|
2009: Beringen
- '3de Literatuurdag, Turkse Unie' - Nederlandstalig gedicht |
2de prijs
|
>
lees |
|
|
|
|
|
2009: Ardooie
-
'Dichter uit de schaduw' - 3 gedichten |
4de prijs |
>
lees |
| |
|
|
|
2009: Doel
-
'DorpsDichterDoelwedstrijd' |
eervolle
vermelding |
>
lees |
| |
|
|
|
2008: Lint
- 'Kunstprijs 2008 gemeente Lint' - thema: Mijn straat |
selectie
|
>
lees |
| |
|
|
|
2008: Diest
- 'Dichter
bij Diest' - gedichtendag 2008 |
eervolle vermelding |
>
lees |
| |
|
|
|
2006: Hasselt
-
'LIEF 2006' - thema: Liefde |
1ste prijs |
>
lees |
| |
|
|
|
2003: Nuenen
(Nl)
- 'Dichter bij van Gogh'
- gedicht bij schilderij
|
nominatie |
> lees
|
| |
|
|
|
2002: Keerbergen
- 'Tweejaarlijkse poëziewedstrijd' |
eervolle vermelding
|
> lees |
| |
|
|
|
2001: Geldermalsen
(Nl)
-
'Poëziegroep
Dichterbij' |
2de prijs
|
>
lees |
| |
|
|
|
.
Rustig maar
’t Is waar dat wat
ik zeggen wil te vaak
zo anders wordt begrepen,
en dat mijn woorden
soms niet dragen
wat ik zeggen wou
en dat wij nu zo anders
om elkander geven,
maar als ik dan
- zo zomaar zonder
verder iets - je innig kus,
dan mis ik jou.
’t Is waar, ik heb nog
niet veel meer gedragen,
dan in mijn hart
jouw naam,
jouw warmte en
dat stil verdriet
en als ik wakker word
in ’t vroege schemeren
van de dagen
- je zachtjes roepen wil -
dan sterf ik, want dan
komen weer de woorden niet.
© Eric Vandenwyngaerden
Foto: gelegenheidsbundel
Juryverslag 17 maart 2001 [terug]
.
Nachtzijde
Hoe bezeten wij zijn van alleen hier,
van wachten en avonden sparen,
hier samen: dit hoofd, dat papier.
In jouw nachtzijde diepe bedeesdheid
vermoedend, of verholen verdriet?
Hoe de uren vandaag net als gisteren
opzij zijn gezet om dan later,
in het duister, kortstondig
hun stemmen verwoordend,
voor altijd weer worden te scharrel gestrooid.
En in nachtzijde eenmaal getooid,
voltrekken omhelzingen zich aarzelend.
Omzichtig als druppels die rollen van ramen.
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
.
Schoenen
Bij
het schilderij
'Schoenen'
(Vincent van Gogh - 1885)
Kan iemand me zeggen
vanwaar deze schoenen komen?
Want kijk, ik heb ze nog nooit
- en alleen - zo zien staan.
Waar zijn toch hun haastige voeten

gebleven? Vooruit en achter
gedachten aan?
Ze laten op doek nu
wat sluimerende weemoed
als in een teer ochtendkleedje na.
Maar wat ik wel zie hier
moet niemand me zeggen:
hoe Vincent hun veters kon
moeheid inleggen.
Van schoenen door ’t lopen
der jaren versleten,
in ’t bos langs de kant,
misschien zijn ze vergeten?
Of slechts even te drogen gezet.
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
s
|
*
|
(van
LINKS)
Hij neemt haar mee.
Zij kleeft aan hem,
legt soms haar hals in bochten,
schept van mensen het teveel
van tussen wier.
Ik adem schier,
als zij tezamen zacht
de brug dan glijden onderdoor.
Een man kijkt
uit de hoogte toe.
|
(van rechts)
Zij steekt zich weg
achter zijn kleed
geprikkeld door zijn lijf.
Doorziet zij zijn gefleem,
en draait zij eromheen?
Vangt hij haar blik
(ik hou mijn adem in)
bindt hij haar vast aan zich?
Ik zie hoe ginds een man
buigt nu zijn hoofd.
|
|
Wat hem zo boeit?
Ze varen onder hem
terwijl het water vloeit
tussen de steunen door
(en breekt zo ogenschijnlijk).
En zijn ze ver van hier
dan houdt de vijver
zich voor dood
…
© Eric Vandenwyngaerden
FOTO WINNAARS
VERSLAG JURY
[terug]
|
|
|
*
(zaterdag 18
februari 2006)
Winnaars, samen met schepen Pollet voor de gedichtenmuur

Foto: Paul Stevens
[terug]

Gedichtenmuur in
Kunstencentrum België
foto:
Ronny Wertelaers
[terug]
*
|
JURYVERSLAG poëziewedstrijd “LIEF 2”
17/18
februari 2006
De juryleden Lief 2:
Lieve Pollet,
schepen van cultuur van de stad Hasselt en voorzitter van de jury
Ivo Konings, auteur
Karel Segers, auteur
Cyriel Gladines,
auteur
De jury ontving twee
weken voor de jurering een kopie van alle ingezonden gedichten en een
invulformulier waarop elk jurylid zijn beoordeling kon noteren. De
juryleden kwamen samen op zaterdag 18 februari om hun bevindingen
samen door te nemen.
