lenteoffensief
Start eerste slag om Ieper tweede slag om Ieper slag om Mesen derde slag bij Ieper lenteoffensief eindoffensief Hooge Hill 60 Sint Elooi bovengrondse oorlog ondergrondse oorlog

educatieve site over de eerste wereldoorlog aan de Ieperboog ( en de IJzer )

Doordat de Duitsers einde 1917 in het oosten  de oorlog  tegen de Russen hadden  beëindigd kwamen heel wat divisies vrij om aan het westelijk front een beslissing af te dwingen. Het was er op of erover voor de Duitsers voordat de nieuwe geallieerde bondgenoot: de Amerikanen, massaal zijn troepen zou kunnen inzetten. Een van de Duitse lenteoffensieven: "Georgette" startte op 9 april 1918 net over de Franse grens. Na de overrompeling van Portugese linies bij La Bassee en de ontreddering die dat over een breder front veroorzaakte, kwam het vanaf de oude slagvelden bij Aubers (1915), en Fromelles (1916) tot een doorbraak in noordwestelijke richting. Tegen de avond hadden de Duitsers, ten westen van Armentières, de Leie bereikt over de breedte van een tiental kilometers. Twee dagen later was Armentières bezet , en dit voor de eerste keer sinds de stellingoorlog begon (20 oktober 1914), was Ploegsteertbos in Duitse handen gevallen en hadden  die Duitsers zich opnieuw genesteld in ruines van Mesen.  De hoofddoel  van hun offensief gaat in de richting Hazebrouck. Vooral op 13 april moeten de Britten veel terrein prijs geven. Maar doordat die Britten daarentegen goed standhouden op de zuidelijke flank worden de Duitsers ongenadig beschoten vanuit het tot vesting uitgebouwde,  roemrucht geworden plaatsjes Festubert en Givenchy. De Duitsers kunnen nog oprukken naar de rand van het duistere Nieppewoud (zowat de geallieerde tegenhanger van wat het bos van Houthulst was voor de Duitsers) maar veroveren is voor de Duitsers een onmogelijke opdracht waardoor ook de inname van het spoorwegknooppunt Hazebrouck ijdele hoop blijft. Daarom zullen ze hun blik richten andermaal richten op Ieper dat ze willen in de tang nemen vanuit het zuiden en  (eventjes) ook vanuit het noorden.  In dat noorden loopt op 17 april in de omgeving van Merkem hun weliswaar veel bescheidener aanval haast onmiddellijk stuk op de hardnekkigheid van de Belgische verdedigers  die daarmee, het dient gezegd, vriend en vijand verrasten... Het zwaartepunt van de Duitse inspanningen ligt duidelijk in het zuiden want Poperinge, voor de geallieerden de poort naar het Ieperfront,  komt in het Duitse vizier. De oorlog was opnieuw "schitterende bewegingskunst" geworden...

Zoals meestal waren ook de Duitsers het inventiefst om in 1918 nieuwe aanvaltechnieken te ontwikkelen nadat ze voordien veelal met succes de verdediging in de diepte hadden toegepast met hun "eingreif"gevechteenheden. Nu werden "Stosstruppen" gevormd waarmee ze zonder langdurige artilleriebeschietingen de vijandelijke stellingen bestormden. Daarbij werden de sterk verdedigde punten ontzien, maar wel gezocht naar de zwakke plekken waarlangs dan zo mogelijk diep in de vijandige stellingen werd doorgedrongen. Dit veronderstelde natuurlijk veel improvisatie talent bij des aanvoeders van soms kleine "commando" eenheden. Dit waren dan dikwijls onderofficieren die opportuniteiten moesten uitbuiten en daarom natuurlijk het nodige tactische inzicht moesten kunnen ten toon spreiden. Dat had ook tot gevolg dat althans tijdelijk, hogere bevelhebbers geen overzicht meer hadden over het gevechtsterrein maar op hun beurt moesten inspelen op niet te voorziene evoluties, namelijk waar men  wel  of niet was kunnen doordringen in de vijandige linies en hoe dat vervolgens maximaal ondersteunen. Dit veronderstelde dat zij afdoende konden omgaan met tijdelijke chaos en  eens de situatie min of meer kon omschreven de verdere planning er vrij soepel konden op aanpassen. Coordinatie met artillerie en luchtmacht was hierbij eveneens cruciaal.
Eigenlijk was dit een vooafspiegeling van de "blitzkrieg" die in een latere oorlog zal gevoerd worden ...

