Acta Diurna
A
C
T
A

Mythologie

  Mythical Corner




 Auteur :
 Dr. Sophie Ramondt

De Schepping

Voor de schepping van de wereld bestond alleen de Chaos. Dat was een donkere vormloze massa waarin de elementen aarde, water, lucht en vuur dooreen-woelden. Van alles wat nu bestaat en leeft lagen de kiemen in die massa verscholen, zoals zaad in de donkere aarde ligt.

Toen gebeurde het wonder, dat scheppende krachten in de Chaos gingen werken. Aarde en water werden van elkaar gescheiden, de hemel welfde zich over de aarde, sterren en planeten vormden zich in de ijlste sferen van de hemel. Langzamerhand werden alle verborgen kiemen tot leven gewekt.

Aarde en Hemel heetten bij de Grieken Gaia en Ouranos en zij werden door hen gezien als een machtig godenpaar, dat bij het begin van de schepping heerste over het heelal. Gaia, Moeder Aarde, bracht vreemde reuzenkinderen ter wereld, de Titanen en de éénogige Kyklopen. De vader zelf was bang voor hun enorme kracht en wierp die zoons en dochters dadelijk na hun geboorte in een diepe duistere afgrond, de Tartaros.


Kronos

Opstandig raasden en tierden de reuzen in de diepte waar ze in boeien geklonken lagen. Tenslotte kon hun moeder Gaia het niet langer verdragen: ze slaagde erin af te dalen in de gevangenis van haar kinderen en hitste ze op om hun vader van zijn heerschappij te beroven. Maar alleen de jongste Titan, Kronos, waagde het zijn moeders plan te gaan uitvoeren. Door haar uit zijn boeien bevrijd en met een zeis gewapend ging hij zijn vader te lijf, overweldigde hem en sloeg hem op zijn beurt in boeien. Zo maakte hij zich meester van de heerschappij over het heelal, in de verwachting die wel eeuwig te zullen behouden. Maar zijn overwonnen vader vervloekte hem en voorspelde dat hem datzelfde lot zou treffen, door zijn zoon van de troon gestoten te worden.

Lange tijd was Kronos’ bewind voorspoedig. Hij had zijn broers en zusters Titanen ook bevrijd en aan ieder van hen een bepaalde taak toebedeeld. Zo heersten zij dan met hun oerkrachten samen over het heelal. Toen nam Kronos zijn zuster Rhea tot vrouw. Bij de geboorte van hun eerste kind kwam de vervloeking van zijn vader hem voor de geest en uit angst verslond hij het. Zo deed hij ook met alle andere kinderen die Rhea hem schonk, de dochters evengoed als de zoons. De verbijsterde moeder stond er machteloos tegenover, totdat zij een list verzon. Toen zij haar zoon Zeus ter wereld had gebracht (voor de veiligheid in een grot op het eiland Kreta) wikkelde zij een grote steen in windselen en gaf die, quasi-wanhopig, aan haar man. Zonder te kijken wat hij voorgezet kreeg verslond Kronos die, juist zoals hij de zuigelingen verslonden had.

Intussen liet Rhea het kind in het Idagebergte op Kreta verzorgen en door een geit, Amaltheia, voeden. Om te verhinderen dat Kronos het schreeuwen van de zuigeling zou horen, werd het door priesters van Rhea, de Koureten, overstemd met luid gezang, gedans en wapengekletter. Zo kon het kind ongehinderd opgroeien.

Uit dankbaarheid voor de goede zorgen van Amaltheia zou Zeus haar later als sterrenbeeld aan de hemel zetten. Eén van haar horens maakte hij tot een toverding: de Horen des Overvloeds waaruit steeds opnieuw verrukkelijke vruchten tevoorschijn kwamen.

Nauwelijks was Zeus groot en sterk genoeg geworden of hij viel zijn vader Kronos aan en stootte hem van de troon. De voorspelling van zijn grootvader Ouranos was in vervulling gegaan ! Men gaf Kronos een walgelijke drank te drinken, zodat hij niet alleen de steenklomp, maar ook al zijn kinderen één voor één weer uitbraakte. Het waren: Poseidon, Hades, Hera, Demeter en Hestia, aan wie de nieuwe heerser Zeus later belangrijke taken zou toedelen juist zoals Kronos het aan zijn eigen broers en zusters had gedaan. Als godenwoonplaats schiep hij een schitterend paleis in de hemel, op de hemelhoge top van de berg Olympos in het noorden van Griekenland.


De strijd tussen goden en Titanen

Voordat echter de heerschappij van deze jonge goden en godinnen onder Zeus’ oppermacht voorgoed gevestigd was, moesten ze nog een zware strijd voeren. Want de Titanen waren niet van plan zich aan hen te onderwerpen en natuurlijk ging het verzet in de eerste plaats uit van de onttroonde Kronos. Bovendien had Gaia, Moeder Aarde, nog meer geweldige reuzen voortgebracht, de Giganten, die haar opstandige oudere zoons kwamen helpen.

Zeus bevrijdde nu de Kyklopen die nog altijd in de Tartaros zaten opgesloten, op voorwaarde dat ze een onoverwinnelijk wapen voor hem zouden maken: ze waren namelijk knappe smeden. Zo kreeg Zeus de beschikking over de bliksemschichten, waarmee hij voortaan angst en ontzetting zou kunnen verwekken, allereerst in de strijd om de heerschappij die nu ontbrand was.

Om de Olympos te bestormen stapelden de reuzen daar dichtbij in het land Thessalia de bergen Ossa en Pelion op elkaar. Maar Zeus smeet ze vanaf zijn bergtop met zijn bliksem neer. Lange tijd duurde de worsteling, waaruit tenslotte toch de jonge Olympische goden als overwinnaars te voorschijn kwamen. De Titanen, die zich niet onderwierpen, werden weer in de Tartaros opgesloten; Kronos kreeg een ereplaats in het dodenrijk: hij werd door zijn zoon Zeus tot heerser gemaakt over het heerlijke Elysion, waar de rechtschapen mensen na hun dood vertoeven.

Op Sicilië ligt nog steeds één der Giganten op wie Zeus het bergmassief van de Etna wierp na hem met een bliksemschicht te hebben getroffen. Bij tijden braakt hij nog in woede vlammen uit en, als hij zich onder de berg tracht om te wentelen, beeft de aarde ver in het rond.

Zo hebben dus de zonen en dochters van Moeder Aarde, ondanks hun geweldige oerkrachten, plaats moeten maken voor het nieuwe godengeslacht, voor de eeuwig jonge goden en godinnen die onder Zeus als hun opperste heerser voortaan troonden op de Olympos.

Van daaruit bestuurden dezen het leven van de mensen op aarde, sterfelijke wezens die onder Kronos waren geschapen.