(deze website bekijkt u het best met een browser die frames ondersteunt)
Op de valreep van twee eeuwen
geschiedenis
van de Vlaamse beweging
De tijd verslindt de steden, geen tronen blijven staan.
De legerbenden sneven, een volk zal nooit vergaan.
Deze regels van het lied De Vlaamse Leeuw werden in 1847 gedicht door de Gentse toneelschrijver Hippoliet van Peene. Als minnaar van de Vlaamse taal, wou hij de Guldensporenslag in herinnering brengen. Dat de Vlamingen op 11 juli 1302 het Franse ridderleger trotseerden, was een hart onder de riem van de jonge Belgische staat die zich bedreigd voelde door het Franse imperialisme. De roman De Leeuw van Vlaanderen die Hendrik Conscience, een andere Vlaamse taalminnaar, negen jaar eerder schreef over die gebeurtenis werd een bestseller. Van Peene en Conscience werden gelauwerd door de Belgische overheid vanwege hun vaderlandslievendheid. Hun geesteskinderen werden door velen ook enthousiast onthaald omdat ze voor de autoriteiten een aansporing waren om de moedertaal van de Nederlandstalige dialectsprekers als een volwaardige cultuur- en bestuurstaal te erkennen.
Dat laatste werd een moeizaam proces. Al in de 19de eeuw werden de Vlaamse dialecten samengesmeed tot een cultuurtaal: het Nederlands. Bij steeds meer Nederlandstalige Belgen groeide het bewustzijn dat ze behalve hun taal nog gemeenschappelijke belangen hadden. Zo ontstond geleidelijk een Vlaamse gemeenschap, een afgebakend Vlaams territorium en Vlaamse instellingen.
Op 11 juli 1985 werd De Vlaamse Leeuw door de Vlaamse Gemeenschap erkend als Vlaams volkslied. Het volk dat dit lied zingt, is ontstaan in de loop van minder dan twee eeuwen Belgische geschiedenis. In die tijdspanne is van het zelfbewuste Belgische volk uit de tijd van Van Peene en Conscience weinig overgebleven. Zingt het zijn zwanenzang? Zeker is dat het zal vergaan, zoals ook het Vlaamse volk, om plaats te maken voor nieuwe gemeenschappen die met de samenlevingen van nu even veel of even weinig uitstaans hebben als wij met de aanhangers van de graaf van Vlaanderen in 1302.
Het ontstaan en verdwijnen van gemeenschappen is het gevolg van een complex geheel van onbewuste en bewuste processen. De verdediging van het Nederlands in België en van de belangen van de gemeenschap die er deze taal spreekt, werd opgenomen door generaties bewuste burgers. Allemaal samen vormen ze de Vlaamse beweging (V.B.), een verzamelterm voor mensen, organisaties, publicaties en instellingen die deze bekommernis gemeenschappelijk hebben, maar voor de rest sterk van elkaar kunnen verschillen. Zij voerden hun acties in de context van een permanent veranderende samenleving.
Vanuit het standpunt van de V.B. is de meest essentiële verandering de evolutie in de situatie van de Nederlandstalige Belgen, de demografische meerderheid van het land. Aanvankelijk vormden die een op elk gebied achteruitgestelde sociologische minderheid, wonend in een economisch ontwikkelingsgebied. Langzaam ontstond een zelfbewuste Vlaamse natie met eigen politieke instellingen in één van de welvarendste regios van de wereld.
De V.B. kan niet begrepen worden buiten die context, zoals men evenmin inzicht kan hebben in de geschiedenis van België zonder de V.B. in rekening te brengen. De tegenstelling van Nederlandstaligen en Franstaligen is één van de drie conflictzones die de Belgische geschiedenis gestalte heeft gegeven, naast de levensbeschouwelijke tegenstelling tussen katholieken (klerikalen) en niet-katholieken (anti-klerikalen) en de tegenstelling tussen kapitaal (werkgevers) en arbeid (werknemers).
Onderstaande tekst geeft een beknopte geschiedenis van de V.B. in samenhang met de geschetste omstandigheden. Precies vanwege deze context gaat het niet om een voorspelbaar verhaal met een onontkoombare uitkomst. Toen Conscience in 1838 aan het eind van De Leeuw van Vlaanderen de Vlamingen opriep om, de roemrijke daden van hun voorvaderen in 1302 indachtig, de toekomst van Vlaanderen veilig te stellen, stond het niet in de sterren geschreven dat in de 21ste eeuw een Vlaamse deelstaat met een eigen parlement en regering zou bestaan. Waarom is het zo gelopen?