Terwijl
de nieuwste televisieschermen zweren bij ledtechnologie, staat er een
volgende soort tv's klaar: de OLED-schermen zouden over een paar
maanden massaal in de toonzaal kunnen verschijnen.
OLED is een vernieuwende schermtechnologie die bestaat uit organische
polymeren. Die lichten op als ze onder spanning komen te staan. Anders
bekeken: de beeldpuntten geven zelf licht.
Sony en Samsung lieten echter eerder al een OLED-scherm zien, en nu
lanceert ook LG er eentje. 'Eentje', want OLED-schermen zijn voorlopig
nog heel klein. In het geval van dit scherm van LG is dat 15 inch. De
OLED-technologie begint immers nog maar pas te ontluiken en wordt
bovendien vooral in kleine display's gestopt, zoals gsm's of
fototoestellen. |
De Sony Xel 1 Oled televisie |
Anderzijds
gaat de ontwikkeling snel: bij de lancering van deze 15 inch belooft LG
dat het al 'heel ver' staat met de ontwikkeling van een scherm van 40
inch, en dat we het toestel in de nabije toekomst in de winkel mogen
verwachten.
De 15 inch van LG wordt nog voor het eind van het jaar geïntroduceerd
in Korea, daarna in de rest van de wereld.
In tegenstelling tot LCD is er geen achtergrondverlichting nodig. Het
scherm verbruikt dan ook minder elektriciteit. Bovendien kan ieder
beeldpunt van extreem helder tot helemaal uitgeschakeld zijn, wat
resulteert in een ongelooflijk scherp contrast. Daarbij komst dat zowel
kleurenweergave als responstijd (de snelheid waarmee het beeld wordt
opgebouwd) beter zijn dan bij de huidige generatie tv-schermen.
OLED-schermen zijn ook veel dunner en daardoor mooier.
Grootste nadeel is momenteel de prijs. Het scherm van 11 inch van Sony,
de XEL-1, kost zo'n 3000 euro. Pas als de technologie helemaal
doorbreekt, zal daar soelaas in komen. Voorts zijn er vragen over de
levensduur van een OLED-scherm, die korter zou zijn dan de flat-screens
die nu het meest gekend zijn zoals plasma, LCD, en LED-LCD.
De
OLED technologie heeft, net zoals LTV en SED, de laatste tijd een hype
rond zich gekend. Het verschil met die twee andere technologieën zit
hem echter in het feit dat OLED al concrete resultaten heeft kunnen
voorleggen en voor sommige toepassingen zelfs al commercieel
beschikbaar is. OLED beeldschermpjes kan je nu al terugvinden in de
MP3-spelers van Sony en Creative, de GSM’s van Sony Ericsson en
Motorola, digitale camera’s van Kodak, … Ook zouden de nieuwe generatie
iPod’s met een OLED schermpje komen en wie heeft er ondertussen nog
niet gehoord van Optimus Maximus keyboard waar iedere toets een
programmeerbaar OLED schermpje bevat?
 |
|
Het Optimus Maximus toetsenbord met 103
(48×48 pixels) OLED schermpjes.
|
De
ontwikkeling van OLED is echter nog steeds in volle gang. Bedrijven
zoals Samsung, LG.Philips en Sony onderzoeken een schare aan nieuwe
toepassingen, waaronder grote beeldschermen, flexibele displays,
doorzichtige OLED schermen, verwerking van OLEDs in kledingvezels, …
Europa bekijkt momenteel of OLEDs als openbare verlichting gebruikt
kunnen worden en Amerikaanse wetenschappers onderzoeken de mogelijkheid
van ‘OLED verf’ waarmee je een beeldscherm zomaar op de muur kan
schilderen. Klinkt indrukwekkend, maar wat zijn OLED’s nu juist?
DE TECHNOLOGIE
OLED is de afkorting van Organic Light Emitting Diode. Het is met
andere woorden een simpele lichtgevende halfgeleider op basis van
organische stoffen. Om maar meteen met het grootste misverstand komaf
te maken: organisch wil niet zeggen biologisch. Veel mensen denken bij
de term ‘organisch’ meteen aan levende, natuurlijke stoffen, maar niets
is minder waar. Organische stoffen is de verzamelnaam voor alle
koolwaterstofverbindingen, ofte zowat alle producten die de chemische
industrie uit aardolie produceert. In dat opzicht zijn LCD’s ook
organisch, maar bij OLED wordt ‘organisch’ expliciet vermeld om het
verschil met gewone LED’s, die uit metaalkristallen bestaan, aan te
duiden.
