DE SMET, Daniel; VAN REETH, Jan, De islam is modern, Leuven, Davidsfonds

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) - STARTPAGINA - AGENDA - OVERZICHT - NIEUW -  TIJDSCHRIFTEN -

JAARTAL - NIEUW - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - Z
allochtonen, armoede, bahá'íbijbeluitleg, bijbel en koran, boeddhisme,  hindoeïsme  , interlevensbeschouwelijke dialoog, islam, jodendom , levensbeschouwing, levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , migratie, racisme, samenleving, , tewerkstelling van allochtonen, vluchtelingen en asielzoekers, vrijzinnigheid , witte scholen, multiculturele scholen en concentratiescholen ,

DE WEBPAGINA'S VAN HET HOOFDITEM   ISLAM
islam, aanzetten tot een  leerplan "Islamitisch Godsdienstonderwijs in de basisschool", de islam is modern, Marhaban. Verhalen uit de wereld van de islam (OFFRINGA),

- Een recensie van Eric VandenBerghe in Tertio, 2 mei 2001
- Verwijzing naar de recensie van Hadewijch Hernal Steen in De Standaard der Letteren, van donderdag 3 mei 2001 (nr.2556, blz.12)
- In De Morgen, dinsdag 27 maart 2001: ISLAMOLOGEN JAN VAN REETH EN DANIËL DE SMET DOORPRIKKEN MYTHES OVER MOSLIMWERELD  IN EEN GEPOLARISEERD DEBAT (Bart De Schrijver)
In Tertio, 2 mei 2001, verscheen van de hand van Eric Vanden Berghe een lovende recensie op het boek van Daniël De Smet en Jan Van Reeth.  DANIEL DE SMET & JAN VAN REETH PAKKEN WESTERSE VOOROORDELEN AAN. SLUIER HOUDT MODERNITEIT NIET TEGEN

Het loopt grondig mis met het beeld dat wij van de islam hebben. De recente verwoestingen van de boeddhabeelden in Afghanistan maken het alleen maar erger. Ze wekken de indruk dat de islam gelijkstaat met ‘islamisme’ — dat is de uitbouw van een staat volgens de islamitische princi­pes. Het is om te beginnen helemaal niet duidelijk welke die principes dan zijn. Maar bovendien sorteert dat soort politieke islam in feite een omgekeerd effect: het werkt niet de godsdienstigheid, maar de secularisering in de hand. Dat is overduidelijk gebleken in Iran na de ‘islamitische revolutie’ van revolutie’ van Khomeini.

De islamwereld is geen monolithisch blok. Alleen al tussen Marokko en Turkije gaapt een wereld van verschil. Die verscheidenheid neemt niet weg dat de islam in zijn vele vor­men wereldwijd een geweldige crisis doormaakt. De oorzaak ligt in de onstuitbare op­mars van de moderniteit. ,,Geen enkele isla­miet, hoe ‘fundamentalistisch’ hij ook mag zijn, is opgewassen tegen de reclamecampag­nes van bepaalde Amerikaanse frisdrankpro­ducenten en fastfoodketens.” En, zo mogen we er meteen aan toevoegen, ook niet tegen de gsm, het internet en... dollarbiljetten.

Dat leidt tot een merkwaardigc paradox: om de eigen identiteit te bevestigen tegen­over de opdringende moderniteit, wordt teruggegrepen naar typisch islamitische symbolen, zoals bijvoorbeeld de sluier, maar dat ,,is in heel wat gevallen niet méér dan een modeverschijnsel, een uiterlijke vernislaag, om onislamitische gedragspatronen en prak­tijken oppervlakkig te islamiseren”.

De Leuvense onderzoekers, de filosoof Daniël De Smet en Jan Van Reeth, gespeciali­seerd in vergelijkende godsdienstgeschiedenis en oosterse literatuur, blijken de moslimwe­reld in al zijn diversiteit vrij grondig te kennen. Met De islam is modern willen ze enkele vastgeroeste vooroordelen uit de wereld hel­pen, zodat de lezer een juister — lees genuanceerder — beeld krijgt van de feitelijke situatie.

Dat is niet alleen van belang voor ons, maar ook voor de moslims zelf, want ,,zij hebben het gevoel dat zij er niet in slagen hun stem te laten horen en het stereotiepe beeld dat er van hen wordt opgehangen te voorzien van een treffend weerwoord”. Dat laatste is niet zon­der gevaar, want het kan zo frustrerend wer­ken dat je kwaad wordt en naar geweld grijpt.

