Start

De Maandag van Mullem Kermis 2004

Mis voor alle overleden parochianen

“   Uit vuur en ijzer , zuur en zout ...”   Oosterhuis - Huybers     Poolse volksmelodie

Uit vuur en ijzer zuur en zout, zo wijd als licht zo eeuwen oud,
uit alles wordt een mens gebouwd en steeds opnieuw geboren.
Om ijzer in vuur te zijn om zout en zoet en zuur te zijn,
om mens voor een mens te zijn, wordt alleman geboren.

Om water voor de zee te zijn, om anderman een woord te zijn,
om niemand weet hoe groot en klein, gezocht gekend verloren.
Om avond - en morgenland, om hier te zijn en overkant,
om hand in een andre hand, om niet te zijn verloren.

Om oud en wijd als licht te zijn, om lippen water,
om alles en om niets te zijn gaat iemand tot een ander.
Naar verte die niemand weet door vuur dat mensen samensmeedt dorst te zijn,
om leven in lief en leed gaan mensen tot elkander.

Vergevingsmoment

Zich over iemand ontfermen is zich het lot van die ander aantrekken.
Zo ontfermt God zich over ons. Hij heeft het beste met ons voor.
Daarom mogen wij ons keer op keer aan hem toevertrouwen,
ons telkens weer laten koesteren door Hem en Zijn ontferming vragen.
Omdat Hij onze Vader - en Moeder - is,  en wij Zijn kinderen zijn.

Heer God, wanneer wij ons klein en breekbaar voelen,
wanneer wij opgaan in de maalstroom en onszelf dreigen te verliezen,
ontferm U dan over ons.

Heer, ontferm U over ons

Heer God, wanneer we ons zó onvolmaakt voelen in een wereld
die van ons de perfectie schijnt te eisen,
wanneer wij enkel nog de gebreken aan onszelf zien en niet tevreden zijn met wie we zijn,
zie ons dan graag  en ontferm U over ons.

Christus, ontferm U over ons

Heer God, wanneer we ons opgejaagd en bedreigd voelen,
wanneer we bijna onder gaan in stress en haast,
wees dan voor ons een oase van rust, een veilige plaats om te schuilen.
Ontferm U dan over ons

Heer, ontferm U over ons

“  Gebed om mens te worden  ”

God, geef ons te groeien zoals een boom groeit :
nauwelijks zichtbaar, stil en gedurig, die zich toevertrouwt aan de tijd.

Geef ons te rijpen zoals een vrucht rijpt :
lang en geduldig in weer en wind, die zich geeft als haar uur is gekomen.

Geef ons te stromen zoals de rivier stroomt :
van de vele bronnen naar de ene zee, die zich kronkelend een weg maakt door heuvels en dalen.

Geef ons te zingen zoals de vogel zingt :
ook als niemand luistert en meezingt, zijn eigen lied met zijn eigen stem.

Geef ons te branden zoals de kaars brandt :
stille en lieflijke schijn, die verlicht maar niet verblindt.

Geef ons te worden wie wij mogen zijn : mens onder mensen, aan allen gelijk.
en toch onvergelijkelijk déze mens.

Eerste lezing  :  'Zalig van wie men zeggen kan'

Zalig van wie men zeggen kan: zij hebben hun huis gebouwd
op 't bodemloze wonder van het mensenpaar

-  zij hebben geleefd

zij liepen jong met een klaproos op hun mond
met korenbloemen in hun bloed

- zij hebben geleefd

zij hebben in elkander watervallen van plezier gestort

- zij hebben geleefd

zij kenden de vreugden van ’t bevruchten
en vonden in kinderen elkander weer

- zij hebben geleefd

hij droeg de vormdrift in brein en handen zij brood en melk in haar moedervlees

- zij hebben geleefd

zij waren aan elkanders lichaam geklonken met de gloeiende spijkers van hun zinnen

- zij hebben geleefd

zij kenden de wroeging die wroet in de buik
en de steeds opspringende fontein van het geweten

- zij hebben geleefd

golven van verdriet  sloegen ook hun vrachten op hen neer

zij hebben geleefd

zij leerden dat ook het lijden de mens rechtvaardigt en dat het bloed besmet is met de dood
- zij hebben geleefd

zij lieten de grijze as van hun doden sneeuwen zacht en bestendig in hun hart

- zij hebben geleefd

zo dronken zij de wijn der schuimende beroering en de thee der wijsheid die naar ijzer smaakt
- zij hebben geleefd

zalig van wie men zeggen kan : zij hebben samen veel hemel en aarde vergaard
- zij hebben geleefd

Tussengezang  :  De Steen (Bram Vermeulen)

Ik heb een steen verlegd, in een rivier op aarde,
het water gaat er anders dan voorheen
De stroom van een rivier hou je niet tegen
Het water vindt er altijd een weg omheen

Misschien eens gevuld door sneeuw en regen,
neemt de rivier mijn kiezel met zich mee
Om hem dan glad en rond gesleten,
te laten rusten in de luwte van de zee

Ik heb een steen verlegd, in een rivier op aarde,
nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten
Ik leverde het bewijs van mijn bestaan
Omdat door het verleggen van die ene steen,
de stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan

Ik heb een steen verlegd, in een rivier op aarde,
nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten,
ik leverde bewijs van mijn bestaan
Omdat door het verleggen van die ene steen
de stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan

Evangelielezing volgens Paulus – Hooglied van de liefde

Als heb een grote taalvaardigheid, en een overredingskracht die bezielt,
als ik niet bemin, dan ben ik niet méér
dan klinkend koper en een schelle cimbaal.