OLED’s
komen dus uit een chemische fabriek, en dan nog wel in een
semi-vloeibare vorm. Hierdoor is het productieproces van OLED
beeldschermen redelijk simpel en goedkoop. De OLED-brij wordt verwarmd
en vloeibaar gemaakt en dan met behulp van een inkjetproces op een
plaat, het zogenaamde substraat, geprint. Dit substraat kan een stevige
kunststof zijn om bijvoorbeeld een televisiescherm mee te maken, maar
kan ook flexibel PET zijn. Als je het substraat buigt, buigen de OLEDs
gewoon mee. Buigbare en zelfs oprolbare beeldschermen worden hierdoor
mogelijk.
 |
|
Een plooibaar OLED schermpje.
|
OLED’s
zenden zelf licht uit, en de chemische samenstelling ervan bepaalt de
kleur. De OLEDS zijn slechts enkele moleculen groot en zijn dus niet
vergelijkbaar met gewone LEDs. De vloeibare OLED-materie wordt tussen
twee doorzichte geleiders, meestal van indium tin oxide (ITO) en
aluminium, aangebracht. Deze geleiders kunnen met hetzelfde inkjet
printproces op het substraat worden aangebracht. Op de ene geleider
wordt een positieve lading aangebracht, op de andere geleider een
negatieve. De positieve en negatieve ladingen reizen door de OLED
materie naar elkaar toe en neutraliseren elkaar. De energie die hierbij
vrijkomt wordt in licht omgezet.
 |
|
Een doorsnede van een OLED (beeld Philips).
|
De
voordelen die OLEDs op traditionele TFT LCDs biedt zijn haast
eindeloos. Om te beginnen straalt een uitgeschakelde OLED geen licht
uit. Een zwarte pixel is dus echt zwart (zie ook SED) en niet
donkergrijs zoals op een LCD. Ook de contrastratio’s worden
astronomisch hoog, tot 1.000.000:1. Omdat OLEDs zelf licht uitstralen
is er ook geen nood meer aan een backlight, de lamp die
zich achterin een LCD beeldscherm bevindt. Hierdoor worden de schermen
zeer dun en verbruiken ze zeer weinig stroom. Dit laatste is ook de
reden waarom je al frequent OLED schermpjes in draagbare toepassingen
zoals GSM’s en MP3-spelers terug kan vinden.
Bij
een LCD wordt meer dan twee derde van het licht van de backlight
geabsorbeerd door allerhande filters. Dit zorgt ervoor dat dergelijke
beeldschermen slechts in staat zijn 40 tot 75% van het volledige 16,7
miljoen kleuren tellende NTSC kleurenspectrum weer te geven. OLEDs
daarentegen hebben deze beperking niet. De afwezigheid van de filters
zorgt er ook voor dat de zichtbaarheidshoek van een OLED scherm 90°
benadert, zonder vervorming of beeldverlies. De reactietijd van een
OLED bevindt zich in de rangorde van enkele honderdsten van een
milliseconde, terwijl deze van een LCD pixel zich in de milliseconden
bevindt.
 |
|
Een OLED scherm op de CES beurs.
|
Momenteel
onderzoekt men de Stacked OLED technologie,
waarbij drie gekleurde OLED’s achter (bovenop) elkaar gestapeld worden.
Bij een LCD worden de drie kleurensubpixels (rood, groen en blauw)
naast elkaar geplaatst. SOLED zorgt ervoor dat de resolutie van het
beeldscherm drie keer zo hoog ligt als dat van een even groot LCD
scherm. Ook de kleurenweergave verbetert drastisch.
Een
andere technologie is Transparent OLED
dat in staat is invallend licht (gedeeltelijk) door te laten. Deze
technologie biedt grote mogelijkheden aan beeldschermen die in daglicht
(buitenshuis) gebruikt moeten worden. Het invallend zonlicht wordt
gewoon doorgelaten in plaats van teruggekaatst waardoor een TOLED
beeldscherm in direct zonlicht even leesbaar als een krant is.
Maar…
Natuurlijk moét een verhaal dat zo veelbelovend als OLED klinkt een
maar hebben. Bij OLED is de maar drievoudig. Allereerst is er de
kwestie van de levensduur. Organische halfgeleiders hebben een relatief
beperkte levensduur en zo gaan OLEDs momenteel slechts 5.000 uren mee.
