Black, the making of ...
pagina 1/4
Straatbendes in Brussel? Eigenlijk wist ik niet goed wat ik me daarbij moest voorstellen.
Waren het gewoon grotere groepen hangjongeren zoals je die 's avonds ook wel in een dorp kunt aantreffen?
Verveelde jongeren die voor wat overlast zorgen?
Waren het jongeren die spijbelen, door de straten surfen of in een café zitten, maar 's avonds thuis naar tv kijken?
Ik hoorde en las eens wat en in de loop van 2004 dacht ik dat die straatbendes misschien wel een boeiend thema voor een boek konden
zijn.
Alleen… hoe en waar kon ik meer te weten komen?
Het leek me niet onlogisch dat er sommigen soms in gesloten instellingen zouden aanspoelen.
Sinds 'Het engelenhuis' heb ik nog steeds goede contacten met de mensen die in 'De Zande' werken. Tijdens de 'kick op sport'dagen in Ruiselede (2004) had ik hen dan ook gevraagd om me een seintje te geven als er jongeren uit straatbendes met me wilden praten. Later heb ik in Ruiselede (gesloten instelling voor jongens) met enkele jongeren gesproken. Wat ze me vertelden was best interessant om mijn kennis over drugs te updaten, maar ik had niet de indruk dat die jongens echt wel tot de straatbendes behoorden die ik in gedachten had. Ik denk eerder dat ze wilden praten om aandacht te krijgen of om de verveling te doorbreken.
Maar in januari 2005 kreeg ik van Martine De Visscher een e-mailbericht dat in Beernem (gesloten instelling voor meisjes) een meisje met me wilde praten.
En dat het dringend was omdat ze een week later de instelling mocht verlaten.
Enkele dagen later ontmoette ik een zwart meisje van zestien dat bij The Black Demolition behoorde.
Ik denk soms dat niks me nog kan verbazen, maar tijdens de twee uur dat we bij elkaar zaten, heb ik dikwijls gedacht:
dat meisje fantaseert, om de een of andere reden verzint ze allerlei dingen.
Die middag ging ik met enkele mensen van 'De Zande' eten en ik vroeg: 'Zou het écht geen fantasie zijn wat ze me heeft verteld?'.
Iemand antwoordde: 'Het staat toch in haar dossier.'
Als ik in Beernem met meisjes praat, hoef ik enkel hun voornaam te kennen.
Geen familienaam, geen telefoonnummer, geen adres…
Maar dit keer had ik achteraf spijt dat ik het nummer van haar mobieltje niet had gevraagd.
Als ik meer over de straatbendes zou weten, dan had ik wellicht nieuwe vragen en zou het best interessant zijn om nog eens met haar te praten.
Maar toen ik meer over The Black Demolition wist, voelde ik me opgelucht dat ik geen contact meer had gezocht met dat meisje en haar omgeving.
De leden van The Black Demolition waren niet bepaald engeltjes.
Groepsverkrachtingen, drugs, overvallen, vechtpartijen met messen, machetes…
Toen enkele bendeleden werden veroordeeld, moest de politie tussenbeide komen omdat ze de rechter een pak slaag wilden geven.
Niet meteen jongeren om een gezellig praatje mee te maken.