijn na een onderzoek van de Wereld Gezondheids Organisatie (WGO) erkend als conform aan de WGOnormen voor een goede medische praktijk. Zij zijn reeds op grote schaal in gebruik in Afrika.
Voortaan echter wordt India door de Wereld Handels Organisatie (WHO) beschouwd als een opkomend land, zodat vanaf januari 2005, het zich moet houden aan de regels van de WHO, onder meer wat betreft vergunningen, d.w.z. betaling van intellectueel eigendom van de uitvinder. Generische medicijnen waarvoor een internationale firma een brevet heeft genomen in India, kunnen dan niet meer aan gunstige voorwaarden worden uitgevoerd naar Afrikaanse landen, waar die nochtans dringend nodig zijn.
Het Parlement van India heeft nu een wet gestemd waarbij het volledig akkoord gaat met de regels van de WHO, maar onder voorbehoud: de medicijnen die van vitaal belang zijn bij de bestrijding van de drie vermelde ziekten, mogen verder worden uitgevoerd met een verplichte automatische vergunning, mits een financiële tegemoetkoming voor de transnationale bedrijven die reeds een gedeponeerd brevet hebben op deze medicijnen.
De NGO's van de hele wereld - ook AEFJN - hebben gereageerd en druk uitgeoefend op de regering van India, opdat het de regels van de WHO niet zou aanvaarden. Het voorbehoud, dat het Indiase Parlement heeft gestemd, beantwoordt dus gedeeltelijk aan de bezorgdheid van de NGO's. Het is nu afwachten welke de reactie zal zijn van het WHO en de transnationale farmaceutische bedrijven.
Anderzijds zou er voor de minst ontwikkelende landen van Afrika geen toegang meer zijn tot nieuwe basismedicijnen, inentingen en laboratoriumtests voor de drie ziekten, indien de transnationale farmaceutische bedrijven aan de Indische bedrijven, die de goedkope generische varianten produceren, niet zouden toelaten deze producten te vervaardigen
DE BOSSEN IN AFRIKA
De teloorgang van het Amazonewoud is genoegzaam bekend. Over het regenwoud in Afrika wordt maar bitter weinig gesproken. Reeds in de jaren '79 - '80 toen ik nog in Iyonda woonde aan de boord van de Congostroom zagen wij vele kubiekmeters bomen stroomafwaarts naar Kinshasa stromen. De bomen kwamen uit de streek van Basankusu waar de firma Danzer een grote houtconcessie had. Op 11 april 2007 lanceerde Greenpeace een noodkreet: "Bosindustrie buiten controle in RDC. De Wereldbank uitgedaagd om de plundering te stoppen" (cf. www.greenpeace.org/congoreport; www.greenpeace.org/france/compaigns/forets).
In Kameroen, op reis in het bisdom Bertoua (oosten), richting Gabon, wordt het reizen haast onmogelijk gemaakt door de grote kamions met oplichters (grumiers) die het hout vervoeren naar Douala. Een heel gebied wordt ontbost ... en de herbebossing gebeurt nauwelijks.
In Congo zorgt tot hiertoe de oorlog en de gebrekkige haveninfrastructuur ervoor dat er niet veel meer dan 500.000 m³ geproduceerd wordt. In Kameroen en Gabon gaat het over 2 à 3,5 miljoen m³ per jaar. Congo beschikt over veruit de grootste wouden van Afrika, over heel zoet water en een enorme diversiteit aan planten en dieren. Voor de meerderheid van de bevolking is van het woud afhankelijk voor het overleven. En toch ... De zagerijen in Kisangani zijn in volle heropbouw. De NGO Great Lakes Human Rights Program publiceerde op 29 maart 2006 een rapport De kettingzaag bedreigt het Congolese woud, waaruit blijkt dat overal strategische posities worden ingenomen zodat met de eventuele terugkeer van de politieke stabiliteit na de verkiezingen, de bosontginning echt kan herleven. Op 14 mei 2002 werd immers een moratorium van kracht en werden vele concessies vervallen verklaard. De nieuwe boscode die nu van kracht is wil dat de concessies worden toegekend via een transparante aanbestedingsprocedure en dat de uitbaters sociaal-economische infrastructuren opzetten ten bate van de lokale bevolking. De Wereldbank zorgde voor een belastingshervorming zodat de oppervlakte taks wordt opgetrokken van 286 dollar per 200.000 hectaren in 2003 naar 100.000 dollar tegen 2007. Als er tijdig uitvoeringsbesluiten komen dan wordt een duurzame bosexploitatie mogelijk. Er blijft echter nog veel te doen want de plaatselijke autoriteiten staan vaak aan de kant van de bosontginners in plaats van de bevolking te helpen voor hun rechten op te komen. (meer info in Mondiaal Magazine n. 33, 2006, p. 28-32). De massale ontbossing bedreigt uiteraard ook de biodiversiteit. Mondiaal Magazine n. 41, 2007, publiceert op p. 6-7 een nieuw artikel over de bossen van Congo met de provocerende vraag: "Is duurzaam bosbeheer wel mogelijk in Congo?".
Op 5 juni 2007 publiceerde Congo Forum een artikel "De Congolese bossen: de toekomst van onze planeet"? cf. www.congoforum.be
In maart 2010 was Mgr Fridolin Ambongo, voorzitter van de Commissie JP in RDC op rondreis in Europa om te onderzoeken hoe de verschillende aanbevelingen van de Synode voor Afrika (oktober 2009) kunnen verwezenlijkt worden. In een interview verklaarde hij: "Zowel binnen als buiten Afrika moeten wij de aasgieren aanpakken, die maken dat onze bevolking niet kan genieten van al de rijkdommen uit onze landen... België zou gebruik kunnen maken van zijn voorzitterschap van de EU om te pleiten voor een internationaal juridisch kader in verband met het gebruik en de uitbating van de natuurlijke hulpbronnen". De plundering van het tropisch woud gaat immers onverminderd door. Op de herstelde asfaltweg Kinshasa-Matadi rijden tientallen zware vrachtwagens met enorme boomstammen naar de haven voor export naar het Noorden. Greenpace bij een enquête in de Antwerpse haven ontdekte dat de boomstammen er worden ingevoerd door de Libanese maatschappij I.T.B.
en Brazilië
"Het Amazonebekken is een gegeerd reservoir in de stormloop op grondstoffen, energie, land en water. Zowel voor het woud als voor zijn bewoners lijkt het einde van een tijdperk nabij", zo lezen wij in MO n.59, p. 31. In totaal is meer dan 688.000km van het Amazonewoud - een derde van de totale oppervlakte - in exploitatie of exploratie. In meer dan 180 concessies zijn 35 multinationals werkzaam. De illegale houtkap gaat onverminderd door. Uit een nieuw rapport blijkt dat 1/5 van de gekapte bomen in het Amazonewoud uit beschermd gebied komt waar houtkap verboden is. Het behoud van het Amazonewoud is van vitaal belang, als habitat voor de inheemsen, omwille van de biodiversiteit en als groene long van de planeet. Volgens het Kyotoprotocol kunnen rijke landen hun teveel aan CO2 - emissies compenseren door bijvoorbeeld te investeren in herbebossing, maar dit is omstreden. De onderhandelingen in Kopenhagen en Poznan moeten meer duidelijkheid brengen over de ruil van bomen en bosbeheer voor emissiekredieten.
en Ecuador
Piet Boedt woont sinds 2005 als medewerker van Broederlijk Delen bij de partnerorganisatie Accion Ecologica. Als informaticus ondersteunt hij er het netwerk OILWATCH. "De oliesector vervuilt de rivieren, rooit bomen in het Amazonewoud en houdt geen rekening met de lokale bevolking", zo rapporteert hij voor Plan+Zuid n. 23. Accion Ecologica verstrekt de lokale bevolking in haar verzet tegen niet duurzame projecten. Dit is echter niet gemakkelijk want de oliebedrijgen en de regering beheersen de media. Zij zwijgen de schade dood. De staat haalt immers 1/3 van zijn inkomsten uit de oliewinning. Afschoon Accion Ecologica vorig jaar onrechtmatig werd opgeheven, is het dank zij internationaal protest nu terug aan het werk.
