| Start |
|
LENTEKRIEBELS 2003
LENTE - WIJSHEID en SENIOREN - KRIEBELS
“ Op den duur ” Willem Vermandere
Op den duur word je geboren, langverwacht of ongewenst,
je groeit op en je bloeit open, of je verlept en je verflenst.
Op den duur kan j’er wel tegen, kweek je eeltig taai dik vel,
een harde korst op uw zacht zieltje, incasseren leer je wel,
Op den duur leer je nog dansen, desnoods hinkend op één been,
leer je grinniken en grinzen, nen big smile van kop tot teen.
Op den duur ga je nog dwepen met Elvis Pelvis Pekkeldepop
j’loopt in andermans zijn schoenen, j’krijgt ’t zot in uwe kop.
Op den duur geloof je alles, maken z’u van alles wijs,
volg je blindelings Zaratustra, droom je nog van ’t paradijs,
Op den duur bezwijkt de rede, niemand die zich nog beheerst,
roept elk volk gretig ten oorlog, roept elk volk eigen God eerst.
Op den duur vallen de sterren, geraakt de zonne uitgedoofd,
tuimelt ’t manneke uit de mane, valt den hemel op ons hoofd.
Op den duur komen skeletten uitgekropen uit hun graf,
crossen duvels en demonen, in mijn huis trap op trap af.
Op den duur vallen de muren, stalen torens vatten vuur,
zelfs het water zal ontvlammen, ’t ijs zal branden op den duur.
Op den duur razen vier ruiters, met blinkend zeis en
bajonet,
hoor ik vier briesende peerden galopperen rond mijn bed.
Op den duur raak je verbitterd, vloek j’op God en zijn gebod,
krijg je klap op uwen donder, op den duur ga j’er aan kapot.
Op den duur weet je wel beter, hou je wijselijk je mond,
maak je vuisten in je zakken, hou j’uw voeten op de grond.
Op den duur zingen de bomen en worden stenen kristallijn,
misschien duurt het vele jaren, op den duur wordt water wijn.
Op den duur dat vraagt patiëntie, op den duur da’s nooit direct,
da’s geduldig lange wachten, in tijd en ruimte uitgestrekt.
Op den duur zou je nog bidden, zelfs naar Compostella gaan,
op den duur nog wierook branden, knielend mea culpa slaan.
Op den duur komt er wel vrede, wordt den ergste vijand
tam,
zal de haai nog zeewier eten, gast de leeuw nog nevens ’t lam.
Op den duur leer je nog lachen, misschien nog ’t beste medicijn,
tegen d’ingebeelde kwalen, op den duur het groot venijn.
Op den duur speel je theater , op den duur trek je ne smoel,
leer je schateren van miserie, schreeuw je “life is beautiful”
Lente - wijsheid : Kwaliteit en Leven toevoegen aan de Jaren…
Het feit dat tegenwoordig zoveel mensen een hoge leeftijd bereiken is een totaal nieuw gegeven in onze samenleving. Het is zelfs een 'probleem' geworden en dus voorwerp van studie, zelfs van een speciaal vak: gerontologie. Uit steeds talrijker publicaties blijkt de belangstelling voor wat dan meestal het 'bejaardenvraagstuk' wordt genoemd.
Artsen, economisten en natuurlijk politici belichten vanuit hun specifieke invalshoek de problemen van de senioren en het ‘bejaarden’-beleid. Meestal is de aandacht dan gericht op de zogenaamde lastendruk, op de betaalbaarheid van de pensioenen. Ook het thema van de zorg voor de groep die niet meer in staat is zich zelfstandig te handhaven, komt aan de orde, zij het dan - in een tijd van economische recessie - verengd tot een financieringsvraagstuk. En je kan ook geen tijdschrift openslaan of de raadgevingen voor gezond, fit en welvarend ouder worden dringen zich op.
Maar is dit wel alles?
Wat dan met het innerlijke groeiproces dat de ouder wordende mens door kan maken en dat tot sereniteit, innerlijke rust en vrede leidt?
Weinig publicaties besteden daar aandacht aan. Ook niet aan de huiver waarmee we meestal het ouder worden benaderen. Hoe komt het toch dat we wel graag oud willen worden, maar dat we aan het echt oud zijn liefst niet willen denken? Waarom lijkt die levensperiode zo beangstigend?
Onze houding ten opzichte van het verouderingsproces zal afhangen van de ingesteldheid waarmee we het leven, het lijden en de dood benaderen en van de zin die we eraan geven. Onze oude dag hoeft ons niet te beangstigen, het kan een periode worden van verdieping en levensvervulling.