Het offensief begon waar het front sinds 1914 was vastgelopen. Verschillende aanvallen van de Britten (Neuve Chapelle, Aubers) in 1915 en  (Fromelles) 1916 hadden daar weinig aan veranderd.
De eigenlijke Duitse doorbraak gebeurde bij La Bassee. Maar de Britse linies tot Bois Grenier begaven het. Het getraceerde gedeelte op de kaart werd die bewuste 9 april prijsgegeven.
11 april was  voor de Duitsers een van die succesvolle dagen. De inname van Armentières moet zoet geweest zijn. De stad van vertier (Les demoisselles d'Armentières) lag bijna vier jaar binnen handbereik...
Ook het bos van Ploegsteert moest ontruimd worden. De dreiging kwam uit het zuiden en daar was de verdediging niet op voorzien.
Naar het westen  toe werd vooral op 13 april heel wat terreinwinst geboekt maar het "Foret de Nieppe" was niet te veroveren. Dan maar op naar Vlaanderen.

  Overzichtskaart van operatie "Georgette"

Ploegsteertbos was op een bepaald moment een scharnierpunt. Op 10 april werd het bedreigd uit het zuiden. Tot dan toe was de Britse verdediging opgesteld tegen de noordoost zijde. Tegelijkertijd werd ook de noordelijk gelegen linies voor Mesen aangevallen.  Doordat de Britten, zich door de vele Duitse aanvallen op andere plaatsen, genoodzaakt zagen hun linies onder te bemannen , werden ze dan ook snel teruggedrongen. Mesen viel nog diezelfde tiende april. Wijtschate zou enkele dagen later (16 april) volgen. Zowat alle terrein dat de Duitsers hadden verloren tijdens de slag om Mesen was teruggenomen.  Het gebied dat de Britten noordoostwaarts gewonnen hadden tijdens de 13 april ontruimd om de linies te kunnen inkorten en zo divisies te kunnen inzetten waar de dreiging  acuut was. Een deel van de ingekorte linies (rond Langemark) werd overigens  overgenomen door de Belgen.

De stelling werd naar voor gebracht dat de Duitse aanval enkel wou voorkomen dat Belgische troepen eventueel al teveel  Brits front zouden overnemen die dan meer troepen konden vrij maken om de hoofdaanval tegen te houden. Feit is dat de Duitse aanval bij Merkem bijlange de kracht niet had van "operatie Georgette" . Heimelijk zullen de Duitsers wellicht ook gehoopt hebben dat er mogelijks  bij Merkem toch een doorbraak inzat. De gevechtswaarde van De Belgische troepen werd, mogelijks hieromtrent, in de voorafgaande maanden een paar keer stevig getest . Vooral op 18 maart waren er aanvallen geweest die meer waren dan de gebruikelijke "raids".


Het bos van Ploegsteert, bedreigd vanuit drie zijden (noord,oost en zuid) werd ontruimd waardoor men een frontlijn kreeg, die in tegenstelling tot de voorafgaande jaren, ten zuiden van Ieper van noordoost naar zuidwest afboog, wat de dreiging voor de Geallieerden aan de Ieperboog groter maakte dan dat ze ooit geweest was.
Vanaf 25 april zou het er echt gaan om spannen. De Duitsers zullen oprukken van aan de Franse grens tot Ieper. Nog diezelfde morgen wordt de Kemmelberg
veroverd. Op 29 april doet zij een ultieme aanval. Ze rukken tot aan het T-kruispunt (Hoeksken) van de weg Ieper-Loker met de afslag naar Westouter en Reningelst. Daar wordt hun aanval door de Fransen die intussen de Britten zijn komen bijspringen gestopt.

De aanval op de kemmelberg werd voorafgegaan door een bombardement die ongemeen hevig was en volgens veteranen de ergste beschietingen tijdens de slag van Verdun overtrof. Er werd ook langdurig gasgranaten afgevuurd en er volgende uiteindelijk een luchtbombardement zoals er in de eerste wereldoorlog nog maar weinig uitgevoerd waren. De Franse verdedigers (die de Britten waren komen bijspringen) werden ongenadig bestookt en toen de grondaanval volgde werden ze snel overrompeld. Tegen acht uur in de morgen was de strijd grotendeels gestreden als hoewel een omsingeld weerstandsnest nog tot de avond bleef standhouden. Vele duizenden Fransen zullen sneuvelen, gewond geraken of krijgsgevangen worden. Maar ook de rangen van de Duitsers zijn fel uitgedund. Het werd een, hoewel kort van duur, van de hevigste gevechten van de eerste wereldoorlog die alle kenmerken van de strijdtechnieken waarmee de tweede wereldoorlog werd uitgevochten.


Er zal voor de duur van de zomer 1918 een frontlinie ontstaan van, ongeveer halverwege Loker en Dranouter , halverwege de Kemmelberg en de Scherpenberg zo  verder westwaarts tot op de hoogte, die net noordwaarts ligt  van de weg Kemmel-Ieper en dan bij "Elzenwalle" afbuigt over die weg  maar nog net noordelijk van de dorpskom van Voormezele doorloopt naar het kanaal Komen-Ieper waar de Duitsers zich ook nog meester hebben kunnen maken van het "Lankhof".