MO*PAPERS publiceerde een interessante studie van International Food Policy Research Institute The Economist op www.mo.be/index.php?id=403 getiteld Is dit nieuwe kolonisering? Buitenlandse investeringen in landbouwgrond in de ontwikkelingslanden.(vertaling van Emiel Vervliet). De studie maakt duidelijk dat landen die kapitaal exporteren maar voedsel invoeren, hun landbouwproductie gaan 'uitbesteden' aan landen met weinig kapitaal maar veel grond. In plaats van voedsel te kopen op de wereldmarkt, kopen of huren regeringen of bedrijven met politieke vrienden en veel invloed landbouwgrond in het buitenland, waarop ze voedsel produceren en naar het moederland verschepen.
BELGISCHE KIPPEN IN KAMEROEN : CHICKEN DUMP
"Dynamiques paysannes" (SOS Faim) publiceerde over diepgevroren kippen in Afrika. De invoer van deze kippen in Kameroen is geanalyseerd geworden door twee plaatselijke verenigingen SAILD en ACDIC. Ziehier enkele bevindingen. Op diverse markten werden door een deurwaarder 200 stalen opgehaald en een analyse door het Institut Pasteur in Yaounde heeft vastgesteld dat 83,5% van de stalen niet conform waren aan de microbiologische criteria en dus niet gepast voor consumptie. De minimum eisen voor bewaring zijn onvoldoende. 15% van de stalen was ook besmet met salmonella bacterie.
De economische en sociale gevolgen van de massale invoer van diepgevroren kippen zijn enorm omdat niet alleen de plaatselijke kippenkwekers getroffen worden maar evenzeer een aantal nevenactiviteiten verdwijnen. In 1994 importeerde Kameroen ongeveer 60 ton pluimvee. In 1996 werd het lid van de WTO en ging de markt open. Tussen 2000 en 2003 is de nationale kippenproductie gedaald van 21.000 ton (= 60% van de behoefte) naar 13.000 ton. Voor 2003 betekende dit een verlies van zo'n 16 millioen euro. In 2003 voerde Kameroen 22.153 ton pluimvee in! 92% van de lokale producenten ging failliet. Een bloeidende sector bloedt dood want 110.000 werkplaatsen verdwenen, hoofdzakelijk op het platteland en het land besteedde € 15 millioen om te importeren wat het voorzien zelf voortbracht ! Heerlijke globalisering ...
Sinds vier jaar groeit het invoervolume in Zwart Afrika (behalve Zuid-Afrika) jaarlijks met 18,4%. De EU is de belangrijkste acteur en 87% van de Europese export van pluimvee was diepgevroren in 2003. België en Nederland nemen 62% van het totale volume voor hun rekening. Sinds 2000 werden de douanerechten door de West-Afrikaanse economische Unie teruggebracht van 60 naar 20% want de markten moeten vrij worden ... In mei 2003 verklaarden 35 landbouworganisaties uit Afrika, Azië en Europa in Dakar: " de eerste eis van solidariteit is te voorkomen dat de uitvoer de interne markten van andere landen komen destabiliseren. ... Men moet alle vormen van dumping uit de wereld helpen" (cf. volledige tekst www.sosfaim.be)
Weet u wat er in Ghana is gebeurd? "omdat Ghana met hetzelfde probleem van import van stukken kip te maken had, stemde het Ghanese parlement een wet om het land hiertegen te beschermen. De wet zou de importheffingen weer invoeren, ter bescherming van de eigen kippenboeren. Deze zouden van toepassing zijn op de invoer van stukken kip, die hier gedumpt worden. Men wilde het land en de kippenboeren zo beschermen tegen een grote onrechtvaardigheid. Maar de wet is door de president ter zijde gelegd onder druk van de Wereldbank en het IMF" (cf. www.abcburkina.org)
In Ghana zijn de boeren hun kippen in het parlement gaan afgeven om te eisen dat er een wet zou komen die de nationale kippenproductie zou beschermen. De E.U. heeft druk uitgeoefend op president Kuofor om deze wet niet te ondertekenen. Uiteindelijk heeft de E.U. aanvaard de wetgeving aan te passen en nu zijn de buitenlandse invoerders van pluimvee verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun producten tot bij hun aankomst bij de consument en dat niet alleen in de E.U. maar ook elders in de wereld.
Schepen beladen met ingevroren kippenbrokken varen regelmatig van de Nederlandse Eemshaven naar West Afrika. Opgestapeld in grote containers zijn blauwe dozen met kippenmagen uit Zevenhuizen, oranje dozen met kippenpoten uit Nunspeet en gele dozen met kippenvleugels uit Epe. “We verschepen meer kip dan enig ander bedrijf hier in het land, zegt iemand van Socar, het Nederlandse bedrijf in Lelystad, tevens eigenaar van de terminal in de Eemshaven. Wekelijks 10 tot 20 containers kip, rundvlees en varkensvlees, maar 80% is kip. Wij zijn 10 jaar geleden begonnen met vervoer naar Ghana, om de export te verzorgen voor de Gecombineerde Pluimvee Slachterijen in Nunspeet. De meeste van de 150.000 kippen die er dagelijks geslacht worden gaan naar verschillende Europese landen, maar de goedkopere stukken gaan naar Afrika”. “Europese consumenten verkiezen de duurdere kippenfilets boven de goedkopere kippenpoten vanwege de botjes, zegt iemand van Kühne & Heitz in Rotterdam, een andere grote exporteur van kippen naar Ghana. Wij betrekken onze kippen van 5 verschillende bedrijven in het land”. Volgens het Nederlands Landbouwkundig Instituut voor Economisch Onderzoek komt een derde van de Europese kippenexport uit Nederland. (Bron: www.corpwatch.org/article.php?id=12394 Juli 2005)
De diepgevroren kippen zijn slechts een schoolvoorbeeld van wat er op landbouwgebied staat te gebeuren als de markten worden vrijgemaakt ! Begin 2005 is er onderhandeld over de regionale economische partnerschap overeenkomsten tussen EU en AKP landen. Deze landen zullen een strategie moeten ontwikkelen om niet door Europa, WB, IMF en WTO verpletterd te worden. De EU handelcommissaris Mevr. Danuta Hübner (Polen) heeft nu reeds de regio van Zuidelijk Afrika uitgedaagd in te stemmen met een agressieve vrijhandelsagenda:
"Onze onderhandelingen moeten het bedrijfsleven overtuigen, het gaat niet alleen om de ambities van de politici. Er mogen geen taboes zijn. Behalve de handel in diensten, denk ik er aan ook nieuwe onderwerpen op de agenda te zetten, zoals het beleid over de concurrentie of de bescherming van de intellectuele eigendomsrechten" (cf. www.actsa.org).