Ik zie de ouderdom niet in de eerste plaats als 'vraagstuk', maar als 'mogelijkheid'. ik word vijfenzestig en ’t precies of alles NU pas begint…
Zin en zingeving staan hier inderdaad centraal. Voor veel mensen is 'zin' gekoppeld aan wat voorbij is, aan het verleden: het opmaken van een balans, het ontdekken van de betekenis van het leven door het waarderen van vroegere ervaringen en prestaties. Een terugblik met tevredenheid. Maar ik zou mijn ouderdom willen koppelen aan zin, aan toekomst, aan wat nog komt, aan de ervaringen die bejaarde mensen nog kunnen opdoen en aan de uitdagingen die ze op hun levensweg nog tegenkomen. De mens altijd toekomst nodig heeft, een perspectief moet hebben, wil hij zinvol kunnen leven.
Zingeving ontstaat in het tot vervulling brengen van een of andere mogelijkheid. Daarom mag 'op rust zijn' nooit betekenen: wegzinken in ledigheid en nietsdoenerij. Mensen moeten immers bezield blijven met een niet af te laten zoeken naar zin
De Tien Geboden van de gelukkige SENIOR
1. Spreek niet te veel over uw gezondheid en uw ongemakken.
Alleen uw dokter heeft daar belangstelling voor.
2. Denk goed na voor u iets doet. Anders zou uw onbewuste u wel eens vreemde dingen laten uitvoeren, zoals uw bril in de koelkast leggen of een lepel halen om de deur te sluiten.
3. Vertel niet te vaak over uw prestaties in het verleden. Mensen hebben meer interessen voor zichzelf en voor de toekomst.
4. Verzorg uw uiterlijk. Fris gewassen en keurig gekleed voelt de mens zich zelfzekerder en dwingt hij respect af.
5. Maak u geleidelijk los van mensen en dingen. Dat is het geheim om een wijs mens te worden en om goed te sterven.
6. Leer ‘alleen’ te zijn en uw tijd niet te verliezen met wat waardeloos is. Stilte en eenzaamheid zetten aan tot nadenken en zijn ook de voedingsbodem voor gebed en meditatie en ontwikkeling op alle gebied.
7. Hou een dagboek bij met belangrijke gebeurtenissen en treffende gedachten. Dit zal u helpen uzelf en de anderen betere te kennen en te begrijpen.
8. Wees matig in uw eten en uw drinken en blijf in beweging. Uw lichaam zal er wel bij varen en het zal ook uw geest wakker houden.
9. Betoon belangstelling voor de mensen die u ontmoet. Help hen zoveel mogelijk, maar verwacht geen dankbaarheid.
10. Denk aan de dood in alle rust en sereniteit, maar spreek er niet over. Gedenk dat anderen, vroeg of laat , uw dood verwachten en er in bepaalde gevallen zelfs naar uitzien.
“ HERFST” : Bart Heirman
Als de wilgen fluisteren je hoort ze
bijna niet.
Besef ik dat ik ze veel te weinig zie, toch weet ik dat ze luisteren naar
hetzelfde lied, naar dezelfde melodie :
“Er is geen ziel die leeft voor eeuwig, we moeten ooit
ergens anders heen”
Maar geen God laat mij volledig moederziel alleen
Ouders worden ouder en ik wordt groot
ik kan op eigen benen staan, maar naar welke schouder
met een schip in nood, naar welke haven moet ik gaan
Er is geen ziel die leeft voor eeuwig, we moeten ooit
ergens anders heen
maar geen God laat mij volledig vaderloos alleen
Laat me stil geloven dat ergens in de wind ik ooit later hun sporen weer vind.
Want er is geen ziel die leeft voor eeuwig, we moeten
ooit ergens anders heen
maar geen God laat mij volledig zielsalleen
Intermezzo als voorspel naar erotische spiritualiteit
Zalig van wie men zeggen kan'
Zalig van wie men zeggen kan: zij
hebben hun huis gebouwd
op 't bodemloze wonder van het mensenpaar - zij hebben geleefd
zij liepen jong met een klaproos
op hun mond met korenbloemen in hun bloed
- zij hebben geleefd
zij hebben in elkander watervallen
van plezier gestort
- zij hebben geleefd
zij kenden de vreugden van ’t bevruchten
en vonden in kinderen elkander weer
- zij hebben geleefd
hij droeg de vormdrift in brein en
handen, zij brood en melk in haar moedervlees
- zij hebben geleefd
zij waren aan elkanders lichaam
geklonken met de gloeiende spijkers van hun zinnen
- zij hebben geleefd
zij kenden de wroeging die wroet in de buik en de
steeds opspringende fontein van het geweten
- zij hebben geleefd
golven van verdriet sloegen ook hun vrachten op hen
neer
- zij hebben geleefd
zij leerden dat ook het lijden de mens rechtvaardigt
en dat het bloed besmet is met de dood
- zij hebben geleefd
zij lieten de grijze as van hun doden
sneeuwen
zacht en bestendig in hun hart
- zij hebben geleefd
zo dronken zij de wijn der schuimende beroering
en de thee der wijsheid die naar ijzer smaakt
- zij hebben geleefd
zalig van wie men zeggen kan zij
hebben samen veel hemel en aarde vergaard
- zij hebben geleefd
“ GELE ROZEN ” : Bart Heirman
Af en toe lig ik wat te dromen over dingen waar ik
vroeger nooit aan dacht
over tijden die voor ons nog moeten komen
zullen ze wel zijn zoals verwacht?
