BC DOE MAAR


Ga naar de inhoudsopgave

REGELMENT

INFO

BILJARTCLUB “DOEMAAR” REGLEMENT

ARTIKEL

De club zal maximum 14 leden tellen.


- Elk spelend lid betaalt 2,5 euro per maand. De lidgelden worden evenwel in éénmaal jaarlijks geïnd (30 euro voor een volledig jaar). Diegenen die in de loop van het seizoen aansluiten betalen de resterende maanden, vermeerderd met 2,5 euro inschrijvingsgeld.

- Nieuwe leden die zich aanbieden voor 1 juni zullen een proefhandicap spelen en vanaf het nieuwe seizoen aan hun uitgerekend gemiddelde starten. Zij die na 1 september lid willen worden, bepalen zelf naar hoeveel punten zij zullen spelen. Zij mogen buiten competitie deelnemen aan de handicapwedstrijden van het lopende seizoen.

- Een spelend lid dat gedurende één maand zonder reden afwezig blijft, wordt uitgesloten.

- Een algemene vergadering vind plaats op de eerste dinsdag van september en start om 20.00 uur

- Vergaderingen worden in het clublokaal gehouden. Er wordt enkel vergaderd wanneer bepaalde omstandigheden dit vereisen ofwel op aanvraag van één of meerdere leden. Er kan enkel vergaderd worden wanneer de helft van de leden + 1 aanwezig zijn, waaronder minstens 1 bestuurslid. Beslissingen worden genomen bij meerderheid van stemmen.

- Bij onvoorziene gevallen, niet in de mogelijkheid een vergadering te houden, is het bestuur gemachtigd maatregelen te treffen.

- Het bestuur, bestaande uit een voorzitter, een schatbewaarder en een secretaris zal jaarlijks voor 1/3e uittredend en herkiesbaar zijn. In volgorde: de voorzitter, de schatbewaarder en de secretaris.

ARTIKEL2

1
Het biljartseizoen gaat van start begin september.

- Per seizoen worden er handicaps gespeeld die zullen berekend worden volgens het systeem “grootste procentuele stijger” (of indien er geen stijger (s) zijn “kleinste procentuele zakker”). Een speler kan maximum 10 % zakken.

- Er wordt gespeeld op dinsdagavond vanaf 19:30u. Bij aankomst zet iedere speler zijn naam op het bord, er wel op lettend dat hij/zij zich niet achter een medespeler zet, tegen dewelke hij/zij reeds gespeeld heeft.

- Er moet steeds een scheidsrechter en een schrijver aanwezig zijn. Indien er te weinig leden zijn, mag de scheidsrechter de beide taken op zich nemen.Ten miste als de spelers daar beide akkoord mee gaan

- In principe zullen de leden die een match hebben gespeeld, de volgende wedstrijd arbitreren en schrijven.

- De scheidsrechter moet het spel van nabij volgen en de gemaakte punten luid en duidelijk aan de schrijver melden.

- De partij begint vanaf het ogenblik dat de scheidsrechter de twee speelballen op de verlenging der lijn van de drie witte vertrekpuntjes (binnen de lange rechthoek van de band) heeft geplaatst.

- Vervolgens wordt naar de bovenband gestoten. De speler wiens bal het kortst bij de onderband ligt, heeft de keuze om al dan niet op te gaan. Indien tijdens de loop der ballen deze met elkaar in aanraking komen of op gelijke afstand van de onderband komen te liggen, laat de scheidsrechter herbeginnen.

- Indien tijdens het spelen naar de bovenband een speler “touché” maakt, gaat hij in de fout. De keuze van opgaan wordt dan verleend aan de tegenspeler.

- De speler die opgaat speelt met de witte bal.

- De aanvangsstoot (acquitstoot) moet via de rode bal gespeeld worden, waarbij men eerst rechtstreeks de rode bal speelt.

- De spelers behouden hun bal voor de duur van de partij.

