|
|
LIANE BRUYLANTS Werd geboren te Berchem bij Antwerpen op 6 januari 1921 en is één van de markante en veelzijdige kunstenaars die na de tweede wereldoorlog aan het woord kwamen. Alles wat zij tot op heden schreef en schilderde spreekt zowel tot het verstand als tot het hart. Haar kunst is bestemd voor mensen van onze tijd en als zodanig representatief voor onze moderne wereld. Liane Bruylants studeerde aan het Koninklijk Atheneum te Antwerpen (Oude Humaniora), aan de Middelbare Normaalschool (ze werd lerares in de Germaanse talen), aan de Muziekacademie te Berchem, Conservatorium te Antwerpen en aan Academia te Borsbeek. In 1945 deed ze haar intrede in de literatuur met de dichtbundel 'Schaduw en spiegel', een debuut dat door de pers eenparig werd toegejuicht. Haar romans 'Het einde van de weg', 'Een vriend per seizoen' en 'De pop brak haar been' werden zeer gunstig onthaald, haar toneelstukken werden door officiële schouwburgen opgevoerd en ze bewerkte, vertaalde en schreef voor radio en televisie. Haar libretto 'De nozem en de nimf' met muziek van 'Willem Pelemans werd opgevoerd in de Vlaamse Kameropera, uitgezonden door televisie en radiostations en in het Frans vetaald. Sinds 1970 begon Liane Bruylants te schilderen en ook in deze tak van de kunst behaalde zij opmerkelijke successen. Belangrijke tentoonstellingen waren: De Bank van Parijs en de Nederlanden (Antwerpen), Markiezenhof (Bergen-Op-Zoom), Vera Van Laer Gallery (Knokke).
PRIJZEN Laureaat in de wedstrijd voor hoorspelen, ingericht door de BRTN (Brussel) en de NRU (Nederland) met het luisterspel 'De vreemde aanbidding'. Eerste prijs in de Nationale Toneelwedstrijd met het toneelstuk 'Laat mij niet ondergaan!' Prijs toegekend door de Bestendige Deputatie van de Provinciale Raad van Antwerpen voor de verzenbundel 'Astraal begrip'.
POEZIE 1945, Schaduw en spiegel (uitgeverij VTK) 1949, Het hart der dingen (uitgeverij Libris) 1949, Schimmen en bacchanten (Libris) 1952, Grensstation (Libris) 1961, Het andere land (Libris) 1966, Astraal begrip (Libris) 1976, Droomgestalten (uitgeverij Orion) 1984, De vogel feniks in het labirint (Antwerpen) 1986, Hommage Frans Buyle (Antwerpen) 1988, Nachtridders en straatmadelieven (uitgeverij J. Berghmans) 1989, Suite voor een kasteel (Libris) 1991, Blauwdruk van poëtisch ervaren (Libris) ROMANS 1946, Het einde van de weg (uitgeverij De Toorts) 1955, Een vriend per seizoen (De Toorts) 1957, Prelude (uitgeverij Kempische Boekhandel) 1962, De pop brak haar been (uitgeverij Libris)
KORTE VERHALEN De twee stoelen, Faits divers, Tweemaal zeven klokslagen, Genesis paranoia, Het schilderij, Atol, Alfa en omega, Begrip van ruimte, De toegeving.
TONEEL 1950 / 1951 Eva Brandes opgevoerd door het Nationaal Toneel van België (KNS) in Antwerpen en Gent, later Hasselt, … 1954, Kijk naar Dyo opgevoerd door het Nationaal Toneel van België (KNS) in Antwerpen en Gent
1954,Laat mij niet ondergaan! bekroond met de Eerste Prijs in de Nationale Toneelwedstrijd.
HOORSPELEN Uitgezonden door de BRTN, Nederland, Zuid-Afrika, Zaïre, … Eva Brandes (bewerking van een toneelstuk), Stradivarius, Spel met de muze, De droom van steen, Het dubbel palet, De vreemde aan bidding (bekroond door BRTN en NRU), De duisternis, Het wensboek van Claudia (vervolgverhaal), De bitter Lier (klankbeeld over Prosper Van Langendonk), Sigrid Undset (radiomontage).
TELEVISIESPELEN Uitgezonden door de BRTN Te laat of te vroeg?, In de schaduw van de piramiden, De spiegel der jeugd
TELEVISIEBEWERKINGEN TONEELSTUKKEN EN ROMANS Uitgezonden door de BRTN Een inspecteur voor u (Priestley) De klucht van de brave moordenaar (Jos Janssen) Schipper naast God (Jan de Hartog) Tweemaal zeven (Pol de Mont) Nonkel Bonaparte (Forzano) De wereld gaat aan vlijt ten onder (Max Dendermonde) De boeren van Olen (4 delen) naar het gelijknamig boek van Auctor De komedie van het geluk (Evrienov)
VERTALINGEN EN BEWERKINGEN OPERA'S Uitgezonden door de BRTN Amelia wil naar 't bal (Menotti) Tweemaal komedie (Von Recnicek) Het nachtklokje (Donizetti) De dood van een kater (Werner Thärichen) De teaterdirecteur (W.A. Mozart) Liefde
in transit (Richard Arnell) Driestuiversopera (Brecht-Weill) Eros kent geen Grieks (Paessiello) De zwarte spin (Sutermeister) De houtdief (Marschner) De madonna met de rozen (Robert Stolz) Corinna
((Wolfgang Fortner) Het liefdeselixir (Donizetti) De toetssteen der liefde (Rossini)
ERIK VAN MALDER°17
maart 1944 te Antwerpen dichtbundels:
1960,
bundel 'Bovenkamers', bibliofiele uitgave op 7 exemplaren, eigen beheer; 1961,
bundel 'Sproedels' idem; 1975,
bundel 'Stoeipoezen, zaklectuur voor mannen', eigen beheer; 1983,
bundel 'Vierentwintig stappen in een etmaal beschaving', uitgeverij Het Schaap. 1994,
bundel 'pijn aan wolventand', uitgeverij paradox pers, Antwerpen 1996,
gedichtensuite 'Zo de ogen niet de toren', bibliofiele uitgave in beperkte
oplage (8 ex.) 2001, bundel 'Daar vertrok een mens', "uitvaartlyriek" - oplage 750 ex.!, uitgegeven door de Oudervereniging voor de Moraal n.a.v. de 40ste verjaardag – oktober 2001 al tweede druk! 2003,
bundel 'Onuitgegeven gedichten', 14 gedichten gepresenteerd uit diverse
onuitgegeven dichtbundels en één buiten reeks.
Prijzen: 1962,
jongste laureaat van het eerste lustrum Poëzieprijs Heist-Duinbergen, met het
gedicht 'Aan Inge'. 1980,
het gedicht 'Een stadszicht: sortilège hollandais' wordt bekroond in de
wedstrijd 'De stad in de poëzie' van de V.V.V.B. n.a.v. de boekenbeurs. 1981,
het verhaal 'Zomerfeest in Porthcurno', ingezonden voor de John Flandersprijs
'80 (dat jaar niet toegekend!) wordt toch uitgegeven in de reeks 'Vlaamse
filmpjes', 13 maart '81. Publicaties: -
in schoolbladen zoals 'Op Sinjoorke' (K.A.Antw.) en 'Tolle Lege' (Gymnasium
Erasmianum, Rotterdam), 'LK61' (Jeugdgemeenschap voor kunstbeleven, Antwerpen,
o.a. met jeugdvriend Eddy Van Vliet). -
in diverse tijdschriften, o.a. verhaal 'Belofte' in tijdschrift 'Bouw' van de
A.B.N.-kernen en poëzie en proza in GIERIK. -
verhaal 'Erfenis' in verzamelbundel 'Tussen tijd en schaduw' (Vlaamse sf en
fantastiek), uitg. W. Soethoudt. -
gedicht 'Och, laat me lachen om de dingen' in kunstmap met suite van 10
gedichten en 10 grafische prenten 'Leven en dood' van Kunstkring 't Getij,
Antwerpen. -
gedichten in o.a. De Nieuwe Gazet, Mens en Taak, Het Vrije Woord, Schuim, Deus
ex Machina, Ahasverus -
gedichten in verzamelbundels van Panter Paperback vzw, verzamelbundel
'Eigen-liefde' van Stichting Boulevard vzw 1983,
oprichting literair-artistiek tijdschrift GIERIK (Guy + Erik), samen met Guy
Commerman; sedertdien talloze activiteiten zoals tentoonstellingen,
tijdschriften- en uitgeversbeurzen, poëtisch-culinaire avonden, enz. - onder
impuls van Dirk Claus werd in 1989 de naam veranderd in Gierik&Nieuw
Vlaams Tijdschrift. -
1976: debuutroman 'Maïté',
uitgegeven door uitg. Walter Soethoudt, Antwerpen. *muzikaal
werk: -
tijdens studiejaren diverse optredens met blues en folksongs, onder pseudoniem Little
Boy Walker, zang + eigen gitaarbegeleiding. 1963
e.v. jaren: Little Boy Walker treedt op als folk&blueszanger in de Antwerpse
hippiekroegen, o.a. De Muze, Het Pannenhuis, De Mok, De Paddock, enz... en in
jeugdclubs overal in het land. !Little
Boy Walker was de allereerste die in DE MUZE zong! Later
ook samen met Ferre Grignard (archiefopname van Echo??). -
1967 single door Fonior/Decca 'Alexander Bell' van M. Murray en P. Calander,
Nederlandse vertaling door Erik en 'Hippie Hip', tekst & muziek erik van
malder en Al van Dam. - T.V.-optredens in 'Binnen en Buiten' en 'Echo'. -
70-er jaren optreden met kabaretgroep PITCHPIJN van Chris Bouchard. -
Occasionele optredens in Nederland, Duitsland en Frankrijk (voornamelijk tijdens
vakanties, voor wisselend publiek). -
19 mei 1982: realisatie jeugddroom: optreden voor 2000 man (socialistische
gepensioneerden) in de Koningin Elisabethzaal te Antwerpen -
juni 1982: optreden voor 10.000 mensen tijdens betoging van socialistische
gepensioneerden te Blankenberge. -
optredens in HET VRIJE WOORD - teevee - met eigen liedjes, Nederlandse, Engelse
en Franse chansons. -
Eerste jingle van televisieprogramma HET VRIJE WOORD is intro van een van mijn
liedjes. -
optredens voor de radio, o.a. BRT2/Antwerpen, 1 april '83, programma
'Showbizzquiz' + optredens met de mandolinegroep DE KRIKSKES. *Radio-
en televisiewerk: -
zie hierboven optredens met eigen liedjes in diverse uitzendingen. -
Van juni 1981 tot december 1983 free lance medewerker BRT als samensteller/presentator
BRT2/programma 'Vrij-uit in humanistisch perspectief'. -
Occasioneel medewerking tv-programma HET VRIJE WOORD als commentator off-screen. -
Eenmaal medewerking aan het israëlitisch programma van het Joods Consistorie
van België als presentator. -
diverse scenario's voor BRT-jeugdprogramma 'Samson' (waarvan 2 effectief ook
gerealiseerd en uitgezonden) *diversen: - 19 november 1988 show 'Rode Mode, onze Code' van S.V.V., n.a.v. 75-jarig bestaan van het Nationaal Verbond van Socialistische mutualiteiten. Scenario + regie door Erik van Malder - 2 opvoeringen in Handelsbeurs te Antwerpen.
