DE BOGGETER PAPBUGELS - STOETCOMMISSIE

p.a. Kerkhofstraat 19/5, 3950 Bocholt, tel. 089-46 65 68 of 089-20 19 30,

e-mail: boudewijn.jaeken@telenet.be of toerisme@bocholt.be

 

Klik hier onder om het inschrijvingsformulier te downloaden.

 

 

CARNAVALSSTOET

Maandag 20 februari 2012

 

Op 20 februari 2012 richten de Boggeter Papbugels weer hun carnavalsstoet in. Misschien wil ook uw vereniging dit jaar met een groep en/of een wagen door de straten van Bocholt trekken. Indien u er bij wil zijn, dient u dit formulier in te vullen en zo snel mogelijk terug te sturen naar het bovenstaand adres. Alle inschrijvingen dienen in ons bezit te zijn vóór 5 februari 2012.

 

Door uw inschrijving verklaart u zich akkoord met het stoetreglement. Tijdens de laatste week vóór de stoet krijgt u van ons een brief waarin staat of uw groep/wagen aanvaard werd. ENKEL GROEPEN DIE EEN STARTNUMMER ONTVANGEN WORDEN TOT DE STOET TOEGELATEN.

De ingeschreven groepen ontvangen van de gemeente automatisch een machtiging voor het in verkeer brengen van praalwagens.

 

De Boggeter Papbugels voorzien geldprijzen voor de mooiste en origineelste groepen en/of wagens. Het loont dus zeker te moeite om voor de dag te komen met een mooie verzorgde groep. Opgelet, zelfs de mooiste groepen die de reglementen niet naleven krijgen niets, en kunnen voor één of meerdere jaren uitgesloten worden.

Het verbruik van alcohol is toegelaten, zij het in beperkte mate. Dit wil zeggen dat de groepen zelf GEEN alcohol (bier, wijn, sterke drank e.d.) mogen meebrengen of zich onder de stoet mogen bevoorraden. Door de organisatie wordt ter plaatse een hoeveelheid GRATIS bier ter beschikking gesteld.

Ook het gebruik van glas is verboden. Frisdrank is enkel toegelaten in blik, karton of plastic-flessen. Bij politiecontrole voor het vertrek of tijdens de stoet worden alle verboden producten of voorwerpen in beslag genomen, en kan een proces-verbaal opgesteld worden.

Voor het politiereglement en andere informatie verwijzen we naar onze website www.boggeterpapbugels.be

 

Bij de ontbinding van de stoet  worden geen wagens op het kerkplein toegelaten ! In samenwerking met enkele carnavalsgroepen zal de organisatie zelf instaan voor de nodige carnavalssfeer op het plein.

De STOETCOMMISSIE

 

Politievordering Carnavalstoeten hier te downloaden.

 

STOETREGLEMENT

 

art. 1. De vereniging, die inschrijft voor de carnavalsstoet van DE BOGGETER PAPBUGELS, verklaart zich akkoord met dit reglement.

 

art. 2. De wagens dienen om 13u00 opgesteld te staan bij hun volgnummer naast de Brogelerweg. Om deze plaats te bereiken moet de opgegeven aanrijroute gevolgd worden. Groepen die te laat komen kunnen uitgesloten worden van deelname. Het startsein wordt gegeven om 14u30.

 

art. 3. Groepen of wagens, waarvan de uitbeelding felle kritiek kan uitlokken op godsdienstig, zedelijk, of politiek vlak, zullen van deelname uitgesloten worden. De deelnemende vereniging dient zich te onthouden van elke lasterlijke houding t.o.v. derden en tevens van elke handeling strijdig met de openbare orde of de goede zeden.

 

art. 4. De Boggeter Papbugels hebben het recht en de vrijheid om de deelnemende groepen voor het vertrek van de stoet te controleren en eventueel uit te sluiten.

 

art. 5. Het is ten strengst verboden om vóór, tijdens of na de stoet:

- drukwerken van gelijk welke aard te verspreiden

- levende of dode dieren te vervoeren

- leeggoed en ander afval langs de openbare weg te gooien

- personen lastig te vallen, te bevuilen of te kwetsen

- gebouwen, straten of eender welk voorwerp te bevuilen of te beschadigen

- gebruik te maken van spuitbussen met kleur- en scheerschuim, haarlak, schoensmeer e.d.

