Bij macro's gaat het om het fotograferen van kleine voorwerpen, zoals insecten, juwelen, enz..
Om een klein
voorwerp "groot" op een foto te krijgen zal men dus het beeld van dit voorwerp
met een sterke lens moeten uitvergroten. De maat van
vergroting wordt weergegeven door een factor. Men spreekt
van een "macro" wanneer de vergroting's factor 1:1 of
groter is, bij een kleinere vergroting van vb 1:2 spreekt men van "close-up".
Een vergroting van 1:1 betekend dat een voorwerp op ware grootte op het vlak van de CCD (beeldchip van de camera) wordt geprojecteerd.
Een voorbeeld van een 1:1 macrofoto van een cactus plantje met kopspeld.
Macro lenzen voor digitale spiegel reflex toestellen.
De meeste macrolenzen voor digitale spiegel reflex camera's worden
gecombineerd met " vaste brandpuntsafstand " (prime) lenzen: 50-105-150-180mm.
Soms worden
ze ook gecombineerd met zoom objectieven, maar die zijn minder
interessant omdat deze lenzen op zich veel minder lichtsterk zijn dan
lenzen met een vaste brandpuntsafstand.
De vergrotingsfactor bij zoomlenzen
is meestal ook kleiner (meestal 1:2) dan bij vaste brandpuntsafstand lenzen
(meestal 1:1)
Uitdagingen bij macro fotografie
Beweging.
Het beeld wordt bij een macrofoto sterk uitvergroot, de minste beweging zal
dus resulteren in een onscherpe foto.
Een statief zal in de meeste gevallen aangewezen zijn. lenzen met beeldstabilisatie hebben hier ook hun voordeel.
Licht. Een kleine oppervlakte wordt sterk uitvergroot over een veel groter
oppervlak, er zal dus veel licht nodig zijn om voldoende belichting
te verkrijgen. Lichtsterke lenzen (zie rubriek " lenzen") bieden zeker een voordeel.
In de meeste gevallen zal ook bijkomende verlichting zoals
ringverlichting of ringflitsen nodig zij, ook het verhogen van de ISO
instelling is een handig hulpmiddel om de foto correct belicht te krijgen.
Scherptediepte. (DOF) Door de sterkte van de lens wordt de scherptediepte zéér klein (soms
minder dan 1mm).
Om deze toch nog acceptabel te maken, gaat men de
diafragma opening verkleinen (groot getal), maar daardoor verliest men terug
aan licht.
Soms ziet men macrofoto's die over een grote diepte scherp zijn, dit wordt
meestal verkregen door verschillende foto's na elkaar te nemen met
focussering op een steeds verder liggend punt.
Nadien worden met een foto
bewerkingssoftware de scherpe delen van de verschillende foto's op elkaar
gelegd Deze techniek wordt besproken in de rubriek:"Image stacking"
Tips
Keuze van het focuspunt.
Het focuspunt wil je op de stamper bij bloemen of de ogen bij insecten leggen, als dat het dichtste punt is verlies je wel de helft van de scherptediepte, je kunt het scherpstelpunt in dit geval beter iets naar achter leggen.
Test even uw lens.
Sommige lenzen hebben last van een weinig front of backfocus, dit is niet erg als je het weet, dan kan je er rekening mee houden. Je kunt het testen door op een meetlat een merkteken aan te brengen en de meetlat onder een helling op tafel te leggen (methode : zie "Meten DOF") . Dan fotografeer je loodrecht en stel scherp op het merkteken. controleer of het merkteken op de foto in het midden van de DOF ligt.
Indien niet, houd er rekening mee bij het scherpstellen van uw foto's (zie ook "Lenzen-lensfouten - back & front focus")
Diafragma grootte:
Hoe kleiner het diafragma (groot getal) hoe groter de DOF , maar bij heel kleine diafragma waarden krijg je minder scherpe foto's door de breking van het licht op de randen van het diafragma.
Statief:
Een statief is onontbeerlijk, maar bij 1:1 en hoger probeer ik toch om de sluitersnelheid niet te laag te nemen om bewegingsonscherpte te vermijden, als je flitst heeft het trouwens toch weinig zin, het geeft alleen meer bewegingsonscherpte en ruis.
Voldoende licht is heel belangrijk (klein diafragma -hogere snelheid)
Fotografeer in een plat vlak
Omdat de scherptediepte bij macro's zeer klein is ,tracht bij de keuze van het standpunt (vb bij vlinders) zoveel mogelijk in een plat vlak te fotograferen.
Aanscherpen.
De foto kan meestal nog iets bij gescherpt worden met een foto bewerkingsprogramma, zeker na het verkleinen van de foto, nog eens lichtjes aanscherpen maar zeker niet overdrijven
Invloed CCD grootte
Een Compact camera (met kleine CCD) geeft met minder sterke lenzen, dezelfde vergrotingsfactor als een DSLR (met grotere CCD), en een grotere scherptediepte (zie" Compact vs. DSLR")
Bokeh
Zorg voor voldoende afstand tussen voorwerp en de achtergrond, om een mooie wazige achtergrond (bokeh) te verkrijgen. Anders staat door het kleine diafragma waarmee gefotografeerd wordt (om grotere DOF te krijgen), ook de achtergrond scherp in beeld en dat is meestal niet mooi.
Invloed resolutie
Hoe groter de resolutie van uw camera hoe meer je achteraf kunt croppen, stel de camera dus op maximum resolutie, best op RAW
Hierna worden volgende onderwerpen behandeld:
1:1 Macrolens ...........................................................................
Deze rubriek geeft een inzicht hoe een macrolens werkt
Meer info i.v.m. lenzen kan je vinden in de rubriek: "Lenzen"
Macrostatief voor DSLR ..........................................................
Hier wordt een eigen ontwerp besproken geschikt voor Nikon DSLR (D70-D90)
Macro statief voor een compact camera Canon S40...........
DOF (scherpte diepte) is belangrijk bij macrofotografie.
Door de sterke vergroting is enkel een heel klein gebied scherp.
Hier wordt getoond hoe je scherptediepte bij macro kunt meten.
Bekijk ook de rubriek "Beeld stacking " hoe je de scherptediepte bij macro's drastisch kunt verbeteren.
Hier wordt stilgestaan bij verschillende mogelijkheden voor macrolenzen, ook wat je zelf kunt maken.
Compact versus DSLR ..............................................................
Wat zij de verschillen tussen een compact camera en een crop DSLR camera bij macro fotografie.
Waarom is macrofotografie eenvoudiger met een compact? Hier krijg je het antwoord.
Enkele voorbeelden .................................................................