MARIS BAYAR°1937
1967, De deur die gesloten bleef, Antwerpen, Lepelreeks 1968, Zachte Bodem, Antwerpen, Stuip 1973, De Heerlijkheid Omhelzen, Antwerpen, Contramine 1974, Dwerg, Antwerpen, Contramine 1965- 1975, Als Maris Dante Zoent, Verzamelbundel, Antwerpen, W. Soethoudt 1976, Lof voor Onwerkelijken, Antwerpen, W. Soethoudt 1977,
Les Chevaliers Bayard, Antwerpen, Contramine 1978, De Innerlijke Belediging, Antwerpen, Contramine 1980, Vrouwelijke Elegieën, Antwerpen, W. Soethoudt - Contramine 1981, Heldendichten – Zeegezichten, Antwerpen, Contramine 1982, Levend in Leningrad, Antwerpen, Contramine 1986, De Parade der Paladijnen, Antwerpen, Contramine 1988, Een ijzeren Hand in een Fluwelen Handschoen, Amsterdam, An Dekker 1998, Fleur de Flandre, Antwerpen, Facet 2002, Ares, Uitgeverij P
2005, Het epos van het groot ongelijk, Uitgeverij Litera-Este Bayars poëzie verscheen in volgende tijdschriften:
Stuip, Trap, Radar, Koebel, Yang, Het Nieuw Vlaams Tijdschrift, Het tienjaarlijks tijdschrift, DW&B, Vrouw en Beeld en Boek, Eigen Wegen, Poëziekrant, Surplus, Ballustrade, Literair kookboek, STROOM.
Ze was redactrice van de literaire tijdschriften Trap en Radar, beheerde samen met Tony Rombouts: Contramine, het driemaandelijks literair-kritisch en informatief tijdschrift Trap en beiden stichtten de Trap-prijs voor poëzie.
Gedichten van haar werden opgenomen in 'Volmaakte aanwezigheid, volmaakt gemis' In voorbereiding: Het Epos van het Grote Ongelijk De Opschudding der Dwazen Smile en andere Galanterieën
JAN GLOUDEMANS° 26 juli 1926 te Antwerpen De in 1926 geboren Jan Gloudemans was in de vijftiger-zestiger jaren nauw betrokken bij het kunstgebeuren van de Antwerpse avant-garde door zijn functie als secretaris van de roemruchte groep G58 Hessenhuis. Hij leverde tal van bijdragen over plastische kunst en publiceerde poëzie in Vandaag 6, het Nieuw Vlaams Tijdschrift, Yang en Gierik&NVT en Archipel. Maker van een radioprogramma op BRT 2 en medewerker aan TV-uitzendingen over kunst. In bundelvorm verscheen in 1988 'Kleine rode vingerwijzing in steen'. In 1992 verscheen bij Paradox-Pers 'Een reiziger / Verliefd', verlucht met tekeningen van Bert De Leeuw en een handschrift van een muziekcompositie, getoonzet door Renier Van der Velden, op een tekst van een gedicht van Jan Gloudemans. Het bevat werk van 1956 tot 1991. Een nieuwe bundel volgt in 1999 'Zelfportret in tegenlicht'. Zijn poëzie heeft een verstilde, ietwat weemoedige toon van de man, die weet dat de tijd onherroepelijk verder schrijdt, maar zijn lot waardig en manhaftig ondergaat. De verheerlijking van de vrouw krijgt een zeer aparte toon, door zijn voortdurende verrukte verwondering van 'de vreemdeling, verdwaald in haar lichamelijk landschap vol schaduw'. Belangrijk voor het oeuvre van Jan Gloudemans is tevens de poëtische neerslag van zijn reizen o.m. in Israël, de USA en Japan. Hij is geen veelschrijver, maar een bedachtzaam dichter, die de taal op een verrassende virtuoze manier, steeds helder en plastisch verstaanbaar hanteert. "Het is de poëtische neerslag van een levensinzichtelijke rijpheid" (Emiel Willekens). Jan Gloudemans is lid van de redactie van Gierik&NVT en lid van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen. Hij gaf ook voordrachten van zijn werk in de Brakke Grond te Amsterdam, in Aalst, Gent, Blankenberge en Dilbeek (Westrand) en in het MUHKA te Antwerpen. Woont en werkt afwisselend in Antwerpen en Blankenberge.
MARCEL VAN MAELE° 1931 DICHTBUNDELS Soetja, Brugge, Jongerensyndikaat Kunst en Letteren, 1956 Rood en groen, Oostende, Kroeg, 1957 Pamflet I: poëtische nota's over het bewustzijn, Brussel, eigen beheer, 1960 Ik ben een kannibaal, Brussel, eigen beheer, 1961 Ademgespleten: poëtisch gesprek met Max Kazan, Antwerpen, De Tafelronde, 1962 Zwarte gedichten: van kannibaal naar Imponderabilia, Emblem, Labirintuitgave, 1963 Imponderabilia, Brussel, eigen beheer, 1966 No man's land, gedichten – poèmes, Brussel, Editions des artistes, 1968 Zes nooduitgangen en één hartslag, Brussel/Den Haag, Manteau, 1968 De Hamster van Hampstead, Gent, Yang, 1969 Winteralbum, Gent, Yang, 1970 Annalen,
Brussel, Manteau, 1972 Gedichten 1956 – 1970, Antwerpen, Standaard, 1972 Met een ei in bed, Amsterdam/Brussel, Paris-Manteau, 1973 Eigen keus uit eigen werk, Brussel, Tibet & Everest, 1973 Ach…, Ertvelde, Van Hyfte-De Coninck, 1973 Tweeluik, Brussel, Manteau, 1977 Muggen en liegen, Antwerpen/Amsterdam, Elsevier-Manteau, 1980 Bedreven in het feest der jaren, Antwerpen, Contramine, 1981 Een rechthoek op het verkleurd behang, Antwerpen, Manteau, 1986 Nu het geduld zijn hoge hoed verliest, Antwerpen, Houtekiet, 1988 Rendez-vous,
Gent/Merendree, Poëziecentrum-Sintjoris, 1995 Een specht op mijn stamboom, Merendree, Sintjoris, 1997 Met de hand geschreven, Antwerpen, Paradox Pers, 1998 Krassen in wat was, Leuven, P, Parnassusreeks nr 4, 2001 Over woorden gesproken, P, 2006 BIBLIOFIELE UITGAVEN Medgar Evers te Jackson vermoord, Sint Niklaas, Paradox Press, 1964 i.s.m. Guy Vandenbranden Hoera, wij hebben een bloedeigen heilig tuintje!, Gent, Trefpunt, 1969 i.s.m. Walter de Buck Gebalsemde waanzin, Antwerpen, Panterpers, 1973 i.s.m.
Wilfried Pas Een teken aan de wand, Antwerpen, Soethoudt, 1974 Berichten uit de kouwe aardappelstraat, Antwerpen, Contramine, 1976 In rep en roer, Antwerpen, De Zwarte Panter, 1976 i.s.m.
Fred Bervoets Het uur van de onrust of de stekelige dageraad, Aalst, Hooft, 1977 i.s.m. Roger van Akeleijen Het verhaal der seizoenen, Aalst, Hooft, 1978 i.s.m.Jef van Tuerenhout Tussen krop en keel, Antwerpen, De Zwarte Panter, 1979 i.s.m.
