Voorwoord - De Geschiedenis Van Duffel

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Warm Ingeduffeld
VOORWOORD.

Deze historische tentoonstelling, die de titel meekreeg 'Warm ingeduffeld', vormt het waardig sluitstuk van de geslaagde viering 350 jaar O.-L.-Vrouw van Goede Wil te Duffel. Deze grootse expo wordt tegelijkertijd op drie plaatsen gehouden en liep van 16 tot 25 oktober 1987.
In de bovenzaal van het Wilgenhof wordt een historisch overzicht gegeven van de Duffelse geschiedenis van de voorhistorie tot op de dag van vandaag.
Alle tot op heden opgegraven vondsten worden er getoond o.a.:
- het bronzen lanspunt
- de ijzeren haardketting
- het Romeinse zilveren pannetje
- een Nervische urne
Een massa oude kaarten geven de evolutie weer van het oude Brabant tot het kadastrale, hedendaagse Duffel.
Een maquette naar een grondplan van 1780, waarop de bodemverhevenheden zichtbaar gemaakt werden, werpt een licht op het laat-Middeleeuwse Duffel met zijn feodale kastelen als Muggenberg, Bemortel, Ter Elst, zijn 5 molens en zijn typische hoeven.
Ook aan de omgeving van onze gemeente wordt even aandacht besteed o.m. aan de verdwenen abdij van Rozendaal te St.-Kat. Waver, de Lazeruskapel te Rumst en de kastelen Eeckhoven te Rumst en Anderstad te Lier!
In een vitrinekast prijken onze belang­rijkste Middeleeuwse vondsten:
- de akte van 1271
- de hanzeschotel
- het onlangs ontdekte tinnen eetgerei van Ter Elst
- de voornaamste vondsten van Bemortel.
Een stamboom van de heren van Duffel bewijst ons, dat onze gemeente eertijds uit 3 delen bestond:
- Duffel-Perwijs (linker Nete-oever, Mechelenwaarts)
- Duffel-Voogdij (linker Nete-oever, Lierwaarts)
- Duffel-Hoogheid (rechter Nete-oever).

Ze hadden tot aan de Franse Tijd hun eigen zegel, rechtspraak, wapenschild en belastingen WILLEM III van Merode verenigde de drie Duffels onder één heer. Twee beroemde mannen: HONDlUS Hendricus, etser en Cornelius KILIANUS, taalkundige, maakten de naam van onze gemeente over heel de Nederlanden bekend. Maar vooral het Duffelse laken bracht onze naam zelfs tot in Amerika! Het Stateneiland werd immers o.a. met Duffels laken van de Indianen gekocht. Woorden als 'induffelen' en 'Duffel-coat' verwijzen naar onze gemeente.
Vroegtijdig werden onze gewesten gekerstend. De H.-AMANDUS, de H.-ELIGIUS en de H.-WILLIBRORDUS, die vooral steun zochten bij de grootgrond­bezitter, verrichtten in onze streken waarschijnlijk het eerste bekeringswerk. Een weinig later ontmoetten de legendarische heiligen, GOMMARUS uit Lier en RUMOLDUS uit Mechelen elkaar in de Mechelsebaan. Een kapelletje bewijst het!
Vanaf 1405 vinden wij 'witte priester', Norbertijnen, als pastoors bij ons. Aan de hand van archiefstukken, plannen, tekeningen, foto's en kunstschatten allerhande wordt het ontstaan en de evolutie van de 3 parochiekerken geschetst. Als voorloper kennen we de St.-Mertenskapellen in Duffel-Voogdij. Daarna (waar­schijnlijk vanaf de eerste helft van de 12de eeuw) ,wordt de St.-Martinuskerk opgericht door de HILDINCKSHUSENS. Zij blijft tot op het einde van de 19de eeuw dé moederkerk.
De parochie van St.-Franciscus van Sales werd officieel erkend bij K.B. van 23 april 1894. Eerst bezat de Mijlstraat een voorlopig bedehuis en vanaf 3 oktober 1904 de huidige kerk.
De kerk van O.-L.-Vrouw van Goede Wil werd slechts in 1948 parochiekerk. Daarvoor was het een 'kapel'. Als druk­bezocht bedevaartsoord verwierf ze vele, waardevolle kunstschatten.
Het klooster, het Convent van Bethlehem, vaak de vierde parochie genoemd, komt als laatste aan de beurt. Van bij haar ontstaan in onze gemeente (1652) hielden de begijntjes zich bezig met onderwijs voor meisjes en de zieken verpleging. Recht tegenover het ontmoetingscentrum 'Wilgenhof' prijkt de Kapel van Onze-Lieve-Vrouw van Goede Wil. Vanaf de vinding van het beeldje op 14 aug. 1637 tot 1683 was dit bedehuis een belangrijk bedevaartsoord, dat in naam en faam de meeste Vlaamse Maria-oorden overtrof! Het interieur bewijst dat voldoende. Er wordt gepoogd de rijkdom van de vroegere vierkante stenen kapel terug op te roepen door de onlangs gerestaureerde schilderijen. De olmen zijaltaren, de vier eiken biechtstoelen en de communiebank noemen kenners pareltjes van Antwerps en Mechels houtsnijwerk. Ook het zilverwerk dateert uit de zeventiende eeuw, evenals het marmeren hoofdaltaar, hét prachtstuk!
In de bibliotheek, enkele stappen van de 'kapel' vandaan, wordt de economische activiteit van Duffel onder de loupe genomen. Naast de landbouw vinden we er de hedendaagse tuinbouw en eveneens de oude nijverheden zoals steenbakkerijen, diamantslijperijen, orgel bouwerijen,behangselpapierfirma enz., en de nieuwe
industrieën, die aluminium, gespecialiseerde papierwaren vervaardigen. Ook enkel K.M.O.'s krijgen er een plaats. Tenslotte worden het vervoer, de oorlogen en de honderdjarigen belicht.
Om dit alles tot een goed einde te brengen, hadden wij de materiële en financiële hulp van velen nodig. Wij danken hen hiervoor van harte.


 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu