De discussie over het aanbod van zedenleer in het katholiek
onderwijs is een variant van het aanbod van islamonderricht, bekeken vanuit
het levensbeschouwelijk standpunt, maar is heel verschillend, bekeken vanuit
het religieus standpunt. Ik verwijs naar
-
Een nieuwe
werktekst (waarop we graag je reacties verwachten) , Lessen islamitische
godsdienst (islamonderricht) in katholieke scholen
Wat Beatrijs Pletinck schrijft, is correct. Maar
is het katholiek onderwijs niet dubbelzinnig in zijn houding. Het zegt enerzijds
dat het alle leerlingen toelaat die het pedagogisch project onderschrijft
, en erkent dat leerlingen van verschillende levensbeschouwingen in haar
scholen aanwezig zijn, en dat ze met hen wil rekening houden in het godsdienstonderwijs.
Ik stel me vaak de vraag wat het realiseren van het pedagogisch project wel
kan inhouden. Want hoe kan je dat realiseren, als leerlingen van andere levensbeschouwingen
aanwezig zijn, die erkent en ermee wilt rekening houden. In het godsdienstonderwijs
op de katholieke school (en wellicht ook wel in de andere lessen) wil men
wel wat islam, atheïsme enz. geven. Men wil niet dat het als afzonderlijk
vak gegeven wordt. Ik heb dan de indruk dat het dan niet in de eerste plaats
gaat om het vak, de inhoud, maar om de persoon die het geeft. Want het vak
islamonderricht of zedenleer kan maar gegeven worden door een islamlerarar
of een leerkracht zedenleer. Zo'n leerkracht wordt uiteindelijk niet door
de eigen inrichtende macht aangesteld, maar door een bepaalde Erkende Instantie.
Dat zou dan betekenen dat een schoolbestuur van het vrij onderwijs niet volledig
de macht over zijn personeel, over de inhouden op school, enz. zou
hebben. Daar wringt wellicht het schoentje.
Als het katholiek onderwijs consequent met zichzelf wil zijn, dan zou het
geen leerlingen van andere levensbeschouwingen mogen aanvaarden, want het
stelt toch voortdurend dat het zijn eigen pedagogisch project wil realiseren.
Tenzij het ons eens uitlegt hoe je dat realiseert in een multi-levensbeschouwelijke
omgeving.
In heb hier het katholiek onderwijs in zijn enge zin benaderd. Er zou toch
ook wel eens katholiek onderwijs kunnen bestaan, waarvan alleen het schoolbestuur
(en dan nog) katholiek is en de leerlingen 100 % tot andere levensbeschouwingen
behoren. Het hangt er alleen maar van af hoe 'katholiek onderwijs' wordt
ingevuld.
De Standaard, 19 februari 2003,
HET katholiek onderwijs ligt al van bij het aantreden van deze regering
ideologisch onder vuur. In het regeerakkoord van juni 1999 stond al dat,
wanneer een katholieke school een gemeenteschool overneemt, voor die katholieke
school de verplichting ontstaat om naast godsdienst ook het vak zedenleer
in haar programma te voorzien. En de tekst van het regeerakkoord gaat nog
verder: het godsdienstonderwijs moet in die school door een leermeester gegeven
worden. De katholieke school is ook verplicht om een schoolwerkplan, een
schoolreglement en schoolboeken te hanteren die overeenstemmen met het pluralistische
karakter van de (overgenomen) school.
De regering heeft haar intenties nu uitgevoerd in het oriderwijsdecreet
XIV, dat vorige week werd goedgekeurd in het Vlaarns parlement. In een eerste
versie werd, conform het regeerakkoord, de verplichting rechtstreeks opgelegd
aan de overnemende vrije katholieke school. Maar de regering hield geen rekening
met de Raad van State, die grondwettelijke rechten van de burger waarborgt.