GOED NIEUWS
Ten gevolge van de internationale actie die de "chicken dump" in de aandacht bracht en de actie van ACDIC (Beweging van Burgers ter verdediging van de Gemeenschappelijke belangen) in Kameroen vernemen wij volgend goed nieuws:"Het is fantastisch: onze campagne tegen de import van gesubsidieerde kippen uit Europa heeft resultaat gehad! Door een wet van het Ministerie van Financiën moeten vanaf 1 januari hoge invoerrechten betaald worden naast de BTW en de douanekosten. De BTW op de plaatselijke kippen is bovendien opgeheven. Verder is de invoer van kippen tot einde maart beperkt tot 5000 ton. Als de plaatselijke kippenboeren er intussen in slagen aan de vraag te voldoen, wordt de import vanaf april helemaal stop gezet. Dat is prachtig nieuws!"
En toch. In Nieuws van Her en Der n. 57 van 15 februari 2006 lezen wij dat de EU haar subsidie voor de uitvoer van kippenbrokken met 8,6% heeft verhoogd zodat het overschot op de Europese markt sinds de vogelgriep weer kan gedumpt worden op de wereldmarkt. Rond Kerstmis kwamen er weer containers goedkope ingevroren kippenbrokken toe in Kameroen. De minister Aboubadar Sarki verwees naar de eindejaarsfeesten om de beslissing te verantwoorden. Op 17 januari organiseerden ACDIC een manifestatie in Yaounde. De voorzitter Bernard Njonga: "Deze beslissing zet de deur weer open voor de corruptie en voor een stroom kippenbrokken die onze markten zullen overstromen". Surf naar: www.abcburkina.na en www.europeanvoice.com
Op de website www.11.be lezen wij in maart 2007:
Afrika is een belangrijke internationale afzetmarkt voor kippenbouten en andere goedkope kippendelen. Kippenboeren uit de EU, de VS en Brazilië verkopen het makkelijk te bereiden borstvlees in rijke landen; een groot deel van de bouten, vleugels en andere delen met botjes gaan naar Afrika. Daar wordt het ingevoerde kippenvlees verkocht tegen bodemprijzen waarmee Afrikaanse kwekers meestal niet kunnen concurreren. In veel landen is de lokale kippenproductie daardoor in elkaar gestuikt.
Landen als Kameroen en Nigeria hebben de voorbije jaren geprobeerd de invoer van kippenvlees aan banden te leggen om lokale kwekers de kans te geven weer overeind te krabbelen. Maar andere landen, waaronder Ghana, Togo en Sierra Leone, bleken niet bij machte de import te stoppen.
Cees Vermeeren, de vertegenwoordiger van de Vereniging van Kippenverwerkers en Kippenhandelaars van de EU in Brussel, vindt dat het probleem van de gebrekkige koeling van importvlees in Afrika door regeringen van de betrokken landen moet worden aangepakt. “Maar exporteurs hebben er belang bij dat hun producten goed worden behandeld en misschien kunnen ze dus wel helpen. Afrikaanse producenten van kippenvlees zouden overigens ook voordeel doen bij betere koelinstallaties.”
De Europese Unie heeft zich geëngageerd de arme ontwikkelingslanden in Afrika, de Cariben en de regio van de Stille Oceaan te helpen hun infrastructuur te verbeteren zodat ze beter kunnen deelnemen aan de wereldhandel. In dit geval kan de EU die belofte waarmaken door te investeren in betrouwbare vriesinstallaties en betere transportmogelijkheden.
“De enige manier waarop de
armste landen het kunnen opnemen tegen agressieve exporteurs is zichzelf beter
organiseren en hun interne markt te versterken”, oordeelt Thijs Berman,
een Nederlandse Europarlementariër die in het landbouwcommissie van de
instelling zetelt. “Daar horen vriesinstallaties voor de vleessector
bij, maar ook betere havens, spoorwegen, wegen en zelfs breedbandinternet.”
IPS MDG8 (PD)
Gedurende de veertigdagentijd werkt Broederlijk Delen rondom het thema duurzame ontwikkeling. In 2004 was de leuze "De Andes wil groeien", vorig jaar dan was de leuze "Congo wil groeien". Dit jaar 2006 is het thema "Het Zuiden wil groeien". Uiteraard leest u er meer over op de website www.broederlijkdelen.be
Op www.11.be lazen wij voor u deze tekst geplaatst door 11.11.11
Op 14 maart 2007 maakte de spraakmakende Oostenrijkse filmdocumentaire ‘We feed the world’ zijn entree in de cinemazalen. De film ontrafelt het verhaal van de voedselindustrie en roept veel vragen op. Waarom moet bijvoorbeeld een simpel product zoals een tomaat drieduizend kilometer reizen voor het op ons bord terecht komt? De Landbouw 2015-campagne stelt alvast grote vragen bij ons huidig landbouwbeleid dat te veel de belangen van de agro-industrie verdedigt.
Een tomaat is rood, een kuikentje geel en een aubergine rond. Natuurlijk! Maar is het wel zo? Voedsel is voor ons zo alledaags dat we er niet meer bij stilstaan. De overvloed in onze winkelrekken lijkt zo vanzelfsprekend, 365 dagen per jaar. Weten wij eigenlijk nog hoe ons voedsel geproduceerd wordt? De film We feed the world licht een tip van de sluier. Met eenvoudige vragen voert regisseur Erwin Wagenhofer, ons mee naar de haast ondergrondse wereld van de geglobaliseerde voedselproductie.
Ondanks zijn vrij neutrale toon is de film confronterend. ‘We feed the world’ voert je via een tomaat, een kip of een aubergine mee in een soms huiveringwekkende productieketen. Gaandeweg beland je in een systeem van massaproductie voor massaconsumptie. Een technologisch landbouwsysteem gericht op goedkope, massale, haast éénvormige en vooral gestroomlijnde productie. Overvloed en verspilling aan de ene kant. Honger aan de andere kant… Zeg me wie kan eten?
De film laat zien hoe het Amazonewoud voor de bijl gaat om onze kippen te voeren. Onze voedselproductie is niet langer verweven met lokale gemeenschappen, want het zijn migranten uit Oost-Europa of Afrika die de tomaten in Spaanse serres plukken. Zij verlieten hun land omdat ze er niet meer konden leven van de landbouw.
‘We feed the world’, dat klinkt de grote baas van Nestlé als muziek in de oren. Maar is er ondertussen nog toekomst voor de kleine boer in Roemenië? Goedkoop voedsel heeft een prijs voor onze planeet. Willen we die prijs wel betalen?
Daar stelt zich ook het probleem van de genetische manipulatie van de landbouwgewassen. In maart 2008 zond ARTE een film uit "Le monde selon Monsanto, de la dioxine aux OGM, une multinationale qui vous veut du bien" de Marie-Monique Robin. Surf naar http://www.arte.tv/fr/Video/1912698.html Er is een heruitzending voorzien op 30 maart 08. Alle info op deze website van ARTE. Mosanto is aanwezig in 46 landen en wereldleider inzake genetische manipulatie en uiterst efficiënt in manipulatie van regeringen ... Er is in de EU ook een nieuwe wet in voorbereiding cf. http://www.aefjn.org/index.php/info-384/articles/proposition_CE_juillet_2010.html
Nadenken over duurzame
landbouw
Thierry Kesteloot is woordvoerder van de coalitie Landbouw 2015. “Wie
wat produceert en hoe ons voedsel geproduceerd moet worden, kan niet zomaar
overgelaten worden aan de regels van de markt en aan de belangen van de
agro-industrie. Goedkoop voedsel produceren gaat ten koste van de tewerkstelling
en het milieu. Het biedt ook geen oplossing voor de honderden miljoenen
boeren die aan honger lijden. Wij pleiten voor meer landbouwbeleid hier
en in het Zuiden.”
