Cilinder Fonograaf

Toen in 1877 Edison zijn Fonograaf patenteerde kon hij niet vermoeden wat zijn uitvinding uiteindelijk teweeg zou brengen. De eerste “spreekmachine” zoals Edison zijn uitvinding ook wel eens werd genoemd, bestond uit een cilinder waarop een blaadje tin is aangebracht. De stem brengt een membraan aan het trillen waarop een beitel is aangebracht. Door de cilinder te laten draaien en tezelfdertijd horizontaal te laten verschuiven wordt er een spiraalvormige groef in het blaadje getrokken die de trillingen in het tin-blaadje graveert onder de vorm van putjes en bultjes. Door na de opname de naald terug in de groef te laten lopen brengen de putjes en bultjes het membraan terug aan het trillen en komt het originele geluid terug uit het membraan. De eerste spreekmachines werden "tinfoil's" genoemd omdat ze met een blaadje tinfolie werkten.


Na het patenteren vergeet Edison de fonograaf een beetje om zich te concentreren op het elektrisch licht. In oktober 1881 komen Chichester Bell en Charles Summer Tainter, financieel gesteund door Alexander Graham Bell met een verbeterde fonograaf die gebruik maakt van massieve wassen cilinders in de plaats van tinfolie, waardoor Edison achterliep op de ontwikkelingen. Hij krijgt na het ontwikkelen van zijn gloeilamp met succes, terug interesse in zijn oud idee. Met vallen en opstaan komt hij uiteindelijk in juni 1888 met zijn eerste commerciële fonograaf, meestal gekend onder de naam "Perfected Fonograph".

Hij is uitgevoerd met een elektrische motor die zijn energie krijgt uit een loodaccu cel. Het is pas later dat men in staat was om veermotoren te maken met stabiele snelheid.

De eerste cilinders waren van zachte bruine was gemaakt. Ze waren zo zacht dat de opnames slechts enkele keren konden worden afgespeeld. Na verloop van tijd kwamen ze bros en vielen ze uit elkaar.
Later werd er harde zwarte was gebruikt. Deze cilinders waren veel beter afspeelbaar en zijn ook nu nog zeer goed afspeelbaar. Ze zijn redelijk slijtvast. Ze worden opgenomen en afgespeeld op 160 omwentelingen per minuut. De speelduur van deze cilinders was ongeveer 2 minuten.

Vanaf 1906 wordt de speelduur van cilinders opgedreven naar ongeveer 4 minuten. Door de groeven dubbel zo dicht bij elkaar te plaatsen. Dit benodigde wel een speciale weergever met aangepaste diamant aftaster.

Edison GEM model A.

De GEM reeks is de kleinste van de Edison Fonografen. De eerste modellen kamen uit in 1899 om te concurreren met de andere merken die ook kleine fonografen op de markt brachten.

In totaal kwamen er 5 verschillende modellen van uit. Van Spartaanse 2 minuter tot een machine die enkel de 4 minuten cilinders speelt en een uitvoering met een bruine hoorn. De enige Edison ooit in die kleur uitgebracht.

De eerste GEM's waren geleverd zonder kast. Het was de bedoeling van Edison om een zo goedkoop mogelijk toestel te brengen. Verschillende constructeurs boden extra's aan voor de GEM's, van kastjes over hoorns tot snelheidswisselaars. Van model A zijn minstens 29 varianten bekend maar er zijn er waarschijnlijk meer. Een eigenaardigheid is dat het opwinden van dit toestel in tegen wijzerzin moet gebeuren. Handig om weten. Hieronder een afbeelding van de originele sleutel.

Eigenlijk kon men met dit toestel ook opnemen. Het enige wat men moest doen was een blanco cilinder opsteken en de weergever vervangen door een recorder. Ik heb helaas tot op heden nog geen recorder op de kop kunnen tikken. Maar wat niet is kan nog komen. Hieronder een close-up van de reproducer model B. Door de vele veranderingen en aanpassingen die in de productie werden aangebracht is een GEM redelijk nauwkeurig te dateren. Deze GEM dateert uit 1901.


