Overleven in de tros
Misschien weet je dat ik begon met schrijven omdat ik wat wilde aanvangen met hetgeen ik over geschiedenis wist.
Zo kijken sommigen, die me kennen van ‘Het uur nul’ of van ‘Straks doet het geen pijn meer’ raar op als ze ontdekken dat ik ook ‘Steen’ schreef.
Oorspronkelijk was ik zinnens om vooral historische verhalen te schrijven, maar de ommekeer kwam er door een artikel over kinderprostitutie in het weekblad ‘Knack’. Dat artikel was de aanleiding om ‘Blauw is bitter’ te schrijven.
Maar de kriebels om een jeugdboek te schrijven dat zich in het verleden afspeelt bestaan nog steeds. De geschiedenis staat trouwens bol van de dramatische gebeurtenissen, maar de veldtocht van Napoleon in Rusland is me altijd bijgebleven.
Stel je eens voor : Napoleon vertrok met meer dan een half miljoen mensen en er keerden er amper twintigduizend terug.
Nu was dat leger een mengelmoes van nationaliteiten en (gewone) mensen. Men vergeet nogal gemakkelijk dat er ook vroeger meer gewone mensen leefden dan figuren waarover je in de lessen geschiedenis moet leren. Ik kwam op het idee om een jongen en een meisje met het leger mee te laten trekken. Kinderen van marketensters, vrouwen die het leger volgden. Vrouwen die soms een soldaat als vriend of man hadden, maar die ook op alle mogelijke manieren moesten overleven.
Hoe zouden hun kinderen zich redden, vroeg ik me af. Zouden ze spelletjes spelen? Zouden ze leren? Verzeilden ze soms op het slagveld? Hoe konden die zich redden?
Dat was de basisidee.
Natuurlijk wilde ik de kinderen getuige laten zijn van belangrijke gebeurtenissen zoals het huwelijk van Napoleon of de onmeedogenloze
strijd om de Spaanse stad Zaragossa.
Ik neem je mee naar belangrijke gebeurtenissen van de Napoleontische tijd, maar toch is voor mij het leven van de kinderen het belangrijkste. Het overlevingsinstinct van Michèle, de hulpeloosheid van de jongere Marcel, de moed en wanhoop van hun moeders… dat zijn voor mij de elementen van het verhaal. Gevoelens en instincten die van alle tijden zijn. Die ook in Afganistan of in een Afrikaans oorlogsgebied bestaan.