de kastelen van Gheluvelt
Start Omhoog eerste slag om Ieper tweede slag om Ieper slag om Mesen lenteoffensief eindoffensief Hooge Hill 60 Sint Elooi bovengrondse oorlog ondergrondse oorlog

educatieve site over de eerste wereldoorlog aan de Ieperboog ( en de IJzer )

Destijds kon de omgeving van Ieper landschappelijk de vergelijking, met bijvoorbeeld, de streek van Brugge doorstaan. Niet alleen omdat het een bosrijk gebied was met schaars bewoonde dorpjes maar ook door zijn vele kastelen en landhuizen. Het bezitsgenot was toen nog, meer dan nu, maar voor enkelen: de uiterlijke pracht kon iedereen bewonderen.
Binnen de dorpsgrenzen van Gheluvelt waren drie prachtige domeinen. Alle drie zullen ze een sleutelrol spelen in een of meerdere episoden van de eerste wereldoorlog: het Keingiaert domein, het Herenthage domein en  Polderhoek domein.

HET LANDGOED KEINGIAERT

Reeds vroeg in de eerste slag om Ieper komt het Keingiaert domein in de vuurlinies te liggen. Vanuit de richting Beselare en Geluwe komen de Duitse troepen opzetten. Maar de weerstand van de Britten is taai. Pas elf dagen na de inname van Beselare zullen de Duitsers het domein volledig in bezit nemen om er dan enkele uren later weer uit gejaagd te worden. De Britse weerwraak was zoet maar duurt niet lang maar het was een overwinning van groot psychologisch belang. Na taai weerwerk tegen de Duitse overmacht en meestal ordentelijk en telkens beperkt terugtrekken waren ze er nu in geslaagd met een gedurfde tegenaanval de Duitsers eventjes schaakmat te zetten. Vrij snel moesten ze het kasteeldomein Keingiaert weer ontruimen om iets verder westwaarts samen met de Fransen een gedegen verdedigingslinie op te zetten die de hele winter 1914-15 zou stand houden.


Het vooroorlogse kasteel

Meer nog dan het domein werd de kasteeldame een merkwaardigheid: jonkvrouw Leonie-Charlotte-Françoise Keingiaert de Gheluvelt die in 1932 het kasteel liet heroptrekken dat tijdens de oorlog compleet was verwoest.
Ze was de eerste vrouwelijke burgemeester van het land. Ze droeg de sjerp van 1921 tot 1927. Dan moest ze in de verkiezingen de duimen leggen voor een (kartel)lijst van Vlaamsgezinde oud-strijders (Fronters), socialisten en/of enkelingen die "samen" tègen jonkvrouw Keingiaert waren  maar in 1932 wint opnieuw haar lijst de verkiezingen en wordt ze weer burgemeester. Doorheen en naast veel politiek krakeel vecht zij nog een strijd uit met de pastoor omwille van een dispuut over de heropbouw van de kerk en de aanleg van het kerkhof. Ze weigert dan ook een voet in die kerk te zetten en woont de zondagsmis bij in Ieper. Wanneer dan ook nog een Franstalige man uit Luik bij haar gaat inwonen voedt dit niet alleen de roddels maar als deze man zich (in her Frans) dan ook nog in de politieke debatten gaat mengen is het hek van de dam. Als toevallig tijdens de Duitse inval in 1940 die man overlijdt - jonkvrouw Keingiaert was toen al gevlucht - zal hij zonder eredienst of andere plechtigheid zo maar begraven worden.
Dit neemt niet weg dat jonkvrouw Keingiaert, ondanks haar betweterige en paternalistische inborst en natuurlijk dankzij haar fortuin, veel voor de bewoners van Geluveld heeft gedaan.