In de moslimwereld zelf geven de intellec­tuelen zich gaandeweg rekenschap van de si­tuatie. Heel wat Turkse, Arabische en Iraanse denkers trachten antwoorden te formuleren op de grote uitdagingen van deze tijd. Voor wie van namen houdt, even een onvolledig — lijstje: ,,Aboe Zaid, Arkoun, Soroush, Talbi, Laroui, Ahmed, Esmail, schrijvers zoals Tariq Ramadan en Foe’aad Zakarija, de vooraanstaande Egyptische jurist Asjmawi en zovele anderen.”

De Smet en Van Reeth luisteren aan­dachtig naar die stemmen, maar niet zonder ongerustheid. Ze vrezen namelijk dat de hui­dige moslimwereld intellectueel onvoldoende sterk staat om een nieuw evenwicht te vin­den tussen traditie en vernieuwing. In feite u er, volgens sommige islamitische geleerden, zoiets als een ‘Vaticanum II van de islam’ nodig... Toch zien de auteurs hoopgevendc tekenen. Ze stippen daarbij terecht aan dat de westerse wereld zelf een essentiële rol te vervullen heeft in die ontwikkeling van de islam, met name door een eerlijke en diep­gaande dialoog aan te gaan. En dat stelt zo zijn eisen.

Het grootste deel van dit boek — dat dus geen ‘inleiding in de islam’ is en evenmin een studie in vergelijkende godsdienstwetenschap — is gewijd aan die dialoog met de he­dendaagse islam. Wanneer we die open en eerlijk willen voeren, moeten we ook naden­ken over de fun­damenten van onze moderne cultuur. Onze vooroordelen zitten immers zo diep, dat we er ons gewoon geen rekenschap van geven. Zo bestempelen wij islamitische opvattingen en gebruiken haast spontaan als ‘middeleeuws’.

Die term steunt op het besef dat onze ge­schiedenis breukmomenten heeft gekend, zoals de renaissance en de Franse revolutie. Daaruit zijn ‘vanzelfsprekendheden’ gegroeid, zoals de scheiding tussen kerk en staat. Voorts is ‘middeleeuws’ bepaald geen compli­ment. Maar door op die manier de islam te beoordelen, vergeten we dat die wereld in zijn geschiedenis nooit een soortgelijke breuk heeft gekend.

Sterker nog: de moslims zijn ervan over­tuigd dat Mohammed hen al lang voor onze Verlichting voorgoed uit de duistere tijden naar het tijdperk van rede en verlichting heeft gebracht. Dat mag vreemd klinken, maar een eerlijke dialoog dwingt ons ertoe rekening te houden met die totaal andere opvatting en beleving van ruimte en tijd. Hetzelfde kan worden gezegd van bijvoor­beeld onze principiële, methodische uitslui­ting van het transcendente in het zoeken naar waarheid. Voor ecn moslim is het evi­dent dat Allah in alle vormen van waarheid is betrokken en er zelfs het laatste woord in heeft. En je kunt geen halve moslim zijn.

Ook moeten we ons ervan bewust blijven dat, juist door gemeenschappelijke wortels in de bijbel, de islam godsdienstig veel dichter bij ons staat dan wij meestal bereid zijn aan te nemen.  Zo geven de auteurs tal van spo­ren aan om tot een eerlijker kijk op die rijke cultuur en godsdienst te komen.

Na lectuur van dit zeer lezenswaardige boek blijft één vraagje bij mij hangen: in hoeverre zijn de aangehaalde auteurs repre­sentatief voor de vele strekkingen in de mos­limwereld? In welke mate worden zij door hun ‘basis’ begrepen en ernstig genomen? Om maar een heikel punt te noemen: in hoeverre zou de gemiddelde imam bereid zijn om tot historisch-kritische exegese van de koran over te gaan? Ik zou het echt wel willen weten.

Terug naar het begin van de pagina


In de Standaard der Letteren van donderdag 3 mei 2001 (nr.2556, blz.12) stelt Hadewych HERNALSTEEN in de rubriek Maatschappij een viertal boeken over de islam voor "stof voor een dialoog met de islam". Ze geeft het artikel de titel Over Sint-Joris en Al-Chodir. Ze leidt het artikel als volgt in: "De islam is modern is de uitdagende titel van een boek dat pleit voor een interculturele dialoog in deze tijden van een nieuwe beeldenstorm. De islam is ook hot news. Een overzicht van recente publicaties die onze vooroordelen willen bestrijden of zelf het goede voorbeeld geven." Volgens de recensie is het boek van Daniël de Smet en Jan van Reeth een boeiend boek, knap, inhoudrijk en met zin voor nuance geschreven. Uitgave van het Davidsfonds, Leuven