Fred Bervoets De stekelige dageraad of het blaffen van de angst, Aalst, Hooft, 1980 i.s.m. Roger van Akeleijen Wimpels en sikkels, Antwerpen, De Zwarte Panter, 1980 i.s.m.
Fred Bervoets Een ogen-blik, Antwerpen, eigen beheer, 1981 i.s.m. Staf Desmedt Het blaffen van de angst of het huiverend herkennen, Antwerpen, Contramine, 1982 i.s.m. Roger van Akeleijen Gebeten door het beest, Antwerpen, De Zwarte Panter, 1983 i.s.m.
Fred Bervoets Een geheim waarin de tijd verdwaalt, Antwerpen, eigen beheer, 1983 i.s.m. Staf Desmedt Tijd zat in het gat van de dood, Antwerpen, De Zwarte Panter, 1985 i.s.m.
Fred Bervoets De vermoedelijke taal der dingen, Antwerpen, eigen beheer, 1985 i.s.m. Tone Pauwels Poëzie in vogelvlucht, Gent, De gele gier, 1990 i.s.m.
Bruno Sluydts Angstkreten, Gent, eigen beheer, 1992 i.s.m.
Renée Lodewijckx Keerpunt, Antwerpen, eigen beheer, 1993 i.s.m.
Bruno Sluydts Hinkstapsprong, Antwerpen, De groote Beer, 1997 POETISCH PROZA Kraamanijs, Brugge, J. Sonneville, 1966 Scherpschuttersfeest, Brussel/Den Haag, Manteau, 1968 Koreaanse vinken, Brussel/Den Haag, Manteau, 1970 Ik ruik mensenvlees, zei de reus, Amsterdam/Brussel, Paris-Manteau, 1971
Geboren in Leuven, 23 november 1947. Overleden op 13 januari 2008. Hij studeerde rechten (kandidaat 1967) en neerlandistiek (licentiaat 1972) aan de universiteit in zijn geboortestad. Sinds 1973 woont hij in Antwerpen, waar hij werkzaam is als dichter, criticus en vertaler. Hij publiceerde 'Mijn gegeven woord van Hugues C. Pernath. Een syntactische benadering' (K.U. Leuven, 1972), de bibliografie 'Reizende Bladen. Literaire tijdschriften van Noord en Zuid na 1945' (1974, met drs Ronald Breugelmans) en, sinds 1969, gedichten in verschillende Vlaamse tijdschriften en anthologieën, evenals artikels over diverse Vlaamse dichters. Lid van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen (1972) en van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden (1977). Hij was redacteur van, achtereenvolgens, 'Morgen' (1971-1972), 'Impuls' (1972-1977) en Diogenes (1984-1992) en poëziecriticus voor het weekblad 'De Nieuwe' (1984-1986). Dichtbundels: 1964-1967, Uit de Brand, (ongepubliceerd) 1966-1967,
Eleven Pomes for a Lady, (ongepubliceerd) 1970, Graafschap 1975, Geen Vogelkreet de Roos (waarin Dagwaarts een Woord, 1972) 1981, Aanspraak (waarin Ontginning, 1976) 1986, Uw Afwezigheid (waarin Lettre de Cachet, 1982) 1988, Dicta Dura 1997, Met Name (waarin Zayin, 1993)
Bekroningen: 1971, Prijs van de Vlaamse Poëziedagen 1976, Premie Poëzieprijs Knokke-Heist 1988, Poëzieprijs Provincie Antwerpen (Uw Afwezigheid) Besprekingen (in tijdschriften) GRAAFSCHAP (1970) Dirk Depreeuw in Witte Bladen, 1/5-9-6, februari 1971 Hugo Brems in Dietsche Warande & Belfort, 116/7, september 1971 Albert de Longie in Nieuwe Stemmen, 28/1, oktober 1971 Albert de Longie in Vandaag, 7/3, november 1971
Over het gedicht MONDRIAAN Jan Uyttendaele in Germania, 18/2, 1971. In Restant, 1/6, november-december 1971. In 'Linguïstiek en poëzieanalyse. Een verkenning'. (licentiaatsverhandeling, K.U. Leuven, 1972), pp. 92-101.
DAGWAARTS EEN WOORD (1972) Albert de Longie in Nieuwe Stemmen 29/2, november-december 1972 Romain John van de Maele in Kruispunt-Sumier, nr 48, december 1973 GEEN VOGELKREET DE ROOS (1975) Albert de Longie in Nieuwe Stemmen, 32/6, augustus-september 1976 Wim Hazeu. ISMA-Lectuurinformatie, 1976-1226 M.H. Geradts-Pinckaers. NBD-fiche 76-21.1230 Henri-Floris Jespers in Nieuw Vlaams Tijdschrift, 29/8, oktober 1976. In 'Het Bed van Procustes; schetsen en verkenningen'. Antwerpen, Soethoudt, 1978, pp. 109-111 Annie Vyt in Dietsche Warande & Belfort, 122/3, maart-april 1977 ONTGINNING (1976) (bibliofiele uitgave met drie etsen van Dirk Adams) Michel Bartosik: Inleiding. In VECU-Express, 1/2, januari 1977 ALGEMENE SITUERING Hugo Brems 'De zuidnederlandse poëzie sinds 1970'. In Streven, 44/7, april 1977 Hugo Brems 'Taalgerichte tendensen na 1970'. In Culturele geschiedenis van Vlaanderen, deel 9: Literatuur, De twintigste eeuw. Deurne, uitgeverij Baart, 1983, pp. 112-115 Over het gedicht LINKEROEVER (Antwerpen-linkeroever) Ludo Andries. In de UIA-paper 'De genese van een gedicht'. Antwerpen, 1978, pp. 12-34 en 53-58 AANSPRAAK of DE SCHOOL DER ONVERHOEDE GRENZEN (1981) Lucienne Stassaert. Inleiding in de VECU, Antwerpen, voorjaar 1981, (ongepubliceerd) Tony
Rombouts. In Poëziekrant, 5/4, juli-augustus 1981 Hugo Brems. In Dietsche Warande & Belfort, 127/3, maart-april 1982 Joris Gerits: 'Dichters op de drempel van '80'. In Streven, 49/7, april 1982 J.B. (=?). In Kreatief, 16/2-3, juli-augustus 1982 Over de gedichten TRAPPENHUIS en PSALM 151 Joris Gerits. In Vonk, 16/5, december 1986, pp. 267-274 Over de cyclus DODENWAKE Joris Gerits. LETTRE DE CACHET (1982) (bibliofiele uitgave met vijf kleurzeefdrukken van Guy Vandenbranden) Ludo Simons. Inleiding in de VECU, Antwerpen, op 3 september 1982 (ongepubliceerd) UW AFWEZIGHEID (1986) Paul Smolderen. Inleiding in boekhandel De Groene Waterman, Antwerpen, mei 1986, (ongepubliceerd). J. van Delden. Prisma-Lectuurvoorlichting, fiche 86-1410 Albert Hagenaars. NBD-fiche 86-19.001.6 (V) Jean-Paul den Haerynck: 'Wilfried Adams' afwezigheid en droom". Uitgebreid artikel bedoeld voor Poëziekrant, 1986, maar nooit verschenen. Hans Vandevoorde. In Yang, 22/131, december 19686, pp. 50-59 Marcel Obiak. In Vlaanderen, nr 316, mei-juni 1987 Henri-Floris Jespers. In Diogenes, 5/3, oktober 1988, pp. 281-283 DICTA DURA (1988) Paul Smolderen. Inleiding in het Hessenhuis, Antwerpen, op 13 december 1988, (ongepubliceerd) Albert Hagenaars. NBD-fiche 88-45.004.X (V) J. van Delden. Prisma-Lectuurvoorlichting, fiche 89-121 Rudolf van de Perre. In Boekengids 89/4, pp. 204-205 ALGEMEEN Luc Pay (uitgebreid interview met Adams): 'Kuisheid is je leren beheersen in je gedichten'. In Poëziekrant, 13/4, juli-augustus 1989 ZAYIN (1993) (bibliofiele uitgave met 13 illustraties door Luc Tuymans) MET NAME (1997) Joris Gerits. Inleiding in boekhandel De Groene Waterman, Antwerpen, op 22 november 1997, (ongepubliceerd). Paul Demets. In Knack, ..... Karel Sergen (interview met Adams). In Poëziekrant, ....
ADRIAAN DE ROOVERPseudoniem van F.A. De Rooy, geboren te Mortsel op 13 februari 1923. Van 1946 tot 1951 leraar Engels en Duits. Van 1951 en 1958 pers-attaché op de Ambassade van Pakistan. Van 1959 tot 1985 copywriter op de internationale reclamebureaus Lintas en Moussault. Richt in 1946, samen met Manu Ruys, Ivo Michiels en anderen het tijdschrift GOLFSLAG op. Debuteert in 1947 met VERZEN UIT DE GRABBELTON. In 1948 volgen de bundel KASSANDRA en het essay DE DOODSGEDACHTE IN DE MODERNE NOORD-NEDERLANDSE POEZIE. Beide publicaties verschijnen in de poëzie-reeks MENS EN MUZE, die hij samen met Paul De Vree en Ivo Michiels opricht. In 1953 treedt hij toe tot de redactie van DE TAFELRONDE en wordt één van de woordvoerders van de experimentele poëzie. In 1953 verschijnt zijn eerste bundel zg. experimentele poëzie WOORDSCHURFT, waarmee hij de jongere Vijf-en-Vijftigers als Paul Snoek en Nic Van Bruggen onmiskenbaar beïnvloedt. Hij bundelt zijn kritische beschouwingen over de avant-garde poëzie in het essay 2X OVER POEZIE en schrijft een studie over de dichter GEORG TRAKL (1955), die bekroond wordt met de Dr. Jules Persijnprijs. In 1958 verschijnt zijn studie over PAUL VAN OSTAIJEN EN DE ABSOLUTE LYRIEK, bekroond met de essay-prijs van de provincie Antwerpen. In 1961 komt de bundel TESTVLIEGEN en in 1965 de bundel WREDE GEDICHTEN. In 1962 publiceert hij de poëziemap HOMMAGE A ENGLEBERT VAN ANDERLECHT, verlucht met zeefdrukken van Guy Vandenbranden. Tussen 1960 en 1963 deelname aan verschillende experimentele poëzie-tentoonstellingen, o.a. in het Antwerpse Hessenhuis en in het Archief en Museum voor het Vlaamse Cultuurleven. Dan volgen 20 jaar van 'dichterlijk zwijgen', waarin hij zich uitsluitend wijdt aan de studie van de Romaanse kunst en iconografie. Legt als fotograaf een collectie aan van tienduizenden dia's van de Romaanse architectuur en beeldhouwkunst. Creëert in het kader van Europalia 1985 Espana, in de Sint Pietersabdij te Gent de audio-visuele presentatie van de tentoonstelling over Santiago-de-Compostela. Intussen ook als dichter weer actief. Eind 1984 verschijnt de dichtbundel ALS EEN MES IN EEN HUIS VOL GEKKEN, gevolgd door de bundel IK RUIK DE STERREN AL (1987). Sinds enkele jaren tracht De Roover het geheim van de lyriek ook met grafische middelen te benaderen; waarbij zijn aandacht vooral uitgaat naar de plastische evocatie van letters, woorden of woordassociaties en naar kleur-visualisaties van gedichten of fragmenten van gedichten. In 1986 ontvangt hij voor zijn POEZIEPRENTEN de prijs van de vzw Latem Kunstenaarsdorp. In 1988 neemt hij deel aan de tentoonstelling HET VERBEELDE WOORD in de Universiteitshallen te Leuven. Tussendoor verschijnt ook zijn monografie over de graficus JAN VERHEYDEN (1987). Ter gelegenheid van zijn 75-ste verjaardag verscheen de verzamelbundel GEDICHTEN 1953-1998, waarin alle experimentele dichtbundels werden samengebracht, aangevuld met een cyclus ongepubliceerde gedichten 'mijn eiland mallarmé. Tevens organiseert de bibliotheek van Merelbeke een overzichtstentoonstelling van De Roovers grafisch werk. Op de marmeren wand van de bibliotheek wordt de volgende tekst van hem in gouden letters gebeiteld: "Geen enkele censuur heeft de dichter ooit doen zwijgen". In zijn poëzie is De Roover vooral geboeid door de magie van het woord. Zijn lyriek kenmerkt zich door een sterk non-engagement en een grote voorliefde voor de jazz-muziek.
Bekroningen1948, Debuutprijs van de Provincie Antwerpen voor 'De Doodsgedachte in de Noordnederlandse Poëzie' 1961,
Essay-prijs van de Provincie Antwerpen voor 'Paul van Ostaijen' 1986,
Prijs van de vzw Latem Kunstenaarsdorp voor een serie poëzieprenten Dichtbundels en essays1947,
Verzen uit de Grabbelton, uitg. Van Maerlant, Antwerpen 1947,
De Doodsgedachte in de Noordnederlandse Poëzie, uitg.De Brug, Antwerpen 1948
Kassandra- gedichten, uitg. De Brug, Antwerpen 1953,
De Juwelier - gedichten in De Tafelronde, Antwerpen 1953,
Woordschurft - gedichten, uitg. Colibrant, Lier 1955,
2 x over Poëzie, uitg. De Bladen van de Poëzie, Lier 1955,
Notities bij het werk van Georg Trakl, uitg. Standaard, Antwerpen 1956,
Gabriel De Pauw - monografie, uitg. Van Ditmar E., Antwerpen 1958 Paul van
Ostaijen, uitg. Desclée-De Brouwer, Brugge, Utrecht 1958,
Kennismaking met Pierre Kemp, uitg. Dimensie, Leiden 1959,
Gedicht en Grafiek - anthologie, uitg. De Tafelronde, Antwerpen 1961,
Testvliegen - gedichten, uitg. Ontwikkeling, Antwerpen 1962,
Hommage a Englebert van Anderlecht, gedichten met zeefdrukken van Guy
Vandenbranden, Privé-uitgave 1965,
V vrede Gedichten, uitg. Colibrant, Deurle-Leie 1984,
Als een mes in een huis vol gekken - gedichten, uitg. Poëziecentrum, Gent 1986
Jan Verheyden - monografie, uitg. Gemeentebestuur Puurs 1987,
Ik ruik de sterren al- gedichten, uitg. Poëziecentrum, Gent 1998,
Gedichten 1953 -1998, uitg. Demian, Antwerpen 2000,
Paul van Ostaijen, dichter en flamingant, in Liber Amicorum Piet Tommissen,
uitg. Apsis, La Hulpe 2002,
De Genese van de Lyriek, - gedichten met commentaar van Geert Buelens, uitg.
Demian, Antwerpen Besprekingen
(in kranten, tijdschriften en essay-bundels) DE
DOODSGEDACHTE IN DE NOORDNEDERLANDSE POEZIE (1947) Urbain
van de Voorde in De Standaard, 20 juli 1947 Albert
Westerlinck in Dietsche Warande en Belfort, jrg.48/9 - 1947, pp.581-590 Paul
Haimon in Golfslag, jrg.2/6-7 - 1948, pp.291-293 J.T.
in Gazet van Antwerpen, 17 mei 1948 Dr;Joris
Caeymaex in boekengids, 1947 nr.28.597 KASSANDRA
(1948) Arthur
Botte in De Spectator, 8 oktober 1948 Ivo
Michiels in Het Handelsblad,9 april1949 Steven
Riels (Paul De Vree) in Golfslag, jrg.3/4 - 1949, pp.131-134 Sirius
(Urbain van de Voorde) in De Standaard, april 1949 Juliaan
Haest in Boekengids, 1949 nr.29.723 WOORDSCHURFT
(1953) Reimond
Herreman in Vooruit, 8 en 9 december 1953 Valere
Lamsens in Gazet van Antwerpen, 2 februari 1954 Urbain
van de Voorde in De Standaard, 6 februari 1954 Hubert
van Herreweghen in De Nieuwe Gids, 14 februari 1954 Andries
Dhoeve in De Periscoop, jrg.4/4 - februari 1954 Jo
de Prins in Nieuwe Stemmen, jrg .10/5 - februari 1954 André
Demedts in B.N.R.O. Radio Kortrijk, 21 maart 1954 te 11 u. Jos
de Haes in Dietsche Warande en Belfort, jrg. 54/5 - 1954, pp.290-297 Frank
Liedel in De Tafelronde, jrg. 2/3-4- 1954, pp.153-157 L.
Weynants in Deze Tijd, II/6, 1954 Paul
De Vree in Throw-in, 1959, pp.7-10 2
X OVER POEZIE (1955) Lieven
Rens in Nieuwe Stemmen, jrg.12/1 - oktober 1955, pp.23-28 Veldeke
in ft Pallieterke, 1 december 1955 Paul
Meyers in De Unie, 30 december 1955 Rudo
Durand in De Tafelronde, jrg. 3/3- augustus 1956, pp.140-142 Piet
Thomas in Dietsche Warande en Belfort, jrg.1 05/8 -oktober 1960, pp.594-599 Paul
De Vree in Throw-in, 1959, pp.27-31 (ook opgenomen in de bundel Onder
experimenteel vuur, uitg. De Galge, Brugge - 1960 pp.33-37 NOTITIES
BIJ HET WERK VAN GEORG TRAKL (1955) M.G.R.
