KWARTIERSTAAT


De priester rector van het seminarie Mill Hill te Londen


PETRUS BENOIT (1820-1892)

is iemand van betekenis geworden, alhoewel in brede kringen nog vrij onbekend.
Benoit werd in 1820 geboren in het West-Vlaamse Kuurne. Na zijn humaniora-studies (1834-1840) aan het Klein-Seminarie van Roeselare studeerde hij aan het Groot-Seminarie (1842-1846) in Brugge.

Tijdens zijn theologie-studies raakte Benoit bevriend met de Engelse aristocratische familie Weld uit Preston, die de koude wintermaanden doorbracht in hun huis in Brugge. John Weld sprak hem over het groot aantal bekeerlingen tot het katholieke geloof in Engeland ( toen volledig Protestants) en het daaruit voortvloeiend nijpende priestertekort.

Gedurende zijn seminarietijd was Benoit ook enkele jaren leraar aan het St. Lodewijkscollege in Brugge. Hij wakkerde op geestdriftige wijze de missiegedachte aan bij zijn leerlingen, o.m. bij de jonge dichter Guido Gezelle.

In de zomer van 1846 reisde Benoit naar Engeland en was er 2 maanden te gast bij de familie Weld in Preston om de Engelse taal te leren. Na zijn terugkeer vertelde hij zijn geestelijke raadsman (en latere bisschop) J. Faict dat hij graag missiewerk wilde verrichten in Manchester. Faict deelde deze wens schriftelijk mee aan het betreffende apostolisch vicariaat te Salford.

kanunnik Peter Benoit (1820-1892)
kanunnik Peter Benoit (1820-1892)

Drie maanden na zijn priesterwijding in 1847, ging Benoit, met de goedkeuring van de Brugse bisschop, als eerste Vlaamse missionaris naar Engeland. Hij logeerde enige tijd bij de bevriende familie Weld in Preston, tot hij werd benoemd als kapelaan in een parochie van de stad Manchester. Toen het vicariaat Silford in 1852 tot bisdom werd verheven, benoemde de eerste bisschop William Turner hem tot kanunnik, vicaris-generaal en persoonlijke secretaris.

Kanunnik Benoit recruteerde in zijn bisdom meisjes om ze een degelijke katholieke opvoeding te geven in... het pensionaat van de Zusters van Ten Bunderen in Moorslede! Dat was geen toeval. Zijn ouders woonden in Moorslede vóór ze naar Kuurne verhuisden. Bovendien was hij van in zijn jeugd bevriend met Jacques-Albert Syoen, die onderpastoor was van Moorslede van 1841 tot 1858.

Tijdens zijn jaarlijkse vakanties zocht kanunnik Benoit in het bisdom Brugge ook priesters voor Engeland, o.m. op vraag van Herbert Vaughan. Vanaf 1858 tot 1873 was er in Brugge zelfs een Engels-Belgisch Seminarie (waarvan Guido Gezelle vice-rector was en professor wijsbegeerte), dat in totaal 187 priesters opleidde tot missionaris voor Engeland! Kanunnik Benoit ontmoette Herbert Vaughan vermoedelijk in 1863 op het Congres van Mechelen, waar Vaughan zijn stoute plan voor een missionaris-college ontvouwde. Benoit was een van de eerste ijveraars ("zelators"), die fondsen inzamelden en nieuwe kandidaten zocht voor het in 1865 door Vaughan opgerichte seminarie van Mill Hill nabij Londen. Terwijl Benoit in 1869 in Rome verbleef als theoloog-assistent van zijn bisschop Turner op het 1ste Vaticaans Concilie ontmoette hij opnieuw Herbert Vaughan.

St. Joseph's College in Mill Hil
St. Joseph's College in Mill Hill, waarvan Peter Benoit 20 jaar lang de rector was

Toen Hubert Vaughan in 1872 de 2de bisschop van Salford werd, benoemde hij kanunnik Peter Benoit tot rector van het St. Joseph's College in Mill Hill. Door de toenemende gezondheidsproblemen van Vaughan werd Benoit steeds meer de facto overste van de missiecongregatie van Mill Hill. In 1876 reisden rector Benoit en bisschop H. Vaughan naar Brussel voor een verkennend gesprek met koning Leopold II over de missionering van centraal Afrika. Na ruim 20 jaar lang rector te zijn geweest van het moederhuis van de St. Jozef's Congregatie van Mill-Hill stierf Peter Benoit in 1892. Hij werd opgevolgd door de Ier Francis Henry, die later de onderhandelingen zou verderzetten met Leopold II over een Mill-Hill-missie in de Kongo-Vrijstaat.

het St. Joseph's College in Mill Hil
het St. Joseph's College in Mill Hill (luchtfoto)



Keer terug