De jury ontving 45
inschrijvingen, waarvan 41 Vlamingen en 4 Nederlanders.
De wedstrijd was
ingedeeld in twee categorieën: categorie 1 = jongeren en categorie 2 =
volwassenen. Omdat het aantal inzendingen voor categorie 1 beperkt was
tot slechts twee gedichten heeft de jury unaniem beslist om voor deze
kandidaten een aanmoedigingsprijs van telkens 50 EUR toe te kennen.
Voor de overige deelnemers werden de prijzen toegekend zoals bepaald
in het reglement.
De juryleden kwamen
unaniem tot volgende beoordeling.
Juryprijs voor de categorie volwassenen
1° prijs:
Eric
Vandenwyngaerden uit Diest (geldprijs 200 euro)
2° prijs:
Yvette Schols uit Hasselt (geldprijs 100 euro)
3° prijs:
Willemien Mensinga uit Nederland (geldprijs 50 euro)
Juryverslag 1ste
prijs categorie volwassenen “Lief2”
Het bekroonde
gedicht betovert door zijn ogenschijnlijke eenvoud. In een heerlijk
intimistisch genrestukje laat de dichter de lezer meegenieten van wat
hem en de toeschouwer in het gedicht zo boeit. En wat dat is, kan de
lezer alleen maar gissen. Vanzelf denk je aan een verliefd stel in een
bootje, dat onder een brug doorvaart. Maakt hij haar het hof en laat
zij het zich welgevallen? Verzen als “Zij kleeft aan hem” en “Zij
steekt zich weg / achter zijn kleed / geprikkeld door zijn lijf”
lijken daarop te wijzen. Maar, wat te denken van verzen als “Zij (…) /
legt soms haar hals in bochten, / schept van mensen het teveel / van
tussen wier.” en waarnaar verwijst “achter zijn kleed”? Zijn het
misschien wel watervogels i.p.v. mensen, zwanen wellicht (vgl. “legt
soms haar hals in bochten”)?
De dichter heeft
geen schreeuwende kleuren, geen slagwerk of ander taalvuurwerk nodig,
zoals zoveel aanstormend talent, om de lezer te boeien. Maar wat een
virtuoze beheersing van de poëtische middelen! Welke intrigerende
sfeer gaat er niet uit van dit bewegende impressionistisch schilderij!
Schijnbaar alledaagse scènes worden tot een verfijnd esthetisch niveau
getild door het subtiele taal- en stijlgebruik, dat weliswaar hier en
daar wat archaïsch en precieus aandoet, maar past bij het geheel.
Alleen de titel lijkt wat minder te passen bij dit sfeervolle gedicht,
hoewel hij heel suggestief is en wellicht een ‘hint’ voor de lezer
bevat. Inderdaad, als je de bladspiegel bekijkt, lijkt de dichter de
lezer te willen suggereren hoe hij het gedicht moet lezen. Of… slaat
het op het verloop van het tafereel?
De bedrieglijk
eenvoudige narratieve en vragende verzen doen de lezer vergeten
hoeveel mysterie ze in zich verbergen. Net als de dichter en de
toeschouwer houdt hij de adem in om het ritueel niet te storen. En,
als het ‘paar’ uit het oog verdwijnt, “houdt de vijver / zich voor
dood”. Wat een prachtig slot voor een gedicht dat meer verhult dan het
openbaart. De trefzekere woordkeuze en de mooie impressionistische
beelden zetten de lezer op het verkeerde been. De lezer die dacht
alles ‘gezien’ te hebben, verdwaalt in een wereld waarover een
geheimzinnig ‘sfumato’ hangt, waar onderhuids nog vele andere
interpretaties sluimeren.
De dichter laat de
nieuwsgierige lezer slechts even over zijn schouder meekijken en sluit
dan de deur. En zo blijft het mysterie bewaard.
Lieve Pollet
[terug]
|
|
.
Natuurlijk
Natuurlijk weten we niet
hoe alles zijn gang zal gaan
en hoe we na een zekere tijd
zullen spreken; hoe we onze
woorden zullen wikken en wegen
en hoe, als jij aan de andere kant
van de lijn zal zijn, ik de trillingen
zal menen te horen in je stem.
Natuurlijk wordt er dan om het
pijnpunt heen gepraat –
zo is het altijd geweest
zo zal het altijd weer zijn: niets
is menselijker dan dit.