De Raad oordeelde dat die bewuste bepaling strijdig is met de vrijheid van
onderwijs, zoals bepaald in de grondwet. „De ontworpen regeling verplicht
immers, bijvoorbeeld, een vrije confessionele school die haar eigenheid in
een bepaalde godsdienstige opvattingen vindt, die eigenheid op te geven door
de leerlingen de keuze te laten niet-confessionele zedenleer te volgen in
plaats van het godsdienstonderricht.” Het advies van de Raad van State is
duidelijk en wel overwogen. Zowel de belangen van onderwijsinrichters als
de belangen van de onderwijsgebruikers worden in overwegjng genomen. De vrijheid
van onderwijs zoals die is geconcipieerd in onze grondwet, bevat immers twee
aspecten. Er is vooreerst de actieve vrijheid die slaat op het inrichten van
onderwijs; daarnaast is er de passieve vrijheid, die inhoudt dat ouders of
leerlingen het onderwijs kunnen kiezen dat het meest met hun levensopvatting
overeenstemt Wat dit laatste betreft, de passieve onderwijsvrijheid, is het
de Vlaamse Gemeenschap die door de grondwet verplicht wordt de keuzevrijheid
van de ouders te waarborgen: "Om die keuzevrijheid te waarborgen richt de
gemeenschap neutraal onderwijs in dat de filosofische, ideologische of godsdienstige
opvattingen van de ouders en de leerlingen eerbiedigt en subsidieert zij onderwijsinstellingen
die hun eigenheid vinden in een bepaalde godsdienstige, filosofische of onderwijskundige
opvatting.” Dit kan bijvoorbeeld een katholieke school zijn. De Raad neemt
beide aspecten van de onderwijsvrijheid in overweging en komt zo tot de conclusie
dat een overgangsscenario aanvaardbaar is. ,,Zo zou kunnen worden bepaald
dat enkel de leerlingen die op het ogenblik van de fusie of overname in de
vestigingsplaats school lopen, het recht behouden om voor onderricht in de
zedenleer te blijven kiezen zolang ze er onderwijs volgen. Een dergelijke
regeling zou de actieve onderwijsvrijheid, gelet op de fusie of overname
en de daarmee gepaard gaande aanpassingen, niet onredelijk aantasten. Maar
het argument van de continuïteit kan niet worden ingeroepen om de overnemende
vrije school te verplichten om onbeperkt in de tijd en voor alle leerlingen
in de betrokken vestigingsplaats de mogelijkheid te bieden om voor zedenleer
te kiezen. Indien wordt geoordeeld dat er continuïteit moet zijn, dan
moet de betrokken inrichtende publiekrechtelijke rechtspersoon ‘daarvoor
zelf instaan.”
De intentie van de regering om de keuzeverplichting voor altijd op te leggen
aan een vrij schoolbestuur is volgens de Raad van State dus ongrondwettelijk
Daardoor is de kans groot dat het Arbitragehof de bewuste bepaling vernietigt
en daarom kiest de regering nu voor een omweg. In een tweede versie, die
uiteindelijk goedgekeurd werd door het Vlaams parlement, wordt de verplichting
opgelegd aan het openbaar bestuur dat zijn school overdraagt. Via een rondzendbrief
wordt dan bepaald dat het betrokken openbaar bestuur, in samenspraak met
het vrij schoolbestuur garanties moet uitwerken om de keuzevrijheld voort
te zetten. Die
garanties kunnen nooit inhouden dat de overnemende vrije school verplicht
wordt om onbeperkt in de tijd en voor alle leerlingen in de overgenomen school/vestigingsplaats
de mogelijkheid te bieden zedenleer te kiezen. Mocht dat toch het geval zijn,
dan is de regering allesbehalve correct: wat te denken van een regering die
een ongrondwettelijke verplichting via een rondzendbrief doorschuift naar
een openbaar bestuur?
De aangehaalde tekst is nog onvolledig.
| De Standaard , Katholiek onderwijs speelt bal terug
naar officiële net |
|
|
BRUSSEL -- Het katholieke onderwijsnet blijft weigeren ,,ten
eeuwigen dage'' zedenleer aan te bieden bij de overname van een gemeenteschool,
ook al is daarover een decreet goedgekeurd. De Guimardstraat leest in de
Vlaamse wettekst dat het openbaar bestuur ervoor moet zorgen dat ouders de
keuze (blijven) hebben.