Met knap beeldmateriaal legt We Feed the World de vinger op de wonde van de geglobaliseerde voedselproductie. Tegelijk is de ambitie van de documentaire beperkt. Er is geen enkele aanzet tot oplossing, en daar komt de campagne Landbouw2015 om het hoekje kijken. “Hoe krijgen we een landbouw die het milieu niet schaadt en het Zuiden geen nadeel berokkent. Rond die vraag werken wij.”
Een vraag met politiek belang, want de Europese Unie bereidt momenteel een toekomstvisie voor op de landbouw ná 2013. “En vergeet niet dat er nogal wat handelsakkoorden in de maak zijn, zowel binnen de Wereldhandels-organisatie als op regionaal vlak. Die hebben flink wat impact op de landbouw", aldus Thierry Kesteloot. Tijd voor debat dus en de film levert daarvoor voldoende stof.
Deze bioscoopdocumentaire wordt gesteund door de coalitie Landbouw2015 .De coalitie is een samenwerkingsverband tussen een 20tal Noord-Zuidorganisaties, de milieubeweging en de boerenorganisatie VAC (Vlaamse Agrarisch Centrum).
Op 1 maart 09 kwamen Afrikaanse boeren en parlementsleden naar Brussel om te overleggen met het EUparlement over een herziening van de handelsakkoorden. "De zogenaamde EPA's die de EU voorstelt als instrumenten voor ontwikkeling, zijn in werkelijkheid verregaande vrijhandelsakkoorden. Hiermee doet de EU niets anders dan zijn eigen economisch beleid opdringen. Er is geen sprake van partnerschap. Afrika kan niet voor zichzelf kiezen". Naast de parlementsleden waren de boeren aanwezig omdat 60-70% van de Afrikaanse bevolking van de landbouw leeft, vaak op kleine familiebedrijfjes. Zij verklaarden:
"Wij willen steunmaatregelen voor onze lokale economieën, kleine landbouw en jonge industriebedrijven, en wij willen onze markten beschermen tegen de gesubsidieerde dumping van producten uit Europa, zoals die nu regelmatig plaats heeft, waardoor onze eigen producten van onze markten verdrongen worden. Zoals de EU een deel van haar productie subsidieert, willen wij als tegenwicht exporttarieven berekenen voor onze grondstoffen om onze economie te kunnen versterken. Want de Afrikaanse landbouw en industrie zijn veel zwakker dan de sterke Europese. Ook hebben wij problemen met de kwaliteitseisen die aan onze producten gesteld worden. Dikwijls beschikken we nog niet over de nodige middelen en kennis van zaken om die standaarden te garanderen. Onze belangrijkste eis is: eerlijke handel". (www.mo.be)
De FAO hernieuwt een internationaal engagement met 18 prioritaire activiteiten om beter de vegetale diversiteit te sturen als basiselement in de strijd tegen de armoede en om de voedselveiligheid te versterken tegen de bedreiging door de klimaatveranderingen. Een van de belangrijkste oorzaken van het verlies aan diversiteit ("genetische erosie" genoemd) is de vervanging van de plaatselijke variëteiten door de zogenaamde 'moderne' variëteiten. Andere oorzaken zijn de degradatie van de omgeving, de urbanisatie, de ontbossing (cf. http://www.fao.org/news/story/fr/item/113740/icode/)
Globalisatie: bron van rijkdom in het Zuiden?
Wij weten allemaal al wel dat plattelandsontwikkeling het middel bij uitstek is om armoede te bestrijden en de lokale voedselzekerheid te garanderen.
De vrijmaking van de wereldhandel wordt door beleidsmakers veel te vaak voorgesteld als hét zaligmakende middel voor armoedebestrijding en ontwikkeling. De naakte economische cijfers spreken dit echter tegen. De handel op lokale markten is 2,5 keer groter dan het totale volume van de wereldhandel. Het gaat hier ruwweg over een omvang van 13 triljoen US dollar. Kijken we naar de wereldhandel in landbouwproducten, dan is ook daar de omvang beperkter dan doorgaans wordt gedacht: 90% van de voedselproductie is bestemd voor lokale consumptie. Tarwe is het enige voedselgewas dat de 10% overschrijdt, rijst haalt maar 6%. Producten die wel voor het grootste deel op de wereldmarkt worden verhandeld, zijn de zogenaamde cash-crops of opbrengstgewassen zoals koffie (80%), thee (40%), katoen, sojabonen en suiker (elk 30%) en bananen (20%).
Hoe klein het volume ook is in verhouding met de lokale consumptie, het is de prijs op de wereldmarkt die bepalend is. Bijvoorbeeld: een Filippijnse boer die rijst teelt voor de lokale productie, raakt die rijst niet kwijt aan de fatsoenlijke prijs, omdat in de winkels veel goedkopere Thaïse rijst wordt aangeboden. Hij moet dus onder de kostprijs verkopen, dus verlies maken. Omdat de prijs bepaald wordt door de wereldmarkt, is de lokale productie zeer kwetsbaar in confrontatie met de economische reuzen die, nadat de handelsbarrières gesloopt zijn, de lokale markten overspoelen met goedkope import. De teloorgang van de werkgelegenheid en de duurzame lokale productie is het gevolg. De transnationale ondernemingen (uit de geïndustrialiseerde landen) zijn de overwinnaars.
Een studierapport van J. Mandeley voor een aantal Zweedse NGO's is nogal onthutsend. Er werd onderzocht wat de effecten van de vrijhandel waren op het leven van mensen in 39 landen van Afrika, Azië, Latijns-Amerika en Oost-Europa. Dit rapport wijst uit dat er een direct verband is tussen enerzijds het openen van markten en het wegwerken van handelsbarrières en anderzijds de toename van armoede, werkloosheid, ongelijkheid en voedselonzekerheid op het platteland. De vrijmaking van de wereldhandel zoals die wordt opgelegd door de Wereldhandelsorganisatie heeft enkel voordelen voor de rijken en de transnationale ondernemingen, terwijl ze de armen nog kwetsbaarder maakt. Reeds meermaals gaven de anti-globalisten of de anders-globalisten deze boodschap!
De lokale markten moeten dus beschermd worden om armoede tegen te gaan. De armste ontwikkelingslanden mogen dit doen als overgangsmaatregel. In Doha (2001) werd afgesproken hierover te onderhandelen in de volgende gespreksronde (2007).
Door de 'Development Box' kregen in Doha de ontwikkelingslanden een aantal uitzonderingen en extra tijd. De belangrijkste opties hierin zijn:
- Maatregelen moeten een weerslag hebben op de meest kwetsbare groepen in de samenleving en regeringen moeten gesteund worden om zich hierop te richten;
- maatregelen moeten voorrang geven aan de eigen voedselproductie en de afhankelijkheid van voedselimporten beperken;
- maatregelen moeten een beleid van armoedebestrijding mogelijk maken, door tewerkstelling te scheppen of te bestendigen op het platteland, en door interne handel te promoten.
