05.45

de ochtend
geeuwt gitzwart
apgar drie
navelstreng ontlakend
in een silhouet
van kledingstukken
suffend naar beneden
epokoffie,
een sigaret
cel per cel
kom ik tot leven
ge(nieten)

morgen geen gezonder
morgen een dagje met
ijs in zomerse kleuren
pilsjes met een keurige kraag
gezellig lezen
in de krant van vandaag
het vrijdaggevoel
als ik eventjes tuk
het weekend
kan niet meer stuk
mijn tuintje

even gastvrij
voor bloemen als klaver
soms vogelvrij
door spruitengedaver
mijn tuin ademt eenvoud
in tinten van groen
verlangend
naar nieuwe gedachten
zij zoemen

een bloem
een kleur
een verleidingsgeur
een bij zoemt
heel intens
die ontmoeting
verliep naar wens