| Start |
|
Eucharistieviering Nationale Ziekendag 2003
Samenstelling:
Paul De Craene
OPENINGSLIED
Waar is de plaats die vrede lacht?
Waar wordt aan mensen recht verschaft?
Waar is de God die leven geeft?
In elke mens die liefde deelt.
Ik zoek de plek waar vrijheid heerst,
waar elke mens van angst geneest,
ik zoek de God die armen heelt,
in elke mens die liefde deelt.
Ik zoek het land dat vreugde heet,
vrij van geweld en oorlogsleed,
ik zoek de stad waar God regeert,
in elke mens die liefde deelt.
Hier is de plaats die vrede lacht,
hier wordt aan mensen recht verschaft,
Hier is de God die leven geeft,
in elke mens die liefde deelt.
Mel. Gij dienaars aan de Heer gewijd
INLEIDEND
Aangesproken door onze God,
aanwezig in ons diepste zelf
en in alles wat geschapen is,
willen we helend aanwezig zijn
in het hart van deze gekwetste wereld
en bij alle mensen die uitzien naar onze
liefdevolle nabijheid.
Helend aanwezig
zijn we
als we de tastbare liefde van God
weten waar te maken
in concrete dienstbaarheid en tedere zorg.
Helend aanwezig zijn we
als we alles wat we zijn en hebben
inzetten voor een wereld van gerechtigheid
en een samenleving waarin niemand gebrek lijdt.
Helend aanwezig
zijn we
als we bereid onze eigen diepste waarden
en alles wat mensen gelukkig maakt,
met elkaar te delen en de solidariteit te versterken.
Helend aanwezig
zijn we
als we leven met eerbied voor de gehele schepping,
als we de aarde, de cultuur en de mensen
beschouwen als een ons door God gegeven zegen.
Helend aanwezig
zijn we
als we onze krachten bundelen ter bevordering
van gezondheid en heelwording van het leven.
Helend aanwezig
zijn we als we ons inzetten
voor het bewaren van de integriteit van het leven,
en zorgzaam nabij zijn allen die ons nodig hebben.
BEDE OM GODS ONTFERMING
Heer open onze oren
dat wij uw woord beluisteren en
uw oproep tot zorg en nabijheid verstaan.
Heer ontferm U
Heer open onze ogen
dat wij u herkennen in het breken van het brood
en in de gekwetste mens die naar ons toekomt.
Christus ontferm U
Heer, open onze handen
dat wij van u getuigen door onze nabijheid
en uw liefde uitdragen door onze zorg en inzet
Heer ontferm U
LOFZANG
Looft de Heer, al wat gemaakt is, prijst zijn
Naam,
verheft Hem voor eeuwig, dankt voor uw bestaan.
Looft Hem die gezeten is op tronen van gezang,
Zingt als rivieren mee voor God: Hij leve lang.
Storm en aarde, bomen, stromen, zon en vuur,
gij wolken en dromen, nachten, dag en duur,
licht en donker, dood en leven, wereld, mensenzaad,
weest mondig en volmaakt, looft Hem met woord en daad.
Looft Hem, ook wie zondigt, looft Hem kwaad en goed,
Looft Hem, die zijn Woord in u mens worden doet.
looft uw God en Vader, die zijn Geest geschonken heeft.
looft Hem omdat gij zijt, ja looft Hem, want Hij leeft. ZJ802
OPENINGSGEBED
God, Vader van alle mensen,
Uw zorg gaat uit naar iedereen.
Laat ons naar Jezus voorbeeld
elke dag opnieuw begaan zijn met elkaar,
vooral met allen wiens bestaan
door ziekte en lijden zo getekend is
dat zij zonder de uitgestoken hand van medemensen
niet meer verder kunnen in hun leven.
Leer ons aandacht hebben voor wat in hen omgaat
aan verdriet en angst, aan eenzaamheid en onvermogen.
Leer ons luisteren naar hun vragen en verwachtingen
en help ons teder en helend omgaan
met hun gekwetst en broos bestaan.
Leg woorden in onze mond die mensen bemoedigen.
Moge onze zorgzame liefde hun draagkracht vergroten
en hun geloof in het leven versterken.
Dan zullen wij door onze nabijheid en solidariteit
een zegen zijn voor elkaar, alle dagen van het leven.
EERSTE LEZING
Gestrand
was ik, onverwacht nog.
De tegenwind was
aangegroeid tot storm.
Ik kon niet verder.
Tegen de grond was ik geslagen
Koud was ik, doodmoe,
tot op de botten.
Zou iemand
mij zien?
Of loopt iedereen gewoon door.
Druk met zichzelf.
Alleen aandacht voor plezier,
de ontspanning, het gemakkelijke?
Als een
wrak lag ik
op het strand van het leven
Totdat iemand mij aanzag,
mij opnam, luisterde,
geborgenheid schonk.
Die aandacht
gaf mij moed,
deed mijn kracht groeien.
Ik vond de weg naar het leven terug.
Ik kon weer varen op de golven
van de levenszee.
Dank zij de aandacht.
(Marinus
Van den Berg)
TUSSENZANG
Mens voor de mensen zijn, herder als God,
trooster voor groot en klein, zo lief als God.
God roept zijn mensen, Hij roept ze bij naam
opdat zij toegewijd zijn wegen gaan.
Klein met de kleinen zijn, vriend onverwacht,
niet op zichzelf maar op and’ren bedacht.
Zieken omarmen, hun tranen verstaan,
met hen de kruisweg ten einde toe gaan.
Licht in het duister zijn, laaiende vlam,
mens van vertrouwen zijn, zijn wie men kan. ZJ509
EVANGELIE
Op zekere dag ging Jezus naar de Schaapspoort in Jeruzalem. Daar is een prachtige
wonderbaarlijke badinrichting met vijf zuilengangen. In de schaduw van deze
galerij, kon je het leed van de hele wereld aantreffen, de pijn en eenzaamheid
van velen. Mensen met wonden in hart en handen. Want.... van tijd tot tijd
daalde een engel uit de hemel en bracht het water in een genezende beweging.
Wie dan het eerst na de beweging het water inging, werd genezen…
Er was daar ook een man die reeds 38 jaar ziek was.
Jezus zag hem liggen en omdat Hij wist dat hij daar reeds lang zo lag, zei Hij
tot hem: ‘wil je gezond worden?’ De zieke gaf Hem ten antwoord: ‘Heer ik heb
niemand om mij, wanneer het water bewogen wordt, in het bad te brengen en terwijl
ik ga, daalt een ander voor mij er in af. Daarop zei Jezus hem: ‘sta op, neem
je bed en loop’. Op slag werd de man gezond, Hij nam zijn bed op en liep!’
(Joh. 5, 1-9)
GELOOFSBELIJDENIS
Ik geloof
in God, die er voor ons wil zijn.
Die naar ons luistert, die ons bevrijdend nabij wil zijn.
Ik geloof
in Jezus, die mens met ons is geworden
die niemand in de kou liet staan,
die oog had voor kwetsbare mensen.
Ik geloof
in de Geest, die ons, mensen, bezielt,
die uit is op eenheid, die telkens weer nieuw maakt.
Ik geloof
in de mensen om mij heen, dat zij goed en waardevol zijn, dat zij zoeken naar
geluk, dat zij door U bemind worden.
Ik geloof in mijn eigen leven, dat Gij mij beschermt,
dat Gij naar mij omziet, dat Gij mij bemoedigt.
Ik geloof dat Gij telkens weer mensen verzamelt.
Ik geloof dat wij altijd weer mogen rekenen op U.
Ik geloof dat Gij ons leven hebt gegeven sterker dan de dood. Amen.
VOORBEDEN BIJ DE OFFERGAVEN
Laat ons in taal en tekenen aan God aanbieden
wat ons ter harte gaat
en hem bidden om Zijn zegen over deze gaven en over ons leven.
Wij brengen water aan, want water doet ons
denken aan het leven:
aan de Rode zee, het water van de uittocht uit de slavernij en
de Jordaan, het water van de intocht in een nieuwe tijd.
En wij bidden U Heer:
Zet ons samen op weg in die stroom van mensen
die liefde doen en gerechtigheid beogen.
Geef dat deze gemeenschap hier
een bron van leven voor alle mensen wordt.
Wij brengen vuur aan, teken van warmte en genegenheid.
Teken van uw geest die ons bezielt en oproept.
En wij bidden U:
Beziel ons met Uw Geest van liefde
steek vuur in onze gemeenschap
en enthousiasme in onze belangloze inzet.
Beziel ons met uw Geest
en geef dat wij steeds ten dienste staan
van een menswaardig leven voor alle mensen.
Wij brengen aarde aan, de grond waarop wij leven; teken van de schepping die Gij aan ons hebt toevertrouwd. En wij bidden U:
Dat wij met tedere zorg omgaan met uw schepping
maar vooral dat alle mensen die er wonen,
in het bijzonder allen die ziek zijn en door lijden worden getroffen,
omgeven mogen zijn door de liefdevolle zorg van medemensen.