De resultaten van de WT0 conferentie van 13 - 18 december 2005 in Hong Kong bracht niet veel soelaas voor de ontwikkelingslanden. The Africa Trade Network gaf volgend commentaar op 20 december:
"De EU en de VS hebben ons weer een 'ontwikkelingspakket' aangeboden. Dat deden ze ook in Uruguay in 1994 om ons toen over te halen 'ja' te stemmen. Maar van die beloften kwam nooit iets terecht. Ook nu hebben ze ons weer gemanipuleerd. Het aanbod van de VS voor vrije toegang van onze katoen en voor technische hulp staat in geen verhouding tot de enorme verliezen voor miljoenen katoenboeren. Ook de vrije toegang voor onze landbouwproducten is een eenzijdige beslissing van de EU, de VS e.a.; dat kunnen ze manipuleren zoals het hen uitkomt. Het aanbod van toegang tot geneesmiddelen is ingewikkeld en moeilijk gemaakt om de belangen van hun farmaceutische industrie veilig te stellen. Hun hulp voor handel is erop gericht, niet zozeer om onze capaciteiten te verbeteren, maar om ons klaar te stomen om nog meer liberalisering, wat we niet willen. Het pakket maatregelen is erop gericht ons te verdelen, en beter te kunnen heersen..." (cf. www.tralac.org)
Een samenvatting van de resultaten van de WTO conferentie:
1) Exportsubsidies: alle vormen voor exportsubsidies voor landbouwproducten (EU) zullen voor einde 2013 afgeschaft zijn. Mits tegelijkertijk alle andere vormen van steun voor export (VS), staatshandelsondernemingen (Australië en Nieuw Zeeland) en voedselhulp (VS) die ook dumping veroorzaken op de wereldmarkt, afgeschaft worden en daarover moet nog onderhandeld worden.
2) Interne steun: ontwikkelingslanden mogen zelf een aantal speciale producten beschermen met invoerrechten ten bij teveel import-dumping zich beschermen, maar het "hoe" hiervan moet nog bepaald worden.
3) Katoen: alle exportsubsidies (VS) zullen in 2006 afgeschaft worden en dan zal de katoen uit het Zuiden zonder invoerrechten toegang hebben tot de markt om er te concurreren met goedkopere VS katoen omwille van de interne steun aan de katoenboeren.
4) Vrije markttoegang voor de minst ontwikkelde landen vanaf 2008 voor 97% van hun landbouwproducten. Maar onder de 3% overige producten zitten juist katoen en rijst !
5) Handelshulp voor de ontwikkelingslanden, nog te bepalen in 2006
6) Toegang tot medicijnen: de bepalingen zijn zeer ingewikkeld en de voorstellen van de ontwikkelingslanden werden resoluut afgewezen door de rijke landen.
"World Economic Outlook" . In dit rapport publiceert het IMF een beetje goed nieuws voor Afrika. Voor het deel van het continent beneden de Sahara verwacht het IMF voor 2004 een economische groei van 4,5% en voor 2005 zelfs 5,4%. De toenemende olieproductie in Angola, Tchad en Equatoriaal Guinea zijn daarin belangrijke factoren. Ook de betere oogsten in Ethiopië, Zambia en Malawi zijn belangrijk. Daarentegen is er weinig groei in Guinee Bissau (1%), Gabon (1,5%), Swaziland (1,5%), Ivoorkust (1,7%). In Zimbabwe is er een inkrimping van de economische activiteit (-5,2%) en ook op de Seychellen (-2%).
VRT journalist Dirk BARREZ publiceerde een boek met als titel Koe 80 heeft een probleem, Epo, Berchem, 2007, 252 p., 19 euro en DVD 25 euro. Hierin vertelt hij het verhaal hoe kleine boeren in landen zoals Brazilië en Senegal worden fijngemalen tussen industriële landbouwbedrijven en de groot distributie van de grote ketens zoals Carrefour en Wal-Mart.
In juni 2008 was er de FAO top in Rome die vastliep op de tegenstand van enkele wereldleiders die vooral de belangen van de agro-industrie verdedigden. De EU muntte alleen uit in beloften. Olivier De Schutter, VN rapporteur voor het recht op voedsel, voorspelde op basis van de vooruitzichten reeds een nieuwe voedselcrisis. Op de top van 16-18 november 09 over Voedselveiligheid werd geen overeenstemming bereikt over een concrete agenda om de toenemende honger een halt toe te roepen. Volgens Michael O'Brien (Trocaire-Ierland) beseffen de wereldleiders dat de decennialange liberalisering van de landbouw een mislukking is. In zijn toespraak tot de deelnemers zegde de paus Benedictus: "Honger is het meest gruwelijke en meest concrete teken van armoede ... Ten aanzien van dit onrecht mogen wij nooit in ontmoediging of onverschilligheid vervallen. Voldoende en gezond voedsel, evenals drinkbaar water water zijn basisvoorwaarden voor het recht op leven. Tegen de achtergrond van de tragedie van honger zijn overvloed en voedselverspilling volstrekt onaanvaardbaar".
Op de portaalsite van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging zijn interessante artikels te vinden die het bovenstaande goed illustreren. Op 27 januari 09 eindigde in Madrid de VN-voedseltop die een antwoord wilde geven op de voedselcrisis van vorig jaar. Maar aangezien de voedselprijzen daalden lijkt het de crisis geen prioriteit meer. Toch is dit slechts goed nieuws voor de 20% hongerigen in de steden en niet voor de 80% mensen van het platteland die van hun landbouw moeten leven. Kleine boeren hebben immers onvoldoende toegang tot grond, water, landbouwkrediet, transport en opslag. Er zijn te weinig boerenorganisaties die voor hen opkomen. Vooral: zij krijgen geen stabiele, kostendekkende prijzen in ruil voor hun oogst want de voedselmarkt functioneert in hun nadeel.
Bij het opstellen van de economische verwachtingen voor 2009, stelde de Wereldbank vast dat de lage inkomenslanden niet ontsnappen aan de economische crisis en de armsten bedreigd worden door voedselprijzen die hoog blijven door de groeiende vraag naar biobrandstoffen, waarvoor steeds meer land in Afrika gebruikt wordt. "De hoge voedselprijzen van 2008 hebben er wellicht voor gezorgd dat 4' miljoen kinderen blijvende cognitieve of fysieke schade opgelopen hebben door ondervoeding. Pakistan, Zambia, Ghana en Madagscar behoren tot de ergst getroffen ontwikkelingslanden. Dit zijn niet toevallig juist landen die zich verregaand geïntegreerd hebben inde geliberaliseerde economie. De totale wereldhandel daalt. Dit betekent dat de ontwikkelingslanden minder grondstoffen kunnen uitvoeren. En omdat de vraag naar grondstoffen daalt, daalt de prijs mee. Ook stroomt er opvallend minder investeringsgeld van Noord naar Zuid; de investeringsstroom is gehalveerd" (cf. www.mo.be van 9 dec. 08).
Zo stond er begin februari 2009 "Voedselschaarste ondanks recordoogst in Burkina Faso". Hoe is het mogelijk? Overvloedige regenval en hulp van de regering verklaren dat de graanboeren ruim 4,2 miljoen ton binnenhaalden, een derde meer dan vorig jaar en 717.000 ton meer dan het land zelf nodig heeft. Zijn de prijzen gedaald? Neen, handelaars uit Ghana, Mali en Ivoorkust kwamen de voorraden opkopen. De regering zou het surplus moeten opkopen en tegen een aanvaardbare prijs op de markt brengen, vindt de Boerenfederatie van Burkina.
