| Start |
|
Welkom, beste mensen? Wij vieren vandaag eucharistie,
rond het altaar van Onze Vader, samen met onze patroonheilige Sint-Martinus.
Wij willen met deze viering in het spoor van Sint Maarten gaan, die gaf wat
hij had, die mild was...
Rijdt vandaag Sint-Maarten nog rond, zijn er nog mensen die geven, zo maar,
aan de anderen?
De crisis maakt onze tijd moeilijk…
Maar geven is niet enkel iets weggeven van zijn materieel bezit, geven is ook
wat schenken van zijn ”mens-zijn” in zovele gedaanten, als: liefde, vriendschap,
vertrouwen, en steun geven… een geven waar deze tijd een nijpend tekort aan
heeft.
Broeders en zusters, jongens en meisjes
vragen we aan God om vergeving
voor dingen die er verkeerd zijn gegaan in ons leven.
Goede God, U geeft alle leven
U vertrouwt mensen aan elkaar toe
en vraagt ze, om zorgzaam te zijn voor allen.
Wij willen ons best doen, maar het lukt niet altijd,
soms laten mensen elkaar los, en gaat ieder zijn eigen weg.
Samen
O Heer, vergeef van deze dag
de foute dingen die U zag,
vergeef mij wat U hoorde:
mijn voeten zijn verkeerd gegaan,
mijn handen hebben kwaad gedaan,
mijn mond zei boze woorden.
Nu heb ik spijt, nu zeg ik stil:
vergeef het mij om Jezus' wil.
Amen.
Heer, onze God,
Uw Zoon heeft niets gehad voor zichzelf,
zelfs geen steen om op te rusten
Hij wil dat wij ook geld en goed delen met hen die in nood verkerken.
Wij bidden U, op voorspraak van sint-martinus:
Open ons hart en onze ogen voor de nood in de wereld.
Leer ons delen met allen die gebrek lijden,
Opdat wij leven in uw liefde door Christus onze Heer.
Amen.
Het is eenvoudig om gelukkig te zijn,
Je moet alleen maar de anderen een stukje geluk geven,
Een glimlach laten zien, laten voelen dat zij er zijn,
En zij veel, heel veel voor je betekenen.
Het is eenvoudig om tevreden te zijn,
Je moet slechts vrede nemen met de grenzen van je mogelijkheden,
Met de trekken van jezelf,
Met wat je handen kunnen dragen en nog meer,
Met wat je handen kunnen geven.
Na beëindiging van zijn toespraak tot het
volk ging Jezus Kafarnaum binnen. Een Romeins officier daar had een knecht die
hij erg waardeerde; de man was ernstig ziek en lag op sterven.
Toen de officier van Jezus hoorde, stuurde hij een paar oudsten van de Joden
naar Hem toe met de vraag of Hij zijn knecht wilde komen genezen. Zij gingen
naar Jezus toe en drongen er bij Hem op aan de officier te helpen. Ze zeiden:
“Die man verdient het, want hij houdt van ons volk en heeft de synagoge hier
voor ons laten bouwen”.
Jezus ging met hen mee. Toen Hij niet ver meer van het huis was, stuurde de
officier vrienden met de boodschap: “Heer, doe geen moeite. Wie ben ik dat U
in mijn huis zou komen? Zo wilde ik ook niet naar U toekomen. U hoeft maar een
woord te zeggen en mijn knecht is beter. Want ik ben zelf iemand die onder gezag
van anderen staat met weer soldaten onder mij. en als ik tegen de een zeg: ga,
dan gaat hij, en tegen de ander: kom, dan komt hij; en tegen mijn knecht: doe
dit, dan doet hij het.”
Toen Jezus dit hoorde, verbaasde hij zich over de man. Hij draaide zich om naar
de mensen die Hem volgden en zei: “Ik zeg u: zo’n groot geloof ben ik zelfs
in Israël niet tegengekomen”.
Toen de mannen die gestuurd waren, in het huis terugkwamen, troffen zij daar
de knecht gezond aan.
Samen
Ik geloof in God,
de God van Abraham en die van Mozes,
de God van Jezus en die van onze ouders,
telkens anders, telkens nieuw,
maar wel de God, die ook met ons,
ja, met mij, een verbond heeft.
Ik geloof in Jezus,
Zoon van Jozef en Maria,
Zoon van God, dat zeker ook!
In hem is God Vader geworden en Moeder.
Door zijn liefde straalt Gods liefde,
in zijn trouw, is Gods trouw, verbonden met ons.
Ik geloof in de Geest,
de band tussen God en Jezus,
onze drijfkracht, durf en moed om op te staan,
te spreken en te zwijgen,
vol te houden in liefde en trouw.
Ik geloof in de mensen,
die samen kerk willen zijn,
die met handen vol twijfels blijven geloven
dat God er is en met hen meetrekt.
