Een complex van sacrale constructies uitgehouwen in de tufstenen rots, enigszins lijkend op de museale zone van Göreme, bevindt zich in Soğanli, op 25 kilometer afstand van Dirinkuyu, een streek die reeds lang dor de plaatselijke bevolking werd gebruikt als vogelbroedplaats: de vogelbroedplaatsen werden verkregen in lang verlaten kerken.
Een vrij recente restauratie heeft een aantal christelijke tempels aan het stroompje dat door een lang dorp stroomt in ere hersteld. De kerken die waarschijnlijk uit de 9de en 10de eeuw stammen hebben een eenvoudig ontwerp en zijn gedecoreerd met muurschilderingen in heldere kleuren als blauw, groen, rood en zwart op een beige achtergrond. De meeste voorstellingen hebben afbeeldingen van Christus, de Heiligen, religieuze en dierlijke symbolen maar enkele panelen tonen zonderlinge figuren die waarschijnlijk verbonden zijn met vroeger culten.
Onder de vele kerken is vooral een bezoek waard de “Kerk van het wilde dier”, zo genoemd door de aanwezigheid van een wild dier naast de afbeelding van de Heilige Johannes. Van de twee vertrekken beschikt er een over een altaar en over wandnissen die als graftomben werden gebruikt, terwijl het aangrenzende vertrek een eenvoudige vierkante ruimte is. Verder is de Kubbeli Kilise of “Koepelkerk” die echter uit twee gescheiden kerken bestaat. Het intérieur van dit cultusoord, waartoe men toegang heeft langs drie ingangen, heeft banken en is in drie schepen verdeeld door twee rijen pilaren en lisenen; de zijbeuken hebben evenals het middenschip, twee kleine halfcirkelvormige absiden met altaar. De bovenverdieping is minder eenvoudig; deze bestaat uit twee verlengde, evenwijdige sacrale vertrekken die ieder een narthex hebben en die met elkaar in verbinding staan. De rechter kapel heeft een kleine apsis met altaar en een narthex met koepel; de kleine kapel heeft een wandaltaar en een vierkante voorhal die niet alleen op de kerk zelf maar op de naastliggende kerk uitkijkt en tevens op een vestibule en op een binnenvertrek. Ook de Kerk van Sint Barbara bestaat in werkelijkheid uit twee aangrenzende kerken. Ook al is de constructie in een ernstige staat van verval en zijn de fresco’s helaas bijna geheel verloren gegaan, kan men nog zien dat de twee evenwijdige vertrekken bijna geheel gelijk maar van verschillende afmetingen waren. Men dacht in een fresco de figuur van de Heilige Barbara te herkennen; het complex is naar die afbeelding genoemd.
De
Karabaş Kilise dankt haar naam “Kerk van de zwarte
koppen” aan het feit dat de heiligen die hier zijn afgebeeld, door
verweer en oxidatie van de schilderingen, tegenwoordig een zwart gelaat hebben.
Het complex is gedeeltelijk ingestort, het bestond uit meerdere zalen die,
behalve de middelste zaal, elk een eigen altaar hadden.
Capadocië: Aksaray, Vallei van Ihlara, Nevseher, Cavusin, Urgup, Ortahisar, Uçhisar, Goreme, De rotskerken van Goreme, Feeënschoorstenen, Pasabagi, Zelve, Avanos, Derinkuvu en Kaymakli.
Terug naar Turkse Riviera of naar het begin