in De Standaard, 29 oktober 1955 Paul
De Vree in Throw-in, 1959, pp.55-58 PAUL
VAN OSTAIJEN (1958) Jan
Veulemans in De Gids op maatschappelijk Gebied, mei 1958 Jan
Vercammen in B.N.R.O. Studio Kortrijk, 1 juni 1958 J.Roeland
Vermeer in De Maasbode, jrg.90/331 05- 19 juli 1958 J.Roeland
Vermeer in Kultuurleven, oktober 1958 Jan
Walravens in Radio-Omroep, Hilversum 22 februari 1959 te 14 uur. Paul
De Vree in De Tafelronde, jrg.6/2 - januari 1960, pp.94-95 GEDICHT
EN GRAFIEK (1959) Paul
Snoek in Vooruit, 30 juli 1959 Lowie
Weynants in Radio Hasselt, 6 september 1959 te 22u1 0 TESTVLIEGEN
(1961) Willem
M.Roggeman in Het laatste Nieuws, 11 januari 1962 Freddy
De Vree in Nul, jrg.2/5 - 1962, p.15 Paul
De Vree in Close-up 2, 1961, pp.32-34. Ook opgenomen in de bundel Onder
experimenteel vuur, uitg. De Galge, Brugge, 1968, pp.173-175 VVREDE
GEDICHTEN (1965) Willy
Vaerewyck in Volksgazet, 24 februari 1966 Clem
Schouwenaars in De Nieuwe Gazet, 30 maart 1966 Willy
Spillebeen in De Nieuwe, 19 april1966 Anoniem
in De Nieuwe Dag, 19 mei 1966 Jan
Veulemans in Gazet van Antwerpen, 18 oktober 1966 Pol
Le Roy in De Periscoop jrg .16/12 - oktober 1966 Herman
van Fraechem in bijvoegsel van De Bladen van de Poëzie, jrg.13/9 -1966 Paul
De Vree in Onder experimenteel vuur, uitg. De Galge, Brugge, 1968 pp.288 ALS
EEN MES IN EEN HUIS VOL GEKKEN (1984) Herwig
Leus in Boekbijlage van Knack, 31 oktober 1984 Anoniem
in De Rode Vaan, 13 december 1984 Mark
Vandenbogaerde in Ons Erfdeel, september-oktober 1985, p.587 Nic
Van Bruggen in Vlaanderen morgen, december 1984 . Hugo
Neefs in Tempus Fugit, jrg. 1/3- februari 1986 IK
RUIK DE STERREN AL (1987) Jan
Veulemans in Gazet van Antwerpen, 9-10 april 1988 GEDICHTEN
1953-1998 Renaat
Ramon in Kruispunt, Brugge 1999 Stefan
van den Bossche in Vlaanderen, jrg.48/3, mei-juni 1999 p.161 Joris
Gerits in Ons Erfdeel, jrg.43/2 - 2000, pp.271-273 Interviews
en monografieën
José
De Ceulaer:"Te gast bij Adriaan De Roover"
(I) in De Standaard 20 juli 1961, (II) in De Standaard 27 juli 1961 Beide
interviews werden herdrukt in "Te gast bij Vlaamse auteurs", uitg. De
Garve, Antwerpen 1961 Adriaan
Peel: "Adriaan Peel belicht Adriaan De Roover", uitg. Nationaal
Centrum voor moderne Kunst, 1961 Jan
Schoolmeesters: "Adriaan De Roover", uitg. Kritisch Literatuur
Lexicon", 1989 Erik
Verstraete : "Adriaan De Roover maakt gedichten tastbaar" in Gazet van
Antwerpen, 17 november 1995 Rita
Geys en Marc Cels: "Adriaan De Roover" in De Standaard der Letteren, 22
februari 1996. Herdrukt in "Boekenmensen", uitg. AMVC, Antwerpen 1996.
UGO VERBEKEBiografie Was beroepshalve ambtenaar bij de stad Antwerpen, tewerkgesteld als redacteur bij de toenmalige dienst voor informatie. Is reeds sedert jaren actief als dichter en auteur en co-auteur van veertien dichtbundels en een nieuwe poëziebundel die in voorbereiding is. Gedurende acht jaar presenteerde hij ‘Poëzie bij de pousse-café’, een maandelijks poëzieprogramma op de radio, waar hij een interview afnam van honderd dichters en dichteressen. Hij interviewde verder ontelbare personen uit de kunst- en culturele wereld en neemt nog vraaggesprekken af voor verschillende periodieken. Benevens zijn activiteiten als dichter, schreef hij toneelspelen, eenakters en straattoneel, jeugd- en korte verhalen. Hij verzorgt lezingen over en uit eigen werk, aan te vragen via het Vlaams Fonds voor de Letteren, is nog medewerker aan literaire en andere tijdschriften en lid van verscheidene kunst- en culturele verenigingen. Bij het Kunstplatform Kappa was hij de initiatiefnemer van de werkgroep Punt Komma die regelmatig auteurs uitnodigt voor een confrontatie met het publiek. Hij is lid van o.a. de Vereniging van Kempische Schrijvers, het Kunstplatform Kappa in Kapellen, bestuurslid van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen en voorzitter van Kunstenaars voor de Jeugd. Jarenlang was hij de bezielende algemeen secretaris van ’t Kofschip en van Zuid en Noord. Bibliografie PoëziebundelsAlpha (1983) Een droom van tederheid (1985) Moeder (1986) De wolken nabij (1986) Poëtische expressies – Kiels vierluik (1987) Het opalen hoogland (1988) Vader (1988) Een boom van stilte draagt vruchten van vrede (1990) Poppen en Poëzie - Kunstmap(1990) Stilte na moeder (1991) Map met vier kunstenaars (stad Antwerpen 1992) Adem van geliefden (1994) Wandelen onder een baldakijn van bloesems – haiku’s (1996) Dwalend langs onbekende wegen (1997) Balsem (2003) ToneelwerkenEenakters: Drie op Kerstavond (1979) Droom van Simon (1979) Het geschenk (1980) Verdwaald op kerstnacht (1986) Straattoneel: Simon Turchi (Feest Vlaamse Gemeenschap stad Antwerpen 1983) Siska van Rosemael (Feest Vlaamse Gemeenschap stad Antwerpen 1983) Peter Benoit (Feest Vlaamse Gemeenschap stad Antwerpen 1984) Timmermans (Feest Vlaamse Gemeenschap stad Antwerpen 1986) Volavondstukken: Obsessie (1983) Gaz Plansjee in de Dikke Mee (1985) Dilemma (1990)
ALEIDIS DIERICK BIO-BIBLIOGRAFIE 27 juli 1932, geboorte van Aleidis Verbruggen in Borgerhout bij Antwerpen. Vader, Renaat Verbruggen, en moeder Ida de Bois, zijn regenten germaanse talen 1933, verhuizing naar St. Mariaburg (Brasschaat) bij Antwerpen. Vader bouwt eerste woning. 1941, eerste verblijf in Duitsland, in Cawl bij Stutgard 1942, verhuizing naar Mechelen 1943, verblijf van zes maanden in Unterjoch, Tirol, Duitsland. Sportschool. 1944, tijdens de zomermaanden (mei tot juli) verblijf in Wiekevorst, vanaf augustus opnieuw in Duitsland: 10 maanden 1945, verhuizing naar Antwerpen. Moeder mishandeld. 1946, verhuizing naar Kijkuit (Kalmthout). Aleidis Verbruggen volgt de lagere cyclus aan het Sint-Maria-Instituut in Antwerpen. Vader ter dood veroordeeld. 1948, als gevolg van de repressie trekt het gezin Verbruggen naar Dublin (Ierland), en vestigt zich in Kilcoole, Co Wicklow 1948-1953, Aleidis Verbruggen werkt in een bloemen- en tomatenkwekerij (veldarbeid) ten zuiden van Dublin, Kilcoole. Vader bouwt tweede woning 1953, huwelijk met Raoul Dierick. Aleidis verliest naar Angelsaksische gewoonte haar meisjesnaam 1953-1959, het gezin woont zes jaar in Red-Cross, Co Wicklow, op Cronacip-Estate Farming 1959, de familie Dierick keert terug naar België en vestigt zich te Aalst. Na haar dertigste begint Aleidis te studeren. 1975, prijs van de gemeente Deurle voor het gedicht 'Vrouwzijn', verschenen in Dietsche Warande & Belfort. 1977, publicatie 'Een zomer voorzien' (Nijmegen/Brugge, Gottmer/Orion, De Bladen voor de Poëzie) 1978, publicatie 'Gedichten voor een man' (Brugge, Orion) 1981, publicatie 'Blauwdruk voor een vriendschap' (Nijmegen/Brugge, Gottmer/Orion, De Bladen voor de Poëzie). Eerste Albert de Longieprijs van het tijdschrift Vlaanderen voor het gedicht 'Umbrië 1982, publicatie 'Tortels in het trappenhuis' (Brugge, Orbis en Orion). Bekroond met de prijs van De Bladen voor de Poëzie en in 1983 met de Premie voor poëzie van de provincie Antwerpen 1983, publicatie 'Gemini, het jongetje in juni (Antwerpen, Stichting Mercator Plantijn) 1984, publicatie 'Een engel komt blootsvoets (Antwerpen, Stichting Mercator Plantijn) 1988, vestigt zich met haar man in Larochemillay, Nièvre in Frankrijk, Bourgondië 1989, publicatie 'Het land van de vijand' (Gent, Poëziecentrum) 1991, publicatie, 'Veertien tinten blauw' (Tielt, Lannoo) 1995 tot 2002, jaarlijkse bijdrage aan Meulenhoff's Dagkalender (Hans Warren) 1996, bespreking van poëzie van Anton van Wilderode 'Het oudste Geluk', verschenen in het Nederlandse literaire tijdschrift Schoon Schip en in Vlaanderen. Essay over het werk van dichteres Jo Gisekin voor Schrijfsters over Schrijfsters 'Als in een wilde tuin'. Meulenhoff-Manteau. 