- Bij het overnemen van de beurt mag de speelbal niet door de scheidsrechter worden aangewezen. Hij doet dit enkel op aanvraag van de speler zelf. Ook de tegenstrever en de niet spelende leden moeten zich onthouden van commentaar.

- Het is de scheidsrechter, en hij alleen, die de ballen mag aanraken en verleggen.

- De scheidsrechter mag steeds op zijn beslissing terugkomen in verband met de geldigheid van een punt, dit zolang het volgende punt niet gespeeld is.

- Wanneer de scheidsrechter het laatst te maken punt geldig verklaart, zal het totaal aantal punten aan de speler toegekend worden, ondanks het feit dat een fout op het wedstrijdblad zou opgemerkt worden.

- De scheidsrechter verwittigt de speler als deze nog 5-4-3-2-1 punten te maken heeft.

ARTIKEL

1
- Ballen die vastliggen: indien de speelbal één of twee andere aanraakt, heeft de speler het recht de ballen te laten opleggen. Het is wel toegelaten op de vrij liggende bal te spelen of over band, zonder de aanrakende bal (len) te bewegen.

- Uitgesprongen ballen: wanneer een punt gemaakt is en er dan één of meer ballen uit het biljart springen of het hout van de tafel wordt geraakt, telt het gemaakte punt niet en de speler verliest zijn beurt. De ballen worden opnieuw volgens acquit gelegd.

- Als een buitenstaander een “touché” veroorzaakt (buiten de wil van de speler), dienen de ballen teruggelegd op de plaats waar ze lagen. Is dit niet mogelijk, dan worden ze geplaatst als bij vertrek. Wanneer de speler echter zelf een “touché” gemaakt heeft door het aanstoten van een tafel, stoel, muur, zittend persoon enz., gaat hij in de fout en is de tegenstrever aan de beurt.

- Als een speler aanstalten maakt, met de verkeerde bal te spelen, mag de scheidsrechter dit NIET melden. Wanneer dit laattijdig gebeurt (nadat de speler reeds één of meerdere punten gemaakt heeft), zullen deze punten tellen, maar moet de speler het spel stoppen. De tegenstrever zal met de eigen bal verder spelen. Niemand mag de scheidsrechter wijzen op het feit dat een speler met de verkeerde bal speelt.

5
Als een speler aanstalten maakt de verkeerde bal te willen spelen, en met de verkeerde bal speelt, maar niet scoort, zal de scheidsrechter dit NIET melden, indien hierdoor ook de tegenstrever in de fout gaat maar scoort, zal het punt niet worden toegewezen.

6
- Wanneer een speler een punt maakt voor de drie ballen volledig stilliggen, gaat hij in de fout en is de tegenstrever aan de beurt.

- Om te beletten dat een speler in een hoek grote reeksen zou maken, worden de hoeken (21 cm.) tot een verboden zone gemaakt. Men mag er twee punten maken, maar het tweede punt is slechts geldig wanneer bal 2 of 3 de hoekzone verlaten heeft. Eén of beide ballen mogen na het verlaten der zone onmiddellijk in dezelfde zone terugkeren en dit bij herhaling. Wanneer een bal centraal op een afgebakende zonelijn ligt (niet te zien of het binnen of buiten de zone is), wordt in het nadeel van de speler beslist (dus binnen de zone).

ARTIKEL 4

- In de loop van het seizoen kunnen over-en-weer-wedstrijden betwist worden. Er zullen echter maximum 6 wedstrijden per avond worden gespeeld. Deelname kan niet verplicht wordendoch wij hopen op uw teamspirritDeelnemen is belangrijker dan winnen !

- Na elke wedstrijd betaalt de winnende speler een halve euro. De verliezer betaalt in de regel een consumptie aan de winnaar (dit kan niet verplicht worden).

Opgemaakt te Deurne door secretaris Bob C 17-09-2008
Aangepast door voorzitter Swa B op 1
3-04-2015

HOME | HANDICAP | INFO | NUTTIG | IN BEELD | VIDEO CLIPS | Sitemap


Terug naar de inhoudsopgave | Terug naar het hoofdmenu