Yucca
Een Yucca kan verschillende vormen aannemen van stamloze grasachtige planten tot reusachtige vertakte boomachtigen.
Botanische kenmerken
Bladeren
De bladeren zijn lijnvormig en talrijk. De vezelachtige bladeren zijn vaak vergezeld van draden aan de zijkant. Zowel vorm als grootte van het blad verschillen sterk. De kleur variert van fel groen tot zacht grijs of zelfs blauwachtig. Zowel positie als aantal bladeren verschilt sterk. Van stug opstaand tot afhangend en geplooid in het midden. De dode blad blijft vaak neerhangen aan de stam. Meestal is het blad aan de zijkant glad maar bij sommige soorten kan het licht gekarteld zijn. Het blad verschilt in dikte en kromming, een eigenschap die belangrijk is bij de identifikatie. De meeste bladeren lopen uit in een punt die variert van levensgevaarlijk scherp tot stomp.
Stam
De stam kan afwezig zijn of er kunnen er meerdere zijn al dan niet vertakt. Soms is de stam niet recht maar loopt een stuk evenwijdig met de grond. Oude stammen kunnen verhouten en soms splijten. Bij de grotere soorten is de voet sterk gezwollen oogend als een platform. Sommige soorten hebben rhizomen en vormen kleine kolonies. Yucca faxoniana en schidigera slagen er zelfs in nieuwe scheuten te vormen vanuit het ondergrondse groeipunt nadat het bovengronds gedeelte is afgebrand. Yucca baccata gebruikt beide strategien om scheuten te vormen.
Wortels
De wortels zijn sterk, vezelachtig en draadvormig. Indien de stam buigt kunnen aan het raakpunt met de grond ook wortels ontstaan.
Bloem
De bloem is klokvormig en bestaat uit 3 bloem- en 3 kelkblaadjes. Deze zijn dik en leerachtig en variëren in kleur van wit, crème wit tot groen wit. Vaak zijn de buitenste blaadjes roos, rood, purper, bruin of rood getreept als de bloem in knop staat.
Bloeiwijze
De bloeiwijze is trosvormig gehecht op een centrale stam. Meestal langwerpig, maar soms ook smal of rond. De positie verschilt van hoog boven tot volledig verscholen in de bladkroon.
Bestuiving
De bestuiving gebeurt door motten van het geslacht Tegeticula. Deze zijn op hun beurt afhankelijk van de Yucca tijdens een deel van hun levenscyclus. Dit is een mooi voorbeeld van biologisch mutualisme (wederkerig voordeel). De mot is aktief in het noordoosten en zuidwesten van de VS en Mexico. Overdag verschuilt ze zich in de bloem en tegen de avond aan bestuift ze deze tijdens het leggen van haar eieren. De larve voeden zich op hun beurt met de zaden. Door het aantal eieren per bloem te beperken zullen er altijd enkele zaden intakt blijven.
Vrucht
Ofwel is de vrucht groot en vlezig, ofwel is het een houtachtige kapsule. De vlezige vrucht wordt zowel door dier als mens gegeten. Vaak is deze ook van taxonomisch belang. De zaden zijn klein, plat en zwart. Het kiemen van deze kan 1 to 3 maand duren.