Terug naar het begin van de pagina


In De Morgen, dinsdag 27 maart 2001: ISLAMOLOGEN JAN VAN REETH EN DANIËL DE SMET DOORPRIKKEN MYTHES OVER MOSLIMWERELD  IN EEN GEPOLARISEERD DEBAT (Bart De Schrijver)

‘Als er in de islamwereld iets gebeurt, krijgen alle moslims collectief de schuld’

Sinds de machtsgreep van ayatollah Khomeini in Iran, nu twintig jaar geleden is de radicale islam niet meer uit het wereldnieuws weg te bannen. De publieke internationale belangstelling staart zich blind op massafenomenen, op terroristische aanslagen. Sommige media doen mee aan dat opbod en zenden de woorden uit van extremisten, wier ideologieën uit een ver verleden stammen, maar die zeer mediatiek blijken te zijn.
In ‘De islam is modern’ wordt een stem gegeven aan jonge moslimintellectuelen die de kloof tussen islam en moderniteit willen overbruggen. De auteurs, Daniel De Smet en Jan Van Reeth, verbonden aan de KU-Leuven, schrijven meteen in hun voorwoord dat de studie van de islam nooit een neutrale bezigheid kan zijn, en een academicus willens nillens wordt gedwongen positie te kiezen. Journalisten en opiniemakers halen er volgens de academici alleen maar een islamoloog bij om hem te doen bevestigen wat zij zelf al denken. Die reactie is begrijpelijk, schrijven ze, want vele vakgenoten laten totaal tegenstrijdige geluiden horen.

Doelen jullie daarbij op professor Urbain Vermeulen, die enkele maanden geleden door de Leuvense rector op de vingers werd getikt vanwege zijn uitlatingen over de Arabische wereld? Vermeulen is bekend om zijn stelling dat de dialoog tussen moslims en christenen onmogelijk is.
Jan Van Reeth: (grijnst) Dat is een netelige vraag. Vermeulen neemt het standpunt in van een historicus. De dialoog die als gevolg van het Tweede Vaticaans Concilie is gestart op initiatief van de kerk, werd in de jaren zeventig gefnuikt door fundamentalistische stromingen in de islamwereld. Wij kijken echter naar de recente ontwikkelingen en daar is overduidelijk te zien dat de dialoog voortdurend aan de orde van de dag is. Het pausbezoek aan Egypte heeft enorm veel tot stand gebracht. Als de paus binnenkort naar Syrië gaat, is dat een teken dat de islamwereld wel zal verstaan?’
Daniel De Smet: ‘We hadden het werk van een Grieks-orthodoxe filosoof gelezen over wat het oosterse denken scheidt van het westerse. Aangezien denkers uit de moslimwereld tot dezelfde conclusies komen als intellectuele christenen uit het Oosten, concludeerden wij dat er wel degelijk een dialoog bestaat tussen christenen en moslims.’

Ondanks deze dialoog bestaat er nog altijd een vijandig beeld van de islamwereld.
Van Reeth: ‘Er leeft blijkbaar een soort panische angst, vooral wat veiligheid en criminaliteit betreft. Nog niet zolang geleden is met de val van het ijzeren gordijn de dreiging van de grote beer verdwenen. Het westen is blijkbaar op zoek naar een nieuwe, mogelijke vijand. Maar de islamwereld is toch geen militaire vijand voor het Westen, behalve dan als dat zelf de wapens gaat leveren. Deze kwestie houdt ook verband met de problemen in Algerije. Ik heb vaak de indruk dat het Westen zich door de Algerijnse regering een rad voor de ogen laat draaien, want daar is meer aan de gang dan alleen maar een conflict met fundamentalisten.’

