Dag 4 – Donderdag 24/10/2002

Route: Sabie - Graskop - Blyde Rivier Canyon - Pilgrim's Rest - Sabie
Dagteller:
257 km
Overnachting: SerINNdipity - Power St 7 - SABIE

Deze nacht nog beter geslapen dan de vorige, en na terug een overheerlijk ontbijt (we gaan dit missen als we terug thuis zijn!) kunnen we er weer tegenaan. 

Vandaag doen we een daguitstap in de buurt, maar in totaal zal het toch nog meer dan 200 km rijden zijn. We zitten hier in de streek van de Blyde Rivier Canyon, en de route brengt ons langs tal van watervallen, waarbij de Macmac Falls (64m) en de Lisbon Falls (92m) de meest indrukwekkende zijn. 

       

De Ardennen zijn mooi, maar dit is adembenemend mooi. Bij ‘God’s Window’ worden we wel even heel stil: van hieruit heb je een enorm panoramisch vergezicht, het lijkt wel of je het einde van de wereld kan zien. We weten nu al dat de foto’s die we maken nooit gaan kunnen bevatten wat we hier zien en voelen...

 

       

 

Ga met muis over onderstaande foto

     


De ‘Burke’s Luck Potholes’ doen ons dan versteld staan van wat water eigenlijk allemaal kan: het water maakte hier een echte canyon en meer nog, schuurde bijna perfecte cirkels uit de rotsen, vandaar de naam ‘potholes’.

         

   

De panoramische weg (ook af en toe met potholes of ‘slaggate’) brengt ons verder langs de Blyde Rivier Canyon naar de ‘Drie Rondavels’: ook weer een kunstje van de natuur: drie ronde rotsen in de vorm van de hutjes van de zwarte stammen, echt compleet met een kegelvormig dak erop.

   

De drukkende hitte begint wat te minderen, er steekt een hevige wind op en de eerste druppels vallen, het is bijna een verademing om de koele druppels op je huid te voelen. We stoppen nog even in Pilgrim’s Rest, een dorpje, nu als nationaal monument geselecteerd, dat ontstaan is ten tijde van de goudkoorts. In de 19e eeuw streken hier mensen van diverse nationaliteiten neer, allen met eenzelfde doel: zo vlug mogelijk rijk worden door goud te vinden. Velen voelden zich geroepen, weinigen werden echter uitverkoren… Het dorpje is helemaal anders dan de dorpen die we tot nu toe tegengekomen zijn: het doet zelfs een beetje texaans cowboy-achtig aan. Zeer gezellig.

Onderweg stoppen we nog even om te tanken en meteen worden onze ruiten ook gewassen. Onze auto zal hier properder blijven dan thuis; het moet gezegd: een Afrikaan besteedt tijd en aandacht aan zijn auto: je ziet hier misschien wel zeer oude bakken rijden (maar ook wel de nieuwste perperdure modellen), maar proper zijn ze altijd.

’s Avonds eten we een lekkere pasta bij ‘Jock’s’ een restaurantje in Sabie. We zijn de enige gasten en de zwarte hulpjes zijn weer zeer in de weer om hun fooi te verdienen. Ze komen telkens vragen of alles naar wens is, of je iets nodig hebt, … Na de derde avond hebben we ook al door dat het in Zuid-Afrika niet de gewoonte is lang te tafelen, iets wat een Belg maar al te graag wel doet. De schotels volgen elkaar zeer vlug op, en als je na de laatste hap je vork neerlegt, mag je er zeker van zijn dat je bord binnen de minuut wordt weggehaald. Nadien voel je gewoon dat ze zich zitten af te vragen wat je daar nog zit te doen. Tja, dan maar de rekening vragen en vertrekken…


Wanneer we terug van het restaurant naar onze B&B rijden, worden we tegengehouden door een tiental politieagenten met wapens in de aanslag. Christophe moet zijn rijbewijs laten zien en ze willen in de koffer kijken of we geen wapens in ons bezit hebben. Wanneer ze echter begrijpen dat we toeristen zijn, verontschuldigen ze zich wel duizend keer, de koffer moet niet open en we mogen doorrijden. Ze vertellen dat ze op zoek zijn naar de moordenaar van de Britse vrouw en daarom elke auto op wapenbezit controleren, om zo een teken te geven naar toeristen toe dat de politie echt moeite doet om de criminaliteit te bestrijden of zo laag mogelijk te houden.

Terug bij Elize sturen we nog vlug een mailtje naar het thuisfront om hen te laten weten dat we heelhuids toegekomen zijn en het hier goed stellen. De computer doet echter rare dingen, hopelijk komt het mailtje toe. Tegen tien uur kruipen we in ons bedje, morgen staat de wekker immers vroeg om beestjes te gaan spotten in het Kruger Park…