Inhoud - De Geschiedenis Van Duffel

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Duffel Toen tot 1900

Voorwoord.
Sommige mensen spreken graag over ‘die goeie, ouwe tijd’. Nochtans klopt deze uitdrukking slechts gedeeltelijk. Als ze onder goede tijd verstaan, dat het er vroeger rustiger aan toe ging, dat het leef- en werkritme heel wat minder gejaagd was dan nu, en dat de mens in meer harmonie leefde met de natuur, als ze dat bedoelen, hebben ze gelijk! Maar op gebied van voeding, kleding, huisvesting, onderwijs, verzorging en vrijetijdsbesteding bestond er nooit een betere tijd dan vandaag! Deze betrachtingen werden slechts vanaf ‘de golden sixties’ in onze streken vaste begrippen, die meestal na harde sociale strijd waardevolle verworvenheden werden. Dat vergeet men té vaak!
Immers gans ons Vlaamse land is in heel zijn geschiedenis het toneel geweest van uitbuiting, brandstichting, roof en oorlog. De ene bezetter werd vaak door een andere verdrukker verjaagd. Hierdoor werden de bewoners wantrouwig en voorzichtig, maar tevens kampvaardig en koppig. Neen, onze voorouders hebben het nooit gemakkelijk gehad. De grond; bracht te weinig op om van te leven, en teveel om van te sterven. Ze werkten van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, zes dagen per week, voor een karig loon, en dit zelfs tot na Wereldoorlog I.
Het grootste deel van hun inkomen besteedden onze voorouders aan een weinig afwisselende voeding. Hun schamele boerderijtjes werden gepacht van grootgrondbezitters, terwijl armzalige éénkamerhutten zich verdrongen in de schaduw van de kerk. Ze bezaten slechts stijlloos, hoogst noodzakelijkmeubilair, zoals tafel, vier stoelen en een kast. Met de kleding was het al niet veel beter gesteld. Menig kledingstuk werd van moeder op dochter en van vader op zoon voortgedragen. Alleen welstellende mensen konden zich degelijke kleren veroorloven. ‘De kleren maken de man’, was een spreekwoordelijke waarheid.
Alles evolueerde zeer traag, want het heeft eeuwen geduurd, om tot de welstand van vandaag te komen, al bracht de vijftiende eeuw met zijn uitvindingen (boekdrukkunst, buskruit, kompas) en zijn ontdekkingen (Amerika) reeds een hele omwenteling teweeg. Duffel brak even uit zijn voegen: woorden als ‘induffelen’ en ‘duffelcoat’ bewijzen dit. De verworvenheden van toen werden teniet gedaan door de godsdienstige troebelen van de zestiende en de zeventiende eeuw. In die tijd leefden ook HONDIUS en KILIANUS.

Al de gebeurtenissen, die zich tot 1900 te Duffel afspeelden, hebben we geprojecteerd tegen de achtergrond van onze Vaderlandse geschiedenis. Dat was altijd niet zo eenvoudig. Immers, we zouden ons beeld van de geschiedenis het best kunnen vergelijken met een grote legpuzzel, die bestaat uit honderden grillige stukjes, die, mits ze op de juiste manier samengevoegd worden, ons een herkenbaar beeld geeft.
Onze kennis van de historie kwam in feite op dezelfde manier tot stand. Het begon met het vinden van een paar stukjes van de immense puzzel. Stukjes, waar niemand echt raad mee wist en die - achteraf bekeken - vaak tot allerlei verkeerde interpretaties hebben geleid. Hoe verder men in de tijd teruggaat, hoe schaarser de puzzelstukjes worden! Als het ons, geachte lezer, door dit boek mocht lukken een beetje meer waardering af te dwingen voor onze voorouders; als wij er zouden in slagen het heden door het verleden beter te begrijpen en wij bovendien u ervan konden overtuigen, dat wij het niettegenstaande de crisis, niet zo slecht hebben, dan is ons doel meer dan bereikt.
Uiteraard is het onmogelijk in een zo kort bestek volledig te zijn. De medewerkers houden dan ook graag rekening met uw opbouwende op- en aanmerkingen.

Wat stond er in deel 1?