Volgens Olivier De Schutter, VN rapporteur voor het recht op voedsel, zegt: "Verleden jaar gaven de EU en de VS aan India de schuld voor het mislukken van de onderhandelingen over handelsliberalisering. India wilde veiligheidsmaatregelen inbouwen, voor het geval de boeren van de ontwikkelingslanden de internationale concurrentie niet aan zouden kunnen. India, dat sprak namens alle ontwikkelingslanden, had hierin helemaal gelijk, want zulke maatregelen zijn cruciaal voor regeringen. Zij moeten de vrijheid houden om de eigen boeren en de binnenlandse markt te kunnen beschermen tegen dumping van voedsel uit andere landen. Wereldwijd wordt slechts 15% van het voedsel internationaal verhandeld, maar toch hebben wereldmarktprijzen een onevenredig negatief effect op de kansen van Afrikaanse boeren om rond te komen. De grote ongelijkheid is daarom dat het handelssysteem grenzen wil stellen aan de steun die regeringen aan boeren mogen geven, maar geen grenzen stelt aan multinationals die de markt sterk beïnvloeden. Hiervoor zijn regels nodig" (www.ipsnews.be 26/02/09).
LANDROOF EEN BEDREIGING VOOR DE VOEDSELZEKERHEID
Na de voedselcrisis van 2008 zijn de Afrikaanse leiders opnieuw op de kar gesprongen van autosufficiëntie in voedselzaken. De rijst is daar prioriteit één. Als iedereen het eens is dat de productie moet verhoogd worden dan blijven de klassieke recepten: de landbouwers meer zaad verschaffen van "hoog rendement" en meer meststoffen. Meestal is dat dat hybriedrijstzaad van Chinese herkomst of Nerica rijstzaad dat geniet van de steun van fondsen verschaffers en machtige onderzoeksinstellingen die in Afrika de markt controleren. De traditionele kennis van de Afrikaanse landbouwers wordt verwaarloosd. Terwijl dus de bewindslui spreken over self-reliance sluiten zij geheime akkoorden met buitenlandse investeerders waaraan zij de controle toevertrouwen over de belangrijkste landbouwgronden en rijstvelden. Enkele voorbeelden:
MALI
Zo heeft de Lybia Africa Investment Portfolio (LAP) een akkoord gesloten met Mali dat aan Tripoli de controle geeft over 100.000ha. Het project start met rijstproductie en zal later uitgebreid worden tot deze van tomaten en veeteelt. Het filiaal van LAP in Bamako is verantwoordelijk voor de uitvoering van dit project gefinancieerd met petro-dollars van Lybië dat aan het hoofd staat van de Communauté des Etats sahélo-sahariens (CENSAD). Op 3 november 2008 werd er een akkoord gesloten tussen China, Libië en Mali waarbij de infrastructuur wordt uitbesteed aan CGC, een Chinees bedrijf behorend tot de Chinese petroleum SINOPEC. Een ander niet nader genoemd Chinees bedrijf zal de hybride rijst leveren, waarschijnlijk de belangrijkste maatschappij terzake in China Longping High-Tech Agriculture dat o.m. in Nigeria ook projecten heeft.
In december 2007 deed LAP een gelijkaardige investering van 30.000 $ voor rijstcultuur in Liberia samen met de Stichting voor African Development Aid (ADA) op 15-17.000ha ontvangen van de Liberiaanse overheid. Als deze projecten de locale voedselvoorziening moeten ten goede komen dan mag men toch niet vergeten dat volgens de laatste beschikbare cijfers van de FAO, Libië in 2005 zo'n 177.000 ton rijst invoerde ter waarde van 62 miljoen $. Lybië voert ook voor 130 milliard $ infrastructuur werken uit en sloot daartoe in december 2008 een akkoord met Bangladesh om een groot aantal werklui te leveren. Welke ook de eindbestemming is van de rijst, de productie zal de plaatselijke landbouwers weinig helpen omdat zij hun gronden zullen moeten verlaten en onvoldoende water hebben uit de Niger aangezien het filiaal Malibya reeds een voorkeur behandeling met de regering van Mali. De locale diversiteit of rijstvariëteiten zullen erdoor verdwijnen ten voordele van de Nerica (cf. http://www.grain.org/articles).
MADAGASCAR
Zuid-Korea langs zijn reus Daewoo Logistics heeft een akkoord gesloten met Madagascar om 1,3 miljoen hectares (= de helft v.d. bebouwbare oppervlakte v.h. eiland!) te huren met het oog op de verbouwing van maïs en palmolie gedurende 99 jaar. Met een jaarlijkse bevolkingsstijging van 3% verdubbelt de bevolking in 25 jaar). Waar zullen die kinderen nog landbouwgrond vinden?
Volgens de FAO zijn er nog anderen die zich haasten om landbouwgrond in Afrika te verwerven. Angola onderhandelt met Brazilië, Canada en Amerika. Soedan wil 900.000ha verlappen. Ethiopië maakt Saoudi - Arabië het hof en Tanzanië kan rekenen op belangstelling van het Westen voor de productie van bio-brandstoffen
BURKINA FASO
Daar zijn reeds privaat firma's die gronden hebben bekomen voor Jatrophacultuur met het oog op bio-brandstoffen. Maar ook deze die leven in de nabijheid van de machthebbers en de rijken in het land verwerven zich de beste gronden. Op de Algemene Vergadering van SOS Sahel International liet Alfred Sawadogo zich als volgt uit: Au cours de l'exercice de ses fonctions, il n'est pas souhaitable qu'un ministre rachète des terres d'une certaine étendue. La mission des membres du gouvernement, c'est de prendre des mesures énergiques pour impulser les producteurs, les paysans qui vivent directement du travail de la terre, à devenir des producteurs modernes dans des exploitations modernes. Il ne convient pas que ce soit les membres du gouvernement qui rachètent les bonnes terres et deviennent des producteurs modèles..." (cf. Le Pays, 2 december 2008).
Twee interessante documenten zijn te zien op
http://www.grain.org/o/?id=91
http://www.grain.org/o/?id=94
beschikbaar in powerpoint en PDF (Engels, Frans en Spaans)
In augustus 2006 verklaarde de Vlaamse baggertechnicus Freddy De Bruyn zijn ontvoering in de Niger-delta als volgt: "Nigeria is een land van petroleum. Bedrijven halen die eruit, de regering neemt de opbrengsten in ontvangst. De lokale bevolking zelf leeft in armoede en ziet er weinig of niets van terug". Het geweld in de Nigeriaanse olieregio neemt dagelijks toe. Lees de reportage in MO n. 37 p. 35 - 37. De olie-opbrengst wordt niet eerlijk verdeeld en de exploitatie vernietigt het milieu. Wanneer in 1996-97 het Doba-project in Tchad werd gestart voerde ook AEFJN samen met andere NGOs actie om de religieuzen in de regio Tchad - Kameroen te sensibiliseren over deze problematiek. Sindsdien publiceerde Jeune Afrique regelmatig over deze realisatie die de vrees van destijds alleen maar bevestigd. Nergens is de bevolking in Afrika beter gevaren bij de olie uitbating!
U kan een interessante bijdrage lezen over de olie exploitatie in Nigeria en Tchad van Emira Woods co-directrice van Foreign Policy In Focus à l’Institut des Etudes de Politiques.
*het artikel is eerst verschenen
in n. 272 de Engelse editie van Pambazuka News. zie: http://www.pambazuka.org/en/category/features/37612
De vertaling van Engels naar Frans is van Jean Nepo Simbayobewe.
Op deze website zijn trouwens heel interessante bijdragen te lezen in het Engels en het Frans.
BIOBRANDSTOFFEN: bron van rijkdom?
