Wereld Oorlog I



Wereld Oorlog I (1914)

Voor het uitbreken van de vijandelijkheden staat het Belgisch veldleger (vier legerdivisies en een cavaleriedevisie) opgesteld achter de Gete. De Vestingen Luik en Namen worden elk verdedigd door een legerdivisie.

Op 4 augustus vallen vijf Duitse legers (52 infanterie-, 7 cavaleriedivisies en 12 landwehrbrigades) België binnen. De Duitsers voeren een verrassingsaanval uit op Luik, waarvan het laatste fort op 15 augustus valt.

Na de val van de vesting Luik trekt het veldleger zich terug op het Nationaal Reduit Antwerpen. De Duitsers vallen Antwerpen voorlopig nog niet aan en stellen er slechts een observatiekorps op. Ons veldleger zal twee uitvallen doen met als doel de strategische spoorlijn Luik-Brussel-Bergen, langswaar de Duitsers hun aanvoer doen naar het front. Op 4 september 1914 doen de Duitse troepen, slechts gesteund door licht geschut, een verrassingsaanval op Antwerpen. Het zwaartepunt bevindt zich op de as Walem-Breendonk. De forten slaan de aanval gemakkelijk af.

Het aanvalsplan voorziet een zogenaamde verkorte aanval in de sector Walem-Lier, met drie divisies in lijn, gesteund door de machtige Duitse belegeringsartillerie.

Een bombardement moet eerst het geschut van de vesting uitschakelen, gevolgd door een stormaanval op de forten en de intervallen tussen de forten. Twee tot drie dagen duurt het bombardement. De Duitsers zetten 30,5 cm en 42 cm-kalibers in. De rechtstreeks aangevallen forten, slechts bestand tegen 28 cm-kalibers, zijn weldra buiten gebruik.

Op de avond van 2 oktober trekt Koning Albert het veldleger terug achter de Rupel-Netelijn. De rol van de forten is uitgespeeld.... Op 7 oktober trekt het veldleger uit de Vesting Antwerpen af naar de IJzer, uit vrees anders afgesloten te worden van de geallieerden. Op 9 oktober geeft de rechteroever zich over, een dag later de linkeroever. Dit is het einde van de weerstand van het Nationaal Reduit.

Het fort van Liezele ligt bij dit alles buiten de eigenlijke aanvalszone van de Duitsers. Vanaf 4 augustus worden er verdedigingswerken uitgevoerd rond de vesting, meestal door burgerarbeiders, later ook door de troepen zelf. In de tussenruimten worden loopgrachten, schuilplaatsen en artilleriestellingen aangelegd. Begin augustus krijgen de mensen van het dorp Liezele 24 uur de tijd om met hun hele hebben en houden te vertrekken. Ontelbare mensen uit de streek zijn op de dool en zoeken nieuwe huisvesting bij familie of vrienden. Het schootsveld wordt opgeruimd tot op 1200 m en een continue draadhindernis aangelegd. Het dorp Liezele, grote stukken van de Heide, de Kimpelberg en de Essendries worden afgebrand om vrij zicht te krijgen. Op het fort worden de ontbrekende betonwerken aan de koepels uitgevoerd of gecamoufleerd door middel van zand- of cementzakjes.

Bij de Duitse aanval van 4 september komt Fiévez niet tussenbeide, omdat hij zijn munitie niet wil verspillen. Toch opgeschrikt door de onverwachte aanval laat de commandant van het fort een dag later de ruïnes van het dorp Liezele platleggen. Die dag brengt Koning Albert een bezoek aan het fort.

Foto: De Belgen branden in een straal van meer dan één kilometer alle huizen plat. Liezele wordt zwaar getroffen.



TripAdvisor



Bezoek ons ook hier



Het boek "Klein-Brabant in Oorlog"
is terug beschikbaar!