Chemin de Fer / Diamant

Op 5 mei 1835 vertrok in Brussel kort voor de middag om 12u23 de eerste Belgische trein. Vijenveertig minuten later komt deze aan te Mechelen. Dit was de eerste aanzet tot de uitbouw van een spoorwegnet in België. De Britten waren hier al 10 jaar eerder mee gestart.
Koning Leopold onderhield een nauwe band met het Engels koningshuis. Zo had hij ook George Stephenson leren kennen. De man die de locomotief op de wereldkaart heeft gezet. Slechts één jaar eerder op 1 mei 1834 was de wet goedgekeurd om een spoorwegnet in België aan te leggen. Reeds in 1838 was Oostende op het spoorwegnet aangesloten.

Het 151 verhaal start wanneer de Belgische Staat naar aanleiding van een wet van 9 juli 1845 fondsen werden toegekend om drie eigen pakketboten aan te kopen en aldus een eigen Belgische lijn in dienst te stellen.

Een ambtenaar Emile Guiette werd belast met de taak om naar Engeland te reizen en daar een vaartuig aan te kopen dat zou als model kunnen dienen voor de andere.
Het vaartuig werd gebouwd door de scheepswerf van "Ditchburn and Mare" in Blackwell en de machine door "Mandslay and Son and Field".
De keuze viel op deze werven omdat daar voorheen al betere en snellere schepen werden gebouwd.

De "Chemin de Fer " was 44,90 meter lang, 6,40 breed en had een diepgang van 2,16 meter. De waterverplaatsing bedroeg 340 m3.
Het werd door zijwaartse raderen voortgestuwd die door een stoommotor werden aangedreven dat 190 werkelijke PK leverde en 34 toeren per minuut presteerde. Wat een snelheid van 14 mijl per uur opleverde.
De "Chemin de Fer" was voorzien van één schouw.
Door die stabiele snelheid kon in normale omstandigheden de overtocht in een tijdspanne van vijf uur worden verzorgd. Er waren tevens masten op het vaartuig voorzien voor het gebruik van zeilen.

Begin februari 1846 werd de eerste Belgische pakketboot "Chemin de Fer" aan de Belgische staat afgeleverd. Het werd door de Belgische Koninklijke Marine door Cdt Claeys naar Oostende gebracht.

Op 5 februari 1846 verscheen in het Belgisch Staatsblad het besluit dat de dienst van stoomboten tussen Oostende en Dover regelde. Het bepaalde de samenstelling van de bemanning alsook de wijze waarop de afvaarturen en tarieven zouden worden bekendgemaakt. Dit zou via Ministerieel Besluit worden gepubliceerd.

Tarieven:

Reizigers 1e klasse:
26.90 bfr
Reizigers 2e klasse:
13.45 bfr
Paard:
53.75 bfr
Hond:
6.40 bfr
Koets op 4 wielen:
80.65 bfr
Koets op 2 wielen:
53.75 bfr
Huur kajuit voor privé (1e klasse)
53.75 bfr

Op dinsdag 4 maart 1846 had onder grote belangstelling de eerste officiële overvaart plaats. De "Chemin de Fer" onder bevel van de kapitein F. Claeys bracht voor de eerste maal als Belgische pakketboot een aantal reizigers en de briefwisseling naar Dover. Later in 1852 zou de naam van het schip worden gewijzigd in "Diamant".

Kapitein Claeys had 11 bemanningsleden. Een Luitenant, 1 controleur, 1 kok en 8 matrozen. Bemanningen werden gerecruteert bij de Belgische Koninklijke Marine.

Terzelfder tijd werd er verder gewerkt aan de uitbreiding van de vloot en bouw van gelijke vaartuigen zoals de "Ville d'Ostende" en "Ville de Bruges".

In 1872 werd het schip samen met La Perle aan de Fransen verkocht. Het werd ingezet als verbinding tussen Calais en Dover.Dit voor twee jaar.Er is 120 000 BEF voor de Diamant betaald en 140 000 BEF voor La Perle.

In mei 1876 werd een nieuwe lijn "Compagnie des Steamers" opgestart voor een verbinding tussen Le Havre en Trouville die de concurrentie met de bestaande lijn "Compagnie Anonyme des Paquebots à vapeur " wilden aangaan. Hiervoor werden de Diamant en La Perle aangekocht. Deze schepen konden de reis in 30 minuten maken. Op deze site is meer informatie te vinden over beide schepen tijdens de periode in Franse handen.