Wij brengen olie, de olie waarmee zieken worden
gezalfd. Moge ons samenzijn als olie zijn. Dat onze fijngevoeligheid en onze
volgehouden inzet, mensen mag helen en genezen.
En wij bidden U:
Dat wij elkaar zouden blijven bemoedigen in
het goede
en heel attent en heilzaam zouden aanwezig zijn
bij het gekwetste leven van medemensen
of bij hen die dagelijks de zorg voor mensen op zich nemen.
Wij brengen brood aan opdat dit onze samenzijn
mag worden:
levenskracht tegen allen en alles wat het leven bedreigt,
gebroken en uitgedeeld tot nieuwe vruchtbaarheid.
En wij bidden U:
Dat het waar mag zijn wat in Jezus tasbaar is geworden:
dat wij vandaag zijn lichaam zijn,
zijn hart en handen tot opstanding van mensen.
Wij brengen wijn aan opdat dit ons
samenzijn mag worden:
de zure wijn van ‘t dragen van elkaars last en pijn,
de feestdrank van de vrede die eenmaal zal komen.
En wij bidden:
Laat het waar zijn dat in ons samenleven
de kiemen groeien van een nieuwe verbondenheid
OFFERANDELIED
Brood op tafel een hand gevuld
met wat in het leven geen uitstel duldt
eten en drinken, iedere dag,
gewoon wat een mens niet ontbreken mag.
Beker met wijn, een vreugdedrank
voor armen en kleinen, voor zwart en blank.
Broederschap drinken met iedereen
want wie houdt het uit moederziel alleen?
Woorden horen, een man die sprak
en zich in zijn leven tot voedsel brak.
Kom om te eten, drink van de wijn,
laat dit een bewijs van mijn liefde zijn.
GROOT DANKGEBED
Wij danken U, Vader
voor het leven dat Gij ons geeft
en voor de toekomst die Gij ons laat verhopen,
voor de mensen die met ons op weg gaan
en voor allen die ons de weg naar U hebben getoond.
Wij loven U voor ons verlangen naar U
en voor hen die het telkens weer opwekken in ons hart.
Wij prijzen U omdat Gij een gelaat
en een gestalte hebt gekregen voor ons
in Jezus van Nazareth
en omdat Hij ons voorgaat naar U toe.
Samen met allen die op U hopen,
en met allen die U reeds hebben gevonden,
aanbidden wij U met de woorden.
Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten!
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid,
Hosanna in den hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in den hoge
Wij danken U, God onze Vader
dat wij bij elkaar vrede kunnen vinden,
liefde en verzoening,
brood om met elkaar te delen,
altijd nieuwe hoop op een wereld
waar het goed is om leven.
Wij danken U, God,
dat wij durven hopen op elke mens,
en op al het goede dat in ons leeft..
Wij danken U voor die éne mens Jezus Christus,
die geheel van onze wereld is en geheel van U, Vader.
Méér dan wie ook heeft Hij zichzelf gegeven
voor uw Rijk van vrede.
Wapens van haat en geweld
heeft Hij ons uit handen genomen,
zachtmoedigheid was zijn kracht,
als de minste van allen, zo ging Hij voorop.
In de nacht waarin Hij werd overgeleverd
nam Hij brood in zijn handen en dankte
U.
Dankend aanvaardde Hij een gegeven mens te
zijn,
trouw in de liefde, ook als het lichaam gebroken wordt.
Dan brak Hij het brood,
en deelde het uit aan zijn vrienden met de woorden.
Neemt en eet hiervan, dit is mijn lichaam
dat voor u en voor allen gebroken en gegeven wordt.
Toen nam Hij ook de beker in zijn handen en
dankte U.
Dankend aanvaardde Hij zijn leven te geven voor zijn vrienden.
Dan reikte Hij hen de beker met de woorden:
Drink allen hiervan
want dit is de beker van het nieuwe verbond
bezegeld met mijn bloed
dat voor u en voor allen vergoten wordt
tot vergeving van alle zonden.
Blijft eten van dit brood en drinken uit deze
beker
om Mij te gedenken.
Heer Jezus wij verkondingen uw dood en wij belijden tot Gij wederkeert dat Gij verrezen zijt.
Toen Hij alles had volbracht
hebt Gij Vader, hem hoog verheven en Hem genoemd:
de Mensenzoon, de Eerste en de Laatste
de Band die ons bijeenhoudt, onze Vrede.