Het Vlaams Parlement keurde twee weken geleden het onderwijsdecreet
XIV goed. Dat is een verzameldecreet met allerlei bepalingen, waaronder richtlijnen
voor de overname van een gemeenteschool door een vrije (katholieke) school.
Volgens het decreet kan zo'n overname pas als er garanties zijn ,,opdat
de keuze wordt aangeboden in één der erkende godsdiensten en
de niet-confessionele zedenleer''.
De Raad van State liet in een advies over het decreet weten dat de overheid
zo'n tijdelijke overgangsmaatregel kan opleggen, maar dat ze niet kan verwachten
dat het aanbod ,,ten eeuwigen dage'' standhoudt. Beatrijs Pletinck, secretaris-generaal
van het Vlaams Verbond Katholiek Basisonderwijs, stelt vandaag dat ,,het
katholiek onderwijs dat advies consequent wil opvolgen''.
Volgens Pletinck zal een overgangsregeling worden uitgewerkt voor de kinderen
die al les volgen in de school en wordt voorts ,,de vrije keuze regeling
gerespecteerd''. Volgens de onderwijskoepel betekent dat dat ouders binnen
een straal van vier kilometer de keuze hebben uit de verschillende godsdiensten
en zedenleer. Dat kan dan in een andere gemeenschaps- of een gemeenteschool.
,,Zoals het decreet zegt, is het het openbaar bestuur dat ervoor moet
zorgen dat die keuze er is'', argumenteert Pletinck. ,,Wij vinden ons voorstel
redelijk. We willen zedenleer aanbieden als overgangsmaatregel maar niet
permanent. Dat is niet combineerbaar met ons opvoedingsproject.''
Ze ontkent dat de koepel hiermee het decreet naast zich neerlegt en maakt
zich sterk dat de visie juridisch en politiek haalbaar is. In plaats van
de verplichting op te vatten als één die expliciet geldt voor
de over te nemen school, beschouwt het katholiek onderwijs het aanbod per
regio.
|
|
|
| De Standaard , School met zedenleer uit katholieke
net gegooid |
|
|
Van onze redacteur
BRUSSEL -- Een katholieke school die zedenleer en lessen in andere
godsdiensten aanbiedt, wordt uit het katholieke net verwijderd, tenzij het
gaat om een overgangsregeling bij een schoolovername.
Die stelling namen vicaris Jaak Janssen van het bisdom
Hasselt en het Vlaams Secretariaat van het Katholiek Basisonderwijs (de
Guimardstraat ) gisteren in. Dit is een stap in het escalerende conflict
hierover met de regerende paarsgroene meerderheid. En dit is een waarschuwing
voor het katholiek onderwijs in Sint-Truiden dat een akkoord sloot met de
stad over de overname van enkele gemeentescholen. Volgens één
interpretatie van dat akkoord, beloofde het lokale katholieke onderwijs dat
de overgenomen scholen altijd zedenleer en andere godsdiensten zullen aanbieden.
Volgens een andere niet. Deze laatste strookt met de interpretatie die de
Guimardstraat geeft aan onderwijsdecreet XIV en die Beatrijs Pletinck vandaag
beschrijft in een opiniestuk.
,,Uit het net gegooid worden'', is een uiterst zeldzame maatregel. En
een ingrijpende. ,,Vastbenoemde leerkrachten die werkloos worden, kunnen
dan niet in andere scholen gereaffecteerd worden. De school krijgt dan ook
geen pedagogische en andere begeleiding van ons'', zegt Beatrijs Pletinck.
,,Dat strookt niet met ons opvoedingsproject. De bisschop beslist of een
school werkt volgens dit project en erkend wordt als katholieke school. Hij
kan de erkenning ook intrekken.''
|
|
|
| Katholiek net hoeft geen zedenleer te blijven geven
in overgenomen gemeenteschool ( http://www.standaard.be/nieuws/binnenland/index.asp?articleID=DST12122002_002
) |
|
|
Van onze redactrice
|
| ©rr |
BRUSSEL -- Een overgenomen gemeenteschool in het katholieke net
die zedenleer en andere godsdiensten blijft aanbieden aan de leerlingen die
ze mee overneemt: volgens de Raad van State kan het. De school verplichten
dat vol te houden, kan niet. Met zijn advies geeft de Raad van State de oppositiepartij
CD&V gelijk.