 

 

On the 5th of May 1835 at 12.35 hrs. a first Belgian train left Brussels. Forty five minutes later it arrived in Mechelen. This was the first step taken to the built of a Belgia railway network.
The Brits has started this 10 years earlier. King Leopold was closely related to the British Royal house. He had met Gerge Stephenson, the man who put the steam locomotive on the world map and wanted to bring the concept to Belgiun.
One year earlier on the 1 May 1834 a law was voted to install an Belgia railway network.
Ostend was already connected to that network in 1838.

The 151 story starts when the Belgian Government voted a law on the 1st July 1845 which made funds available to buy own vessels and to create a Belgian packet boat service to England.

A civil servant Emile Guiette was given the task to travel to England and to perchase a vessel which could function as a model for future planned and to build vessels.
The vessel was built by the "Ditchburn and Mare" ship yard in Blackwell and the engine was built by " Mandslay Son and Field".
These yards had a preference from State the as they have delivered better and faster ships before.

The "Chemin de Fer" had a length of 44,90 meter and was 6,40 meter wide with a draft of 2,16 meter . The water displacement was 340 m3.
The vessel was moved side paddles which were driven by a 190 real horse powered steam engine at 34 rounds per minute.
This made an reliable average speed of 14 miles per hour. The "Chemin de Fer" had one funnel. Through this speed stability it could perform a crossing under normal circumstances in five hours. It had two masts installed for the use of emergency sails.

The vessel "Chemin de Fer" was delivered to the Belgian State early February 1846.
It was delivered from England to the port of Ostend - Belgium by Cpt Claeys from the Royal Belgian Marines.

The Belgian State Monitor published on the 5th February 1846 a decision to allow and run service between Ostend and Dover with steam vessels.
It also published the way ships were crewed and the means sailing times and tariff's would be announced. This would be officially published by the responsible Ministry.

Tariffs:

Passengers 1st class:
26.90 bfr
Passengers 2st class:
13.45 bfr
Horse:
53.75 bfr
Dog:
6.40 bfr
Carriage on 4 weels:
80.65 bfr
Carriage on 2 weels:
53.75 bfr
Private cabin (1st class)
53.75 bfr

The first official crossing took place on Tuesday the 4th March under the command of captain F. Clayes and a large public interest.
The "Chemin de Fer" carried as a Belgian Packet boat for the first time passengers and mail to Dover. The vessel would later in 1852 be renamed as "Diamant".

Captain Claeys had 11 crem members. One Luietenant, 1 Purser, 1 cook and eight sailors. Crews were recruited within the Royal Belgian Marine.

At the same time plans for expansion went on to built similar vessels like "Ville d' Ostende" and "Ville de Bruges".

The vessel was sold together with the La Perle to the French in 1872 to be used for a service between Calais en Dover.This for two years. They paid 120 000 BEF for tha Diamant and 140 000 BEF for La Perle.

In May 1876 a new line between Le Havre and Trouville was started which wanted to compete with the existing line "Compagnie Anonyme des Paquebots à vapeur ". They bought the Diamant and La Perle.The ships could perform the crossing in 30 minutes. On this website more information is found about the life of these vesserls during the Franch period.

Staatsingenieur Emiel Guiette

Emiel Guiette werd geboren te Brussel op 31 januari 1822 en trad op 18 jarige leeftijd toe tot de militaire school als aspirant officier. Reeds drie jaar later werd hij benoemd op 3 oktober 1840 tot Ingenieur 2e klasse met de graad van eerste luitenant. In 1858 maakt hij als Marine Officier deel uit van de onderzoekscomissie voor projecten op de Schelde.
Op 28 juni 1860 treed hij toe tot de directie van de Oostende lijn maar vertrekt het jaar erop op 6 november 1861 voor zes weken naar de Hyères eilanden voor zijn gezondheid. Op 5 oktober 1862 word hij benoemd tot Kapitein Luitenant.
Op 10 januari 1864 is hij op 42 jarige leeftijd overleden.


Emiel Guiette was born in Brussels on the 31th January 1822. Het joined the Military school as an aspirant officer. Three years later on the 3th October 1840 he was appointed to engineer second class with the degree of first officer.
He participated in 1858 as an Marine Officer in the research comission for projects on the Schelde. On the 28th of June 1860 he joined the management of the Ostende Dover line but left the next year on the 6th November 1861 for six weeks to the Hyènes isles for his health. He was appointed the the degree of captain Lieutenant on the 5th October 1862.
He died on the 10th January 1864 at the age of 42.