De herkomst van de sensuele en voor sommigen verslavende substantie die wij chocolade noemen, ligt in het
mysterieuze rijk van de Olmeken en de Maya’s. De schaduwrijke omgeving was er ideaal voor het telen van
cacaobomen. De oudste gevonden cacaoresten dateren van 1100 vc en werden gevonden in aarden potten op
het huidige Honduras.
In de 14de eeuw veroverden de Azteken het Maya gebied. Zij verbonden cacao met Xochiquetzal, de godin van de vruchtbaarheid. Alleen de rijken dronken xocotlatl, een bitter drankje van cacaobonen gekruid met chilipepers en aangelengd met water. Voor hen was het een heilig brouwsel dat diende als offergave voor de goden, bijvoorbeeld om regen of een goede oogst af te smeken. De cacaobonen zelf gebruikten ze als betaalmiddel, dat meer waard was dan goud. Een slaaf bijvoorbeeld kostte honderd bonen, een konijn tien. Toen groeide het geld dus echt aan de bomen.
Tijdens zijn laatste ontdekkingsreis in 1502 kwam Christoffel Columbus aan op het eiland Guanaja, in de
Caraïben. De inboorlingen boden hem een vreemd bitter kruidig brouwsel aan. In zijn boordjournaal
schreef hij: "Een grote boot met 25 roeiers kwam naar ons toe. Hun opperhoofd, die onder een
afdakje zat, schonk ons stoffen, mooie koperen voorwerpen en een soort amandelen, die ze gebruikten als
geld en om een drank van te maken".
Columbus vond het drankje echter afschuwelijk en schonk er verder geen aandacht aan. Dat is heel jammer,
want daarom moest Europa nog een hele tijd wachten tot het chocolade leerde kennen.
In de 16de eeuw zag de Spaanse ontdekkingsreiziger Hernando Cortez wel het succes van de cacaoboon
in, en nam het eindelijk mee naar Europa. De Europeanen hielden eerst niet van de bittere cacao, tot ze de
pepers door honing, vanille en kaneel vervingen. Toen werd deze heerlijke zoete drank razend populair.
Cacao was in die tijd nog een ontzettend vette drank, met cacaoboter die er bovenop dreef. Pas in de 19de
eeuw ontdekte de Nederlander Coenraad van Houten hoe men fijn cacaopoeder moest maken. Wat later, in
1847, maakte de Engelsman Fry de eerste echte chocoladereep, en de grote chocolade-hype kon beginnen.
Een Vlaming eet nu gemiddeld 6 kilo chocolade per jaar.
(bronnen: afbeeldingen: Wisegorilla: Free educational clip-art; afbeelding chocoladereep en pralines op de homepage: Wikimedia Commons; informatie: Chocolade : van drank voor edelman tot reep voor alleman 16de-20ste eeuw / Bruno Bernard, Jean Claude Bologne [e.a.]. - Brussel: ASLK, 1996. - 275 p. : ill.)