1997-2000: Opname van gedichten in de keuze Gedichten van het Davidsfonds (W. Spillebeen en H. van Herreweghen). Opname van gedichten in diverse bloemlezingen, o.m. in Volmaakte aanwezigheid/Volmaakt gemis (samenstelling L. Stassaert/H. Rouweler). Publicatie van de cyclus 'Dieren' in de Poëziekrant, publicaties in De Houten Gong. 2000, verhuis naar Aalst 2001, essay 'Religie en poëzie' in tijdschrift voor Lectuurbevordering en Bibliotheken, Frarynlaan 75, Antwerpen. Uitvoering van liederen (teksten) in de Sint-Martinuskerk Aalst. Publicatie 'Het vrijgeleide' (De Distel, Brussel) 2005, De schuldeloze man (eerste nummer De Oostakkerse Cahiers, uitgeverij bf Ampersand & Tilde) 2005, Al die zalige zomers (uitgeverij P, Parnassusreeks) Aleidis Dierick publiceerde ook gedichten en kritische bijdragen in DW&B, Deus ex Machina, Poëziekrant, Vlaanderen, Yang, en andere. BEKNOPTE SECUNDAIRE BIBLIOGRAFIE Julien Vangansbeke, 'Dichterbijdichter', Yang, 1977, nr. 78, p 144-145 Hugo Brems, 'Poëzie van april tot augustus', DW&B, 1978/3, p 232-233 Marc Reynebeau, 'Het stille verdriet van fatsoenlijke burgers', Poëziekrant, 1978/2, p 4 Willy Spillebeen, 'Een zomer voorzien. Aleidis Dierick, een ontdekking', Ons Erfdeel, 1978/3, p 426-427 Hein de Belder, 'Haar eigen kamer', De Standaard, 20-11-1978 Jozef Deleu, 'Gedichten voor een man', De Bond, 12-1-1979 Paul Vanderschaeghe, 'Als een eresaluut', Brugsch Handelsblad, 2-2-1979 André Demedts, 'Poëzie van Aleidis Dierick', Ons Erfdeel, 1979/5, p 740-741 Aleidis Dierick, 'Brussel. Museum voor Schone Kunsten', Vlaanderen, 1981, nr 185, p 312-313 Rudolf van de Perre, 'In het spoor van de vos', DW&B, 1982/1, p 47-51 Jet Falter, 'Blauwdruk voor een vriendschap', Yang, 1982, nr 104, p 53-54 G(aby) L(eijnse), 'Blauwdruk voor een vriendschap', Deus ex Machina, 1982, nr 21, p 7-9 José De Poortere, 'Gesprek met Aleidis Dierick', Poëziekrant, 1982/4, p 1-3 Willy Spillebeen, 'Aleidis Dierick heeft te veel haast', Kreatief, 1982/2-3, p 135-137 Gaby Leijnse, 'Tortels in het trappenhuis', Poëziekrant, 1983/6, p 3 José De Poortere, 'Poëzie is geen krant!', Poëziekrant, 1984/2, p 5 Rudolf van de Perre, 'Een hooglied van liefde', Handen, 1984/2, p 13-16 Jan Veulemans, 'Vrouw en gedicht', Gazet van Antwerpen, 1-8-1985 Rudolf van de Perre, 'De poëzie van Aleidis Dierick', Pi, 1985/2, p 34-48 José De Poortere, 'Als ik u niet bemin leef ik in zonde', Poëziekrant, 1985/6, p 10 Gaby Leijnse, '"De vrouw die Jahweh weerstaat". Over Een engel komt blootsvoets van Aleidis Dierick', Handen, 1987/3, p 55-60 José De Poortere, 'Aleidis Dierick, Het land van de vijand', Poëziekrant, 1990/2, p 18-19 Rudolf van de Perre, 'Vlaamse Poëzie', Boekengids, 1990/3, p 261-262 Herman de Coninck, 'Het gedicht als zelfrijzend deeg', De Morgen, 17-1-1992 Rudolf van de Perre, 'Vlaamse Poëzie', Boekengids, 1992, jg 70/3, p 199-200 Jooris van Hulle, 'Aleidis Dierick, het pad van kind tot vrouw', Poëziekrant, 1992/3, p 19-20 Rudolf van de Perre, 'Aleidis Dierick. Een inleiding tot haar poëzie. Oostvlaamse Literaire Monografieën, 1992 Els van de Perre. 'Dierick, de dichteres van de hunker'. In 'Veel te veel geluk verwacht'. Meulenhoff, 1996, p 161-177
°1938 Schrijft poëzie, proza en essay Plastisch kunstenaar, illustrator Publicaties:
Publiceerde gedichten, essay, aforismen en verhalen in diverse literaire tijdschriften: o.a. Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, Deus ex Machina, De Brakke Hond, Eigen-Zinnig, Raster , Sources … Medestichter met Erik van Malder van het literair tijdschrift Gierik (Gie + Erik) in 1983. Behaalde in 1984 de eerste “Schaapprijs” Stelde als plastisch kunstenaar meer dan 100 maal ten toon in binnen- en buitenland. Behaalde ettelijke onderscheidingen (Prix Jeune Peinture belge, Prijs voor schilderkunst stad Oostende, Europaprijs stad Knokke …) Redactiescretaris van het literair tijdschrift Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift. In voorbereiding:
(ps.
voor willem houbrechts) 1990
: chinoiserieën (gedichten met een kalligrafie van weng chien) (eigen beheer) 2003: afscheid (gedichten, eigen beheer, omslag frank maieu)
2005: Père Lachaise-Schoonselhof-Een confrontatie (met foto's van Michel Wuyts,
uitgeverij Pandora)
François
Vermeulen werd geboren op 21 juli 1952. Dit is de Nationale Feestdag en dat doet
hem elk jaar plezier, dubbel feest dus. Zijn studies in
het Koninklijk Atheneum van Hoboken, richting economische, werden zonder
kleerscheuren doorlopen. Waarschijnlijk zal hij niet herinnerd worden omwille
van zijn leerprestaties, evenmin liep hij met andere gaven, positief noch
negatief, in de kijker. Het diploma van gegradueerde in de boekhouding en de
informatica werd in de ‘Van Aerdtstraat’ te Antwerpen gerealiseerd. Zelf
roemt hij zijn doorzettingsvermogen omdat hij gedurende twee jaar elke dag met
tram 12 veertig minuten onderweg was naar studies die het bloed niet sneller
door zijn aderen liet vloeien. Na het afstuderen
kan hij 1 januari 1973 aan de slag bij het Antwerpse kabelcommunicatiebedrijf
Integan waar hij sinds 1986 werkzaam is bij personeelszaken. In 1987 richt hij
het zesmaandelijkse tijdschrift De Ganzeveer op. In tien jaar verschijnen 20
gelijmde nummers. Naast een vaste kern van auteurs zoals o.a. Ugo Verbeke, Marc
Bungeneers en Hans Kilian publiceren ook Harold Polis, Ina Vandewijer, en Miguel
Declercq. Eind 1996 start
Vermeulen met het tijdschrift Eigen-Zinnig. Bij aanvang nog een miniformaat
meeneembundeltje groeit het uit tot een volwaardig driemaandelijks tijdschrift
met als speciale edities ‘Woordpoort naar 2000’ en ‘Diptiek’. Met dit
tijdschrift stopt hij eveneens na 20 nummers. Het laatste nummer bestaat
uitsluitend uit een omslagkaft met binnenin een dankwoord aan de ongeveer 100
personen die in die vijf jaar een bijdrage leverden. Vanaf maart 2001
start Vermeulen met het e-zine STROOM, dat ondertussen 600 abonnees heeft. Omwille van de
liefde voor het papier verspreidde hij in 2001-2003 een dichtgevouwen A3 onder
de naam ‘De Verkenning’. De subtitel ‘Absurdistisch Non-Literair Taalschoeisel
Met Uitzonderingen’ gaf hem de ruimte om zowel ernst als
humor, ironie, frustraties en ergernis te ventileren. Zijn alter-ego Mentor
zorgde voor een compacte osmose van dit alles waarbij het niet altijd duidelijk
was waar de speldenprik zat, de ernst gemeend was en waar het pseudo-filosofische
begon. De Verkenning werd exclusief als bijlage in Schoon Schip Nederland
verspreid.
Sinds januari 2000 is hij redactielid bij het literaire tijdschrift Schoon Schip Nederland. Redactielid bij het literaire tijdschrift Digther (Westhoek) 2003-2006. In 2000 richtte hij samen met Bert Bevers Ampersand & Tilde op, een bescheiden uitgeverij. In april 2005 werd het eerste nummer van de poëziereeks De Oostakkerse Cahiers uitgegeven. Eind 2009 werd in goede verstandhouding overeengekomen dat Bert Bevers alleen doorgaat met A&T. De rode draad in
zijn artistieke domein is het samenstellen van tijdschriften en dichtbundels
waarbij Vermeulen het intikken van de teksten, kopiëren, snijden, kleven en
pinnen als een aangenaam onderdeel van zijn projecten ervaart. Midden jaren
zeventig is hij voorzitter van de sportclub VRIKAH die in haar succesvolste
periode de volgende sporten in competitief verband speelt; voetbal, volleybal,
badminton en tafeltennis. Op dat ogenblik zijn er meer dan 60 spelende leden.