Meer en meer is er sprake over de biobrandstoffen en wordt overal landbouwgrond gebruikt om gewassen te telen waaruit biobrandstof kan vervaardigd worden. Op 24 februari vloog Richard Branson als eerste met één van zijn vliegtuigen op biobrandstof door het hemelruim. 20% van de kerosine werd vervangen door hernieuwbare energie-grondstoffen. Milieu-impact? Hoewel Columbia meestal geassocieerd wordt met de drugshandel zijn de factoren die bijdragen tot de massale schendingen van de mensenrechten de uitbreiding van de plantages voor palmolie. Grond voor de plantages wordt op geweldadige manier ingenomen en families van hung rond verjaagd. Omdat de EU de voornaamste importeur is van deze palmolie werd er een campagne opgezet om ons bewust te maken van de problemen. Meer info www.cbc.collectifs.net Welke zal op langere termijn het gevolg zijn van deze trend voor de voedselveiligheid van de armste bevolkingen?
Een goed overzicht van de problematiek wordt gegeven in het tijdschrift Défis Sud, uitgegeven door SOS FAIM. Nummer 95, 2010 publiceert een dossier: Nigeria: du pétro-géant à l'agro-géant. (p. 8-21).
De internationale tarweprijzen stegen het laatste jaar met liefst 83% volgens de FAO. Er dreigt een voedselcrisis in maar liefst 36 landen, waarvan 21 op het Afrikaanse continent. Eén van de oorzaken van de stijgende prijzen voor basisvoedsel sinds 2005 is de toenemende welvaart in China en India. Voor één kilo vlees is namelijk 10 kg. graan nodig als basisbestanddeel voor het veevoeder. Een andere belangrijke factor is de snel stijgende vraag naar biobrandstof, vooral maïs en suiker zijn ervoor gegeerd! (cf. www.11.be). Wegens de aanhoudende droogte is de hongersnood in Niger reeds de bekommernis van 2010 maar we zien geen acties op gang komen;
Le Soir van 18 april 2008 publiceerde een tekst van Jean Ziegler, speciale VN rapporteur voor het recht op voedsel over de Voedselcrisis: Europa moet met zijn dolle koers naar biobrandstoffen ophouden. Het netwerk AEFJN begon een actie naar de verantwoordelijke ministers in de lidstaten om de nieuwe energiepolitiek van de EU aan de kaak te stellen want de promotie van agrobrandstoffen moedigt Afrika aan tot intensivering van de exportculturen ten nadele van de voedselveiligheid van de eigen bevolkingen, met alle gevolgen vandien ook voor de kleine boeren. De nieuwe directive van de Commissie integreert onvoldoende de aanbevelingen van de Europese Raad van maart 2007 noch de duurzaamheid criteria geformuleerd waartoe de Staten zich verbonden in Rio de Janeiro in 1992 wanneer zij de Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen ondertekenden. Leer hierover dus meer op de website van AEFJN.
VOEDSELVEILIGHEID
Vivat International is een organisatie van religieus-missionaire instituten die een NGO vormen bij de Verenigde Naties. Decennia lang werd landbouw in de internationale discussies over handel en ontwikkeling verwaarloosd, zodat het kon dat 80% van de mensen met honger juist zij waren die voedsel produceren. Daarom is de promotie van het idee "voedsel soevereiniteit" zo belangrijk. Ook het verzet van de 'kleine boeren' tegen de EPA's draagt daartoe bij. Landbouwgrond is 'goud' geworden, dus de goudzoekers zullen niet ver weg zijn ! Kleine boeren die in geldnood zitten zijn vaak al te vlug bereid om hun gronden te verkopen. De hoge voedselprijzen verlokken de rijke oliestaten en China om grote ondernemingen de gronden te laten opkopen. Het is niet minder dan een vorm van neo-kolonialisme, zoals Jacques Diouf van de FAO het uitdrukte surf naar: http://www.guardian.co.uk/environment/2008/nov/22/food-biofuels-land-grab.
ECOLOGIE EN RECHTVAARDIGHEID
Gelukkig groeit in het noordelijk halfrond het bewustzijn dat onze ecologische voetafdruk té groot is. Er wordt meer en meer over gepubliceerd en de commissie Gerechtigheid & Vrede van het bisdom Antwerpen is aan het werken rondom het project "eco-kerken". In 2007 publiceerde de commissie een boek met als titel: Zorg voor de Schepping! Inspiratieboek voor eco-spiritualiteit. Wil er sprake zijn van duurzame ontwikkeling en toekomst voor onze kleinkinderen dan moet er wat veranderen. Ook president Obama schijnt hiervan overtuigd en zou in die zin met de Europese landen willen meewerken. Paus Benedictus heeft reeds herhaaldelijk geprobeerd om dit bewustzijn aan te scherpen. Er is echter een aspect waarover weinigen spreken, namelijk het feit dat een aantal landen van het Zuiden zwaar te lijden krijgen onder ons electronisch afval dat er gedumpt wordt. De verwerking van e-afval vormt volgens Greenpeace een grote uitdaging omdat het exponentieel toeneemt (8,7 miljoen ton in de EU) en slechts een kwart ervan wordt gerecycleerd. Het grootste deel vertrekt naar het Zuiden. In de omgeving van Accra (Ghana) zijn er sluikstorten waar tonnen e-afval hun giftige stoffen bij verbranding in de atmosfeer brengen. De netwerken rond de illegale export naar ontwikkelingslanden breiden zich alsmaar uit. Afvalverwerking is er veel goedkoper, meer rudimentair en nog gevaarlijker. l'Afrique la poubelle du monde ! (cf. Testaankoop n. 525, p. 42-45).
Reeds in november 2008 riep de bekroonde Ierse milieuactivist en priester Sean McDonagh de leiders van de katholieke Kerk op de ernst van de milieucrisis te beseffen en krachtdadig te reageren. De terughoudendheid van de Kerk valt op als men weet dat de Wereldraad van Kerken voortrekker is in de strijd tegen de opwarming van de aarde en de oeucumenische patriarch Bartholomeüs de 'groene patriarch' genoemd wordt.
De internationale koepel van 16 katholieke ontwikkelingsorganisaties (CIDSE) wil de taks op financiële verrichtingen inzetten tegen klimaatuitstoot. Een deel zou rechtstreeks kunnen gestort worden in een 'Groen Klimaatfonds' van de V.N. Volgens specialisten zou een taks van 0,5% jaarlijks 465 miljard euro opbrengen. (cf. Kerknet 8 juni 11).
Op 9 juni 2011 riep paus Benedictus XVI op tot een ecologische bekering: een betere bescherming v an het milieu en een herziening van onze relatie met de natuur. Hij lanceerde zijn oproep tijdens de ontvangst van de geloofsbrieven van een groep nieuw ambassadeurs (N.Zeeland; Syrië, Ghana en Moldavië). Hij waarschuwde ook om niet volledig afhankelijk te worden van een 'onweerstaanbare techniek': "Technologische wonderen gingen vaak gepaard met maatschappelijke en ecologische rampen. Een techniek die de mens beheerst, berooft hem uiteindelijk van zijn menselijkheid. Wetenschap en politiek moeten de hoogste prioriteit geven aan een verantwoordelijke manier van omgaan met de schepping". Hij spoort in het bijzonder aan om nieuwe bronnen van energie te zoeken en te ontwikkelen, die de natuur respecteren en die geen gevaar betekenen voor de mens. De mens moet de natuur bovendien steeds meer als een woning beschouwen, die moet worden beschermd.
DE PAUSELIJKE
RAAD VOOR GERECHTIGHEID EN VREDE.
