| Start |
|
V. Wie geloven haasten niet, want wie is het niet gegeven, dat hij vrede ziet.
Voorbeden
V.
Voor anderen, voor onszelf en voor elkaar hier te samen, bidden wij U:
A. Wil onze bondgenoot weer zijn.
V.
Voor wie lijden onder oorlogsgeweld, wie voor verschrikking moeten vluchten,
de slachtoffers van haat en terreur, bidden wij u:
Wil onze bondgenoot weer zijn.
V.
Voor wie leven te midden van onrecht,
wier waardigheid wordt aangetast door vernedering en beknotting, bidden wij
u :
Wil onze bondgenoot weer zijn.
V. Voor wie moedeloos Zijn geworden: of gerechtigheid
ooit zal dagen, of de vrede ooit zal komen, bidden wij u:
Wil onze bondgenoot weer zijn.
V. Voor wie werken aan vernieuwing van de verhoudingen
tussen mensen, groepen, volkeren en rassen, bidden wij u.
Wil onze bondgenoot weer zijn.
V: Voor wie verantwoordelijkheid dragen voor politiek
en economie, voor cultuur en milieu, bidden wij u:
A: Wil onze bondgenoot weer zijn.
V: Voor onszelf, zo gauw verblind door alleen maar
ons eigen belang, zonder op dat van anderen te letten, bidden wij u:
A: Wil onze bondgenoot weer zijn.
Evangelie volgens Matteüs 20,1 - 16.
‘De eerste en de laatste’.
Bedenkingen rond vrede
Zo gewoon is de vredesweek niet, eigenlijk is het wonderlijk, dat christenen samenkomen om de vrede te gedenken. Maar de christenen zijn verdeeld over de weg van de vrede en zij denken in hun alledaagse bestaan en de manier waarop zij dit inrichten maar weinig over de vrede of doen alsof ze leven in vrede. Zoals de meeste mensen dat doen.
Er wordt verschillend gedacht over vrede in verband met ontwapening, Over vijand en bondgenoot. De beelden van onze verdeelde wereld, op T.V. en in kranten en tijdschriften, die dagelijks op ons afkomen, helpen ons wel om aan de vrede te denken, maar blokkeren bijna de gedachtenis van de vrede, het gedenken van de vrede. Daarom is het iets waarvan je je verwonderd hoe is het mogelijk samen de vredesweek te vieren?
Hoe durven we de vrede te gedenken die we zelf niet
maken? Je staat voor een echt dilemma: je weet wat oorlog is en onvrede en je
beseft dat je er mede verantwoordelijk voor bent. Dit geldt zowel voor je eigen
levenswandel
als voor je behoren tot een structuur waarin het machtsdenken nog altijd bepalend
is. Dan gedenk je de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, maar wl in
de wetenschap dat God Zijn vrede heeft gekoppeld aan ons vredespogen.
We ervaren ons onvermogen en onze ontoereikendheid in het vredesproces én de neiging dit te verplaatsen naar God, die wél vrede maken kan. Je ervaart aan den lijve, hoe vreemd een gebed om vrede wel moet klinken uit de mond van gelovigen die elkaar naar het leven staan of er in berusten dat mensen en volken elkaar op leven en dood bestrijden.
Het blijft een vreemde zaak, als de ene groep luisteraars Jezus' woord: "Zalig de vredebrenger" zou blijven beluisteren, dat hij ons niet halfzacht wil zien en ons toestaat verdedigingswapens te gebruiken, en de andere groep dat bij ons maant zachtmoedig te zijn en zonder wapens. Dan lijkt er met ons luisteren naar elkaar iets aan de hand, zodat ons onbevangen luisteren naar een profetisch woord van Jezus wordt.
Kleine litanie van voordeden
V. Dichtbij zijt Gij God, leven in ons leven.
A.
Keer u niet af nu wij roepen en bidden:
Voor hen die geen kracht meer hebben te verlangen naar een nieuwe wereld.
V. Keer u niet af nu wij roepen en bidden.
Voor hen die zich voelen alsof er geen mensen zijn.
A.
Keer u niet af, nu wij roepen en bidden,
voor hen die geen stem meer hebben dan de stem van de honger.
V. Keer u niet af, nu wij roepen en bidden,
voor hen die om hun geloof of overtuiging zijn opgesloten en gemarteld worden.
A
Keer u niet af, nu wij roepen en bidden
voor hen die in een leegte zijn gevallen,
omdat door geweld een mens van hen is weggeroofd.
V
Keer u niet af, nu wij roepen en bidden,
voor hen die hardvochtig zijn geworden, omdat zij door hun omgeving zijn verminkt.
A Keer u niet af, nu wij roepen en bidden, voor hen die zich bezwaard voelen, omdat hun werk niet tot vrede strekt.
V Keer u niet af, nu wij roepen en bidden, voor hen die vertrouwen op wapens, en geen andere wegen durven gaan.
A
Keer u niet af, nu wij roepen en bidden,
voor hen die zich schamen over hun leven,
dat verstrikt is geraakt in leugens en ongerechtigheid.
V Keer u niet af, nu wij roepen en bidden:
Gij die in het begin het woeste en lege ten goede hebt
gekeerd die een weg hebt gebaand door onstuimig water, gedenk het verbond dat
Gij met ons hebt. Sticht vrede in ons midden. Laat ons niet over aan ons zelf
aan de spiraal van geweld aan het slaan en verslaan. Kalmeer ons zo nodig met
een vleugje van uw goedheid. Maak ons hart wijd van uw raad en daad. Geef ons
de moed om te zijn, om te leven naar uw toekomst.
P. Hoogeveen
Lied: De eersten zijn de laatsten. G.v.l. nr 418; Zingt Jubilate r 590.
Slotwoord: Vrij naar Kolossensen 3,12-15
God is een God van mensen. Hij houdt van hen. Daarom
is ieder mens een uitverkorene. Dit betekent: Weest barmhartig en wel vanuit
je zelf.
Weest vriendelijk, ootmoedig, zachtmoedig, lankmoedig, weest dus zo royaal als
God. Draagt elkaar. Verdraagt elkaar. Laat niet toe, dat we uit elkaars genade
vallen,
en ook niet als de een een grief heeft tegen een ander.
De Heer was u genadig. Doe ook genadig. Maar boven
al deze dingen uit heb lief.
Dat geeft een volmaakt verbond. Laat de vrede van de Messias in jullie harten
regeren. Daartoe zijn jullie geroepen als leden van één lichaam.
Zegewens
Zegene ons de God van het leven, op weg naar het land
van de vrede,
een nieuwe aarde waar gerechtigheid, vrede en heesheid der aarde woont, door
Jezus Christus onze Heer, Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.