Want ik breng je toch zo graag die gele rozen
en dan drinken we samen onze wijn
je geniet ervan als ik je nog doe blozen
We leven pas als we samen zijn
Misschien moet ik mijn tijd niet zo verspillen
en hou ik die gedachten voor mezelf, maar ook – ook al zou ik het wel willen
die dromen komen als vanzelf.
Toch breng ik je zo graag die gele rozen
en drink ik graag met jou onze wijn
Ik geniet ervan als ik je kan doen blozen
Ik leef maar pas – als ik bij jou mag zijn
Omarm me – Verwarm me - Vergeef me
maar geef me een visioen waarin we later samen zijn
Breng ik je dan nog die gele rozen, drinken we dan
nog onze wijn?
Kan ik je dan nog een keer zien blozen, zullen we dan nog dezelfde zijn?
Bestaan ze dan nog wel – die gele rozen,
drinken we dan nog dezelfde wijn
kan ik je dan nog een keer zien blozen, zullen we dan nog samen zijn?
Senioren - erotiek : een oud beproefd spoor naar gelukkige dagen
“ Er bestaat zeker geen mathematische leeftijd waarop de vitaliteit conventioneel zou moeten stoppen, integendeel DE ouder wordende persoon bestaat niet : elk mens veroudert op zijn persoonlijke en unieke manier ” ( Eeuwig jong. blz 101 )
Het lichaam van de mens is een relatielichaam. Aan de oorsprong van iedere mens ligt een relatie: een seksuele man-vrouwrelatie, hoe gelukkig of vluchtig deze ook was. Ontstaan uit een man-vrouwrelatie kan de mens ook maar leven in relatie tot anderen. De mens is lichaam geworden relatie. Ontstaan en levend in het teken van relaties heeft de mens als relatiewezen ook relatiebekwaamheid te leren. Zoals het gaan moet hij ook het omgaan leren. En dit aanleren is niet een eenmalig gebeuren tijdens een kritische fase; het is een levenslang beoefenen in 'standvastige omgang'. Zonder dagelijks beoefenen komt het tot verschraling van de vaardigheid tot omgaan.
Aan de oorsprong van iedere mens ligt ook een seksuele relatie, hoe gelukkig of vluchtig deze ook was. De mens is ook lichaam geworden lust. Ontstaan uit een seksuele lustrelatie kan de mens ook dan pas met levensvreugde leven, wanneer hij leert het leven met levenslust te genieten. Deze lustbekwaamheid moet een mens ontwikkelen. Ook dit is niet een eenmalig aanleren, maar een levenslang leren. Zonder dagelijks beoefenen komt het hier eveneens tot verschraling van de lustbekwaamheid.
Zo zijn bijvoorbeeld seksuele organen niet alleen voortplantingsorganen, ze zijn in de eerste plaats lust- en contactorganen. Vóór alles zijn het organen voor levenslust en intermenselijke relatie. Inderdaad, de seksuele organen zijn maximaal ontwikkeld tot tact: zinnelijk, zintuiglijk voelen met genot. Het zijn dus organen die een hoogtepunt van intense levenslust schenken: 'het leven genieten'. Bovendien zijn de seksuele organen ook dé organen voor contact: de uiterst gevoelige instrumenten voor intieme omgang. Als instrumenten tot contact bemiddelen de seksuele organen dus de levenskunst: het leven samen genieten, elkaar genieten. ( hersenen : sex is not between the legs, but between the ears )
Zulke levenskunst om (samen) het leven te genieten kan enkel ten volle gestalte krijgen in een levensgeschiedenis waarin de partners zich met overgave en volharding toewijden aan de erotische dimensie van het menselijk bestaan, als zijnde een levensreis naar het geluk.
