De streek rondom Göreme werd al in de vroege oudheid bewoond; in recentere tijden werd het gebied bevolkt door christenen die, vluchtend voor de Mohammedanen, in deze streek een veilig onderkomen vonden en bekoord werden door de uitzonderlijke geologische omstandigheden. De oudste kerken, die helaas bijna geheel verloren zijn gegaan, stammen in feite uit de 7de eeuw. Christenen en monniken maakten van het gebied een toevluchts- en gebedsoord en zij vestigden zich in de vreemde tufstenen kegels. Zodoende konden zijn niet gemakkelijk worden ontdekt en konden zij zich beter verdedigen. De schilderkunst onderging hier een bijzondere ontwikkeling, behalve in de periode van het iconoclasme tussen 715 en 843 toen in de kerken slechts abstracte en symbolische decoraties waren toegestaan; dit voerde tot het ontstaan van de “stijl van Cappadocië”.
De
afgebeelde dierenfiguren hebben verschillende betekenissen: de Griekse naam van
de vis “iktus”, vormde de initialen van de zin “Iesus
Kristos Teou Uios Soter”, dit wil zoveel zeggen als “Jezus
Christus Zoon van God, de Verlosser” en symboliseerde de
Christusfiguur, terwijl de duif altijd al het symbool van de vrede en van de
Heilige Geest was. Het hert is het symbool van de ziel en de pauw van de
onsterfelijkheid, terwijl andere dieren een symbolische traditie hebben die
terug gaat tot in het verre verleden: de haan – het symbool van de dag,
de levenskracht en het licht, en dientengevolge reeds in de Griekse tijd van het
Goede – en de palm, oostelijk symbool van de levensboom, van de
levenskracht en de eeuwigheid.
Enkele
rotsconstructies uit de streek dienden als grafplaats: een van de meest
suggestieve voorbeelden hiervan
vindt men als met te Göreme aankomt, waarin een stenen kegel met een klein
geveltje een grafkapel is aangebracht. De binnenruimte is vierkant met een
abside met halfcirkelvormig bovenstuk; de graven zijn uitgehouwen in de
rotsbodem en later ook in het bankwerk waarop waarschijnlijk ingevoegde
sluitplaten waren aangebracht. Tot de streek van Göreme behoort ook de vallei
van El Nazar, waar de “feeënschoorstenen” rotsbouwwerken
bevatten als de “kerk van de Madonna”; in de nabije vallei
van Kiliçar Vadisi bevindt zich een vierzuilige kerk, de”kerk van
Kiliçar”, van een zekere architectonische waarde, ook al heeft ze
geen wandschilderingen.
Capadocië: Aksaray, Vallei van Ihlara, Nevseher, Cavusin, Urgup, Ortahisar, Uçhisar, De rotskerken van Goreme, Feeënschoorstenen, Pasabagi, Zelve, Avanos, Vallei van Soganli, Derinkuvu en Kaymakli.
Terug naar Turkse Riviera of naar het begin