Maar fundamentalisme is toch een reëel probleem in verschillende Islamlanden.
De Smet: ‘Ik geef toe dat niet alle fundamentalismen voorbij zijn. Fundamentalisme is een poging om de klok terug te draaien, een beetje in de nasleep van de dekolonisatie, om zich af te zetten tegen het Westen. Maar het gaat hier om een utopie. Alles wijst er op dat in de meest geëvolueerde islamlanden de vooruitgang onomkeerbaar is. En bovendien, daar waar fundamentalisten aan de macht zijn gekomen, heeft dat geleid tot omgekeerde resultaten, zoals in Iran. Een échte theocratie heeft nooit echt bestaan, in Iran is die poging mislukt. De islamlanden kunnen dan twee wegen inslaan: ofwel laten zij hun erfgoed achterwege en ‘amerikaniseren’ zij zichzelf, ofwel kan men de rijke islamitische traditie aanpassen aan de moderniteit. Deze traditie is rijk genoeg om dergelijke confrontatie aan te gaan. Ondanks het feit dat in bepaalde gevestigde islamitische kringen er een achterstand bestaat. Er zijn evenwel genoeg jonge intellectuelen om dat te compenseren.’
Van Reeth: ‘Ook de achteruitstelling van vrouwen in vele islamlanden mag niet vanuit de koran worden verklaard, maar wel vanuit eeuwenoude geperverteerde gewoonten. Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen de godsdienst zelf en de islamitische gebruiken, die voor een stuk zelfs op oude oosterse tradities teruggaan. Fundamentalisme staat eigenlijk haaks op de islam. Bij oosterse auteurs is er een veel groter gevoel voor verschillende waarheden. In het Westen wordt de geschiedenis vaak alleen bekeken vanuit het standpunt van één volk: dan krijg je een eenzijdig beeld dat aanleiding kan geven tot conflicten. Door Arabische intellectuelen wordt nog al eens gezegd dat de westerse moderniteit een grond tot totalitarisme in zich draagt. In de Arabische literatuur worden vele dingen naast elkaar verteld, met verschillende invalshoeken.’

Waarom zijn uw vaatstellingen nog niet eerder opgemerkt en aan het publIek bekendgemaakt?
Van Reeth: ‘Er is een groot verschil hierin tussen Vlaanderen en Wallonië. Aan Franstalige zijde zijn er meer universiteiten waar islamkunde gedoceerd wordt. Er heerst daar ook een
andere sfeer, met grotere tolerantie en openheid. In Vlaanderen zit dat debat over de islam veel meer gepolariseerd. Ik denk dat dat door de welbekende politieke evolutie is.’
De Smet: ‘Van de islamwereld accepteert men weinig, als er daar iets gebeurt, worden alle moslims collectief verantwoordelijk gehouden. Wat kan een allochtone burger in België of een Egyptenaar eraan doen dat de Taliban in Afghanistan floreren? Dat wantrouwen is ook specifiek aan de Vlaamse situatie. We hebben massaal gastarbeiders ingevoerd, zonder daarbij na te denken wat daarvan de consequenties zouden zijn. Behalve arbeiders zijn dat ook mensen met verlangens, een religie en ee’n cultuur. Nu er al een vierde generatie is, wordt er nog een debat gevoerd over integreren en assimileren. Dal is nonsens. Dat debat is achterhaald, want er is een sterke ontvoogding aan de gang in de migrantengemeenschap. We zouden beter die uitgestoken hand grijpen in plaats van steeds terug te keren op dingen van het verleden.’

In welke mate spelen de intellectuelen van de allochtone gemeenschap een rol?
Van Reeth: ‘Wel, je merkt bij voorbeeld aan de Vlaamse universiteiten dat allochtone studenten zich verenigen en werken omtrent democratisering en cultuur. Dat zijn de intellectuele kaders van de allochtone gemeenschap van morgen.’
De Smet: ‘De mensen zijn natuurlijk naar hier gekomen zonder kaders. Daarom is er lange tijd een stiefmoederlijke intellectuele behandeling geweest van de moslimgemeenschap. Een intellectueel centrum als de moskee van Brussel werd volledig gefinancierd door Saoedi-Arabië. De meeste imams bij ons zijn opgeleid in het Oosten en hebben weinig voeling van de Belgische context?’
Van Reeth: ‘Voor een stuk is dat ook onze fout, omdat hier nog altijd het debat woedt over de vraag of integratie wel compatibel is met het aanleren van eigen taal en cultuur. Men denkt hier nog steeds in termen van 'als ze alles van vroeger maar zo snel mogelijk vergeten, dan kunnen ze zich integreren’. Daarmee creëer je alleen maar mensen die nog meer gefrustreerd worden en bovendien cultureel ontworteld. Nederland staat hierin veel verder. Wanneer de ouders het vragen, kunnen de kinderen onderwijs krijgen in hun oorspronkelijke taal. Men maakt daar ook handboeken en en woordenboeken in het Arabisch, Hindi, Urudu enzovoort. Men leert de allochtonen om zich te verdiepen in hun eigen traditie, wat niet uitsluit dat zij goede Nederlandse burgers kunnen zijn. Als die mensen hun eigen cultuur beter kennen, gaan ze zich ook meer thuisvoelen en verstaan ze tenminste hun grootouders. In België zijn er ontzettend veel allochtone jongeren die noch goed Nederlands, noch goed Arabisch spreken.

Terug naar het begin van de pagina



Religie.opzijnbest.nl - De beste links over religie voor u verzameld.