Zoals de wijze waarop een mens leert gaan, moet hij ook leren omgaan. Ook al is de mens dus een sociaal wezen, toch betekent dit niet automatisch dat de relatiebekwaamheid is aangeboren. Integendeel, de menselijke ontwikkeling kan worden gezien als een ontwikkeling waarin relatiebekwaamheid in opeenvolgende stappen wordt geleerd. Onze drukdoende maatschappij, pas ontsnapt aan een lustvijandige houding tegenover de seksualiteit én aan een eenzijdig technische geneeskunde die gefascineerd is door biotechnologieën, holt voorbij aan de eerbied voor het leven zonder bezinning op het wonder van het leven.
Met herhaling en met eerbied kan bevestigd: intense erotiek mondt uit in het zuivere vinden van elkaar, verenigd in het goddelijke leven. Het is het bijbels bekennen van elkaar en proeven aan de boom van het leven, aan de levens-boom van kennis. In de opperste en diepste wijsheid ervaren minnenden het wonder dat de ene geliefde in de ander woont, ja dat ze elkaar doorwonen zodat de een zich niet langer kan onderscheiden van de ander.
Zij genieten en bezitten elkaar in wederkerig genot, mond in mond, hart in hart, lijf in lijf en ziel in ziel. Het goddelijke leven doorvloeit hen bij de zoete vreugde van de vereniging waarin ze, in elkaar zijnde, toch het meest zuiver zichzelf blijven. De taal van de liefde is de taal van het lijf. In de extatische positie in elkaar openen geliefden zich voor de onmiddellijke kracht van het Leven; in een ervaring die zich voltrekt zonder middel, zonder medium. Het is een zich gevoelig en ontvankelijk openen voor de kracht van het Leven die onder normale om-standigheden meestal verdrukt is en zich hier plotseling bevrijdt in een overstromende, oneindige zijnsvreugde.
Zo is erotiek de uitgelezen weg naar spiritualiteit. 'Spiritualiteit moet seksueel zijn, wil ze menselijke spiritualiteit zijn’. 'Wij beminnen God ofwel als wezens, voorzien van lijf en seksualiteit, ofwel beminnen wij God niet.’
Uit het boek PREDIKER
Maar iets goeds heb ik toch ontdekt. Wat deugd doet is eten en drinken en van het goede genieten bij alle zwoegen en tobben onder de zon, de korte tijd die God je toemeet. Dat is het enige wat je hebt.
Inderdaad , als God je welstand en rijkdom schenkt en de kans geeft ervan te “profiteren”, als je je deel krijgt en gelukkig bent bij al je werk, dan is dat een gave van God. Je denkt dan niet voortdurend aan de kortheid van je bestaan: God geeft je zoveel dat je er helemaal in opgaat (5,17-19).
Daarom prees ik de vreugde, want het beste voor de mens onder de, zon is nog: eten en drinken en blij zijn. Dat is het enige wat hij heeft bij al zijn gezwoeg, heel het korte bestaan dat God hem geeft onder de zon (8, 1 5).
Eet daarom je brood met vreugde en
drink je wijn met een opgewekt hart.
Dat heeft bij voorbaat Gods zegen. Ga altijd feestelijk gekleed en zorg steeds
voor parfum op je hoofd. Geniet van het leven met de vrouw van je hart, heel
het ijdel en kortstondig bestaan dat God je geeft onder de zon (9,7-9).
Het licht is zalig en het is een weldaad voor de ogen de zon te zien. Hoe lang iemand ook leeft, laat hij genieten van elke dag en bedenken dat er nog donkere dagen genoeg zullen zijn... (11,7-8).
Joodse Talmoed (3 de eeuw voor Christus)
'leder mens moet God later rekenschap geven van alle goede dingen die hij in
het leven kreeg, maar waar hij niet van genoten heeft.'
“ De Tederheid ” Stef Bos
Ik heb geen huis meer nodig om me thuis te voelen.
Ik heb geen drank meer nodig om mezelf te zijn;
Ik drink alleen nog melk zoals vroeger want er is een vrouw die mij begrijpt.
Ik hoef geen psychologen om te leren
leven. Ik heb een goeie spiegel die mij beter kent
Ik heb geen goeroe nodig om te kunnen zweven. Want er is een vrouw die aan
me denkt
Het is alleen de tederheid die telt, alleen de tederheid
die telt
Ze mogen alles van me hebben; Heel mijn leven al mijn geld
Het is de tederheid die telt
Ergens diep in mij woont een wonder.
Het is de stem van iemand die er niet meer is
Maar ik kan hem horen in het donker, Hij vertelde mij wat ik niet meer wist
Het is alleen de tederheid die telt
Alleen de tederheid die telt
Ze mogen alles van me hebben. Heel m’n leven al m’n geld.
Het is de tederheid die telt
Pater Johan Van Calbergh, diocesaan
proost BB, LG en KVLV 0477 66 37 62
Processiestraat, 1 8790 Waregem