Op 7 juli 2004 heeft de raad een bijeenkomst gehouden met als thema:”Armoede
en globalisering: financiering van de ontwikkeling, met bijzondere aandacht
voor de millenniumdoelen”.
Voor de bijeenkomst
waren ook afgevaardigden van de VN, de Wereldbank, het Internationale Monetaire
Fonds en van de Engelse regering uitgenodigd. Twee onderwerpen stonden op
de agenda: de schuldenkwijtschelding van de arme landen en hoe de armoede
voor 2015 gehalveerd kan worden.
Over de schuldenkwijtschelding schreef de Paus in een brief aan hen het volgende:
”Veel werk daarvoor is reeds gedaan, maar er is nog meer nodig,
als we willen dat de arme landen ontsnappen aan de verlam-mende gevolgen van
de schulden en als de rijke landen aan hun plicht tot solidariteit ten opzichte
van de arme landen willen voldoen” . Van de kant van Engeland kwam
het initiatief tot een “International Finance Facility”: dit houdt
in dat jaarlijks 50 miljard dollar bijeengebracht wordt om de millenniumdoelen
te kunnen realiseren. Engeland wil daaraan haar steentje bijdragen en denkt
dat meerdere leden van de G8 dit zullen doen. (www.zenith.org /10
juli 2004).
Op 29 augustus 2005 ontving paus Benedictus XVI de Ambassadeur van Ecuador en herhaalde de oproep van zijn voorganger die reeds opriep tot "globalisering van de solidariteit". Bij gelegenheid van de Wereldvoedseldag op 16 oktober 2005, schreef hij aan J. Diouf, directeur van de F.A.O. :
"Honger hangt niet alleen af van geografische en klimatologische omstandigheden. Het wordt ook vaak veroorzaakt door de mensen zelf en door hun egoïsme. Het uit zich in gebreken van de sociale organisatie en in de starheid van de economische structuren die te dikwijls slechts gericht zijn op winst maken. Ook in praktijken tegen het menselijke leven en in ideologische systemen die de menselijke persoon, beroofd van zijn fundamentele waardigheid, reduceren tot een instrument" (www. zenit.org/23 oktober 2005)
In de pastorale Constitutie van het Tweede Vaticaans Concilie Gaudium
et Spes (1965) daagt reeds het bewustzijn dat het de Kerk niet alleen
om de "zielen" te doen is:
"Wij geloven dat alle mensen elkaars zusters en broeders zijn. Daarom is het een ernstige dwaling om een scheiding te maken tussen ons geloof en de harte realiteit van de wereld. Als we als christenen onverschillig staan tegenover onrecht en armoede, verwaarlozen we onze plicht tegenover onze evennaasten en schieten wij ernstig tekort".
Uit de bisschoppelijke verklaring Gezonden om te verkondigen waarmee zij het pastoraal jaar van de verkondiging (2003-04) op de rails willen zetten:
"(84) Deelname aan het maatschappelijke debat.
De verkondiging van het evangelie is geen louter binnenkerkelijke aangelegenheid. Het is belangrijk dat de Kerk aan het maatschappelijk debat deelneemt. Dit debat gaat over de grote opties van cultuur en samenleving. Het gaat om de fundamentele vraag waar we eigenlijk naartoe willen, wat waarachtig mens-zijn is en hoe we kunnen samenleven. Het gaat om opties die altijd ethische implicaties hebben. Ze kunnen niet louter rationeel-technisch beantwoord worden. Het gaat om de vele vragen rond het begin en het einde van het leven. Het gaat om menselijke relaties, om liefde en seksualiteitsbeleving. Het gaat om het probleem van de migratie en de aanwezigheid van mensen uit andere culturen in onze samenleving. Het gaat om de groeiende armoede, zowel hier als in de Derde Wereld. Het gaat om opvoeding en onderwijs, om werkgelegenheid. Het gaat om ecologie en globalisering.
(85) Er is niet op alles direct een pasklaar antwoord. ... Vanuit de rijkdom van onze geloofstraditie hebben we inderdaad iets in te brengen. Het is een belangrijke wijze waarop het evangelie kan verkondigd worden in directe confrontatie met de vragen en uitdagingen waar de samenleving voor staat".
De Kerken zijn zeker belangrijke actoren op het terrein dit blijkt uit woorden van prof. Bob Goudzwaard, Hoogleraar aan de Vrije Universiteit van Amsterdam en lid van de Club van Rome wanneer hij het heeft op het verzoek van IMF en Wereldbank aan de Wereldraad van Kerken om samen te praten inzake schuldkwijtschelding: "Die twee instellingen zeiden: wij hebben geen contact meer met de basis, met de armen. U als kerken wel. U stelt ook geen eigen commerciële belangen voorop. En u als kerken bent niet alleen bezig met mensenrechten, of alleen maar met armoe, u bestrijkt 'n breed spectrum. Daarom willen wij met u als kerken in gesprek. Dat zou twintig jaar geleden onmogelijk geweest zijn" . (Werkcahier n. 33, p. 12)
Ons kerkelijke en religieus engagement voor Gerechtigheid & Vrede is dus meer dan ooit actueel !
Tot slot: Bidden om wereldsolidariteit
De wereld lijkt ons dorp. In onze winkels liggen kleren uit Bangladesh, appels uit Chili, rozen uit Oeganda en boontjes uit Senegal. Maar heeft ons dat alles dichter bij elkaar gebracht? Laat ons bidden, dat met het kleiner worden van de afstanden ook wij dichter komen bij onze zusters en broeders overal op aarde.
Onze God, die in de hemel zijt, uw Naam worde geheiligd in alle volken op aarde van welk ras, kleur of godsdienst ook; in alle mensen op aarde, alleenstaand of getrouwd, met of zonder werk, met of zonder een dak boven het hoofd. Moge uw koninkrijk komen.
Moge uw koninkrijk komen en uw wil geschieden opaarde in alles wat we doen, in de keuzes die we maken in de daden van verandering die we zelf stellen en in anderen aanmoedigen. Moge uw koninkrijk komen.
Geef ons heden ons dagelijks brood. Brood waarvoor wij werken, voedsel dat wij delen, brood dat niemand ontzegt wordt omwille van de hebzucht van anderen. Moge uw koninkrijk komen.
Vergeef ons onze schuld. Wanneer we veroordeelden in plaats van ondersteunden; wanneer we niet luisterden naar mensen, maar preekten; wanneer we niet deden wat we moesten doen; wanneer we geen compassie toonden en vergiffenis schonken. Moge uw koninkrijk komen.
Leid ons niet in bekoring. De bekoring om onshart, onze oren en ogen te sluiten voor de werkelijkheid; de bekoring van de angst om ons uit te spreken tegen onrecht; de bekoring het allemaal te vinden of dat het allemaal niet veel uitmaakt; de bekoring om te denken dat er toch geen alternatief is. Moge uw koninkrijk komen.
Verlos ons van het kwaad. Het kwaad van een wereld waar mensen niet meetellen; het kwaad van het gevoel van machteloosheid en het verlies van alle hoop; het kwaad van een wereld waar hekken, muren en barrières tussen mensen maar hoger en hoger worden; het kwaad van een wereld waar geld belangrijker is dan mensen en waar schulden tot de laatste druppel uit arme landen wordt geperst. Moge uw koninkrijk komen.
Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid in eeuwigheid. Amen.
gebed gepubliceerd door de Belgische antenne AEFJN.
André Claessens msc
Lid Belgische antenne AEFJN (Africa-Europe Faith and Justice Network)
REACTIES ZIJN ALTIJD WELKOM IN MIJN GASTENBOEK !