DE ROMEINEN IN VLIERZELE

 

Dat er Romeinse activiteiten waren in Vlierzele, getuigen de heerwegen, de plaatsnamen "de tomt"

en het galgenveld (Zonnegem) ook vermelden verschillende schrijvers deze feiten.

Waaronder :

J. De BAST, Recueil d'antiquités romaines et gauloises, Gent, 1808, p. 433 en p1. XIX, fig. VI.  

(een grootbrons van Faustina senior).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

eveneens   vermeld    bij :

· Ph. VANDER  MAELEN,  Dictionnaire geographique de la Flandre orientale, Brussel, 1834, p. 224;

· J. VANDER MAELEN, Carte archéologique, ecclésiastique et  nobiilaire de Ia Belgique, Brussel,  1863

· H. SCHEURMANS, Médailles et monnaies découvertes dans les Pays-Bas pendant le XVIIe siecle   et antérieurement,  R.N.B.,   5e reeks,  I, 1869, p. 218;

· G. B. SCHAYES-PIOT, 1877, III, p. 557;

· V. GAUCHEZ,  Topographie  des  voies romaines en  Gaule-Belgique,    A.A.A.B., XXXVIII,     3e   reeks, VIII, 1882, p. 232 ;

· R. MOROY, Over romeinsche oudheden in de omstreken  van Aalst, in Vlaanderen, Jaarboek van bet Davidsfonds voor 1880, Gent, 1880, p.  185 ;

· E. DE SEYN, Geschied- en aardijkskundig, Woordenboek de Belgische gemeenten, 2de  uitg., II, p. 1443 ;  

· DE LOE, Carte archeologique de la Belgique romaine, repertoire statistique, Ms., z.d., p. 590.

Verschillende auteurs hebben het in hun boeken over de heerbaan die liep  ten noorden van Vlierzele. Heel waarschijnlijk gaat het over een Romeinse heerbaan, aldus toch V.   GAUCHEZ,    (Topographie des voies romaines en  Gaule-Belgique, A.A.A.B.,   XXXVIII, 3e reeks, VIII,     1882, p. 225. en eveneens vermeld bij : E. De SEYN, Geschied- en aardrijkskundig Woordenboek der Belgische gemeenten,  2e uitg.,  II, p. 1443.)

Hij heeft het over een antieke weg  gaande van Asse naar Kortrijk.

 

 

 

 

Vertaling “De Bast”

 

Soms spreekt men van Flithersala anderzijds van Flithersele. In 1786 heeft de plaatselijke pastoor aan kanunnik de Bast een medaille van Faustina major gegeven die daar gevonden werd. Men leest rond het geschonden hoofd van deze keizerin : DIVA FAUSTINA. Men ziet aan de keerzijde Faustina ontvoerd door een arend, met de tekst:  CONCECRATIO als opschrift. Dit muntstuk stelt de aptheose voor van deze prinses. ( De Bast, recueil d’antiquités romaines et gauloises trouvées dans la Flandre proprement dite.Gand 1804 p222).

 

Uit wikipedia

 

Faustina

Annia Galeria Faustina ( 98/105- 140/ 141) was de gemalin van de  Romeinse  keizer  Antoninus Pius en had de titel 'Augusta' (keizerin) van  138 tot haar dood. Zij is ook bekend als Faustina Senior en Faustina Maior of Major.

Er is niet veel bekend over haar leven. Zo is de exacte datum van haar geboorte (ergens tussen 98 en 105), die van haar huwelijk met Antoninus Pius en zelfs die van haar dood (rond 140-141) onbekend. Haar vader was consul  Marcus Annius Verus.

Faustina had een gelukkig huwelijk met Antoninus en ze kregen samen vier kinderen, die allen werden geboren voordat Antoninus keizer werd. Slechts één van deze kinderen overleefde haar: Faustina ( Faustina de Jongere), die later de echtgenote zou worden van  Marcus Aurelius, de adoptiefzoon en opvolger van haar vader.

Het is bekend dat Faustina een vrolijk leven leidde en vrij ontrouw was. Haar sobere en toegewijde echtgenoot nam, misschien als reactie op het gedrag van zijn vrouw, een van haar slavinnen, Galeria Lysistrate, als concubine. Dat was misschien wel Antoninus' enige zwakte in zijn verder onberispelijke leven. Overigens heeft Antoninus nooit van Faustina willen scheiden en heeft haar na haar dood bijzonder geëerd. Hij liet haar heilig veklaren (zij kreeg de titel DIVA) en liet een  tempel op het Forum Romanum voor haar bouwen die werd voltooid in het jaar  150. Na de dood van Antoninus Pius in  161, voegde  Marcus Aurelius de toewijding aan de overleden keizer toe en de tempel werd omgedoopt tot Divo Antonino et Divae Faustinae (voor de Goddelijke Antoninus en Goddelijke Faustina). Tegenwoordig bevindt de kerk San Lorenzo zich binnen de overblijfselen van deze 17 meter hoge tempel, waarvan de imposante restanten nog te zien zijn hoog boven het Forum Romanum in Rome. Ook liet Antoninus een enorme hoeveelheid munten met haar beeltenis slaan en de tekst DIVA AVG(VSTA) FAVSTINA (heilige keizerin Faustina). Na  147, toen Faustina de Jongere Augusta werd, veranderde dit in DIVA FAVSTINA.

Consecratio

 

Consecratio was de  apotheose (de verheffing van de mens tot god ) van de gestorven Romeinse keizers, die evenwel alleen aan diegenen te beurt viel, die door de  Senaat of door hun opvolger haar waardig gekeurd werden.

 

Het is echter overbekend, hoe vrijgevig men in Rome met dit eerbewijs omsprong. Zelfs keizerinnen genoten na hun dood het voorrecht van de consecratio. Na hun consecratio kregen zij de bijnaam van Divi of Divae. Verschillende plechtigheden bij de begrafenis gingen aan de consecratio vooraf. Bij het verbranden van het lijk op de  brandstapel steeg o. a. steeds een  uit de vlammen ten hemel. De alzo tot god geworden keizers en keizerinnen kregen hun eigen tempels, priesters en feesten. Ze werden dus geheel en al met de goden gelijkgesteld.