
Het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' werd ingesteld op 3 juni 1940.
Lid 1 van artikel 2 van de instellingsverordening bepaalde dat het 'Eiserne Kreuz' uitsluitend voor bijzondere dapperheid in het gezicht van de vijand en voor uitnemende verdiensten in de leiding van de troepen verleend werd.
De toekenning van deze hogere klasse vereiste het bezit van de voorgaande klassen :
Aantal toegekend : 890.
|
|
|
|
Voorzijde |
Achterzijde |
Het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' ontleende zijn ontwerp aan dat van het op 10 maart 1813 door koning Friedrich Wilhelm III van Pruisen ingestelde 'Eichenlaub zum Pour le Mérite'. In tegenstelling tot zijn voorganger werd het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' niet uit goud of verguld zilver vervaardigd, maar uit zilver - met een zilvergehalte dat varieert van 800 tot 935. Het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' meet 20 x 20 mm.
Het hierna afgebeelde 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' met magnetische kern en randhoog hakenkruis weegt 32,51 gr en toont op het bovenste quadrant van de rugzijde "L/12" (C.E. Juncker, Berlin SW) en "800". Het eikenloof weegt 6,27 gr en toont op de rugzijde "900" en "SILBER L/50" (Gebr. Godet & Co., Berlin).
|
|
|
Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes mit Eichenlaub |
Het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' werd overhandigd in een zwart kunstlederen etui van 100 x 77 x 24 mm. De binnenzijde van het deksel is gevoerd met wit satijn, het gecompartimenteerde onderste deel van het etui is bekleed met zwart fluweel.
|
|
|
'Eichenlaub zum |
Net zoals voor het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' ontvingen dragers van het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' in afwachting van de grote officiële oorkonde een voorlopig getuigschrift.
|
|
|
Voorlopige getuigschriften |
De hierboven afgebeelde dokumentengroep met het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes mit Eichenlaub' behoorde toe aan Oberleutnant Heinrich Ochs (1915-1943), Zugführer (pelotonscommandant) 1./Panzer-Jäger-Abteilung 101 (101. Jägerdivision). Hij werd op 02/06/1943 in de rang van Oberfeldwebel met het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' (nr. 1.821) onderscheiden wegens zijn beslissende actie bij de herinname van de stelling bij Krymskaja. Op 21/10/1943 sneuvelde hij in de buurt van Michailowka (ten zuiden van Saporoshje) door toedoen van vijandelijk artilleriegeschut. Postuum werd hij op 30/12/1943 - inmiddels Leutnant - met het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' (nr. 360) onderscheiden en tot Oberleutnant bevorderd.
|
Het hierna afgebeelde voorlopig getuigschrift verleent het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' op 23 november 1943 (nr. 332) aan Generalmajor Hasso Freiherr von Manteuffel (1897-1978), Kommandeur 7. Panzer-Division, voor de herovering van de stad Shitomir.
|
|
|
Voorlopig getuigschrift |
Het hierna afgebeelde voorlopig getuigschrift verleent het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' op 16 november 1942 (nr. 147) aan Korvettenkapitän Karl-Friedrich Merten (1905-1993), Kommandant U-68. Korvettenkapitän Merten behaalde op zijn 5 aanvalsvaarten met U-68 het ongewoon hoge quotum van 29 tot zinken gebrachte schepen en meer dan 180.000 BRT. Voor zijn successen op de 4de aanvalsvaart van 14 mei tot 10 juli 1942 - U-68 bracht alleen al op 10 juni 3 schepen met 19.488 BRT tot zinken - werd hem op 13/06/1942 het 53ste 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' van het U-Bootswaffe toegekend. Korvettenkapitän Karl-Friedrich Merten ontving slechts 5 maanden na de toekenning van het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' het 17de 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' van het U-Bootswaffe voor zijn 5de en succesrijkste aanvalsvaart. Tussen 20 augustus en 6 december 1942 bracht U-68 9 schepen met meer dan 56.000 BRT tot zinken. Na zijn terugkeer werd Merten Flottillenchef van het 26., respectievelijk 24. U-Bootsflottille.
|
|
|
Voorlopig getuigschrift |
De eerste dragers van het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' ontvingen een grote witlederen map met een massief gouden 'Hoheitszeichen' (nationaal embleem) op de voorzijde.
|
|
|
Oorkondemap en oorkonde |
Deze witlederen map bevat de dubbelgevouwen op perkament gekalligrafeerde oorkonde. Zowel het 'Hoheitszeichen', als de naam van de houder werden uitgevoerd in bladgoud, terwijl het overige in een bruinachtig gebroken zwarte inkt uitgevoerd werd.
|
|
|
Oorkonde |
De hierboven afgebeelde oorkonde verleent het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' op 27 september 1942 (nr. 129) aan Generalmajor Bruno Ritter von Hauenschild (1896-1953), Kommandeur 24. Panzerdivision. Bruno Ritter von Hauenschild werd op 25 augustus 1941 met het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' onderscheiden in de rang van Oberst (kolonel) in zijn hoedanigheid van Kommandeur 4. Panzerbrigade.
Merk op dat het 'Hoheitszeichen' (nationaal embleem) op de voorzijde van de witlederen map niet uit massief goud vervaardigd werd, maar in het vuur verguld werd.
|
|
|
Closeup 'Hoheitszeichen' |
In tegenstelling tot zijn voorganger, de Pruisische orde 'Pour le Mérite', werd het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' niet voorbehouden aan officieren - ook onderofficieren en manschappen kwamen in aanmerking voor toekenning. Dit gold ook voor de hogere klassen van het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes'.
Het 'Eichenlaub zum Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes' werd 37-maal toegekend aan onderofficieren. Op een totaal van 890 toekenningen maakt dit 4,16 % van het totaal aantal toekenningen (cfr. onderstaande tabel voor meer details).
|
|
|
|
Feldwebel Wilhelm Crinius |
Klik op onderstaande link voor de volledige lijst van dragers van het 'Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes mit Eichenlaub'.