 
Juffrouw Keingiaert de Gheluvelt was de eerste vrouwelijke burgemeester van het land

HET POLDERHOEK DOMEIN

Doordat zowel vanaf het najaar van 1914 tot de lente van 1915, als vanaf het najaar 1917 tot de lente van 1918,  ten het front noorden van Gheluvelt  golfde en aldus een buiging maakte van oost naar west (in plaats van noord naar zuid), werd dit gebied op de beide flanken door de Duitsers beheerst vanuit het Polderkasteel dat net in de punt lag. Naar het noorden toe waren zij bovendien beschermd door de Reutelbeekvallei en van op de zuidelijke oever hadden ze een uitstekend uitzicht. In 1917 hing voor de Duitsers van het behoud of verlies van de stellingen rond het Polderhoekkasteel ook in belangrijke mate het behoud of verlies van het hele Gheluveltplateau af. Immers oprukken via de Meenseweg was voor de Britten bijzonder moeilijk  door de aanwezigheid van een aantal formidabele bunkers en andere versterkingen - ondermeer het fameuze "Lewis House"  waar menige aanval op stuk liep - terwijl de Britten zuidelijk van de Meenseweg  de stellingen rond "Tower Hamlets"  op de "Everzwijnhoek" nooit volledig hebben kunnen innemen. Althans niet de meest zuidelijke (Berry Cottages en Hamp Farm). Infiltraties tussenin werden onmogelijk gemaakt door het totaal onbegaanbare terrein in de Krommebeekvallei . Bleef alleen over, een brede aanval vanuit het noordwesten, maar dit werd dus verhinderd door die stellingen rond het Polderhoekkasteel.

 
de tuindecoraties waren vermaard in de streek

Het polderhoekkasteel werd voor de oorlog beschouwd als het liefelijkste van de streek. Hoewel het eigenlijke gebouw eerder een landhuis was waren het vooral de hovingen die met enorm veel creativiteit werden aangelegd en met uitmuntende zorg onderhouden. Het getuigde van een zin voor levenskwaliteit, hoewel die toen natuurlijk nog maar voor enkelen was voorbehouden.
Het Polderhoekdomein was vrij groot (30 ha) en strekte zich ook uit langs de andere kant van de Reutelbeek tot tegen het Polygoonbos. Uiteraard werd van die Reutelbeek gebruik gemaakt om een kunstmatige vijver aan te leggen. De noordzijde was grotendeel bebost : het Hellebos dat de Britten "Cameron covert" zouden noemen. De zuidkant , rond het landhuis, stond  vol bloemen waardoor de mensen uit het omliggende dan ook spraken over het "Bloemenkasteel".
Na de oorlog werd niets heropgebouwd en kwam er een landbouwbedrijf in de plaats. Met de aanleg van een autoweg werd dit lieflijke Reuteldal doorkerft. Waar men vroeger het landschap vernietigde in naam van volk en vaderland, gebeurd dat  onlangs - alle verhouding in acht genomen -  omwille van de onstuitbare behoefte van de mobiliteit. Maar toegegeven: we doen er ook aan mee.

 
het kasteel straalde een   "zuiderse" sfeer uit

HET LANDGOED HERENTHAGE

Toen de Duitsers op 31 oktober 1914, tijdens de eerste slag om Ieper Gheluvelt veroverden trokken de Britten ongeveer één kilometer terug tot aan het Herenthagedomein. Intussen met de steun van de Fransen zullen ze op 11 en 12 november 1914 zware aanvallen afslaan van Duitse elitesoldaten (gardetroepen). Tijdens de winter van 1914-15 zullen de Fransen, die intussen de Britten volledig hebben afgelost, de linies houden aan de westzijde van de Bassevillebeek (die aan de oostkant van het domein loopt) met tegenover zich de Duitsers die de steile oostoever bezetten. Op 18 februari 1915 overschrijden de Duitsers de beek, bezetten eventjes het kasteel maar worden er terug uitgegooid .

Als gevolg van klappen die de geallieerden in het noorden van de Ieperboog kregen door de chloorgasaanval ontruimden de Britten, die intussen weer aan het front bij "Gheluvelt" de Fransen afgelost hebben, op 4 mei 1915, het Herenthage domein en verleggen hun linies 1500 meter westwaarts tot op de Zandberg (Clapham Junction). Later zullen ze nog verder terug gedrongen worden tot Hooge.

Met de aanvang van de derde slag bij Ieper , begin augustus 1917, krijgen de Britten het Herenthagedomein weer in het vizier. Vrij snel kunnen ze doordringen tot in het, aan de noordelijke kant van de Meenseweg gelegen deel (Inverness Copse) van het domein maar slagen er niet in hun posities te consolideren en moeten terugtrekken. Op 22 augustus volgt een nieuwe aanval langs weerzijden van de Meenseweg. Weer kunnen ze aanvankelijk goede vooruitgang maken, maar de Duitse tegenaanvallen doen hen andermaal wijken . Enkele dagen later zitten ze weer op hun oude posities.