 

 

 

Hiernaast de reproducer of weergever model B. De hoorn en het gesloten toestel. Neen dit is geen naaimachine.

Edison GEM model C.

Op de markt gebracht vanaf februari 1908 in de V.S. en begin 1909 in Engeland. Ook dit toestel is enkel geschikt voor 2 minuut cilinders en van een model C weergever voorzien. De hoorn heeft de vorm van een 8-zijdige veelhoek en krijgt een zwevende opstelling met een stang en een ketting.
Deze machine is bijna identiek aan de latere versie van het Model B. Model C kan men herkennen aan het ontbreken van de zwenkarm op de cilinderhouder.

De veer van de fonograaf wordt opgewonden met een zwengel in plaats van een sleutel. De zwengel moet in wijzerzin gedraaid worden deze keer. Geen enkele van de GEM's is ooit geproduceerd met een veerdoos zodat opwinden tijdens het spelen niet mogelijk was.

Een jaar later kwam het model D op de markt die er gelijkaardig uitziet maar die in staat was om zowel 2 als 4 minuten cilinders te spelen. Men moest er wel voor zorgen dat de gepaste weergever model H in de montuur werd geplaatst.

Iedere Edison machine is voorzien van een naamplaatje met daarop het serienummer en al de patenten of octrooien die het betreffende toestel beschermen. Eén van de vereisten om het toestel te mogen verkopen was

dat men het niet onder de prijs verkocht. Het onder de prijs verkopen van een toestel was strafbaar. De verkoper kon er zijn licentie door verliezen. Men zou dit vandaag eens moeten proberen.

Op de foto hiernaast, that's me ;)


Hiernaast het hart van de Edison fonograaf. De weergever met een diamantje. Het diamantje is op een armpje gemonteerd dat zwevend opgesteld staat. De trillingen van de groeven worden hiermee doorgegeven aan een membraan in de weergever.

In Engeland zijn er nog mensen die dergelijke diamantjes kunnen vervangen. De hiernaast afgebeelde weergever is van het model C.

Edison STANDARD Model A

De eerste STANDARD Edison kwam op de markt in maart 1898. Zoals bij de GEM is ook de standaard in diverse modellen uitgekomen en kleine variaties bij elk van hen. De STANDARD was de eerste stap naar compactheid. De voedingsschroef werd voor het eerst achter de cilinderhouder geplaatst in plaats van in dezelfde lijn. Zo kon men de breedte van het toestel halveren. Hoewel er geen exacte verkoopscijfers bekend zijn is de STANDARD de meest voorkomende en daardoor waarschijnlijk de meest verkochte fonograaf in Engeland. De eerste toestellen model A hadden een kastje met vierkante hoeken en valies sluitingen aan beide zijkanten.

Omstreeks 1900 werden er vier sluitingen aangebracht, twee vooraan en twee achteraan. Omstreeks 1901 was de STANDARD uitgerust met een rond deksel. De bovenplaat werd op een houten plaat gevezen die met scharnieren aan de onderbouw werd bevestigd. Dit laat de inspectie van de motor toe. Deze nieuwe stijl kast werd voorzien van een logo met EDISON STANDARD PHONOGRAPH aanduiding. Vanaf de herfst van 1901 werd deze kast ook afzonderlijk aangeboden voor $3.00, zodat de eigenaars de “look” van hun machine konden moderniseren.

Vanaf 1902 in de V.S. en 1903 in Engeland werd de STANDARD uitgerust met een model C weergever. Mijn toestel is daarmee uitgerust en dus zo te dateren. In 1903 verdween de zwenkarm en kwam er een drukknop systeem zoals bij mijn Ediphone dicteermachine.

