|
stelling van Thales - middelevenredigheden wiskunde-interactief.be |
|
gelijkvormigheid en stelling
van Thales |
stap = 0 DABD en DCBF zijn gelijkvormig: De hoeken in a en c zijn gelijk (= verwisselende binnenhoeken). Hieruit:
|
| stap = 2: Bij een verschuiving blijven de lengtes gelijk, zodat: | | AB | | = | | D ' E | |
| | BC | | | E F ' | |
|
stelling van Thales: Evenwijdige rechten snijden van twee snijlijnen lijnstukken af met evenredige lengtes. |
lijnstukken met evenredige lengtes
| Drie evenwijdige rechten snijden de rechten AC
en DF. Uit de stelling van Thales volgen drie evenredigheden:
|
middelevenredigheid: hoogtelijn op schuine zijde
|
in het applet kan je het punt C
verslepen |
H is de hoogtelijn op de schuine zijde van een driehoek
DABC.
Sleep de knop 'splits driehoek' naar rechts: We splitsen de driehoek in 2 gelijkvormige driehoeken. Voor de blauwe en groene zijden hierin vinden we:
Hieruit volgt: H2 = a' . b'
|
middelevenredigheid: rechthoekszijde en projectie op schuine zijde
| in het applet kan je het punt C
verslepen |
In de driehoek DABC is a' de loodrechte projectie van
de rechthoekszijde a op de schuine zijde. Sleep de knop 'splits driehoek' naar rechts: Onder de driehoek DABC krijgen we een gelijkvormige driehoek. Voor de blauwe en rode zijden hierin vinden we:
Hieruit volgt: a2 = a' . c
|
|
in het applet kan je de punten A en C
verslepen |
De punten M en N verdelen de zijden [AB] en [AC] in de helft. Het lijnstuk [MN] noemen we middenparallel van DABC.
We mogen A en C verslepen, steeds vinden we:
|
rotatie
We kunnen deze eigenschap illustreren door bovenaan van de driehoek
DABC een stukje weg te knippen
en het,
door het te roteren, opzij terug aan de driehoek aan te plakken:
De driehoek DABC wordt nu het parallellogram BMM'C:
Overstaande zijden van een parallellogram lopen evenwijdig, dus:
[MN] // [BC]
Overstaande zijden zijn ook gelijk, dus |MM'| = |BC|.
Het lijnstuk [MN] is de helft is van de
zijde [MM'] en dus: |MN| = 1/2 |BC| .
|
gelijkvormigheid-Thales |
|
oefeningen |