DE NERVIËRS

 

De Nerviërs besloegen de landen ten oosten der Schelde tot over de Samber; zij paalden ten noorden aan de Menapërs en de Ambivarieten ; ten oosten aan de Eburonen en Aduatieken, ten zuiden aan het  gebied van de Trevieren, de Veroroanduren en de Atrebalen. Al deze gewesten komen later onder de benamingen van Brabant ,het  land van Aalst, en Henegouwen voor.

De hoofdplaats van de  Nerviërs was Baganum of Bagacum  Nerviorum , of  eigenlijk  Bagacum, het hedendaagse Bavay , juist over de grens in Frankrijk nabij  Valenciennes .

 

In de zevende eeuw, omvatte het voormalige bisdom van Kamerijk, of het grondgebied van de Nerviërs,  zes  kantons :

 

1. Cameracensis  pagus, Cambresis, die de stad van Camaracum  nu Cambrai of Kamerijk

 

2. Hainou pagus (henegouwen)  , met Malbodium of Castri  locus nu Maubeuge;

 

3. Fanomartensis pagus , kanton waarvan Fanomartis of  Famars de hoofdstad werd later Valenciennes:

 

4. Fania of les Fagnes een streek volledig bedekt met bossen

 

5. Carbonaria Sylva, wat kolenwoud betekent, is een uitloper van het Ardeense woud;

 

6. De Brachbantensis pagus of voormalige Brabant, begrensd in het westen en noorden door de Schelde, in  het oosten door de Dijle, en in het zuiden door de Haine. Het gedeelte van Gent, op de rechteroever van de Schelde behoorde tot Brabant. Verdere plaatsen waren de volgende : Condatum (Gondé), aan de Haine en de Schelde, Antonium (Antoing), Luitosa (Leuze), Sunniarum (Soignies, 665); Merrebechi (Meerbeek, bij Ninove), Ticlivinni (Dickelvenne, a. d. Schelde, 750); Nivialcha, Niviella (Nivelles, 7de eeuw). Ook (lambron (730), Scorisse (822), Baceroth (Baesrode of Bachere, 822); Malinas (Mechelen, 753), Vilvorde (779). In de negende eeuw nog Alost, Flithersala (Vlierzele), Gisingazele (Gyzenzele), Gaugiaco (Goick). Aan 'l einde der 9de eeuw : Liniacum (Lennick), Wambacis (Wambeeck), Tobacis (Tubise of Tubeck) , Itturna (Ittre) , Rosbacen (Rebeke) , Hanuaria (Henntiyères), Bolarium (Baulers), Ville-sur-Haine , ook in Hannonia genoemd, Holthem (Hauthem)'.

Deze  werden  allemaal opgenomen in het bisdom van Kamerijk, in de zevende, achtste en negende eeuw.

 

 

Enkel Caesar vernoemt een aantal kleinere stammen,  we kunnen enkel op hem voortgaan en enkel de woonplaats aan de hand van wat Ceasar liet schrijven gissen. Walckenaer  plaats de Levaci tussen Sint Lievens Esse en Asse, de Geïduni ten zuiden van de Schelde in de buurt van Gent en Deinze, de Pleumoxii rond Pommerceus, nabij Bergen, de Grudii in de nabijheid van Oudenaarde en Grotenberge; de Centrones in de buurt van Dendermonde en Brussel. In werkelijkheid is deze plaatsbepaling   gebaseerd op de gelijkenis tussen  de  oude en de moderne namen en op de tekst van  een onvoldoende  aantal antieke auteurs. Met andere woorden het is en blijft gissen.