 

art. 6. Het is verboden om volgende zaken op de wagen te hebben of uit te gooien: stro, kaf, zaagmeel, vloeistoffen, plastiek korrels en alle andere materialen bestaande uit papier of kunststof (plastiek), in eender welke vorm of afmeting. DUS ZEKER GEEN COMPUTERCONFETTI! Enkel toegelaten is dus de gekleurde, biologisch afbreekbare confetti. Bij twijfel contacteer vooraf de Boggeter Papbugels.

Verboden producten worden in beslag genomen en vernietigd.

 

art. 7. Van de deelnemers wordt geëist dat ze enkel carnaval- en goede ambiancemuziek ten gehore brengen op een aanvaardbaar geluidsniveau. Techno-, house- en dat soort muziekgenres is verboden! Aan het verzoek om het geluid stiller te zetten moet onmiddellijk gevolg gegeven worden.

 

art. 8. Het is de deelnemers aan de stoet verboden zich in een dronken toestand te bevinden of als begeleider op te treden. Het in bezit hebben of gebruiken van glazen recipiënten, glazen flessen of breekbare recipiënten van welke aard ook is verboden !

 

art. 9. Het bezit van alcoholhoudende dranken bij zowel de vorming als tijdens het verloop van de stoet is verboden, met uitzondering van de hoeveelheid welke ter beschikking wordt gesteld door de inrichters. Het is aan de groepsverantwoordelijke om toezicht uit te oefenen op het alcoholverbruik van de deelnemers aanwezig in zijn of haar groep. Alcoholverbruik voor personen onder de 16 jaar is verboden.

 

art. 10. De inrichtende vereniging kan in geen geval verantwoordelijk gesteld worden voor gebeurlijke ongevallen die zich tijdens de stoet zouden voordoen.

 

art. 11. Door de inrichters wordt een verzekering "burgerlijke aansprakelijkheid" afgesloten. Schades met of door motorvoertuigen zijn hiervan uitgesloten! Aan elke groep of wagen wordt aangeraden om zelf een ongevallenverzekering af te sluiten.

De bestuurders van landbouwvoertuigen dienen op voorhand hun verzekeringsagent op de hoogte te stellen.

Alle motorrijtuigen moeten verzekerd zijn tegen wettelijke aansprakelijkheid. De aangekoppelde wagens vallen automatisch onder de dekking van de aansprakelijkheid van het trekkend voertuig.

 

art. 12. De richtlijnen en aanwijzingen van de stoetcommissarissen dienen op elk ogenblik en onverwijld opgevolgd te worden.

 

art. 13. Sancties op de niet-naleving van dit reglement:

Uitsluiting van deelname gedurende één of meerdere jaren

Bocholter groepen: geen uitkering van de gemeentelijke subsidie

Daarenboven uitsluiting van het prijzengeld voor de mooiste en origineelste wagens of groepen.

 

 

 

ADVIES BRANDVOORKOMINGSMAATREGELEN EN BRANDBESTRIJDINGSMIDDELEN BIJ PRAALWAGENS

Blustoestellen : de praalwagen dient uitgerust te worden met ten minste volgend brandbestrijdingsmaterieel : draagbare snelblusser (poeder of schuimblusser), type conform aan de brandlast, dient voorzien naar rato van 1 bluseenheid per wagen. Snelblustoestellen van het type CO2 zijn slechts toegestaan in supplement. De snelblustoestellen dienen het BENOR-kenmerk te bezitten en voldoen aan EN 3 en minstens 1 BE te hebben. Het toestel is van een recent keuringslabel voorzien.

Blustoestellen uit personenwagens zijn niet toegestaan daar een toestel met een bluseenheid < 1 niet toegestaan is. De bluseenheid van het toestel staat vermeld op het toestel zelf.

Voor de aankoop en het onderhoud van de blustoestellen wendt men zich het best tot firma’s welke aangesloten zijn bij de vakorganisatie FEBELMI.

Het onderhoud van deze toestellen dient jaarlijks te gebeuren, is verplicht en moet uitgevoerd worden volgens TN117 van het NVBB.

Indien het gaat om een nieuw blustoestel dient de factuur voorgelegd te kunnen worden.