Al heb ik een ruime toekomstvisie, een grondig inzicht in de problemen,
en een enthousiasme dat aanstekelijk is
als ik niet echt bemin, ben ik niets.

Al ben ik bovenmate vrijgevig en ondergraaf zelfs mijn gezondheid
voor het welzijn van anderen,
als ik niet echt bemin , baat het me niets.
De liefde is lankmoedig.    De liefde is teder.

De liefde is niet afgunstig.   De liefde praalt niet.
De liefde beeldt zich niets in.   De liefde geeft niet om de schone schijn.
De liefde zoekt zichzelf niet.  De liefde laat zich niet kwaad maken.
De liefde rekent het kwade niet aan.   De liefde verheugt zich niet over onrecht.
De liefde vindt haar vreugde in de waarheid.  De liefde verdraagt alles.
De liefde gelooft alles.      De liefde hoopt alles.     De liefde duldt alles.
De liefde vergaat nimmer

Geloofsbelijdenis  :  Samen aub

Ik geloof in God de Vader, Schepper van hemel en aarde,
Ruimteverschaffer aan mensen, Laatste geborgenheid van ons bestaan.

Ik geloof in Jezus de zoon, de betrouwbare Messias,
Mensenzoon die de goede richting wijst :
Hij is mijn Weg,  mijn Waarheid en mijn Leven.

Ik geloof in de Heilige Geest die ons deel doet hebben
aan het nieuwe Messiaanse leven van geloof, hoop en liefde

Ik geloof in het Rijk van God dat zich overal ter wereld aandient
waar mensen zich oefenen in een grondhouding van
Recht doen, getrouwheid en liefhebben en eerlijk wandelen met God.

Ik geloof dat wij op weg zijn naar een nieuwe hemel en een nieuwe aarde
waar ooit gerechtigheid zal wonen.

Ik geloof in het gebed en in het wachten op Gods tijd.
Zo houd ik de deur open naar mijn toekomst :
Totdat God alles in allen zal zijn.

Lied bij de gaven :  “ Stil mijn honger – Steeds opnieuw ”  :   Elly en Rikkert

Stil mijn honger, les mijn dorst en leg mijn koude wangen aan je warme borst.
Droog mijn tranen voel mijn pijn.  Laat mij in jou versmelten en geborgen zijn
mijn vrouw, mijn vriend, mijn maagd, mijn moeder, mijn God

Streel mijn haren, spreek geen woord en breng mijn ziel tot zwijgen.
Nu geen mens ons hoort;  leef mijn leven dood mijn dood;
leg al mijn bange vragen in je moederschoot, mijn vrouw, mijn vriend,
mijn maagd, mijn moeder, mijn God

Wees mijn lichaam, brood en wijn; laat mij weer alles worden;
door niets te zijn, mijn vrouw, mijn vriend, mijn maagd, mijn moeder, mijn God.

En steeds opnieuw zal ik je tegenkomen hier in dit huis, dat stormen
heeft doorstaan, dan breken wij het brood en delen onze dromen;
en hebben lief voor we verder gaan.

Eucharistisch Tafelgebed

Wat een geluk God, dat Gij voor ons een moederlijke Vader zijt
die ons niet achtervolgt met plicht en schuld; ons niet oordeelt als wij falen,
maar als een Vader en een Moeder ons liefdevol bij de hand houdt.

Wat een geluk, Heer God, dat Gij voor ons een moederlijke Vader zijt
die telkens zegt: ik weet iets goed van jou, die ondanks alles blijft zeggen: ik weet dat jij
steeds opnieuw probeert echt mens te zijn;
een mens met een hart dat openstaat voor ieder die maar luisteren wil.

Wat een geluk, Heer God, dat Gij onze moederlijke Vader zijt,
Gij maakt ons vrij en geeft ons ruimte om te leven; ruimte om te ontdekken wat goed is en echt,
ruimte om op zoek te gaan naar geluk voor ons en voor allen die ons dierbaar zijn
ruimte om zelf de weg te vinden die leidt naar U

Daarom bidden wij voor U met alle mensen hier en met allen die bij U zijn :

Heilig, heilig, heilig …

Ja God, gezegend Hij die komt in uw Naam
Alles wat Gij voor ons voelt, uw zorg, uw genegenheid,
hebt Gij getoond in Jezus Christus, Uw zoon en evenbeeld.
Zo bent U ons in Hem verschenen
Hij heeft ons geleerd dat U onze Vader en Moeder bent: goed en mild en vol menselijke liefde.
Rondom deze tafel heeft Hij ons verzameld als kinderen van één gezin.
Stort dan ook uw Geest uit over dit brood en deze wijn
dat zij worden tot teken van Jezus’ aanwezigheid in ons midden.

