Start

Gebedsdienst

Het   PLATTELAND   :   VINDPLAATS   van   KUNST
KUNST   :   VINDPLAATS   van   GOD

“ Hierbij geef ik alle zaadvormige gewassen op de hele aardbodem aan u,
en alle bomen met zaaddragende vruchten ; zij zullen u tot voedsel dienen.
Maar aan alle wilde beesten, aan alle vogels van de lucht
en aan alles wat over de grond kruipt aan al wat dierlijk leven heeft,
geef ik het groene gewas als voedsel.”   Genesis 1, 29 – 30

Lied  :  “  Die chaos schiep tot mensenland….”    Oosterhuis

Die chaos schiep tot mensenland, die mensen riep tot zinsverband.
Hij schreef ons tot bescherming, zijn handvest van ontferming.
Hij schreef ons vrij met eigen hand.

SCHRIFT DIE MENSENOORSPRONG  SCHRIJFT.  WOORD DAT ONS TROUW BLIJFT.

Dat boek waarin getekend staan, gezichten , zielen, naam voor naam
hun overslaande liefde , hun overgaande liefde, hun weeën die niet overgaan.

Zijn onvergankelijk testament : dat Hij ons in de dood nog kent – de dagen van ons leven
ten dode opgeschreven, ten eeuwig leven omgewend.

Gebed om re-creatie  :  “  Kyrie eleison  ”  :   Uit de Verzoeningskerk van Taizé

Eeuwige God, U zegent elk volk op aarde.
Gedenk hen die lijden onder geweld en verdeeldheid.
Heer wij bidden U.

Eeuwige God, door uw zoon Jezus Christus
breekt u de scheidingsmuren tussen mensen af,
verzoen ons in uw liefde. Heer wij bidden u.

Voor alle gelovigen , getuigen van hoop,
doe uw aangezicht over ons lichten.
Heer wij bidden U.

Voor de slachtoffers van onrecht en geweld, voor diegenen die hen helpen.
Heer wij bidden U.

Jezus, onze broeder, U bent met allen die lijden : troost hen met uw woord.

Voor een weg van vrijheid en gerechtigheid, voor de leiders van de volkeren.  Heer wij bidden U.

Geest van de levende God, U vernieuwt uw kerk,
U schenkt ons een lente van verzoening : leid ons door uw woord.

“  Gebed om mens te worden  ”

God, geef ons te groeien zoals een boom groeit :
nauwelijks zichtbaar, stil en gedurig, die zich toevertrouwt aan de tijd.

Geef ons te rijpen zoals een vrucht rijpt :
lang en geduldig in weer en wind, die zich geeft als haar uur is gekomen.

Geef ons te stromen zoals de rivier stroomt :
van de vele bronnen naar de ene zee, die zich kronkelend een weg maakt door heuvels en dalen.

Geef ons te zingen zoals de vogel zingt :
ook als niemand luistert en meezingt, zijn eigen lied met zijn eigen stem.

Geef ons te branden zoals de kaars brandt :
stille en lieflijke schijn, die verlicht maar niet verblindt.

Geef ons te worden wie wij mogen zijn : mens onder mensen, aan allen gelijk.
en toch onvergelijkelijk déze mens.

Eerste lezing   :  “  Groeien als een boom  ”

Groeien als een boom, met wortels diep in de grond en uitgestrekte takken vol vreugde.

Bomen van mensen worden we
als het goed is in onze omgeving om te vertoeven;
als we mild zijn in ons oordeel, zoals de schaduw van een boom mild is in de zomer
als we tijd maken voor de mensen die door het leven niet gespaard worden
zoals zij bij ons kunnen schuilen zoals je kan schuilen onder de bomen voor een hevige regenbui.
Dan zal ons huis een tuin zijn voor vrienden familie waar zij altijd welkom zijn
zoals de vogels in bomen een veilige rustplaats vinden.

Bomen van mensen worden we
als we erin slagen de tegenslagen uit het verleden van ons af te zetten
zoals een boom zijn bladeren afstoot om humus te zijn voor anderen.
Ze nodigen elkaar uit om hoger te groeien.
De ene boom hoeft zich niet te meten met de andere,
de cypres groeit ook niet in de schaduw van de eik.

Bomen van mensen worden we
als we kunnen rekenen op onze wortels,
als we een paar goede vrienden hebben waarop we altijd kunnen terugvallen
en waaruit wij de kracht putten om verder te groeien.
Dankzij hen dragen wij vruchten waar anderen nieuwe moed halen om verder te leven
zoals bomen met stevige wortels rijke vruchten geven
waaraan wij ons allen kunnen voeden.

Bomen van mensen worden we
als we andere mensen ontmoeten
en aan hun zijde willen staan zonder beslag op hen te leggen
of hun eigenheid te ontkennen.
Zoals bomen graag in elkaars buurt groeien
maar ruimte moeten laten om elkaar niet te verstikken.

Bomen van mensen worden we
als we stormen trotseren en rechtop blijven staan
waar anderen wanhopig zijn en de moed verliezen;
als we altijd en overal onszelf blijven
zoals een boom zichzelf blijft doorheen de seizoenen van het leven.
De boom die groeit, met zijn takken naar de hemel gericht
is voor de persoon met een handicap
hoop en stilte, schaduw en rust, nabijheid en geborgenheid
in onze harde samenleving.

Tussengezang   :   “ De Boom ”   Elly & Rickert

Bij ons in het dorp staat een boom die oud is en krom
het gemeentebestuur heeft gezegd, hij is oud en hij moet om
op die plek moeten winkels en ruime parkeerplaatsen komen
maak je geen zorgen, we planten een stel nieuwe bomen.

Maar hij heeft nog gezien hoe mijn opa zijn koeienstal bouwde
en hij heeft nog gezien hoe mijn oma met melkbussen sjouwde,
maar heel zijn verhaal laat ze koud,ze zetten de zaag in zijn hout.

Bij ons in het dorp staat een boom die oud is en scheef
en ik hoor elke dag zijn verhaal al zolang als ik leef.
Maar het dovemansoor heeft bepaald dat een boom niet kan praten
en dicteert ons wat recht is en krom, al ons doen en ons laten.

Maar hij heeft nog gezien hoe mijn opa en oma daar vrijden
hoe de oorlog er kwam en weer ging, hoe ze lachten en schreiden
en hij heeft nog gevoeld hoe hun naam in zijn bast werd geschreven
en hij heeft nog gevoeld hoe de zomers de winters verdreven
en hoe hij de tijd heeft getart, ze zetten de zaag in zijn hart.

Word ik ooit zo verweerd als die boom die is en krom,
laat me staan tot ik val en zaag me niet om.

Tweede lezing uit  de eerste brief van Paulus aan de Parochianen van Korinthe

“ Ik heb geplant, Appolo heeft begoten, maar God geeft de groei.
Noch hij die plant betekent iets, noch hij die begiet, maar alleen God die wasdom geeft.
Die plant en die begiet staan op één lijn, al ontvangt wel ieder loon naar zijn arbeid.
We zijn Gods medewerkers, gij zijd Gods akker, Gods bouwwerk.

Naar de mij gegeven scheppingskracht heb ik als een kundig bouwmeester
het fundament gelegd, waarop een ander voortbouwt.
Maar laat iedereen toezien dat hij daarop bouwt.

Want  niemand  kan  een  ander  fundament  leggen  dan  dat wat  er  reeds  ligt:
namelijk   Jezus   Christus.

Of men nu op deze grondslag voortbouwt met goud, zilver of kostbare stenen, hout, hooi of stro, van ieders werk zal ede kwaliteit aan het licht komen.
Weet gij dan niet dat gij Gods tempel zijd en dat de Geest van God in u woont? De tempel van God is heilig en die tempels zijt gij! ”   1 Kor. 3, 5-17

“ De Steppe zal bloeien ”     Oosterhuis  -  Oomen

De steppe zal bloeien. De steppe zal lachen en juichen.
De rotsen die staan vanaf de dagen der schepping.
staan vol water, maar dicht. de rotsen gaan open
Het water zal stromen, het water zal tintelen, stralen,
dorstigen komen en drinken. De steppe zal drinken,
de steppe zal bloeien, de steppe zal lachen en juichen.

De ballingen keren. Zij keren met blinkende schoven. Die gingen in rouw
tot aan de einden der aarde, één voor één, en voorgoed.
die keren in stoeten. Als beken vol water,
als beken vol toesnellend water, schietend omlaag van de bergen.
Met lachen en juichen - die zaaiden in tranen'
die keren met lachen en juichen.

De dode zal leven. De dode zal horen: nu leven. Ten einde gegaan
en onder stenen bedolven: dode, dode, sta op,
het licht van de morgen. Een hand zal ons wenken.
een stem zal ons roepen: Ik open hemel en aarde en afgrond.
En wij zullen horen,en wij zullen opstaan
en lachen en juichen en leven.