Ik geloof in het Leven dat het wint van de dood,
dat niet ophoudt bij welke grenzen ook,
omdat Gods Verbond Eeuwig duurt.
Amen.
Maarten, gij hebt ons de weg getoond naar
noodlijdenden,
Lang geleden hebt gij Gods boodschap uitgedragen,
Bij u vinden wij Jezus’ beeld van geven en delen;
Van onthechting en dienstbaarheid.
Gij hebt 1600 jaar geleden Gods beeld van Liefde, naar de tijd beleefd.
Dit blijft voor ons ook een opgave, leer ons de oren niet te sluiten
Als mensen in onmacht om hulp roepen.
Gij hebt een schamele man niet alleen in de kou laten staan,
Gij hebt met hem de warmte van uw mantel gedeeld.
Wees nu voor ons inspiratie om in warme genegenheid
Onze mantel ter beschutting te delen.
Maarten, onze kinderen kijken naar u op,
Onze ruiters vragen uw bescherming,
Onze parochianen eren u als “voorbeeld-patroon”,
Wil al onze beden naar God toe brengen,
En blijf voor ons een lichtend voorbeeld langs onze levensweg.
Alwijze Schepper,
Wat op aarde leeft en groeit schenkt Gij aan de mensen als voedsel.
De mensen geeft Gij aan elkaar, om samen door het leven te gaan.
Leer ons op de feestdag van Sint-Maarten aan deze tafel van Uw Zoon
Beter begrijpen dat niemand alleen staat.
Laat de mensen gemeenschap vormen en sterker worden,
Door Jezus Christus, onze Heer,
Die zichzelf gaf om ons bijeen te brengen in zijn Rijk.
De Heer zal bij u zijn!
Verheft uw hart!
Brengen wij dank aan de Heer, onze God!
Het is goed dat wij U bedanken, God,
en dat wij over U spreken, heilige Vader,
want U bent de God van ieder die leeft
U bent de waarheid, U alleen;
U bestaat van eeuwigheid en duurt voort in eeuwigheid
en uw woning is in het ontoegankelijk licht.
U bent de bron van alle leven
en in uw goedheid hebt U alle dingen tot het bestaan geroepen.
Daarom staan rondom U de engelen in de hemel
en alle heiligen zingen voortdurend uw lof.
Ook wij willen onze stem laten horen
en zeggen met alle mensen op aarde:
Heilig, heilig, heilig de Heer
de God der hemelse machten!
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid,
hosanna in den hoge!
Gezegend Hij die komt in de Naam des Heren!
Hosanna in den hoge!
Wij gedenken nu dat Jezus gestorven en verrezen
is.
Hij gaf ons het voorbeeld hoe wij moeten leven.
Op de laatste avond van zijn leven zat Hij
met zijn vrienden aan tafel.
Hij nam het brood, dankte U voor alles, brak het en deelde het uit aan zijn
leerlingen en zei:
NEEMT EN EET HIERVAN, DIT IS MIJN LICHAAM, VOOR U GEBROKEN OPDAT ALLE FOUTEN
MOGEN VERGEVEN WORDEN.
Hij nam ook de beker, dankte U opnieuw en zei:
NEEM EN DRINK HIERVAN, DIT IS MIJN BLOED VAN HET NIEUW VERBOND, VOOR U VERGOTEN
OPDAT AL UW FOUTEN MOGEN VERGEVEN WORDEN.
Verkondigen wij het mysterie van ons geloof.
Samen:
Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood en wij belijden tot Gij wederkeert, dat
Gij verrezen zijt.
Goede Vader,
Deze mensen en ikzelf willen één zijn met Jezus, daarom gaan wij eten van dit
heilig brood opdat wij meer op Hem willen gelijken.
Maar eerst willen wij bidden met de woorden die Jezus eens gebeden heeft.
Heer onze God,
Op de dag waarop wij de grote oorlogen herdenken,
moeten wij ook denken aan de kleine oorlogen
die mensen soms onder elkaar uitvechten.
Wij bidden dat wij elkaar meer aanvaarden en steunen
om samen de wereld beter te maken.
Daarom zingen wij een vredeslied.
Heer, geef me niets dan een heel warm hart en trouwe handen.
Geen staf en geen reiszak, geen tweede kleed.
Alleen maar dat hart en die handen.
Dat hart komt vanzelf in mijn ogen te staan
om het leed van de mensen te vinden.
Die anderen die vatten wel anderen aan van armen en onbeminden.
Maar geef me, Heer, nog iemand mee met ook dat hart en die handen.
Die op mijn handen dat hart soms legt en over mijn hart die handen.
Lieve God,
Vol dankbaarheid hebben we hier Sint-Maarten gevierd; Wij bidden, laat ons hier
vandaan gaan als andere mensen en met de opdracht te werken aan een wereld,
waar voor iedereen hoop en leven kan zijn.
Een wereld die geen duisternis kent, maar alleen licht, dat schijnen zal tot
in eeuwigheid.
In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.