Natuurlijk zal je ‘jazeker’ en
’het gaat al wat beter’ zeggen en
voor wie je het allemaal wel doet
want ‘het moet’ zal je zeggen.
En natuurlijk – zo gaat het immers
vaker – zal onder dit alles het onhandige
ongemak toch even verdwijnen in het niets
(en dat is al iets); en toch raak jij
vanaf dan je waakzaamheid nooit meer kwijt.
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
Foto: gelegenheidsbundel
.
De andere kant
Je valt in
een gat aan de andere
kant en je
kijkt hemelhoog
over
daken. Er is rust in de stegen.
Een vrouw
zit alleen, houdt haar
hand op en
jij registreert het
voor
later. Een film laadt zich op,
speelt
zich af.
Ruwe steen
van balkon tot balkon
– je zoomt
in op een barst in de gevel
en geen
mens weet waarom
van het
dak hangen draden.
Uit de
wind doodden kinderen
de tijd:
hun tekens aan muren,
hun kommer geschreven – geschreeuw
op een
stoep in de schaduw,
op een
trap, een trapgang
(het is
overal).
En je valt
in een gat.
Wat
ontbreekt, is de regen.
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
Uit het verslag van de jury
|
*
UIT HET JURYVERSLAG
"KUNSTPRIJS
GEMEENTE LINT"
6
december 2008
Omwille
van de niet te loochenen kwaliteiten heeft de jury gemeend ook vier
gedichten te prijzen met een selectie.
(Waaronder mijn gedicht 'De andere kant'...)
In het
gedicht 'De andere kant' regisseert Eric Vandenwyngaerden een heerlijke
travelling, net zoals in een film. Verrassend begin je als lezer met een
adembenemende val in een gat, 'aan de andere kant' en kijkt vervolgens
hemelhoog over daken. Waarna je door het oog van de camera van de
dichter allerlei groter dan levensechte tafereeltjes meemaakt. Op het
eind val je opnieuw dwars doorheen het gedicht. Maar de dichter eindigt
zorgzaam met: 'Wat ontbreekt is de regen'. M.a.w. maak je geen zorgen,
het is allemaal niet echt, het is maar film.
Daniel Billiet
[terug]
|
|
.
De dolende huizen, de molen
I.
We houden ons aan
die ene onooglijke belofte:
we houden
nog stand
en steken
ons weg in onze vermomming
we
vluchten eronder.
Hierlangs gaat de wereld zijn
gang,
sust die naast ons staan
de
gewonden.
Later
zeggen
ze,
later
loopt het ontij af,
zuigt de
hemel zich blauw.
II.
Hij staat nog te wieken
hoog
boven de grond
in het
zoeklicht.
We zien
dus geen tranen
maar ook
geen lach op zijn
obscure gezicht.
Hij
draagt een voorbijgaand masker
(ook hij
dus)
en keert
zich voortdurend weg
van onze
taxerende blikken.
III.
We houden ons hart vast;
men gooit
weer wat muren om:
hoe blauw
is de mode?
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
Uit het verslag van de jury
|
*
UIT HET JURYVERSLAG
"DorpsDichterDoel"
21 maart
2009
Eric Vandenwyngaerden
geeft in “De dolende huizen, de molen”, via binnenrijmen en het
spel met klank en ritme de huizen en de molen een stem. Met poëtisch,
surrealistisch blauw kleurt hij de leegte in die de slooppartij
achterlaat.
Mark Meekers
[terug]
|
.
Het verband
Dat het regent –
zijn het
de ramen die ons zeggen dat ze
of zijn het onze ogen misschien.
Is het de taal
die we hebben
meegekregen, de
woorden die
ons te binnen
schieten.
Zijn het de
stembanden
die trillen –
willen of niet –
die onze
gedachten bundelen:
alles
wat ons
voor de veilige voeten valt.
Begrijp het –
regen
die om de oren
roffelt
en wat wij ervan
denken
in het hier en
het nu:
hoe we alles
voelen, horen en zien.
En hoe we op zoek
zijn
naar het verband tussen de dingen.
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
|
|
.
Beslapen bed
Kijkt u met me mee in de kamer (…)
Deze ochtend is het dunne laken
weer
zo grimmig, vol menselijke plooien.
Ze
moet er zich deze nacht
in
hebben opgerold
vluchtend voor de kilte
–
handen veilig in het kruis gevouwen.
Zie
hoe ze daar ligt, rug tegen uw rug.
Als
de tijd dringt, schuift u
als
een dief vanonder de warmte
en
sluipt u de slaapkamer uit,
weg
van de vochtige lucht.
Misschien komt u straks
nog
even terug
om
haar zacht te kussen
of haar te plagen
– om haar lachend te vragen
wat
er toch onder die handen zit.
© Eric Vandenwyngaerden
[terug]
|