Het is wel mogelijk dat men een type Edison tegenkomt met een andere uitrusting. Vaak kon men extra toebehoren afzonderlijk kopen. Het hoeft dus niet als “niet origineel” bestempeld te worden. Er is nog een model B geweest vanaf december 1905 waarbij de motor verend werd opgehangen.
Daardoor was de speler hoger en wordt daardoor ook wel eens de grote STANDARD genoemd. Model C was vergelijkbaar met model B maar de zwenkarm verviel. Het probleem van model C was dat de lagers gemaakt werden van het soort metaal dat expandeert en uiteenvalt. Twee maanden na de aankondiging kwam model D met 2 en 4 minuten combinatie op de markt.
Pathé

Van Franse komaf is deze fonograaf van de gebroeders Pathé. Het verhaal begint in 1894 toen Charles Pathé een Edison fonograaf kocht voor 1700 francs. Samen met zijn echtgenote gaf hij demonstraties op een kermis en verdient zo in één dag 200 francs. Vanaf nu bezoekt hij kermissen en foren. Al vlug verkoopt Charles Pathé toestellen aan collega foorkramers, bezorgt hen onderdelen en cilinders.

Nog iets later opent hij een winkel in Parijs. Al vlug worden er opnamezalen in onder gebracht en begint hij zelf cilinders op te nemen. Het was toen nog allemaal akoestisch en live opgenomen. Hij kon 6 cilinders in één keer opnemen. Om voldoende cilinders te produceren moest het orkest en de zanger of zangeres hetzelfde stuk 30 a 40 keer herhalen.

In tegenstelling tot de meeste Edison machines is deze Pathé cilinder fonograaf niet aanpasbaar voor opname. De reproducer is voorzien van een bolvormig saffiertje die op een membraan van mica is bevestigd.


Het meubeltje waarin hij zit is niet origineel. Het originele kastje was in te slechte staat en was van een soort triplex die met een groen geverfd textiel bekleed was.

De zaken gaan goed en de passie voor de Kinétoscope van Edison is er de aanzet toe dat Pathé ook in de cinema wereld furore maakt. Daarvoor kan je terecht in de cinema pagina's van deze site.

Pathé Model X

Deze fonograaf kwam op de markt omstreeks 1903. Ik ben er nog niet uit hoe de juiste naam van dit model is. Hij zit zo tussen de Chante Clair en het model Coq.

Hij is uitgerust met een aluminium hoorn van 30 cm waarop de weergever zit. Die weergever is vervaardigd uit bakeliet en de membraan van mica. De aftaster zelf is een bolvormige saffier.

Hij kan zowel de "Standaard" cilinders van 2 minuten als de zogenaamde "Inter" cilinders met een diameter van 9,5 cm. Daarvoor moet men een adapter over de cilinderhouder plaatsen. De Inter cilinders hebben een betere geluidskwaliteit en worden meestal voor klassieke muziek gebruikt.

De veermotor wordt opgewonden met een hendel. Hij kan precies worden ingesteld op 160 toeren per minuut met een instelschroef.


Het is niet mogelijk met deze machine eigen opnames te maken. Dat kan bij sommige uitvoeringen wel. Op de achterzijde kan je deze fraaie gravure aantreffen.

Op de houten kast is ook een loge aangebracht met de vermelding "JE CHANTE HAUT ET CLAIR" wat zoveel wil zeggen als " ik zing luid en klaar".

Om de fonograaf op te bergen moet men de hoorn verwijderen en de bovenste houten plank omdraaien. De mechaniek hangt dan ondersteboven in de koffer. Hieronder een afbeelding van de gesloten koffer.

xxxxxxxxxxxxx

Pathé Model 0.

Vanaf 1905 brengt Pathé een serie van 5 verschillende modellen uit waarvan dit het goedkoopste model is. Hij gaat voor 22,50 Franse Francs uit die tijd over de toonbank, terwijl voor het model 4 wel 175 Francs moet worden neergeteld. Men heeft dan wel een luxe kast en een veermotor die meerdere cilinders na elkaar kan spelen.

Het toestel zou normaal een aluminium hoorn van 28,5 cm moeten hebben maar die ontbreekt. Evenals de weergever en de hoornhouder.

Opwinden van de veermotor gebeurt met een sleutel. Weerom is er een prachtig logo gegraveerd maar in de zijplaat deze keer. Ook bij dit model kan men zowel Standaard als Inter cilinders beluisteren. Terug moet men daarvoor de speciale Inter-adapter gebruiken. Die staat hieronder afgebeeld.