Op 20 september hebben ze meer succes. Ze kunnen ten noorden van de Meenseweg de "Wilhelmstellung" doorbreken. Ten zuiden van de Meenseweg kunnen ze weliswaar het domein bezetten maar de steile oostoever van de Bassevillebeek is vooralsnog een niet te nemen obstakel. De volgende dagen en weken zullen ze weinig succesvol  ten zuiden van die Meenseweg  proberen verder op te rukken. De formidabele versterking die aangeduid wordt als "Tower Hamlets" verhindert dat voorlopig. Pas op 4 oktober kunnen ze hun linies enigszins opschuiven en de "Everzwijnhoogte" grotendeels bezetten. Het Herenthagedomein is niet langer frontlijn.

Het "Gheluveltplateau" volledig bezetten lukt niet zodat de Britten een halve kilometer westwaarts van het Herenthagedomein blijven steken. Deze posities zullen tijdens de winter 1917-18 niet meer wijzigen.

In het voorjaar van 1918 ontketenen de Duitsers hun "Lenteoffensief", ondermeer ten zuiden van Ieper. Omdat de Britten er in het nauw gedreven worden beslissen ze hun linies ten westen en noorden van Ieper in te korten. Op andere plaatsen wordt over een aanzienlijke afstand terug getrokken; op het"Gheluveltplateau" blijft dit aanvankelijk beperkt, waardoor op 16 april, ditmaal de westrand van het Herenthagedomein in de frontlinie  komt te liggen. Niet voor lang: op 26 april wordt andermaal teruggetrokken tot aan het kruispunt "Kruiskalsijde" ( Hell Fire Corner) , net voor Ieper.


Zo
zou het Herenthagekasteel eruit gezien hebben (naar een tekening van Ser. Vermote)

Het Herenthagedomein was sinds  eeuwen een begrip. Er stond een kasteel in "neo-klassieke" stijl, opgetrokken in witsteen, met ondermeer vier monumentale zuilen. De Duitsers zullen het "weisshaus"  heten terwijl de nabijgelegen stallingen aangeduid was als "rotes haus" . Verder stond er  in het park noch een optrekje dat volledig omwald was. Daarin woonde de persoonlijke dokter van de kasteelheer. Er waren een aantal kunstmatige vijvertjes aangelegd die de Britten "Dumbarton lakes"  noemden. Het omliggende park was 18 ha groot. Daarin zouden de Duitsers vanaf 1915/16 een deel van de "Albrechtstellung" aanleggen.
De omheining was met haagbeuk aangelegd, vandaar de benaming herent"hage". Ook binnen het park waren de lanen afgeboord met haagbeuk, ook herenteen genaamd waarmee "groene tunnels" werden geweven, waardoor de kasteelheer dan met paard en koets kon doorheen rijden.
Vroeger was het domein nog groter maar na de aanleg van de nieuwe verkeersweg (Meenseweg) in 1756  werd het noordelijk deel afgespitst en apart beheerd. Daarin stond het Veldhoekkasteel" dat in 1911 afbrandde na een blikseminslag. Net toen de heropbouw in 1914 klaar was bereikten de gevechten "Gheluvelt" en werd het kasteel andermaal vernietigd. Dit noordelijk deel van het Herenthage domein zou bij de Britten een beruchte naam (Inverness Copse) krijgen door de hevige verliezen die de Duitsers hen in augustus en september 1917 er zouden toebrengen vanuit stellingen in dat bos. Een chroniqueur (Deseyne) heeft na geteld dat dit bosje in die dagen liefst 18 maal van bezetter is veranderd.
Van de vroegere pracht en luister is nu niet zoveel meer over. Het zuidelijk deel van het Herenthagedomein is open gesteld voor het publiek en je kan er bijna gegarandeerd, alleen ronddwalen.


In "Iverness Copse" werden door de Duitsers indrukwekkende versterkingen gebouwd

Meer informatie hierover in het tweeledig werk van Valère Priem : "Kastelen en landhuizen".