Wij vragen U Vader
zend ons de Geest van Jezus Christus, bijzonder in dit uur
nu Gij ons bijeen roept voor het werk van uw liefde.
Zend ons zijn Geest van geloof in de toekomst,
zijn Geest van vertrouwen in de mens,
zijn geest van rechtvaardigheid:
een Geest die niet verdeelt, maar samenbrengt.
Zo mogen wij worden een rijk van vrede
waar het goed is om te wonen,
waar vreugde en toekomst is voor kinderen,
werkgelegenheid voor allen,
levensruimte voor wie ziek is of
leven moet met een handicap,
een huis voor de vreemdeling,
een ereplaat voor bejaarden,
een teken van hoop voor velen,
een wereld, waarin Gij, God, woont met de mensen.
Om vrede en rust bidden wij ook voor hen die
gestorven zijn,
in het bijzonder voor onze geliefde familieleden en
voor allen die ons zo dierbaar zijn.
Dat zij mogen verder leven in uw eeuwige liefde.
Dan zal er vreugde zijn op aarde,
vrijheid en vrede in Jezus’ naam.
Door Hem en met Hem
bieden wij U, almachtige Vader
dit dankoffer aan in de gemeenschap van de kerk,
die leeft vanuit Jezus’ Geest
vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.
ONZE VADER - GEBED OM VREDE
COMMUNIE - COMMUNIELIED
Jij die bent: ‘Ik zal er zijn voor u’
Naam die zin is van ons leven,
wees nabij, word zichtbaar hier en nu.
Groei in ons, kom in ons tot leven.
Jij die zegt: “De minsten zijn mijn broeders”,
die vanuit hun wereld tot ons spreekt,
die ons roept te zijn elkander hoeder,
leer ons zien uw licht dat openbreekt.
Jij die ziet hoe mensen dood gezwegen,
zonder waardigheid en zonder naam,
uitgesloten, altijd alles tegen,
Jij roept ons om aan hun kant te staan.
Jij het Woord dat in ons waar moet worden,
wij, uw stem voor wie geen stem meer krijgt,
Jij die hoop zijt op een nieuwe morgen,
wij het beeld van U die Leven zijt.
Carlos Desoete
SLOTTEKST
jij bent
geen foto
op mijn kast
van de herinneringen
jij bent
een vriend
een broer, een zus
ik heb
je nodig
in een tijd van hunkeren
de drukte
van jouw dagen
ken ik niet
jij spreekt
belooft en kiest de dag
maar geef
me kans
jouw uitgestoken hand
te weten
de stille
troost
voor alles wat me rest
aan vriendschap…
kom toch,
morgen
kom vandaag…
Erik Lauwers
SLOTGEBED
God van ons allen,
in de mensen die ons bezoeken
en die de eenzaamheid doorbreken
zijt Gij aanwezig.
In het open
gesprek dan men heeft
waar met aandacht wordt geluisterd
en vol tact wordt gesproken
wordt uw aanwezigheid voelbaar.
In de tedere
hand van mensen
voor wie ziek en gekwetst is
zijt Gij tasbaar aanwezig.
Gij komt
tot ons, heel gewoon
van mens tot mens.
En dat is het wonder!
Ik bid u:
maak mij daar gevoelig voor.
ZEGEN
Mogen onze gezichten stralen van vreugde
want God is onze Vader, Hij is liefde.
Mogen onze handen vrede brengen
want Gods Zoon is onze broeder,
Hij is vergeving en genezing.
Mogen onze voeten licht zijn op de levensweg
want de Geest van God duwt ons,
Hij is onze gids en tochtgenoot.
Mogen ons zegenen
de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.
SLOTLIED
Ga dan op weg naar een toekomst van vreugde
en vrede.
Zoek reisgenoten om samen die weg te betreden.
En valt het zwaar, steun en bemoedig elkaar,
Liefde verlicht dan je schreden.
Ga dan op weg om je eigen geluk uit te delen.
Zo kunnen wij wat gebroken was, liefdevol helen.
Geen hongersnood: wij delen samen ons brood.
Er zal genoeg zijn voor velen.
Ga dan op weg, deel je dromen, je hoop, je
verhalen.
Geef elkaar kracht om, op zoek naar nieuw land, niet te falen.
Als wij dat doen, blijft onderweg ‘t visioen
liefde en warmte uitstralen.
Tekst: Jacqueline Roelofs - van der Linden
muziek: Dit is de dag die de Heer Z.J. 413