In het eerste deel werd het ontstaan en de evolutie van het hedendaagse Duffel geschetst.112 bladzijden leerrijke, gemakkelijk te lezen tekst en meer dan honderd originele foto's, tabellen en grafieken maken hét een boeiend geheel, nuttig voor JONG EN OUD.
Er is sinds 1900 heel wat weg afgelegd. Eerst was er de stoommachine, die gans onze nijverheid veranderde. Maar Wereldoorlog I en Wereldoorlog II kwamen roet in het ‘welvaartseten’ gooien. Daarna veranderde Duffel van een landelijke gemeente naar een echte nijverheidskern met een voorname klemtoon op de tuinbouw.
De bevolking steeg van 7293 in 1900 tot 14923 inwoners in 1984. De Duffelaar ging, dankzij de bloei van de wereldeconomie smakelijker eten, comfortabeler wonen... Kortom beter leven. De taak van de gemeentebestuurders verzwaarde steeds. Na een gemeentehuis, kwam er een post, een rustoord, een wekelijkse markt, een bibliotheek, een sportcentrum, parken enz. Het straatbeeld veranderde: Duffel kende reeds op drie plaatsen een baanbrug en we zijn reeds aan onze vierde spoorwegbrug. De zand- en kiezelwegen werden straten, die aanvankelijk met kassei waren belegd en tenslotte brede beton- of asfaltbanen werden.
Ook het vervoer veranderde: de stoomtrein maakte plaats voor klokvaste (?) elektrische treinen. De stoomtram werd vervangen door autobussen.
Naast gas kwam er elektriciteit, waterleiding, teledistributie. De fiets raakte ingeburgerd (vooral bij de jeugd). Moto's en auto's maakten ons nog beweeglijker.
De landbouw en nijverheid veranderde grondig. Duffel kent vandaag een 7-tal grote landbouwbedrijven... en enkele gemengde bedrijfjes lopen op hun laatste benen. Dankzij de stuwende kracht van tuinderij SELS L. aan de Muggenberg schakelden meer en meer boeren na W.O. I over op de groenteteelt. Eerst in openlucht; in de jaren 1965 begon de specialisatie onder glas. De nabijheid van de veilingen te St.-KatelijneWaver, de Mechelse groentemarkt en het proefstation mag niet onderschat worden. Vroege bloemkolen blijven onze belangrijkste groente, gevolgd door tomaten, kropsla, prei en wortelen.
Bij het begin van de twintigste eeuw bezat Duffel reeds heel wat nijverheid o.a. steenbakkerijen, een nikkelfabriek, een chocoladebedrijf en een papierfabriek. De meeste bedrijven sneuvelden door W.O. I of W.O. II. Andere industrieën veranderden van gedaante. Nieuwe firma's vestigden zich tussen 1950 en 1965 langs de Nete, en niet zo ver van een E-weg: S.I.D.A.L. N.V. in 1950, TRANSPAC in 1962 en SCOTT CONTINENTAL in 1965... Maar wist je, dat Duffel twee befaamde orgelmakerijen bezit?
Een huis was en blijft nog steeds een statussymbool: het toont, dat wie erin woont arm of rijk is. Ook op gebied van woningbouw is heel wat weg afgelegd. Wie herinnert zich nog ‘de barakskes’? In 1921 werd de maatschappij ‘Volkswoningen van Duffel’ opgericht en leverde sindsdien prachtig werk. De privé-woningbouw kende in de ‘golden sixties’ hoogdagen. Maar einde 1973 werd de oliekraan toegedraaid... Het spook van de werkloosheid deed zijn intrede. Ondertussen hebben we ondervonden, dat wanneer het in de bouw slecht gaat, (haast) iedereen de buikriem moet toehalen.
Chips, computers en robots deden de stroom van de werklozen nog toenemen.
Noodgedwongen verlengde men de schoolplicht in 't onderwijs. Hoe het gemeentelijk en vrij onderwijs groeide vanaf 1900, wordt klaar uiteengezet in het laatste hoofdstuk.

In het derde deel Kerkelijk Duffel, zullen de drie parochies besproken worden: de moederkerk Sint-Martinus, gesticht in de twaalfde eeuw; de parochie Sint-Franciscus van de Mijlstraat opgericht in 1893 door E.H. DOM Fr. en de ‘Kapel’ van Onze-Lieve Vrouw van Goede Wil, die slechts in 1948 parochie werd. Nochtans was ze reeds van 1637 een belangrijk bedevaartsoord.
Ook de uitstraling van het klooster van de zusters Norbertienen, COVABE, zal er uitvoerig in behandeld worden samen met hun verplegingstaak en hun onderwijs...


 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu