| Start |
|
Gij die weet
Sinds Gij onder ons zijt
gekomen,
sinds de dagen van Jezus,
is alles wat menselijk is
teken van U.
Het gelaat van de mensen is beeld van U.
De weg van mens naar mens
is de weg naar U.
Gij die weet
hoe traag wij U herkennen,
hoe moeizaam en onhandig
wij de wegen vinden naar elkaars hart
en hoe stuntelig de woorden klinken
waarmee wij onze vriendschap
een verhaal geven.
Gij die onze onmacht kent,
onze angst om te zaaien zonder berekening,
vertrouw vol en met beide handen
op de akkers van het leven
en van de Geest.
Gij die ons onbegrip voelt,
onze haast om vruchten te plukken
voor ze rijp zijn,
maar ook onze goede wil
om te groeien in geduld en mededogen.
Gij spreekt ons vrij,
barmhartige God,
ook als ons hart ons aanklaagt,
uw hart is groter dan een mensenhart,
ook als wij worden verscheurd door onze gebrokenheid,
uw vergeving kent geen grenzen.
Daarom huldigen en danken
we U met deze woorden
Heilig...
Dankbaar herinneren wij ons
wat Gij voor ons gedaan hebt
in Jezus van Nazareth, uw Zoon,
die ons is voorgegaan
op de weg van liefde, vreugde, vrede,
goedheid, vriendelijkheid, geduld,
trouw, zachtheid en ingetogenheid.
Die ons lijden en onze vreugde
gedeeld heeft
en geleefd, alles wat een mens te leven krijgt
wanneer hij goed wil zijn;
een mens van God, een vriend.
Die – ten teken van Hem bezielde
–
op de laatste avond van zijn leven
het brood nam, U dankte en zegende,
het brood brak en aan zijn vrienden uitdeelde met de woorden:
Neem en eet,
Dit is het brood van mijn genade,
mijn lichaam voor U.
Die ook de beker nam, U dankte
en zegende
en hem aan zijn vrienden gaf met de woorden:
Neem en drink, dit is de beker van verzoening,
mijn bloed, dat voor u en allen wordt vergoten.
Blijf dit doen om Mij te gedenken.
Zijn Naam en wat Hij heeft
gedaan
gedenken wij
om ooit te worden wie Hij was,
om ooit te komen waar Hij is : bij U.
Door deze mens, God, reikt Gij de hand naar ons,
door Hem wordt onze geestdrift gewekt
en blijft er hoop leven in ons hart
als zaad voor een nieuwe toekomst?
Maar wij zijn mensen van
seizoenen, God,
van op- en neergaan,
van enthousiasme en ontmoediging.
Vandaag vragen wij uw Geest:
verwarm ons hart,
leer ons het alfabet van uw liefde
om er woorden van goedheid mee te vormen.
Besproei ons met de dauw
van uw mildheid en mededogen
opdat wij elkaars tekorten mogen dragen.
Adem ons open
opdat wij ontvankelijk mogen zijn
voor het geheim van iedere mens.
Dan zullen wij doen
wat Gij ons gezegd hebt,
dan zullen wij zijn
zoals Gij ons gezien en gedroomd hebt:
mensen van de Geest,
mensen als vrienden,
dan zullen wij U mogen noemen: Heer,
en aanspreken met de naam
die Jezus ons gegeven heeft.