Het clubblad wordt door hem gerealiseerd. Begin jaren
tachtig is Vermeulen medewerker bij de vrije radiozender Minerva. Een tweetal
jaren is hij presentator (dj) maar wordt dan, samen met zijn schoonbroer Walter
De Bie, de gangmakers van het Minerva-ledenblad. Op een occasie Gestetner wordt
in de kelder tussen sigarettenrook en de nodige pintjes het ledenblad
gestencild. Midden jaren
negentig is hij medewerker bij Den Hopsack, literair café, waar hij de coördinatie
van het driemaandelijkse tijdschrift verzorgt. Bij zijn
werkgever wordt hij bij verschillende initiatieven de samensteller/coördinator
van de bedrijfskrant. In 2002 stelt hij in opdracht van Integan de dichtbundel
‘een ongelijk verlangen’ samen met daarin 33 gedichten van evenveel
Antwerpse dichters. Naast het
schrijven van proza en poëzie is er bij Vermeulen ook de gedrevenheid om zich
plastisch uit te drukken. Hij doet dit met olieverfschilderijen, collages,
foto’s, computercomposities. Zijn werken werden meermaals tentoongesteld. Bijzonder in het
oog springen de talrijke omslagontwerpen/illustraties die hij maakte voor De
Ganzeveer, Kabel, Den Hopsack, Eigen-Zinnig en diverse dichtbundels. De poëtica van Vermeulen: helaas, met beide voeten op de grond Poëzie is een luxeartikel dat de wereld niet zal veranderen noch verbeteren. En de dichters die in de gevangenis belandden? De aanleiding was niet hun dichterschap maar hun politieke ideeën. Hadden zij die met een megafoon of pamflet verspreid, het resultaat was hetzelfde geweest. Door middel van eliminatie hoop ik tot de essentie te komen. Wie ben ik niet en waarover schrijf ik niet. Het tropenwoud, het boterbloempje, de Bengaalse tijger of de miereneter, de natuur blijft me verbazen, ontroeren en is van een onbeschrijfelijke schoonheid waar ik geen woorden voor vind. Jammer dat er niet meer dichters dezelfde mening op na houden. Gedichten geïnspireerd op een schilderij, foto of beeldhouwwerk leveren misschien een 'mooi' vers op. Als je het kunstwerk niet kent krijg je het vervelend neveneffect dat je het gedicht niet op zijn waarheidsgehalte kan taxeren. De ervaring leert dat een zelfde gedicht bij meerdere kunstwerken complementair is. Te mijden zijn getormenteerde dichters, daar kan je nog eens mee lachen, van een wredere soort zijn de gefrustreerde exemplaren, die al dan niet terecht miskend zijn en op een receptie aan je blijven kleven zoals een kauwgom aan je voetzool. Je kent ze ook wel, die met een glas in de hand na 10 seconden over zichzelf beginnen; 'eindelijk heb ik in mijn verlof, op mijn balkonnetje aan de Italiaanse Rivièra rustig aan mijn oeuvre kunnen werken'. Tijdens een vakantie vul ik mijn dagen met andere activiteiten. Je eigen werk omschrijven met het beladen woord 'oeuvre' getuigt van een ego met overgewicht. Werken doe ik van 9 tot 5 om geld te verdienen. Er zijn geen hedendaagse stromingen of klikjes eensgezinden die zich als één stem laten horen. Ik onderscheid toegankelijke en hermetische poëzie, podiumdichters en non-performers. Hoedanook. Een gedicht mag niet enkel mooi of sfeervol zijn, er moet een verhaal verteld worden. 'de jeugd heeft de toekomst' van André Degen uit Krakatau 24 is zo'n geslaagd gedicht. Geen moeilijke woorden of beeldspraak, de verraderlijke eenvoud kan je met één lezing tevreden stellen. Maar dan ben je fout bezig. Daar zit op en tussen de regels een gebalde verhalenbundel in over lijdzaamheid, eenzaamheid, vergankelijkheid, communicatiestoornissen, het overbrugt generaties. Een recensent maak je daar niet blij mee, die zet liever zijn tanden in een hermetisch, uit gewapend beton omsloten gedicht. Door uit de bijeengeharkte woorden van de dichter een verhaal te verzinnen en dat te bezingen in fraaie en dure woorden verantwoordt hij zijn bestaan. Ik probeer in mijn gedichten een verhaal te brengen. Als product van de babyboomgeneratie maakte mei '68, Woodstock, give peace a chance, make love not war een blijvende indruk. De generatie van de wereldverbeteraars. Fier over het resultaat hoeven we niet te zijn, er is nog nooit zoveel rotzooi geweest als nu. Als salonrevolutionair heb ik toch regelmatig de drang om wat sociaal engagement in mijn teksten te verwerken en het existentiële is ook nooit veraf. Ik voel geen behoefte om het 'onzegbare trachten te benoemen' en nadenken 'over de werkelijkheid en de ervaring van de werkelijkheid' bezorgt me hoofdpijn. De werkelijkheid is irreëel: je staat aan de rand van een bos, de zon schijnt maar er zijn wat wolken. Je kijkt naar het prachtige groen van de bomen. Telkens de lichtinval wijzigt krijgt het groen van de bladeren een andere tint. Taal is communiceren. En in een gedicht klinkt dat anders dan in een prozatekst. Zonder concessies te doen, zonder een bepaald publiek voor ogen te hebben, tracht ik toch voldoende helderheid in de poëtische zeggingskracht te behouden. Te voor de hand liggend mag ook niet, anders heb je een waardeloos gedicht. Laat verbeeldingskracht en metaforen hun werk doen. Een goed gedicht verwart, blijft nazinderen. Nochtans heeft de lezer recht op een aanknopingspunt of een laagje herkenbaarheid die hem moet prikkelen om het gedicht op te nemen en door het gedicht te worden opgenomen. Mooi is als hij de volgende stap naar de vraagstelling zet, nadenkt over de tekst. Mijn gedichten hoeven niet altijd een pointe te hebben, niettemin probeer ik het einde zodanig te formuleren dat er ruimte blijft voor de lezer om zelf in te vullen. De lezer als bondgenoot. Veel zelfonderzoek heb ik niet gedaan. Waarom ik schrijf? Niet omdat het moet want dat veronderstelt dwangmatigheid en daar lijd ik gelukkig niet aan. Het is de combinatie van drang met inspiratie. Ik ga niet voor een leeg blad zitten met de gedachte 'hier komt zo meteen een gedicht tot stand'. Veeleer moet ik het hebben van een 'spontane opwelling' en dan is het snel zoeken naar pen en papier. Mijn gedicht is het neerschrijven van een momentopname in een bepaalde gemoedstoestand. Een uniek gebeuren? In ieder geval verander ik achteraf weinig aan de tekst en de structuur. Hoe meer tijd verstrijkt hoe meer ik van het gedicht vervreemd. Ik kan die ervaring niet herbeleven. Er blijft enkel de herinnering aan dat ontstaansmoment en die is te subjectief gekleurd. Het is een houdbare doch lastige situatie want een gedicht is nooit af, perfectie bestaat niet. De dichter droomt van het ultieme gedicht zoals de surfer wacht op 'the ultimate wave'. Een mooie leugen, een bewust zelfbedrog, want het kan - gelukkig - altijd beter. Aan positionering doe ik niet mee en schrijven om status te verwerven mag geen doel op zich zijn. Mijn profileringdrang ligt op een normaal niveau. Ik wil gelezen worden maar ga geen aandacht afdwingen door keet te schoppen. Een herkenbare stijl of doorgetrokken thema's heb ik niet en dat heeft zijn voor- en nadelen. De voordelen gelden voornamelijk voor mezelf (vermoed ik). Er zijn geen regels, ik kan experimenteren. Ik ga op pad en de toevalligheden onderweg, of het ontbreken ervan, bepalen in welk hokje het nieuwe gedicht zal terechtkomen; authentiek, anekdotisch, hermetisch…. Veel van mijn gedichten hebben autobiografische elementen, wat me normaal lijkt. Ik sta met beide voeten en al mijn zintuigen in deze wereld. De herkenbaarheid van het autobiografische hangt af van de manier waarop ik die elementen serveer. Ik ben snel geëmotioneerd en dat is niet het juiste gevoel om me te laten leiden bij het schrijven van gedichten. Dus tracht ik afstand te scheppen door te relativeren. Cynisme is me evenmin vreemd maar dat maakt mijn gedichten soms koud en hard. Zelfbescherming? Het nadeel is dat ik niet voor een gat te vangen ben, maar dat is niet mijn probleem. Poëticaal, verscheen in Krakatau, nummer 26, april 2004
FERRE
DENIS Naam: Denis Poëzie tekeningen Victor Denis, ISBN 90-75714-17-3
Bloemlezingen samengesteld met Ludo Haesaerts Prijzen:
Geboren te Brugge 23 mei 1935, getogen te Brussel en wonend te Antwerpen: Raapstraat 33, bus 02, B-2000 Tel. 03 / 231.54.92 Naast auteur van literaire werken ook bedrijving als taalkundige op het gebied van de Nederlandse variatielinguïstiek aan de Universiteit Antwerpen en als zelfstandig taalconsulent
e-mail: herman.claeys@ua.ac.be Romans: "Het Geluid" (Manteau 1968), "Steen" (Manteau 1969), "Bevrijding" (1995). Verhalen en novellen: "De Hoornblazer" (e.b. 1968), "Het feest" (e.b.), "De Kruisweg, een stichtelijke vertelling" (e.b), "Overleven" (Pen Centrum 1976), "Belladonna, een midwinternachtmerrie" "Menswording" (Fantastische Vertellingen, A'dam 1988), (Free Press, Brussel 1994), "Karuna's lied" (e.b. 1993), "Huize Veronika" (e.b. 1998), "Lekker Nieuwjaar" (e.b. 2001) e.a. Literatuurbeschouwing: "Wat is Links?" (30 interviews met schrijvers, Sonneville1966) Woord/beeld
assemblages, monumentale en murale poëzie:
o.m. "Bron" (Sint-Baafsabdij Gent), "Metropolis" (Metro Antwerpen, 1989)), "Black Box" (Zuiderpershuis Antwerpen, 1991), "Het tij keren" (Waterkeringsmuur Antwerpen 1992), "Zeefgedichten" (assemblage 1988), "Asnetha" (plaquette gevel bibliotheek Assenede, 2001). Poëzie:
"Als zoveel schelpdieren" (Die Poorte 1960),
"Gewapendertaal" (e.b. 1968), - "Stadsgezicht" (Free Press
1970), "Sire, sprak de nar" (Pipeline Poetry 1992), "Het tij
keren" (Pipeline Poetry1993), "Straatgedichten" (e.b. 1995), "Bewogen &
bevlogen" (Pipeline Poetry 1996), "Spiegelingen" (e.b. 1997),
"Hommages" (e.b. 1998), "Biotropen" (e.b. 2000).