Zo was het immers op het laatste avondmaal, toen Hij, temidden van zijn apostelen, brood in zijn handen nam, U dankte, Vader, het brak en onder zijn leerlingen verdeelde terwijl Hij sprak:

Neemt en eet hiervan , Gij allen, want dit is mijn Lichaam, dat voor u gegeven wordt.

Dan nam Hij een beker met wijn, nogmaals zegde Hij een gebed om U te danken. Hij liet de beker rondgaan bij iedereen en sprak tot hen :
Neemt deze beker en drinkt hier allen uit,
want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond ;
Dit is mijn Bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten
tot vergeving van de zonden. Blijf dit doen om aan Mij te denken.
En bloed vergieten mag alleen dit betekenen : ik geef mijn leven voor iemand anders.

Zo heeft Jezus het ons voorgedaan, Vader.
Zo doen wij opnieuw naar Zijn woord.

Verkondigen wij de kern, het mysterie van het geloof…

ONZE VADER

Onze Vader, al zolang onderweg van de hemel naar de aarde,
Uw naam worde geheiligd,
nooit meer in gevechten van volk tegen volk, van man tegen man.

Uw naam worde gedaan en doorgegeven in gerechtigheid en vrede,
van mens tot mens, van land tot land, over heel de wereld.

Laat komen uw Rijk door allen die veranderd zijn
in mensen van vrede en mededogen.

Laat gebeuren in ons midden
wat wij hebben uitgesteld tot in de hemel.

Geef ons heden zo veel inzicht  dat wij werkelijk weten
wat ons tot toekomst en tot vrede brengt.

Vergeef ons dat wij u tegenhielden
in zoveel mensen, zoveel eeuwen lang.

En leid ons weg uit de verleiding van macht en geweld,
maar verlos ons , vandaag nog, van een wereld voor enkelen,
en open die wereld van God-en-mens-met-allen.   Amen

Communio

HERFST

Als de wilgen fluisteren  je hoort ze bijna niet.
Besef ik dat ik ze veel te weinig zie, toch weet ik dat ze luisteren naar
hetzelfde lied, naar dezelfde melodie :

“Er is geen ziel die leeft voor eeuwig, we moeten ooit ergens anders heen”
Maar geen God laat mij volledig moederziel alleen

Ouders worden ouder en ik wordt groot
ik kan op eigen benen staan, maar naar welke schouder
met een schip in nood, naar welke haven moet ik gaan

Er is geen ziel die leeft voor eeuwig, we moeten ooit ergens anders heen
maar geen God laat mij volledig vaderloos alleen

Laat me stil geloven dat ergens in de wind ik ooit later hun sporen weer vind.

Want er is geen ziel die leeft voor eeuwig, we moeten ooit ergens anders heen
maar geen God laat mij volledig zielsalleen

Slotgebed

Vredesgebed van Sint  Franciscus van Assisië  ( samen aub )

Heer, maak me tot een werktuig van uw vrede
Waar haat is, laat me liefde zaaien.   Waar onrecht is, vergiffenis.
Waar twijfel is, geloof.   Waar wanhoop is, hoop.
Waar duisternis is, licht.   Waar droefheid is, vreugde.
O goddelijke Meester, geef me dat ik eerder verlang te troosten,
dan getroost te worden, te begrijpen dan begrepen te worden,
te beminnen dan bemind te worden.
Want het is door te geven dat we krijgen, door vergeving aan te bieden dat we vergeving ontvangen en door te sterven dat wij voor de eeuwigheid geboren worden.

Vraag om Gods zegen

GELE ROZEN

Af en toe lig ik wat te dromen over dingen waar ik vroeger nooit aan dacht
over tijden die voor ons nog moeten komen
zullen ze wel zijn zoals verwacht?

Want ik breng je toch zo graag die gele rozen
en dan drinken we samen onze wijn
je geniet ervan als ik je nog doe blozen
We leven pas als we samen zijn

Misschien moet ik mijn tijd niet zo verspillen
en hou ik die gedachten voor mezelf, maar ook – ook al zou ik het wel willen
die dromen komen als vanzelf.

Toch breng ik je zo graag die gele rozen en drink ik graag met jou onze wijn
Ik geniet ervan als ik je kan doen blozen,Ik leef maar pas – als ik bij jou mag zijn

Omarm me – Verwarm me  - Vergeef me
maar geef me  een visioen waarin we later samen zijn

Breng ik je dan nog die gele rozen, drinken we dan nog onze wijn?
Kan ik je dan nog een keer zien blozen, zullen we dan nog dezelfde zijn?

Bestaan ze dan nog wel – die gele rozen,  drinken we dan nog dezelfde wijn
kan ik je dan nog een keer zien blozen,  zullen we dan nog samen zijn?

(Tekst en muziek : Bart Herman)

Pater Johan Van Calbergh, pastoor,  0477 66 37 62