Volgens de Raad van State staat de grondwettelijke vrijheid
van onderwijs een overgangsregeling voor het godsdienstpakket in overgenomen
gemeentescholen niet in de weg. Dat betekent dat de -- dan katholieke --
school zedenleer of bijvoorbeeld islam blijft aanbieden aan de kinderen die
dat vak al volgden voor de overname. Als de laatste leerling die dat vak volgde,
vertrokken is, kan de school zich (weer) concentreren op katholieke godsdienst.
De bepalingen over de overname van een gemeenteschool zijn opgenomen
in onderwijsdecreet XIV dat begin januari voort besproken wordt door de
commissie onderwijs van het Vlaams Parlement. De christen-democraten hebben
op het bewuste artikel een amendement ingediend.
In het advies daarover zegt de Raad van State dat een overgangsregeling,
zoals de CD&V die voorstelt, mogelijk is. Volgens het advies raakt zo'n
regeling wel aan de grondwettelijke vrijheid van onderwijs, maar staat ze
die niet in de weg ,,om tegemoet te komen aan de gerechtvaardigde verwachtingen
van de betrokkenen''. Ook zij kunnen zich beroepen op hun grondwettelijke
vrijheid om het onderwijs te kiezen dat het meest met hun opvattingen strookt.
Over de verplichting om altijd zedenleer en andere godsdiensten te blijven
geven, zoals opgenomen in het decreetontwerp van Marleen Vanderpoorten (VLD),
zei de Raad van State al dat dat niet kan. Vanderpoorten wil de verplichting
invoeren met terugwerkende kracht vanaf 1 september 2002.
Concreet gaat het over vier basisscholen die dit schooljaar zijn overgegaan
van het gemeentelijke naar het katholieke net. Eén van de scholen
ligt in Berlare, de gemeente van VLD-voorzitter Karel De Gucht.
Volgens Vanderpoorten dateert het plan van de vorige regeerperiode. Ze
benadrukt dat de verantwoordelijkheid bij de gemeente(school) ligt, die
het nodige respect moet opbrengen voor alle levensbeschouwelijke vakken.
Als zij haar school wil zien opgaan in het katholieke net, moet ze zorgen
voor langetermijngaranties voor de godsdienst- en zedenleerlessen.
|
|
12/12/2002
|
Alexandra De Laet
|
|
Katholiek Onderwijs tegen verplichte inrichting van zedenleer
(16 april 2002)
Het VSKO, zijn Verbonden en Diensten bepalen uitdrukkelijk in hun
“Opdrachtsverklaring van het katholiek onderwijs in Vlaanderen” (Algemene
Raad van het Katholiek Onderwijs – 1994) dat de katholieke school een onderwijs-
en opvoedingsgemeenschap is met duidelijke doelstellingen die zij omschrijft
in een christelijk-gelovig opvoedings- of vormingsproject. De katholieke
school vervult haar opdracht in een multireligieus en multicultureel samenlevingsverband.
Het vrij katholiek onderwijs wil respect opbrengen voor de levensbeschouwingen
van anders en niet-gelovigen. In dialoog met de christelijke levensvisie,
kan elke zingevingsvraag in alle openheid besproken worden.
Scholen met een katholiek schoolbestuur naar aanleiding van een fusie met
of overname van een officiële school effectief verplichten lessen aan
te bieden vanuit andere levensbeschouwingen, is voor het VSKO, zijn Verbonden
en Diensten helemaal niet voor de hand liggend. Een vrij katholiek schoolbestuur
moet immers steeds meester blijven over de inhoud die het van uit zijn eigen
opvoedingsproject geeft aan de “fundamentele uitgangspunten voor een school
en haar werking”.
Het VSKO, zijn Verbonden en Diensten aanvaarden dan ook geen verplichte
inrichting van andere levensbeschouwingen.
Religie.opzijnbest.nl
- De beste links over religie voor u verzameld.