 

De opstelling van de eventuele stroomgeneratoren dient te gebeuren in een daarvoor voorziene ruimte, gemaakt uit een onbrandbaar materiaal. De ruimte moet overvloedig verlucht worden opdat ten allen tijde geen explosief mengsel kan ontstaan. Deze verluchting moet rechtstreeks uitgeven op de buitenlucht. De uitlaat van de aggregaat dient vrij te zijn.

 

De eventuele koolwaterstoffen, zoals benzine en diesel, mogen enkel vervoerd worden in metalen jerrycans. Deze jerrycans mogen niet op de praalwagen noch in het trekkend voertuig geplaatst worden.

Er dient een locatie (of meerdere) voorzien te worden waar de praalwagens tijdens de tocht kunnen bijtanken. Op deze locatie mogen geen toeschouwers aanwezig zijn en de plaats moet vlot bereikbaar te zijn voor de hulpdiensten.

 

Tijdens de vuloperaties dient een strikt rookverbod te worden opgelegd in de omgeving van de generator. Bij het vullen van de brandstoftank dient het voertuig stil te staan en wordt de stroomgroep stilgezet.

 

Het vullen dient te gebeuren via een metalen trechter die als geschikt bevonden wordt voor het aggregaat.

 

Vermijd overbelasting van uw elektrische installatie, domino-stekkers, opgerolde verlengsnoeren, open verbindingen, blote bedrading, …

 

Op de praalwagens mag geen open vuur gemaakt worden.

 

Het gebruik en vervoer van gasflessen op de praalwagen is verboden.

 

Er dienen instructies in geval van brand of calamiteit aan de deelnemers overgemaakt te worden.

 

Gebruik nooit brandbare voorwerpen zoals vuilniszakken, plastiek bekertjes, enz… als asbak. Reinig ook geen asbakken alvorens zeker te zijn dat alle sigarettenpeukjes gedoofd zijn.

 

Hou op een vaste plaats een bruikbare zaklamp in gereedheid (enkel voor licht- en avondstoeten van toepassing) !!

 

Op elke wagen dient een mobiel telefoontoestel aanwezig te zijn.

 

Geen alcoholische dranken met alcoholgehalte boven de 20 % mogen op de praalwagens aanwezig zijn.

 

Vermijd uiterst brandbare materialen te gebruiken.

 

Omgaan met een draagbaar blustoestel:

 

Steeds de brand met de wind in de rug aanpakken; als regel geldt een afstand van 2,5 á 5 meter. U richt daarbij het poeder op de basis van de vuurhaard, bijna parallel met de bodem als het bijvoorbeeld gaat om een plasbrand.

 

De brand niet in het midden bestrijden, doch u gaat op het vuuroppervlak af met een van links naar rechts gaande beweging waarbij u zijdelings naar voor gaat tot het vuur volledig geblust is.

 

In de regel wordt een brand van onder naar boven bestreden.

 

Als het gaat om een vuurhaard die zich in de hoogte uitstrekt, gaat u te werk zoals op het hieronder aangegeven schema. Dit geldt evenzeer voor uitstromende vloeistoffen als voor gordijnen of meubels: het vuur steeds bestrijden van onder naar boven. Maar denk eraan: u moet de brand beginnen te bestrijden op een afstand van 3 tot 4 meter van de haard. U mag een brand nooit van te dichtbij bestrijden. Spuit het poeder van op ongeveer 3 meter afstand van het vuur; daarna kunt u dichter komen om het blussen te voltooien.

 

Bij het blussen van vloeistoffen (oppervlaktebranden) niet met een gebonden, gerichte straal de branden bestrijden, doch het bluspoeder als een wolk over de gezamenlijke brandhaard leggen.

 

Voor het bestrijden van een brand met een grotere omvang de blusapparatuur niet na elkaar, doch een voldoende aantal toestellen gelijktijdig inzetten.

 

Als u een brand gaat bestrijden met een blusapparaat buk u dan. U zal veel minder door de rook gehinderd worden.

 

Stap nooit in een plas, zelfs al is hij uitgedoofd. Het vuur kan immers onverwacht achter u opnieuw opflakkeren!

 

Bij het bestrijden van branden van een geringe omvang, het bluspoeder niet nodeloos verspuiten, zodat een poederreserve bij het weer ontvlammen van de brand ter beschikking staat.

 

U moet rekening houden met dode hoeken in de omgeving van de brandhaard. Zelfs kleine vlammetjes of gloedresten kunnen de brand weer tot volle omvang brengen.