Om commercieel levensvatbaar te zijn moet een beeldscherm vandaag de
dag toch minstens vier keer zo lang mee gaan. Recent is men er in
geslaagd deze levensduur voor de meerderheid van de OLED’s te bereiken,
maar de blauwe OLED blijft nog steeds het zorgenkind.
 |
|
Een OLED scherm van Toshiba.
|
De
volgende maar betreft het milieu. In deze Kyototijden (markant detail:
één van de OLED onderzoeksinstituten bevindt zich in Kyoto) speelt de
impact op het milieu een grote rol. De productie van OLEDs is nu niet
meteen de meest propere tak van de chemische industrie. Ook het gebruik
van het chemische element Indium, dat nauw verwant is aan Cadmium, kan
in de toekomst wel eens een probleem vormen (noot: ook LCD’s gebruiken
Indium). Momenteel onderzoekt men zinkoxide en koolstof nanobuisjes als
alternatief.
De
derde maar heeft
betrekking tot onze portefeuille. Alhoewel OLED beeldschermen
theoretisch goedkoper dan LCD’s moeten zijn (dankzij het relatief
eenvoudige inkjetproces) is dit in de praktijk verre van zo. Vooral het
chemische productieproces speelt de bedrijven momenteel nog parten. Dit
is ook een van de redenen waarom we enkel nog maar kleine OLED
schermpjes op de markt hebben gezien. Het productieproces staat nog
niet op punt en kost momenteel nog te veel. Wat de kleine schermpjes
voor draagbare toepassingen betreft, zijn er gelukkig al veel
vorderingen gemaakt: deze beginnen de prijs van een vergelijkbaar
TFT-schermpje te benaderen.
Wat
de
prijsimpact van grote OLED schermen zal zijn is nog niet duidelijk,
simpelweg omdat deze nog niet productieklaar zijn. Sony brengt dit
najaar alvast kleine 11″ OLED televisies op de markt, volgens het
bedrijf tegen ‘een veelvoud van de prijs van een vergelijkbaar scherm’.
Het is Sony dan ook te doen om de OLED productie zo snel mogelijk op te
starten en uit te bouwen. Eens dit op kruissnelheid zit zou de prijs
sterk moeten dalen.
 |
|
De Sony OLED mini TV.
|
Naast
Sony vormen Samsung en LG.Philips de koplopers in het OLED-strijdperk.
Deze laatsten hebben onlangs enkele prototypes aan het publiek getoond,
waaronder een buigbaar scherm en eentje met een dikte van slechts 150
nanometer (de dikte van een mensenhaar). Ook General Electric, het
tweede grootste bedrijf ter wereld, heeft zich volledig op OLED
gestort. Zij zijn vooral geïnteresseerd in militaire (waaronder head-up
displays)
en verlichtingstoepassingen. Zo onderzoeken ze een OLED-verf die je op
de muren kan schilderen. Hierdoor geven de muren een egaal en uniform
licht af, dat veel efficiënter dan traditionele verlichting is (en ook
geen schaduwen maakt). Toshiba, dat SED heeft laten varen, concentreert
zich nu ook op OLED. Andere bedrijven onderzoeken dan weer de
verwerking van OLEDs in kledingvezels, om zo ‘adaptieve’ kleding te
maken. De mogelijkheden zijn werkelijk legio.
VOOR EN NADELEN
| Pro |
Contra |
| Prijs? |
Prijs? |
| Ultrahoog contrast |
Levensduur? |
| Ultralage responstijd |
Milieu |
| Volledig full color |
|
| Afmetingen (dikte) |
|
| Laag verbruik |
|
| Legio toepassingsmogelijkheden |
|
CONCLUSIE
Tot op heden is OLED de meest belovende nieuwe beeldschermtechnologie
die er is én heeft deze al concrete resultaten opgeleverd. OLED staat
echter nog steeds in zijn kinderschoenen, en wie zich een
OLED-beeldscherm wil aanschaffen zal nog wat geduld moeten uitoefenen.
De eerste ‘grote’ schermen (19″ en groter) worden voor volgend jaar
verwacht, tegen een meer dan waarschijnlijk astronomische prijs. Het
zal sowieso nog enkele jaren duren vooraleer OLED gemeengoed geworden
is, maar het ziet er in ieder geval goed uit. OLED is ook een
technologie die veel meer dan puur beeldschermen omvat. We gaan deze
technologie in de toekomst in heel wat vormen nog terugzien.
|