Warenkennis & voedingsleer

 

1. Het nut van de voedingsleer


We moeten met verstand leren kopen. Bij de inkopen dienen we dus te zorgen dat we voor het uitgegeven geld de grootste waarde aan goederen ontvangen, vooral waar het levensmiddelen betreft en dat ze die ook de gezondheid ten goede komt.
De handel weet op allerlei wijze tot kopen te verleiden. Wil men met kennis van zaken kunnen kopen dan moeten we een grote kennis van de zo uiteenlopende artikelen bezitten, en die zal men maar verkrijgen door ervaring. De ervaring is zeker een goede leermeester, doch ze kost tijd en soms ook geld daar men in het aankopen dikwijls wordt bedrogen ten koste van schade.
Warenkennis is dus noodzakelijk en dient aangeleerd te worden. Door de studie krijgt men een kijk over de herkomst, voedingswaarde, kenmerken, kwaliteit, prijs, gebruik en bewaren van onze levensmiddelen : systematisch aangeleerd, zal ze ons leiden in de praktijk de waren naar juiste gegevens te beoordelen. Met zekere warenkennis toegerust, zullen we de praktijk aanvangen waar de ervaring weldra die kennis zal komen verrijken.


2. Aankoop van de Voedingswaren


Om bij de aankoop niets te vergeten, moet men telkens dat de voorraad van een of ander product is uitgeput, daarvan nota nemen. Bv. In een daartoe bestemd boekje dat men in de keuken houdt. Indien regelmatig nota is gehouden, zullen die aankopen ordelijk geschieden, en zal men nooit de verrassing hebben dat, wanneer men een waar nodig heeft, deze ontbreekt. Te grote voorraad is ook niet prijsbaar, wegens de prijsschommelingen. Een voorraad aardappelen zal voordelig aangekocht worden, terwijl gebrande koffie in hoedanigheid zou verliezen.
Voedingsmiddelen, zoals : melk, brood, vlees zullen we dagelijks aankopen. Bij aankopen zullen we

a) minder aandacht geven aan de verpakking maar vooral aan de kwaliteit. 
b) kopen in huizen van grote afzet.
c) voor dagelijkse voedingsmiddelen niet meer kopen dan nodig is. 
d) daar kopen waar de waren stofvrij zijn uitgestald.


3. Bewaren van de voeding


Wil men de waren in goede staat bewaren, dan dient men voor het materiaal een geschikte bergplaats te zorgen.


4. Bergplaats


De bergplaats moet koel, droog en luchtig zijn. Ze moet verlicht kunnen worden om ze goed rein te kunnen houden. De aardappelbak best met schuine latten, bodem eventueel gemaakt met een deurtje aan de voorkant. Een flessenrek kan voordelig gebruikt worden om de flessen er in te leggen en tegen het breken.


5. Provisiekast


De meest gebruikte plaats tot het bergen van voorraad is de provisiekast. Liefst aan de koelste kant van de keuken. Kan de kast niet in de keuken geplaatst worden, dan tracht men ze te hebben dicht bij de keuken gelegen. Ze moet goed kunnen verlucht worden, droog zijn en gemakkelijk te onderhouden.
De planken van verschillende breedten zullen een betere schikking van de vaten toelaten.


6. De diepvries


De ijskasten zijn voorzien van een dubbele wand, waartussen een isolatie is aangebracht. Ze bevat twee afdelingen : een voor ijs en een voor de spijzen De afdeling voor ijs moet groot genoeg zijn en de deur moet goed sluiten.


7. De koelkast


De koelkast heeft een ruimte die gekoeld is en geschikt tot het bergen van de spijzen, voor langere duur. Ze werkt op elektriciteit of gas. Bij gebruik mag men geen warme of dampende spijzen in de kast plaatsen, daardoor wordt het gebruik van gas of stroom te groot. Ook de bewaring der spijzen loopt grote risico's.


DE VOEDING - ROL VAN HET VOEDSEL


A. Het voedsel dient tot opbouw van het lichaam d.w.z. tot ontwikkeling van de spieren, de
     beenderen, en alle lichaamsdelen.
B. Om de slijtage van de weefsels te herstellen d.w.z. de sleet ondergaan door de beweging van
     beenderen en spieren. Ook de afschilfering d r huid door nieuwe stof te vervangen.
C. De voeding dient de geschikte brandstof te leveren om, door verbranding, de lichaamstemperatuur
     van 37° te behouden.
D. Om energie of spierkracht voort te brengen. N.B. tot voortbrengen van warmte is er een
     verbranding van het voedsel nodig. De verbranding geschiedt door de zuivere zuurstof van de
     lucht die we inademen. Dus naast het voedsel heeft het lichaam behoefte aan zuivere lucht om het
     voedsel in ons lichaam te verbranden en daardoor de energie te leveren nodig voor de
     lichaamswarmte en in het bijzonder de beweging.

DE VOLLEDIGE VOEDING

Een volledige voeding moet in gepaste verhouding de nodige bestanddelen (eiwitstoffen, koolhydraten, vetten) bevatten. Daarbij nog de minerale zouten, water en vitamine welke het lichaam nodig heeft. Ze mag de stofwisseling en ook onze gezondheid niet schaden. Onvoldoende voeding veroorzaakt algemene verzwakking van het lichaamsgestel. Gemis aan weerstandsvermogen tegen besmettelijke ziekten, leidt naar bloedarmoede, verzwakking van wilskracht, moed en werklust. De juiste goede voeding, daarentegen, geeft invloed op de gemoedsstemming, strijdt tegen drankzucht en voorkomt snoepzucht.