Geloofsbelijdenis van een Boer

Ik geloof in de God van Juvenal,
die de boeren opriep om een hulp­ploeg te vormen en een zieke kameraad te helpen.
Ik geloof in de God van Dona Agueda,
die borrels drinkt alvo­rens ze een eenzame kankerpatiënt gaat verzorgen.

Ik geloof in de God van Dom Pires,
die zijn vierde pastorale brief schreef om de verdrukte boeren te verdedigen.
Ik geloof in de God van de oude Leonards,
die iedere dag kof­fie zet voor haar kinderen en de buren,
en eten geeft aan wie honger heeft, zeggend: "Het is onze plicht".

Ik geloof in de God van Dona Julians,
die overal aanwezig is in de buurt, in de wijk, op het land,
in de pastoraal,  in de beto­gingen.

Ik geloof in de God van Zeca,
die publiek voor de kameraden durfde te bekennen
dat hij het spel van de patroon had ge­speeld tegen een plattelandsbewoner.

Ik geloof in de God van Dr. Mario Carvalho
de Jezus, verdedi­ger van de stakers van Peru,
die de wereld denkt te veranderen door onver­zettelijke standvastigheid.

Ik geloof in de God van dokter Fernandes,
die sedert 1969 gra­tis iedere week de meisjes van de buurt verzorgt.
Ik geloof in de God van Broeder Roger Schulz,
protestant van de gemeenschap van Taizé, die me omhelsde en zei:
"Uw bis­schop, Dom Fragoso, is mijn leermeester".

ONZE VADER

Onze Vader, al zolang onderweg van de hemel naar de aarde,
Uw naam worde geheiligd,
nooit meer in gevechten van volk tegen volk, van man tegen man.

Uw naam worde gedaan en doorgegeven in gerechtigheid en vrede,
van mens tot mens, van land tot land, over heel de wereld.

Laat komen uw Rijk door allen die veranderd zijn
in mensen van vrede en mededogen.

Laat gebeuren in ons midden
wat wij hebben uitgesteld tot in de hemel.

Geef ons heden zo veel inzicht  dat wij werkelijk weten
wat ons tot toekomst en tot vrede brengt.

Vergeef ons dat wij u tegenhielden
in zoveel mensen, zoveel eeuwen lang.

En leid ons weg uit de verleiding van macht en geweld,
maar verlos ons , vandaag nog, van een wereld voor enkelen,
en open die wereld van God-en-mens-met-allen.   Amen

Bezinning

De weg van de graankorrel

Elke graankorrel is een rijke belofte, hij draagt de hele wereld in zich.
Hij draagt de weelde van het bloeiende koren
over goudgele schuren vol graan, het brood voor de mensen.
De graankorrel is als het gebed van een mens in de nacht.
Hij levert zich over aan onbekende machten
in de zachte en warme geborgenheid van moeder aarde, waar hij in een stille omhelzing sterven gaat om in vruchtbaarheid open te barsten tot nieuw leven.  Hij levert zich over.  Hij kent de donkerte van de aarde.
Hij voelt de warmte van de zon.  Hij drinkt de zaligheid van de regen.
De graankorrel ziet nooit de aar maar hij gelooft er in.
De weg van de korrel, is de weg van ieder mens om tot volle ontplooiing te komen.

“ Lied om schoonheid en vrede ”   Oosterhuis - 0omen

Veel te laat heb ik je lief gekregen, schoonheid wat ben je oud, wat ben je nieuw.

Veel te laat heb ik jou lief gekregen. Binnen in mij was, ik was buiten
en ik zocht jou als een ziende blinde, buiten mij en uitgestort als water
liep ik van jou weg en liep ik verloren tussen zoveel schoonheid die niet jij is.

Toen heb jij geroepen en geschreeuwd, door mijn doofheid ben jij heen gebroken.
Oogverblindend ben jij opgedaagd om mijn blindheid op de vlucht te jagen.
Geuren deed jij en ik haalde adem, nog snak ik naar adem en naar jou.
Proeven deed ik jou en sindsdien dorst ik, honger ik naar jou.Mij lichtgeraakte,
heb jij doen ontbranden. En nu brand ik lichterlaaie naar jou toe, om vrede;

Veel te laat heb ik jou lief gekregen,
schoonheid wat ben je oud, wat ben je nieuw.