Ooit zijn onze familienamen ontstaan als individuele bijnamen. Die individuele bijnamen zijn dan geërfd door de volgende generaties, waardoor een familienaam ontstond.Napoleon heeft in 1811 een dekreet uitgevaardigd waardoor de familiebijnaam de officiële bijnaam werd.
De naam Crijns behoort tot de groep
familienamen met een statisch begrip als grondslag, van familiale (genealogische)
afkomst zoals Hendrik-s, Steven-s, Wouter-s, Crijn-s.
Deze familienamen zijn uiteindelijk afgeleid uit christelijke mansvoornamen
van enkele eeuwen terug. Die voornamen kunnen dan verder van Hebreeuwse, Griekse,
Latijnse of Germaanse oorsprong zijn.
De naam Crijns is van Latijnse oorsprong. Deze
vinden we terug in het parochiaal register 2 van Houthalen (Limburg, België)
in 1625. Hij staat vermeld in een lijst van eigennamen zoals ze in de volksmond
werden uitgesproken en daarbij hun Latijnse vertaling. Deze werd opgesteld door
de E.H. Pastoor Van Hetsroy, afkomstig uit het Nederlandse Helmond.
De Mannelijke eigennaam is Crijn - Quirinus.
De Vrouwelijke eigennaam is Crijntghe - Quirina.
Met dank aan de Federatie de
geschied- en oudheidskundige kringen van Limburg.
Het tweemaandelijks tijdschrift Limburg.
Het jaarboek Het oude Land van Loon.
(Geschreven in 1985 Door Alfons Crijns)
Vanwaar komt Quirinus?
Quirinus, Romeins officier, martelaar
en heilige (+130).
Een legende vertelt dat hij door Paus Alexander I samen met zijn dochter Ballina
gedoopt zou zijn toen hij de gevangen paus moest bewaken. Zijn relikwieën
werden omstreeks 1050 naar Neuss overgebracht. Hij werd de patroon van het Rijnland.
Hij is vaak door Duitse kunstenaars afgebeeld; o.a. door S. Lachner.
Quirinus wordt te Brugge vereerd als St. Kwelderen en in Hooglede als St. Corijn.
Feestdag 30 maart.
Quirinus, Romeinse Godheid die samen
met Jupiter en Mars deel uitmaakte van de oudste godentriade van de openbare
eredienst. Zijn cultus werd gevierd door de Salische priesters; zijn speciale
priester was de flamen Quirunalis, een van de drie flamines majores (= priesters
die uit de partriciers gekozen werden).
In de eredienst had hij als gezellin een godin, de zogenaamde Horo Quirini.
Sommige schrijvers schilderen onze Quirinus af als een "vredelievende Mars"
en wellicht is het mogelijk Mars en Quirinus te zien als een antithese van elkaar,
waardoor de eerste de God van de oorlogshandeling zou zijn en de tweede de God
van de niet-militaire burgerlijke instellingen (de naam Quirinus zou onder andere
betekenen "het geheel van de burgers"). Uitgaande van een dergelijke
antithese heeft men Mars wel willen zien als God van de klasse der krijgslieden
en Quirinus als die van de klasse der landbouwers, waarbij dan de samenleving
in drie klassen uiteenviel en de derde klasse, die van Jupiter, zou zijn gevormd
door de priesters, een indeling die kenmerkend zou zijn voor de Indo-Europese
volken. (George Dumezil). Volgens de Romeinse traditie was Quirinus niemand
anders dan de vergoddelijkte Romulus en de cultus praktijken brachten hem in
verband met de landbouw (speciaal met het roosteren van de spelt, een graansoort,
dat tijdens een openbaar feest, naar Quirinus de Quirinalia genoemd, op 17 februari
plaatsvond).
Quirinus, in het oude Rome krijgs- en/of
landbouwgod.
Voordat het capitool, sinds de Eturische overheersing, de Trias Jupiter, Juno
en Minerva werden vereerd, zetelden daar de Trias Jupiter, Mars en Quirinus.
Quirinus is in menig opzicht een Sabijnse doublure van de romeinse Mars en werd
oorspronkelijk vereerd door de Sabijnen op de naar hem genoemde Quirinus heuvel.
(Lat. Collis Quirinalis; quirinaal)
Toen de Latijnse en Sabijnse nederzettingen zich verenigden, werden Mars en
Quirinus verbonden.
Later werd Romulus met Quirinus vereenzelvigd.
1985, Alfons Crijns uit het tijdschrift Stamboom Crijns, Op- en Daal Grimbie, nr 2 jaargang 1, 1985