Het geheel kan worden afgesloten met een houten deksel. Ook bij dit kofferdeksel is hetzelfde logo aangebracht als bij het vorige model. Beide komen dus zeker uit dezelfde reeks.

Carette Model Puck

Absoluut Basic is dit model. Deze phono is van Duitse afkomst en wordt in de literatuur vaak als "La Lyre" of "het Harpje" omschreven. De naam is afkomstig van het metalen frame waarop het toestelletje gebouwd is, in de vorm van een harpje. Er zijn meerdere uitvoeringen van geweest.

Het toestel is waarschijnlijk het goedkoopste ooit op de markt geweest. De weergever is van hetzelfde principe als bij de Pathé. Een Mica membraan met een bolvormig saffiertje erin. In tegenstelling tot alle voorgaande uitvoeringen, moet hier de weergever door de groef van de cilinder voortbewogen worden. Dit geeft extra slijtage en dus niet aan te raden om vaak te gebruiken op kostbare originele cilinders.

Cilinders & opnametechnieken

Nog een woordje over de cilinders zelf. In het begin moest men iedere cilinder één per één opnemen. Iets later plaatste men een stuk of 6 machines bij elkaar, zodat men 6 opnames per uitvoering kreeg. Het massaal produceren van cilinders nam veel tijd in beslag en vroeg van de artiesten enorm veel inspanning en concentratie. Een foutje en men mocht 6 cilinders in de vuilnisbak werpen.

Later werd er ook mechanische kopieën gemaakt met een weergever die mechanisch gekoppeld werd aan een snijder. Nog later werd er ook een elektrisch procédé toegepast. Van elk origineel kon men ongeveer 100 kopieën maken. Dan was het origineel versleten. Als origineel werd een grotere cilinder gebruikt, de zogenaamde "CONCERT" cilinder. Die was beter van kwaliteit.

Na verloop van tijd, in 1902, kwam het "Gold Moulded" procédé uit. Van de originele opname op een wassen cilinder werd met behulp van de galvanoplastische methode werd een vorm gemaakt in goud. De wassen originele opname werd uit de goudvorm gesmolten en nu hebben we een gietvorm. Het systeem was erop gebaseerd dat de samenstelling van de harde zwarte was waaruit de cilinders gemaakt werden, kromp bij het afkoelen. Daarom werd de moederopname op een iets grotere diameter cilinder en op een iets grotere snelheid opgenomen. Op die manier werd de krimp gecompenseerd.

Vanaf nu kunnen cilinders gegoten worden. Hieronder zie je naast te Engelstalige, ook de Franstalige en Duitstalige uitvoering.

In 1908 komen 4 minuten cilinders uit in zwarte was. De verdubbeling in speelduur wordt bekomen door de groeven dubbel zo dicht bij elkaar te leggen. Omdat de zwarte was te breekbaar bleek te zijn voor de fijne groeven werden vanaf 1912 ook cilinders gemaakt met een gipsen kern die met een laagje blauwe celluloid werd bedekt. De informatie werd dan in de celluloid geperst. Deze cilinders schuwen vocht, vanwege de gipsen kern. Dit type kreeg de naam "Blue Amberol" mee vanwege de kleur.


Hiernaast is er nog een duidelijk zicht op de gipsen kern van deze vier-minuter.

Voor het afspelen van deze rollen was een speciale weergever nodig. Model H was de eerste gevolgd door model J. Model K was de eerste reproducer die zowel 2 minuut als 4 minuut cilinders kunnen spelen. Met een kantelinrichting werd de juiste diamant in positie gebracht. Verder waren er nog model L,M,N,O,P,Q,R,S en T.

Later werden ook volledig kunststoffen cilinders gemaakt, INDISTRUCTIBLES genaamd. Deze zijn vaak violet of roze van kleur en volledig onbreekbaar.

In 1929 stopt Edison met de productie en verkoop van cilinder machines. De plaat heeft de cilinder definitief verdrongen.