“Ook tijdens de oorlog ging ik uit met mijn vriendinnen”
Uitgaan of op café gaan met vrienden is een
activiteit die tegenwoordig voor bijna elke jongere de normaalste
zaak van de wereld lijkt. Toch was uitgaan in het verleden niet
altijd even evident. Maria Schevernels (87) vertelt ons hoe het
uitgaansleven er tijdens de Tweede Wereldoorlog uitzag in haar dorp.
Maria
Schevernels was een jonge, ongehuwde vrouw toen de Tweede Wereldoorlog
in België uitbrak. De oorlog was voor haar een harde periode
waarin zij en haar familie vaak honger hebben geleden. Haar belangrijkste
bezigheid tijdens de Duitse bezetting was de voortdurende zoektocht
naar voedsel voor haar gezin. Ondanks de moeilijkheden die Maria
kende tijdens de oorlog was ze geen vrouw die thuis bij de pakken
bleef zitten. Je kon haar regelmatig terugvinden in één
van de talrijke cafeetjes die haar dorp toen kende. Maria Schevernels:
“Kapelle-op-den-Bos was en is nog altijd een kleine, gezellige
gemeente waarin de bewoners graag buitenkomen om een praatje te
slaan met elkaar. Ons dorp telde tijdens de oorlog verschillende
cafés waarin de mensen samen-kwamen om een pintje te drinken
of een gezellig babbeltje te slaan met elkaar. Je zou denken dat
er tijdens de oorlog geen tijd en zeker geen geld was om op café
te gaan. Toch was het toen één van de belangrijkste
ontspanningsactiviteiten van de Kapellenaars. Op café kon
je de dagelijkse moeilijkheden even vergeten en ontspannen samen
zijn met enkele vrienden of vriendinnen.”
Uitgaan gaf een kick
Maria ging tijdens de oorlog niet alleen op café,
maar ze bevond zich toen ook regelmatig op de dans-vloer van de
lokale danszaal in Kapelle-op-den-Bos. “In het dorp was er
enkele jaren voor de oorlog een klein cinemazaaltje gebouwd. Omdat
er tijdens de oorlog toch geen films meer werden gespeeld, hadden
enkele Kapellenaars het zaaltje omgetoverd tot een heuse balzaal.
Zowat elk weekend werd er toen een feest of bal georganiseerd. Ik
was er samen met enkele van mijn beste vriendinnen een vaste klant.
Wij genoten van elke avond in de danszaal en stonden ook heel de
avond op de dansvloer. Uitgaan was tijdens de oorlog wel niet zonder
gevaar. Zo gold er een avondklok en elke inwoner van ons dorp moest
voor 10 u. ‘s avonds binnen zijn. Ik zal de spannende, nachtelijke
fietstochten naar huis nooit vergeten. In het duister met gedoofde
lichten naar huis fietsen in de hoop geen Duitsers tegen te komen.
Zelf ben ik gelukkig nooit op een Duitse patrouille gestuit, maar
ik ken wel mensen die moesten vluchten na een onverwachtse controle.
Toch hoorde deze spanning bij het uitgaan tijdens de oorlog. De
voortdurende betrappingskans gaf ons een kick, zoals sommige jongeren
dat nu zeggen. Het is een situatie die de huidige jeugd zich moeilijk
kan inbeelden en ik hoop ook dat ze zoiets nooit zullen moeten meemaken.
Elke jongere moet tijdens het weekend zorgeloos kunnen genieten
van een leuk avondje uit.”
back
to top
|