Voorts ook songteksten (voor zanger Johan Verminnen, cabaretgroep De Vieze
Gasten, voor Bluesmuzikant Jos Steen e.a.) en ballades. BIJDRAGEN IN VERZAMELBUNDELS: Modern Prose from Flanders, Flemish P.E.N.-Centre, Brussels
1976. (in Engelse vertaling). Hulde aan Paul van Ostaijen, bundel literaire teksten, speciale uitgave van de Mededelingen van
Vereniging van Vlaamse Letterkundigen, december 1996. Millenium,.
literaire verzamelbundel, speciale uitgave van de Mededelingen van Vereniging
van Vlaamse Letterkundigen, december 1999 Andere Tijden,
literaire verzamelbundel, speciale uitgave van de Mededelingen van Vereniging
van Vlaamse Letterkundigen, januari 2001. Bomspotting,
schrijvers en dichters voor vrede, verzamelwerk, Antwerpen 2000, Forum voor
Vredesactie, Uitgeverij EPO vzw. - ISBN 90 6445 172 9. Met niet minder dan zoveel woorden,
literaire verzamelbundel, samenstelling Guy van Hoof, Antwerpen 1999, Uitgave
Modus Vivendi. - D/1999/8729/1 Van alle stijlen thuis, literaire verzamelbundel, samenstelling Tony Rombouts, Antwerpen 1997,
Uitgeverij Facet. - D/1997/4587/24. Stroom!,
literaire verzamelbundel, Brussel 1996, Uitgave Natuurreservaten vzw. -
D/1996/3106/1 Antwerpen, Het Aards Paradijs,
literaire verzamelbundel, Antwerpen 2000, Uitgave Vereniging van Vlaamse
letterkundigen. - D/2000/7881/1. Misdaad schrijven in Kleine Brogel,
literaire verzamelbundel, Brussel 1999, Forum voor Vredesactie vzw. Ya basta!, globalisering van onderop,
andersglobalistische essays en gedichten. Academia Press Gent 2002 War on War, gedichten geen bommen,
internationale bundel protestpoëzie tegen de oorlog in Irak, Uitgave De Pieren
Tijger, Breda 2003.
BIJDRAGEN IN LITERAIRE TIJDSCHRIFTEN:
Wel,
tijdschrift van de Universitaire Werkgroep Literatuur, Leuven. Fantastische Vertellingen, driemaandelijks tijdschrift van de Stichting Fantastische Vertellingen,
Amsterdam. Brutaal,
driemaandelijks tijdschrift voor literatuur en beeldende kunst, uitgave
Brussel Literair. Den Hopsack,
driemaandelijks literair tijdschrift, Modus Vivendi vzw, Antwerpen. Eigen-Zinnig,
literair kwartaalblad, uitgave François Vermeulen, Antwerpen. VERSPREIDE LITERAIRE BIJDRAGEN
na 1996 in (onder meer) volgende bladen: Aktief,
tweemaandelijks tijdschrift van het Masereelfonds, Brussel. Magazine van het Forum voor Vredesactie,
maandblad, Brussel. Groendruk,
tijdschrift van Agalev, Sint-Laureins. Beweeg!,
2-maandelijks tijdschrift van de Beweging voor Sociale Vernieuwing, Antw.. Weirdo’s,
literair kwartaalschrift, Artforum vzw, Leuven. De Nar,
libertair maandblad, Brussel. Sporadisch
gedichten ronds actuele thema's in weekbladen. ELEKTRONISCHE PUBLIKATIES -
"E-gedichten" (e-poems): gedicht
van de maand op een actueel thema, per e-mail verspreid. -
Gedichten op volgende websites:
http://www.epibreren.com
http://users.pandora.be/francois.vermeulen1
http://www.indymedia.be
http://web.wanadoo.be/vmenplus
http://users.pandora.be/mededelingen Thema's in de poëzie: oorlog & bewapening, racisme & onverdraagzaamheid, machtsmisbruik & uitbuiting, armoede & uitsluiting, verstedelijking & milieu. Daarnaast ook gedichten over kunstwerken, over stads-, zee- en landschappen, over (de onmacht van) de dichter en over het dichten als dusdanig, en over universele onderwerpen zoals hunker, gemis en vergankelijkheid. Herman J. Claeys is in eerste instantie een podium- en actiedichter, die zijn gedichten creëert voor een luisterpubliek, en ze pas na veelvuldige voordracht in boekvorm wil bundelen. Copyright: voor niet-commerciële doeleinden kunnen zijn gedichten door iedereen vrij worden gebruikt in de vorm van voordracht, e-mail of afdruk in tijdschriften en andere drukwerken, mits de naam, het adres en het e-mailadres van de auteur worden vermeld. è Lezingen en voordrachten van Herman J. Claeys kunnen worden gesubsidieerd door het Vlaams Fonds voor de Letteren via het stelsel van de "Schrijverslijst". De organiserende vereniging kan de lijst, het reglement en/of de formulieren aanvragen bij de dienst "Lezingen" van het Vlaams Fonds voor de Letteren, (Generaal Capiaumontstr. 11, bus 5, te 2600 Berchem). E-mail: sonia.berckmans@fondsvoordeletteren.be Of de documenten binnenhalen van de webstek: www.fondsvoordeletteren.be Boekingen
in Nederland ook via de Stichting Schrijver School Samenleving: www.sss.nl (info@sss.nl)
WILBERT LAMBRECHTS (Mortsel, 23 december 1953) Wilbert Lambrechts is dichter, schrijver van notitieboeken en essayist. Hij bracht zijn jeugd door in Deurne-Zuid (Silsburg) en Wommelgem, studeerde germ. fil. te Antwerpen, leefde enige maanden in het Sankt Mathiasklooster te Trier, daarna als brievenschrijvende kluizenaar-in-de-stad op het Bontwerkersplein (Wolstraat Antwerpen), schreef aldaar een verhandeling over Goethes natuurwetenschappelijke methode. Gedurende bijna 30 jaar werkzaam als literatuur- en poëticadocent, toneelregisseur, leraar Duits aan de Hiberniaschool (nu: Volksstraat, Steinerschool). Verbleef in 1989-90 in Stuttgart en studeerde aldaar aan de Frei Hochschule für Waldorfpädagogik (antroposofische menskunde, spraakvorming). Sindsdien in toenemende mate terugkeer naar jeugdliefde: de poëzie en het schrijven. Trok zich in 1997 een jaar in een dorpje aan het Italiaanse Comomeer terug om zich volledig op schrijven en wandelen toe te leggen (en op de interactie van die twee). Sindsdien uitgebreide wandeltochten in Ierland, Frankrijk, België, Italië. Zo ontstonden (ongepubliceerde) notitieboeken en uitvoerige essays (twee boekjes over Levenskunst, 1999, Rudolf Steineracademie), maar vooral het nog onuitgegeven Wie jij ook moge zijn, Monologen uit Pianello (2002), de dichtbundels De Vogels van Orpheus (uitgegeven door Het Zand, Antwerpen 2002) en De Spreuk van Pianello (privé-uitgave op 50 exemplaren op de handpers gedrukt door Jos Brabants en ambachtelijk gebonden door wijlen Bart Castelein, Antwerpen 2003). Sinds augustus 2006 publiceert Wilbert Lambrechts regelmatig op http://pianello.blogspot.com/ en bereidt hij een nieuwe dichtbundel voor Distichon, of de sporen van dag en nacht. Daarnaast vertaalde hij voor toneel Het Cirkussprookje van Michäel Ende en Het Vlees van Venetië naar Shakespeares Merchant of Venice. Was tussen 1995 en 2002 lid van de ter ziele gegane Vereniging voor Politieke Kunst Nicolaas, schreef regelmatig bijdragen voor het blad Klaas' van deze vereniging en was medeoprichter van Wit voor Directe Democratie. De Vogels van Orpheus is verkrijgbaar bij Het Zand vzw, Graaf van Hoornestraat 51, 2000 Antwerpen. Er bevindt zich ook een exemplaar in de stadbibliotheek Permeke.
|