Verder noordwaarts werd veel terrein door de Britten "ontruimd" waardoor de Duitsers, nauwelijks gehinderd, konden oprukken tot op enkele kilometers van de omwalling van Ieper zonder dat ze daar later nog voordeel hebben proberen uit te puren. Hun "aanvalskracht" was duidelijk opgebruikt.

Nochtans waren de Duitsers niet van plan het daarbij te laten. Begin Juni wordt ten westen van Reims een in wezen afleidingsaanval opgezet om daarna nog eens vernietigd te kunnen toeslaan in Vlaanderen. Maar die afleidingsaanval is een onverhoopt succes. In enkele dagen bereiken de Duitse troepen andermaal de Marne, bijna vier jaar na hun eerste "bezoek" en komt Parijs weer in her vizier. De Duitse legerleiding vind dat ze dit succes maximaal moeten uitbuiten. De offensieve plannen in Vlaanderen worden (definitief) opgeborgen...

                            

 

 

Het "Sint Antonius gesticht"nu Home Godtschalk,  500 meter oostwaarts van de dorpskom van  Loker werd in het voorjaar 1918 het toneel van verwoedde gevechten.

 

Deze kaart toont in detail het ultieme gevecht rond de Kemmel , ook wel de slag om de Scherpenberg genoemd. Eigenlijk was het speerpunt gericht op het kruispunt "Hoekjes".
De dorpskom van Loker werd door de Duitsers ingenomen op 27 april maar door de Fransen heroverd de 28ste. De 29ste april namen de Duitsers opnieuw de ruines in maar daags nadien werden ze er andermaal uit verdreven. Het imposante "Hospice"  (Sint Antonius gesticht, nu Home Godtschalk wel iets dichter bij Loker heropgebouwd)  dat vijfhonderd meter zuid-westwaarts lag  konden de Fransen kortstondiginnemen op 30 april maar pas de eerste week van Juli definitief heroveren.

 

 

 

demarcatiepalen

Kort na de oorlog werden her en der demarcatiepalen geplaatst met opschrift " de Duitse overweldiger werd hier tot staan gebracht". Dit opschrift werd door de Duitsers tijdens de tweede wereldoorlog op bijna alle palen verwijderd.
Die palen werden ingepland waar, vooral tijdens het lenteoffensief, de Duitsers het verst doorgedrongen waren in de geallieerde linies. Maar erg zorgvuldig zijn de initiatiefnemers daarbij niet  geweest. Demarcatiepaal nr. 4 staat aan het kruispunt middenin het gehucht Lizerne (bij Steenstraete) terwijl de Duitsers posities wisten in te nemen aan de westrand van het gehucht. Demarcatiepaal nr. 6 staat in Boezinge dorp hoewel de Duitsers nooit op die plaats het Ieperleekanaal hebben over gestoken en er bijgevolg nooit Duitsers  in Boezinge zijn geweest tenzij als krijgsgevangene. Demarcatiepaal nr. 17 langs de weg Ieper -Sint-Elooi - Waasten staat enkele honderden meters verkeerd, namelijk waar het  oude kanaal Ieper - Komen en de rijksweg elkaar dwarsen terwijl "Lankhof", gelegen langs die weg maar dichter bij Ieper, door de Duitsers werd ingenomen eind april 1918.  In Voormezele staat demarcatiepaal nr. 16 langs de Ruusschaartsstraat,  ter hoogte van het kruispunt met de Kriekstraat en Pannenhuisstraat, niet ver van de weg Ieper-Loker maar zovér lagen de Duitse linies  niet. Ten zuiden van Brulooze (op de weg van Kemmel naar Loker) staat demarcatiepaal nr. 8 terwijl ze ten noorden van dat gehucht had moeten geplaatst worden.
Er staat ook een demarcatiepaal tussen Dranouter en Loker. Nochthans werd weliswaar heel tijdelijk Loker door de Duitsers bezet en ze zijn zelfs doorgedrongen tot de wijk Hoekjes (kruispunt weg Loker - Ieper met de zijwegen naar Westouter en Reningelst). Eigenlijk een gedroomder (symbolische) plek waar de "Duitse overweldiger werd tot staan gebracht" kan er niet zijn.
...

Lankhof: dit omwald kasteeltje bevond zich in een de bocht dat het oude kanaal Komen -Ieper een bocht maakt , enkele kilometers en zuiden van Ieper. Het werd volledig in puin geschoten. De Britten hebben op die plaats zeven hospitaalbunkers gebouwd maar tijdens het Lenteoffensief 1918 moesten ze die prijs geven aan de Duitsers die maar al te gelukkig zullen geweest zijn  met die bunkers enkele honderden meters achter hun eerste linie tijdens die zomer van 1918. Het waren tenslotte  de Amerikanen die begin september Lankhof op de Duitsers heroverden.